SEH-arts Soufian el Bouazati zag een baby onder zijn handen sterven

Medische experts over de patiënt die hun kijk op het vak veranderde. Deze week: SEH-arts Soufian el Bouazati (37).  

Beeld Tzenko Stoyanov

‘Het was Kerstmis, mijn dienst was net begonnen toen de verpleegkundige me kwam waarschuwen: er was een baby binnengebracht en het ging niet zo goed. De moeder was drie dagen eerder op de huisartsenpost geweest omdat haar kind benauwd was en niet wilde drinken. Nu zat ze op onze spoedeisende hulp. Toen ik binnen kwam, was de kinderarts al bezig.

‘Een half uur later werden de zorgen van de verpleegkundige waarheid: op de monitor zagen we de hartslag van de baby snel dalen. Ik begon direct met hartmassage, ik omvatte de borstkas en duwde met mijn duimen op het borstbeen. Op de foto die we hadden laten maken, was een vergroot hart zichtbaar, de baby leed aan hartfalen. Met medicijnen probeerden we het hart weer op gang te krijgen.

‘De kinderarts had al overlegd met het nabijgelegen academische ziekenhuis en hield telefonisch contact met de kinderintensivist, die met spoed in de ambulance onderweg was naar ons ziekenhuis. Mijn handen begonnen te verzuren, maar er was geen tijd om daar aandacht aan te geven. We stonden er met een heel team omheen, iedereen voelde de spanning rond het bed.

‘Na een half uur arriveerde de intensivist. We probeerden andere medicijnen om het hartje weer op gang te brengen. Mijn handen verkrampten en ondertussen voelde ik de kleine borstkas steeds stugger worden. En al die tijd was het gezicht van de baby vlakbij. Toen ik niet verder kon, nam een collega de reanimatie over. De kinderarts sprak ondertussen met de moeder.

‘Vlak daarna keek de intensivist ons aan en vatte samen wat we allemaal hadden gedaan. Hij kwam tot de conclusie dat we niets meer konden doen en vroeg ons of we het ermee eens waren dat we de reanimatie zouden staken. We hadden alles geprobeerd, maar het was tevergeefs geweest. De baby was onder onze handen gestorven.

‘Toen reageerde de moeder, die al die tijd achter in de kamer had gezeten en alles had gezien. Ze duwde iedereen opzij en pakte haar kind stevig vast. Op dat moment brak ik. Ik had zelf een baby die net zo oud was. Ze leken op elkaar. Ik realiseerde me dat het mijn kind had kunnen zijn dat daar lag. Ik sloot mezelf op in de koffiekamer en liet mijn emoties gaan. Emoties die ik geen plaats kon geven, want als arts mag je toch niet huilen?

‘Iedereen was verslagen. Veel tijd hadden we niet, andere patiënten hadden onze zorg nodig. Aan het eind van mijn avonddienst moesten we opnieuw een patiënt reanimeren, een oudere dame van 82 jaar. Ze was benauwd en op de monitor zagen we haar hartslag plots stoppen. Ook haar konden we niet redden. Maar ik voelde geen emotie meer. Het contrast tussen mijn gevoelens was groot die avond.

‘Die nacht heb ik nauwelijks geslapen. Ik bleef mezelf afvragen of we meer hadden kunnen doen, of we het anders hadden moeten aanpakken. ‘s Morgens vroeg schrok ik wakker met het gezicht van het kindje voor ogen en speelde alles wat er was gebeurd zich opnieuw in mijn hoofd af.

‘Ons vak is emotioneel zwaar, we maken veel tragische gebeurtenissen mee. Die kunnen we niet allemaal met ons meedragen. Om helder en rationeel te kunnen blijven nadenken, sluiten we onszelf af. Dat kan heel lang goed gaan totdat een gebeurtenis te dichtbij komt. Dat is het moment dat je bezwijkt, dat heb ik die avond ervaren.

‘Een jaar later had ik met Kerstmis weer dienst. Er werd een 70-jarige man binnengebracht die we met succes konden reanimeren. Maar mijn gedachten dwaalden af naar dat kindje van toen. Sindsdien is geen Kerst meer hetzelfde.’

Soufian el Bouazati Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.