Land van Afkomst Humphrey Lamur

Socioloog Humphrey Lamur ontdekte dat de behandeling van slaven op de Surinaamse plantages nog veel wreder was dan gedacht

Humphrey Lamur Beeld Ernst Coppejans

Onbedoeld ging socioloog Humphrey Lamur (85) zich verdiepen in het Surinaamse slavernijverleden. ‘Ik wilde weten: wat gebeurde er op die plantages?’

De foto hangt boven het bureau van Humphrey Lamur, op de werkkamer van zijn huis in Amstelveen, waar hij van zijn vrouw drie uur per dag mag werken. Die regel is ingesteld na Lamurs 80ste verjaardag. ‘Hoe kan ik nu stoppen als ik zolang heb gewerkt? Dat lukt me niet.’

Het is een foto van zijn overgrootmoeder waarop ze een wit gewaad draagt, een koto. ‘Ik was 12 jaar toen ze overleed. Ze werd geboren in 1856. Over de slavernij werd niet gesproken. Ik kan me één keer herinneren. Ze woonde in bij mijn opa, haar zoon. Mijn broers en ik speelden op het erf, ik was 6. Toen zei ze: deze kinderen kunnen alleen spelen, ik ben slaaf geweest.’

Wat bedoelde ze daarmee?

‘Mijn interpretatie is: ze vond dat wij ook moesten werken. Pas veel later begon ik de slavernij te onderzoeken, ik was al in de 30. Toen ik sociologie en culturele antropologie ging studeren, was dat niet mijn bedoeling.

‘Eerst dacht ik dat mijn overgrootmoeder geen slavin kon zijn geweest. Ik dacht dat kinderen pas vanaf hun 12de hoefden te werken en de slavernij werd afgeschaft toen zij 7 was. Tot ik in de archieven vond dat ze stond geregistreerd als werkcreool.

‘Ik wilde niet de economische aspecten bestuderen, of de trans-Atlantische slavenhandel. Ik wilde weten: wat gebeurde er op die plantages in Suriname, hoe zag dat leven eruit?’

En wat vond u?

‘Internationaal is de opvatting dat de Nederlandse plantages de wreedste ter wereld waren, wreder ook dan in de Verenigde Staten. Nu wordt gezegd: natuurlijk beweren ze dat in Engeland en Frankrijk, zo kunnen ze zichzelf vrijpleiten, ze zijn concurrenten. Ik heb de getuigenissen van slaven bestudeerd en vergeleken. Het verschil zat vooral in de lichamelijke mishandeling. In andere landen werden ook partners en ouders en kinderen uit elkaar gehaald en verkocht. Maar in fysiek opzicht was Suriname wreder.

‘Met behulp van paarden een slaaf vierendelen. De jaloerse vrouw van een plantagehouder die een meisje van 14 met een gloeiende staaf verminkte en de pezen in haar benen doorsneed. En wat ik niet begrijp: wanneer het vermoeden bestond dat een slaaf wilde ontsnappen naar de binnenlanden, naar de Marrons, dan werd hij opgehangen. Dus je wilt niet dat hij ontsnapt en dan hang je hem op? Dan ben je hem toch ook kwijt? Maar laten we ophouden over deze wreedheden. Ik heb ook mooie dingen gevonden. Zoals meneer Uhlenkamp uit Friesland, die op zijn plantage slavenkinderen vrijkocht van wie hij de vader was.’

Lamur toont de Black Achievement Award voor de wetenschap die hij ontving in 2018. ‘Ik vind het heel positief dat steeds meer belangstelling bestaat voor dit deel van de geschiedenis. Hooggeplaatste mensen zoals ministers spreken zich uit, de gemeente Amsterdam gaat excuses aanbieden. Dat laatste hoeft voor mij niet zo.’

Waarom niet?

‘Voor mij verlichten die excuses niets. Belangrijker is dat kennis wordt genomen van de geschiedenis. Dat we ervan leren, zodat het niet weer gebeurt.’

De award bestaat uit een pagina tekst, met daarop deze slotzin: ‘Hoog tijd om deze bescheiden onderzoeker om zijn wetenschappelijk werk te eren.’ Lamur: ‘Natuurlijk is de felle toon van activisten goed, maar dat past niet bij mijn karakter.’

Bent u minder fel dan latere generaties?

‘Veel Surinamers roepen maar wat over de geschiedenis. Ik doe niet makkelijk uitspraken wanneer ik ze niet kan documenteren. Van nature ben ik voorzichtig en terughoudend.’

Wanneer kwam u naar Nederland?

‘Aan het begin van de jaren vijftig. Mijn vader had in Suriname veertig jaar gewerkt als ambtenaar, als onderwijzer, en kreeg een West-Indisch verlof. Een soort vakantie van een jaar, met behoud van salaris. In Nederland zag je toen op straat nauwelijks mensen zoals ik. Iedereen was vriendelijk. Het enige wat ik soms hoorde: kijk, daar gaat een zwarte meneer.

‘Ik ging naar het Hervormd Lyceum in Amsterdam-Zuid, een school met rijke kinderen, en daarna naar de Universiteit van Amsterdam. Daar studeerde ik met Gerhard Durlacher, later schreef hij het boek Strepen aan de hemel, over zijn ervaringen in de Tweede Wereldoorlog. Zijn hele familie was vermoord, als jongetje kwam hij alleen terug uit Auschwitz. Hij ging naar zijn ouderlijk huis in Apeldoorn. In dat huis woonden Nederlanders die zeiden dat hij moest ophoepelen. Voor mij was dit nieuw, in Suriname hoorde ik er niets over. In Nederland ook niet, in de jaren vijftig.

‘Jaren erna kreeg hij een eredoctoraat in de sociologie. Met Joop Goudsblom, een collega-hoogleraar, liep ik naar binnen bij die plechtigheid. Hij vroeg of ik Gerhards boek al had gelezen. Ik zei nee, maar dat ik die verhalen dertig jaar eerder al van hem had gehoord. Joop begreep het niet. Hoe kon het dat ik die verhalen van Gerhard kende en hij niet? Na de plechtigheid vroeg ik het hem. Gerhard zei: jij luisterde tenminste. Nog steeds kan ik het niet goed verwerken. Wat met mijn overgrootmoeder gebeurde, en met Gerhard. Hoe kunnen mensen zo met elkaar omgaan?’

Heeft u al een antwoord?

‘Nee, natuurlijk niet.’

Nederlands
‘Dat voelde ik me al in Suriname. Het onderwijs was zo duidelijk Nederlands: bij Lobith komt de Rijn ons land binnen.’

Surinaams
‘Elke dag.’

Partner
‘We zijn 52 jaar getrouwd en kennen elkaar uit Suriname. Als ik in die tijd in Nederland had gewoond, was mijn vrouw misschien een Nederlandse geweest.’

Wit of blank
‘Ik was zo lang gewend om blank te zeggen. Sinds kort ben ik met argumenten overtuigd om wit te gebruiken.’

Humphrey Lamur (Suriname, 1933) onderwees van 1972 tot 1998 aan de Universiteit van Amsterdam, vanaf 1984 als hoogleraar culturele antropologie. Van 1969 tot 1971 was hij directeur van het Algemeen Bureau voor de Statistiek in Paramaribo. Momenteel werkt hij aan een wetenschappelijke publicatie over de behandeling van slaven in Suriname.

Overleeft een liefde ziekte, een miskraam of vreemdgaan? In Van Twee Kanten interviewt Corine Koole twee partners apart van elkaar over een heftige gebeurtenis in hun relatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden