Sahil Amar Aïssa roept op Marokkaans-Nederlandse vrouwen hun vrijheid te gunnen

Hij pleitte voor seksuele vrijheid van Marokkaans-Nederlandse vrouwen en kreeg razende reacties. Toch is Sahil Amar Aïssa er zeker van dat Marokkaanse Nederlanders toe zijn aan verandering.

Foto Joan Alturo

Het is vrijdag 27 oktober 2017, ik loop al ijsberend backstage een column uit mijn hoofd te leren, een tekst die ik een uur later live op tv zal uitspreken. Als vaste columnist bij de NPO 2-talkshow De Nieuwe Maan zou dit routine moeten zijn. Maar nu voelt het anders. Het schrijven van deze column heb ik uitgesteld tot een paar uur geleden, de zenuwen gieren tot aan mijn tenen. Dit wordt de eerste keer in mijn carrière dat ik een autocue moet gebruiken.

De camera’s staan in de aanslag en ik staar naar de opnameleider, die me een seintje geeft zodra ik op moet. Zoals hij deed toen ik kwam spreken over de schoonheid van de ramadan of de onverwachte voordelen van de multiculturele samenleving. Dit keer vrees ik dat seintje, want ik ga een betoog houden over de oneerlijke behandeling van vrouwen binnen de Marokkaanse gemeenschap.

De presentatrice kondigt mij aan, en ik stap het podium op.

De houding naar jonge Marokkaanse vrouwen

‘Yo, hier ben ik weer’, begin ik. ‘Ik kom altijd op voor de Marokkaanse gemeenschap op het gebied van discriminatie, vrijheid van geloof en politiek.’ Ik haal diep adem: ‘Maar er is een houding binnen de Marokkaanse gemeenschap waar ik niet achter kan staan, en dat is die naar jonge Marokkaanse vrouwen.’

Mijn boodschap is simpel: er wordt binnen de gemeenschap met twee maten gemeten; een jongen mag en kan veel vaker, langer en tot later alleen de buitenwereld in, autonome keuzes maken en seks hebben voor het huwelijk zonder zijn eer hiermee te schenden. Wanneer een meisje hiervoor kiest gaat dat vaak ten koste van haar reputatie. Ze is in de ogen van velen niet meer ‘trouwwaardig’ en in extreme gevallen wordt ze zelfs het huis uitgezet. Dit is geen opinie, het zijn de treurige feiten. ‘Zeg nou zelf’, richt ik me rechtstreeks tot de Marokkaans-Nederlandse man: ‘Gunnen wij onze zusters niet eens de vrijheid die we zelf ook dragen?’

Ervan verzekerd het juiste te hebben gedaan loop ik de studio uit. Ik sta stijf van de adrenaline als de crew en enkele gasten op me afstuiven. ‘Wat goed gezegd’, roepen ze. ‘Je bent een feminist.’ ik voel me compleet overdonderd door alle complimenten.

Identiteitscrisis

Tegelijk weet ik dat veel Marokkaanse Nederlanders mijn betoog zullen scharen onder verraad. Een deel van me vind het dan ook niet erg als deze column niet wordt opgepikt. In het huidige klimaat ben je als jongvolwassene die tussen twee culturen opgroeit bijna verzekerd van een identiteitscrisis. Iedereen wil van mij weten of ik mijzelf nou beschouw als Marokkaan of als Nederlander. Ondertussen voel ik mij geen van beide en ben ik vooral zoekende. En als ik bij de ene gemeenschap respect win, verlies ik dat bij de ander, zo voelt het soms. Het respect dat ik had opgebouwd bij de Marokkaanse gemeenschap, door ze te verdedigen tegen xenofobie en tegen uitspraken van Wilders, dreig ik nu te verliezen door kritiek te leveren.

Maar het spel is gespeeld, en wat ik niet had verwacht: mijn betoog gaat viral. Boegbeelden als Eva Jinek en Arjen Lubach delen enthousiast het optreden. Mijn column wordt ontvangen met bergen likes, shares en honderdduizenden kijkers. Overal waar ik loop bedanken Marokkaans-Nederlandse vrouwen mij. Soms subtiel met een duimpje, soms met enthousiast geroep. Vaak met een zucht van opluchting: eindelijk een man binnen de gemeenschap die het zegt. Ik word stoer, inspirerend en een held genoemd. Vereerd en nederig bedank ik de vrouwen. Maar niet ik ben de held. De echte helden zijn de vrouwen die elke dag vechten voor respect en gelijkwaardigheid in deze samenleving.

'Fuck deze mediaslaaf'

Collega Tim Hofman stuurt een appje, hij vindt mijn optreden dapper. Als een van de weinige witte collega’s snapt hij dat wat ik heb gezegd waarschijnlijk heftig verzet zal oproepen. En dat gebeurt: zodra het filmpje van mijn optreden online verschijnt, is de chaos compleet. Ik word uitgemaakt voor ‘vieze zionistische varken’, ik ben door de duivel bezeten en wil Marokkaanse meisjes veranderen in‘losbandige hoeren’. ‘Fuck deze mediaslaaf’, schrijven de haters. Ik ben een ‘flikker’, ik verdien het niet om te leven. Ik verdien een kogel.

Vroeger raakten dit soort opmerkingen mij, en werd ik er verdrietig van. Maar als je zo vaak wordt uitgemaakt voor ‘vieze hond’ doet het je op een gegeven moment niets meer. Wat mij wél raakt, is als zelfbenoemde cyber-imams de Marokkaanse vrouwen die mij online hun steun betuigen uitschelden voor nymfomane ‘kechbas’. Deze mannen zijn online zo intimiderend, dat veel vrouwen zich niet openlijk durven uit te spreken, ze sturen mij op sociale media privéberichtjes. Deze vrouwen zijn bang dat hun omgeving zal denken dat publieke steun voor mijn betoog betekent dat ze losbandiger willen leven.

Aansporen tot zonden

Het meestgehoorde commentaar dat ik voor mijn kiezen krijg, is dat ik niet mag pleiten voor seksuele vrijheid voor Marokkaanse meisjes omdat het gros van die meisjes islamitisch is. Ik zou ze aansporen tot zonden. In werkelijkheid heb ik de islam bewust compleet buiten beschouwing gelaten, omdat het niet mijn plek is om te zeggen hoe een vrouw haar geloof moet beoefenen. Mijn boodschap is dan ook niet anti- of pro-islamitisch noch anti- of pro-kuisheid. Het is simpelweg een pleidooi voor autonomie. Dit werkt beide kanten op: als een Marokkaans-Nederlandse vrouw kiest voor meerdere bedpartners, is dat prima. Vindt ze haar geluk in kuisheid en het conservatief beoefenen van haar geloof, dan zouden wij dit net zo goed moeten respecteren, iets wat helaas zelden gebeurt in Nederland.

Dat wordt duidelijk door een deel van de lof die ik ontvang na de uitzending; opeens prijzen mensen mij die mij voorheen haatten: extreemrechtse witte burgers. Zij gebruiken nu mijn betoog als munitie om een anti-islamitisch discours te propageren, een discours waarbinnen het dragen van een hoofddoek symbool staat voor de onderdrukking van de vrouw. En terwijl zij schaamteloos doorgaan met het zich toe-eigenen van mijn optreden, roepen woeste Marokkaans-Nederlandse mannen dat mijn moeder en zus verkracht moeten worden. Beiden groepen hebben geen flauw idee dat mijn lieve zus en moeder gelukkig getrouwde, conservatief-islamitische, hoofddoekdragende vrouwen zijn. Mijn moeder is de sterkste vrouw in mijn leven, maar ze is ook mijn zwakste plek. Een aanval op haar raakt mij het hardst.

Opvallend is dat er ook Marokkaans-Nederlandse vrouwen zijn die mij voor gek verklaren en mijn boodschap zien als een aanval op de islam. Het idee dat iemand zich loswrikt van de islamitische normen en waarden is voor sommige mensen reden genoeg om boos te worden. Daarin schuilt de implicatie dat moslim zijn een verplichting is, en niet iets wat je uit eigen wil zou moeten doen. Dat idee staat haaks  op een vers in de Koran, soera Al-Baqarah (2:256): Er zal geen dwang zijn binnen religie.

De haatdragende reacties bevestigen dat het probleem groter is dan seksualiteit alleen.

Verantwoordelijk voor het doorgeven van cultuur

Vrouwen binnen de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap worden niet alleen beperkt in hun seksuele vrijheid, maar ook in hun vrijheid van meningsuiting, in hun loopbaankeuzes – zoals het volgen van een creatieve carrière  en zelfs in hun omgang met anderen. De Marokkaans-Nederlandse antropologe Malika Ouacha legt me uit dat deze rolverdeling zijn wortels kent in de opvoeding. Migrantenouders voeden hun kinderen vaak strikt op, niet omdat ze een afkeer hebben van westerse waarden, maar omdat ze zich verantwoordelijk voelen voor het doorgeven van hun cultuur buiten het moederland. Westers opvoeden staat voor velen gevoelsmatig gelijk aan het verliezen van de eigen cultuur, en dat doet pijn. 

Een beetje begrip voor de ouders is dus op zijn plaats. We verwachten ten onrechte dat ze hun kinderen normen en waarden doorgeven die ze soms zelf niet snappen of onderschrijven. Ondertussen is er nog steeds een hoge mate van sociale controle binnen de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap. Dit zorgt er mede voor dat behoud van eer nog steeds de hoogste prioriteit heeft. Volkskrant-journalist Nadia Ezzeroili maakte eerder in een uitstekend opiniestuk in dit katern duidelijk dat de liefde voor een Marokkaanse vrouw voorwaardelijk is. Ze dient aan de verwachtingen te voldoen wil ze haar eer behouden. En dat maakt meedoen aan een feministische beweging als #MeToo of #TimesUp bijna onmogelijk. Praten over je seksuele ervaringen, met wederzijds goedvinden of niet, brengt schade toe aan je reputatie. Marokkaans-Nederlandse vrouwen moeten constant moreel koorddansen. Cultureel Marokkaans zijn maakt ze minder geliefd in de witte samenleving, maar cultureel westers zijn komt vrouwen op kritiek te staan in Marokkaanse kringen.

wen van Poorten, Emma Wortelboer, Sahil Ammar Aissa en Jurre Geluk tijdens het pop-up sekspoppen-bordeel van het BNNVARA-programma Spuiten en Slikken op de Wallen in Amsterdam. De opbrengst van het bordeel ging naar de Stichting Free a Girl, die zich inzet om jonge meisjes uit de gedwongen prostitutie te bevrijden. Foto ANP

Evenveel seksuele vrijheid

Wij, de kinderen van Marokkaanse migranten, moeten onze eigen vorm van progressiviteit gaan creëren. Wij hoeven onze cultuur daarbij helemaal niet te laten vallen: op het gebied van taal, gastronomie, muziek, etiquette en gebruiken kunnen we onze kinderen genoeg meegeven over de Marokkaanse cultuur. We moeten tegelijkertijd wel erkennen dat er binnen die cultuur iets moet veranderen voor vrouwen. Zij verdienen evenveel (seksuele) vrijheid als mannen. Dit vergt een goede discussie tussen Marokkaanse Nederlanders onderling, en ik merk dat die maar lastig is aan te gaan. Wat ik wél begrijp: wij Marokkaanse Nederlanders worden zó vaak bekritiseerd dat we het verschil tussen een aanval op onze identiteit en opbouwende kritiek niet meer herkennen. Mijn column is een perfect voorbeeld van dit probleem. Ik kaart iets aan, en ik word meteen uitgemaakt voor verrader.

Secularisme en vrouwenemancipatie winnen ondertussen langzaam terrein in de Arabische wereld. In Marokko strijden vrouwen als de fameuze activiste Soumaya Naamane Guessous dapper en volhardend voor vrouwenrechten. Deze vrouwen zijn jammer genoeg vrijwel onbekend binnen de Marokkaans-Nederlandse gemeenschap. Ik gun mijn gemeenschap feministische boegbeelden van dit kaliber, vrouwen met autoriteit, om de discussie verder te helpen.

Echte verandering kan alleen van binnenuit komen. Ik geloof er heilig in dat een groot deel van de Marokkaanse Nederlanders, man of vrouw, ook vindt dat het tijd is voor verandering. Ik heb na mijn optreden veel positieve reacties gekregen – veel meer dan negatieve. Deze week nog kreeg ik zomaar op straat een boks van een Marokkaans-Nederlandse jongen die mijn optreden kon waarderen. ‘Respect, man, respect’, luidde zijn recensie.

Nog te veel mensen binnen mijn gemeenschap zwijgen op dit moment liever uit angst een eenzame stem te zijn. Ik wil tegen al die mannen of vrouwen zeggen: je staat niet alleen. Ik zal altijd met je mee blijven vechten voor gelijkheid van vrouwen binnen én buiten de Marokkaanse gemeenschap. Zodat onze dochters, zussen en vriendinnen zorgeloos en autonoom kunnen kiezen tussen een rokje of hoofddoek, tussen verschillende bedpartners of maagd blijven tot het huwelijk. Dát is vrijheid, en dat verdienen we allemaal.

Sahil Amar Aissa (1992) is acteur, columnist en presentor van onder meer BNNVara-programma's als Spuiten en Slikken en Serious Request.