Sommige zaken zijn té gevoelig voor de VN

Voortreffelijk rapport, woensdag van het VN-bevolkingsfonds. ‘Culturele sensitiviteit’ is volgens State of the World Population nodig om ook in de weerbarstige delen van de wereld te werken aan seksuele en reproductieve gezondheid....

Rob Vreeken

Gevoeliger zaken dan die waarmee Unfpa werkt zijn er niet. Het gaat om seks, zwangerschap, huwelijk en gezin, de maagdelijkheid van tienerdochters. Om leven en dood – miljoenen moeders sterven in het kraambed.

Het heeft weinig zin zo’n stoffig dorpje binnen te scheuren in een four-wheeldrive, de bijeengeroepen bevolking – analfabete paupers – per megafoon toe te blaffen dat ze hun dochters de pil moeten laten slikken, en wegwezen maar weer. Terecht zeggen de auteurs dat gezondheidswerkers de lokale cultuur helemaal in de vingers moeten hebben. Anders vallen alle mooie voornemens plat, en blijven die meisjes in Ethiopië gewoon besneden worden – omdat de cultuur het al eeuwen zo wil.

Maar kan het begrijpen van een cultuur dan niet verworden tot begrip voor tradities die slecht zijn voor vrouwen?

Ja, dat kan, maar precies daarom laat Unfpa er geen misverstand over bestaan: van cultureel en moreel relativisme kan geen sprake zijn. ‘Universele mensenrechten mogen niet worden geïnterpreteerd door een culturele lens’, anders zijn ze niet langer universeel. Onder geen beding, zeggen de auteurs, kunnen praktijken als eerwraakmoord, kindhuwelijken en genitale verminking worden vergoelijkt. De fundamentele mensenrechten van vrouwen vormen voor hen de ondergrens.

Dat zijn wijze woorden, en heel duidelijke. Maar misschien iets té duidelijk. Want eerwraak en besnijdenis zijn wel erg gemakkelijke voorbeelden. Het zijn niet-controversiële kwesties: geen zinnig mens is er vóór.

Ongenoemd blijft een schemergebied van minder gruwelijke tradities. Polygamie bijvoorbeeld. In de meeste moslimlanden is dat bij wet toegestaan. Strijdsters voor vrouwenrechten ter plekke proberen die wetten veranderd te krijgen, omdat ze polygamie strijdig achten met de fundamentele rechten van vrouwen. Vrouwelijke schriftgeleerden in Indonesië hebben een op de sharia gebaseerde concept-huwelijkswet geschreven die polygamie verbiedt. De hele vrouwenbeweging in Indonesië heeft de tekst omarmd.

Zij kunnen zich gesteund weten door het internationaal bouwwerk van mensenrechten. Artikel 16 van CEDAW, het VN-verdrag tegen discriminatie van vrouwen, bevat een impliciete afwijzing van polygamie. Het spreekt van volledig gelijke rechten van ‘beide echtelieden’ en van ‘echtgenoot en echtgenote’.

Het is makkelijk in te zien waarom Unfpa polygamie niet noemt als een van de ‘traditionele praktijken’ die op gespannen voet staan met de mensenrechten. Daarvoor ligt de zaak niet alleen cultureel te gevoelig, ook politiek. Wijziging van op de sharia gebaseerde familiewetten is een brisante aangelegenheid.

Vermoedelijk doet men er zelfs verstandig aan zo te opereren. De taak van Unfpa is het redden van vrouwenlevens, niet het publiceren van politiek correcte essays. Maar hopelijk komt er een dag dat de VN openlijk de kant kiezen van die islamitische feministen in Indonesië.

Rob Vreeken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden