Regelen en ritselen

De deur staat altijd open bij Prime, een vluchtelingenorganisatie in Den Haag. Illegalen en asielzoekers vestigen hun hoop op Ahmed Pouri, de drijvende kracht achter de stichting....

Knetter zijn de klanten van de vluchtelingenorganisatie Prime soms.Totaal doorgedraaid. Zoals de vreemdeling die ervan is overtuigd dat deIraanse geheime dienst, via zijn tandarts in Nederland, afluisterapparatuurin twee van zijn kiezen heeft geplaatst. Dat zou jaren geleden zijngebeurd tijdens een doorsneecontrole.

En nu pas, denkt hij, heeft hij alles door. Naar de tandarts gaan en 'demicrofoons laten verwijderen' durft hij niet. Want medici, overal terwereld, werken volgens zijn complottheorie voor de diensten in Iran.

In paniek is hij naar Ahmed Pouri gegaan, de drijvende kracht achter dePrime. Maar de hulpverlener kan niet veel doen. De vreemdeling wil nietnaar een tandarts of dokter, laat staan naar een psycholoog. 'Een bevriendedokter heeft me uitgelegd dat je mensen die zo erg denken incomplottheorieën, beter niet kunt tegenspreken.' Het advies aan devreemdeling: trek die tanden dan zelf. 'Dan is hij straks misschien watminder gek van angst.'

De deur van de stichting Prime, aan de Stationsweg in het centrum vanDen Haag, staat altijd open. Letterlijk. Anders zouden de medewerkers gekworden van de deurbel. Tien, soms twintig vreemdelingen per uur bestormende organisatie. Ze weten al snel de weg. Omhoog, langs het kruis van Jezus,rechtstreeks door naar het zenuwcentrum van Prime, waar ze in elk geval eenbak koffie kunnen krijgen.

Zo staat de zolderkamer van de stichting bol van de problemen. Achterelkaar, ook door elkaar heen, vertellen de klanten hun - vaakgruwelijke - levensverhalen. Het is elf uur donderdagochtend, niet eenseen dag met bijzonderheden, en de drie vaste medewerkers (tweevrijwilligers en een gesubsidieerde kracht) hebben al een kakofonie vanellende over zich uitgestort gekregen.

Overal zitten of staan ze, opeengepakt in het kleine kamertje, tussende stapels dossiers van andere vreemdelingen. Er hangt een muffe lucht vanverweerd papier, afkomstig van het archief van Prime, dat zich naastdirecte contacten met vluchtelingen 'in nood' ook bezig houdt metonderzoek, het bespelen van de politiek en het organiseren vandemonstraties. Tussen alle paperassen staat een bed, zodat Pouri op drukkedagen 's nachts even bij kan slapen. 'Dat gebeurt vaak.'

Terwijl hij statistieken over asielzoekers bestudeert en praat met de38-jarige Iraanse Kamran (uitgeprocedeerd, sinds negen jaar in Nederland,studeerde hier geneeskunde), komt een Bosnische vrouw met tranen in haarogen binnen. Haar dochtertje moet naar het ziekenhuis, maar wie betaalt derekening? Ze is illegaal en onverzekerd; geld heeft ze niet. Prime heeftnauwelijks geld, maar Pouri probeert iets via een andere club te regelen.Fulltime vrijwilligster Fredy gaat ermee aan de slag.

Vanaf het moment dat de deur van het pand vanmorgen is opengegaan, volgteen jong Koerdisch koppel - met dochter van 2 jaar oud - Pouri op devoet. Het gezin is uitgeprocedeerd en kan nergens terecht. 'De laatste tweenachten hingen ze op het station en in het Zuiderpark.' Het lukte Primeniet iets voor ze te regelen; vandaag zoekt Fredy verder. 'Misschien datze een nacht kunnen slapen in de Pauluskerk in Rotterdam.'

Beneden in de gang verdeelt een uitgeprocedeerde asielzoeker die bijnatien jaar in Nederland woont, 48 kratten met voedsel. Suiker, twee zakkenwit brood, broccoli, een meloen, rijst en een paar blikken. Daar moetenvele gezinnen het een week mee doen. Ze zijn illegaal of zitten in eentweede of derde asielprocedure, maar hebben geen geen recht opvoorzieningen als eten of opvang van de overheid.

Naast de geïmproviseerde voedselbalie, in een apart kamertje, verblijfteen Congolees gezin met drie kinderen. Vader leest een boek terwijl dekinderen, inclusief de puber van 14, de verveling tegengaan met eenlegpuzzel. 'We zijn op straat gezet', zegt Solumu, de vader van het gezindat nu twaalf jaar in Nederland woont. 'Vannacht mochten ze hier éénnacht slapen', zegt Pouri. 'Maar ze moeten weg, dit is een kantoor. Daarmag niemand slapen. Als er iets gebeurt, heeft de stichting een probleem.'

Solumu is uitgeprocedeerd. Na lang onderhandelen met de Congoleseambassade en de Internationale Organisatie voor Migratie (IOM), dievluchtelingen bijstaat bij hun terugkeer, zijn de paspoorten voor zijngezin geregeld. Toen besloot minister Verdonk voor Vreemdelingenzaken,onder druk van de Tweede Kamer, afgelopen juni dat Congoleseex-asielzoekers voorlopig niet worden uitgezet.

Reden zijn uitzendingen van het programma Netwerk waaruit zou blijkendat de immigratiediensten in Congo zouden beschikken over vertrouwelijkeasielgegevens uit Nederland. Verdonk ontkende herhaaldelijk dat deImmigratie- en Naturalisatiedienst (IND) informatie doorspeelt, maarschreef onlangs in een brief aan de Kamer dat ze toch niet kan uitsluitendat nooit vertrouwelijke asielgegevens naar Congo zijn gestuurd. Eenonafhankelijke commissie onderzoekt de zaak en komt binnenkort metconclusies.

Al zou Solumu willen (liever niet, want zijn middelste zoon heeftspeciaal onderwijs nodig), hij kan door het politieke gesteggel niet terug.Maar opvang krijgt zijn gezin ook niet. 'Kinderen van vluchtelingen hebbenhier minder rechten dan dieren', zegt Solumu in perfect Nederlands. 'Voorkatten en honden heb je een asiel, voor kinderen is er niets.'

Zijn oudste zoon knikt. Het Haagse Terra College, waar hij het vmbovolgt, helpt hem met strippenkaarten, boeken en lesgeld. 'Ik zou niet wetenwat ik in Congo moet', zegt hij. Terwijl zijn vader best met zijnachternaam in de krant wil, wenst de zoon volstrekte anonimiteit. 'Alsleerlingen op school weten dat ik illegaal ben, gaan ze me pesten.'

Voor Pouri zijn het bekende verhalen. 'De Nederlandse bevolking leeftin een illusie', zegt hij. 'De overheid zet Afghanen op straat omdat zeterug naar hun land kunnen. Het zou daar veilig zijn, maar voor hetNederlandse leger is het daar wel gevaarlijk. Wij zien het resultaat vanhet asielbeleid, de vrouwen die op straat komen en in handen vallen vanpooiers.' En dat laatste is maar een van de vele problemen die Pouritegenkomt.

In 1985 zag het er beter uit voor de vluchteling die naar Nederlandkwam, zegt hij. In dat jaar vluchtte Pouri (51) uit Iran. Hij vochtondergronds tegen het strenge regime van ayatollah Khomeini. 'Mensen uitmijn omgeving verdwenen of werden geëxecuteerd.' Pouri was eenuitgenodigde vluchteling. 'Ik werd vanuit Turkije eerste klas hier naartoegevlogen en met open armen ontvangen.'

Die tijden zijn voorbij, stelt hij bitter vast. Een Iraanse jongen komtbinnen met een brief van de IND, een onbegrijpelijk juridisch staaltjewerk, zeker voor iemand die maar een beetje Nederlands kan. 'Deze jongenis Iran ook ontvlucht nadat zijn vader was verdwenen.' Pouri vertaalt hetIND-document. De asielaanvraag voor de jongen is afgewezen.

Terwijl een aanhoudende stoet vreemdelingen de kamer in- en uitloopt,staat de telefoon roodgloeiend. Een Afghaan belt vanuit een uitzetcentrumen dreigt met zelfmoord. Een Nigeriaan is na weken detentie de gevangenisuitgezet; het lukt de IND niet zijn terugkeer te regelen en nu staat hijop straat zonder geld. 'Ik kan je nu niet ophalen, maar ik probeer iets teregelen', roept Pouri.

Vrijwilligster Fredy komt stralend de kamer binnen. Die heeft ook ietskunnen ritselen, voor het dakloze gezin. De Koerdische man, die met zijnvrouw en dochter op straat gezet, kijkt haar met grote ogen aan. Helaasheeft Fredy alleen onderdak voor het gezin uit Congo gevonden. 'Maar webellen verder.'

Tegen de avond verlaten de Koerden het pand. Het is Prime niet geluktiets te vinden. De man laat zijn hoofd hangen, maar bedankt toch beleefdvoor alle hulp en de koffie.

'Dit is geen opvangcentrum', zegt Pouri. 'We proberen van alles teregelen, maar dat lukt niet altijd. Soms worden de vluchtelingen heel boos.Begrijpelijk. Maanden, jaren wachten zij al wanhopig. Hier komt allefrustratie eruit.' Vaak flippen de vreemdelingen, zegt hij. 'Soms dreigenze, moet de politie er aan te pas komen om ze uit het pand weg te halen.'

Zeker 70 procent van de tijd is Pouri psycholoog, zegt hij. 'Dezevreemdelingen hebben trauma's, ze wantrouwen alles en iedereen.' Dan gaatde telefoon - opnieuw een vreemdeling die dreigt met zelfmoord. Dehulpverlener zucht. 'Waarom heeft Nederland geen begrip voor dezeproblemen? Waarom houdt de maatschappij bewust de ogen dicht? Dit systeemmaakt mensen knettergek.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.