De wending Ivo Janssen

Pianist Ivo Janssen gaat verder als klusser: ‘Zelfs sommige collega’s horen niet hoeveel ik sjoemel’

Ivo Janssen: ‘Eerst speel je nog gemakkelijk een octaaf, dan lukt het niet meer.’ Beeld Rebecca Fertinel

Het begon met zijn handen, die niet meer alles bestreken. En de gages voor de concerten liepen ook flink terug. Dus besloot pianist Ivo Janssen klusser te worden, pardon Macher.

Zijn schip ziet er vanaf een afstandje uit alsof het gekleid is. Een groot, bruut gevaarte, het dak begroeid en met zonnepanelen bekleed. Aan de overkant van de straat de Oosterkerk, geheime parel van de Oostelijke Eilanden van Amsterdam.

Eenmaal binnen door de smalle deur ontvouwt zich een zee aan ruimte met opmerkelijke elementen: een kast van kunstig gebogen hout, een stoel van vernuftig gewelfd triplex. In het midden van het schip een balustrade rond een vierkanten uitsparing. En daar, in de diepte, de muziekzaal met concertvleugel: de muziekzaal opgetrokken uit Janssenbeton.

De boot van Ivo Janssen was ooit een munitieschip. Gebouwd tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen hout schaars was en schepen van beton werden gemaakt. Een schip zonder motor met een vloeroppervlak van 240 vierkante meter. Toen Janssen de boot tien jaar geleden voor het eerst zag, herkende hij de mogelijkheden. ‘Ik was aan het scheiden, niet op m’n best en moest een project hebben. Al snel had ik het in m’n kop: als ik dat beton weghak, kan ik hier concerten geven.’

Zo is het gegaan. De pianist sloeg aan het slopen, hakken, boren. Betonwanden werden weggeslagen, een vloer uitgehakt. Sindsdien zijn er 107 concerten gegeven. En nu gaat hij stoppen. De man die sinds 1988 honderd keer op het podium van het Concertgebouw achter de vleugel zat, die alle klavierwerken van J.S. Bach opnam, die als een van de grote Nederlandse pianisten van zijn generatie wordt beschouwd, gaat verder als klusser. Al komen we straks op een beter woord.

Een bizarre beslissing. Maar daar denkt Janssen anders over. ‘Straks vind je dit volkomen natuurlijk.’

We beginnen met zijn handen; cruciaal voor ieder mens, maar zeker voor een pianist. Janssen heeft een ziekte waardoor zijn vingers vergroeien: de ziekte van Dupuytren, ook wel Keltische klauw of koetsiershanden genoemd. Een verharding van het bindweefsel in handen en vingers, waardoor grote akkoorden buiten bereik raken. Twintig jaar geleden openbaarde zich de eerste knobbel in zijn rechterhand. Die werd operatief verwijderd. Tien jaar later keerde de aandoening terug. In 2012 volgde opnieuw een ingreep: een collagenese-injectie in de rechterhand. ‘Daarna ben ik serieus gaan nadenken over hoe het verder moet als ik niet meer kan spelen’, zegt hij, terwijl we koffie drinken met zicht op museumwerf Kromhout.

Hij trekt zijn linkerpink krom als een winkelhaak. ‘Precies een week geleden stond ie zo. Vorige week kreeg ik voor de derde maal naaldfasciotomie, dan wordt een streng verhard weefsel doorgehaald en krijgen de pezen weer ruimte. De vorming van weefsel kan jarenlang stilstaan en plotseling versnellen. Eerst speel je nog gemakkelijk een octaaf, dan lukt het niet meer. Rechts houdt zich koest de laatste tijd, over een half jaar kan dat andersom zijn.’

In zeven jaar is hij tweemaal aan beide handen geholpen. Steeds kon hij daarna een paar dagen later weer spelen. In een volgend stadium volgt wellicht een operatie om weefsel te verwijderen. ‘Dan ben je een maand uit de running en moet blijken of die hand nog een pianistenhand is.’

De lijst met pianowerken die hij op niveau kan spelen dunt uit. Van de noten die ik weglaat kun je een aardige toegift bouwen, schreef hij al eens. ‘Zelfs sommige collega’s horen niet hoeveel ik sjoemel. Ik ga nog niet de grens over, maar dat moment komt in zicht.’

Voor een pianist met koetsiershanden is de ene componist de andere niet. Hij somt op: ‘Bij Brahms gaan sommige stukken nog prima, andere zijn op het randje of er overheen. Bij Rachmaninov loop ik om de andere maat tegen een akkoord aan dat ik niet meer kan pakken. Maar met het pianoconcert van Mozart heb ik nul problemen en in de Canto Ostinato van Simeon ten Holt is noten weglaten zelfs geaccepteerd, daar heb je vrijheid.’

Ivo Janssen: ‘Ik speel Bach beter dan ooit.’ Beeld Rebecca Fertinel

Anders ligt dat met Bach. ‘Bach is een polyfone componist; dat is meer horizontaal, het gaat om het lijnenspel. Je hebt zelden een achtstemmig akkoord, en als het al voorkomt, is het gebruik om zo’n akkoord te breken.’ Hij speelt even een riedel met achter elkaar aanlopende vingers op tafel. ‘Dan klinkt het hartstikke authentiek. Ik heb mazzel dat ik hem heb gekozen als core business. Eerlijk gezegd: ik speel Bach beter dan ooit.’

Met Bach heeft hij een speciale verstandhouding. Over een periode van tien jaar nam hij al diens klavierwerken op. Toen geen platenmaatschappij daar brood in zag, begon hij zijn eigen label: VOID Classics. De cd-verkoop was boven verwachting. Dat bleef zo tot 2007, toen de cd echt op z’n eind begon te lopen. Als slotakkoord heeft hij alle twintig cd’s in een box gedaan. Daarvan zijn er nog tweeduizend verkocht. Wat resteert, is permanent in de aanbieding.

Wat je op die opnamen hoort is zíjn Bach, vindt Janssen, al zegt hij het op de bescheiden manier die blijkbaar bij hem past. ‘Laatst hoorde ik op de wekkerradio een prelude van Bach. Aardig, dacht ik, maar ik werd er niet warm of koud van. Het klonk mechanisch, met weinig adem. Precies spelen wat er staat, kan een computer ook. Hoe speelde ik dat zelf dan, vroeg ik me af. Ik ben mijn eigen opname gaan terugluisteren. Die was zoveel beter.’ Met verbazing: ‘Ik vond het hartstikke goed.’

Maar alleen op Bach kan hij geen carrière bouwen. ‘Ik denk wel eens: misschien denken programmeurs: nog snel die Janssen vragen, nu het nog kan. Maar dat gebeurt nog niet.’

Hij noemt zichzelf tegenwoordig een zzp’er – zelfstandige zonder piano. Dat komt – daar heb je de tweede reden – ook omdat het financieel minder wordt. De schade die door Halbe Zijlstra als staatssecretaris van Cultuur is aangericht, werd nooit hersteld, vindt hij. ‘Je ziet beroepsgroepen die staken tegen de nullijn, of voor drie procent erbij. Wij gingen er in de cultuur in één klap 25 procent op achteruit. Dat heeft er flink ingehakt. Er was een tijd dat ik standaard duizend euro kon vragen voor een concert. Dat werd 750 euro. Daar moet je voor studeren en repeteren. Ik ben een van de Nederlandse toppianisten, als ik dat van mezelf mag zeggen. Ik heb uitgerekend dat een pianoconcert van Rachmaninov me op 7 euro per uur kwam te staan. Straks wordt voor zzp’ers een minimumtarief van 16 euro ingevoerd. Duizenden loodgieters verdienen het dubbele.’

Ook de leeftijd speelt een rol. ‘Op m’n 25ste was ik jong en veelbelovend, ik kreeg veel aanbiedingen. Nu realiseer ik me dat ik toen in de situatie zat van de jonge collega’s die nu veel werk krijgen; dat gaat ten koste van de ouder wordende musicus. Ik gun het ze van harte, maar dat is hoe het werkt. Wat vers is, is lekker. Pas als je de 70 nadert, word je weer interessant; goh, speelt ie nog? Daar wacht ik niet op.’

De bootconcerten boden soelaas. Hij bouwde een publiek op, bezoekers kwamen tien keer terug. Zo kon hij het moment van stoppen uitstellen. Maar eigenlijk wist Janssen al lang dat hij niet zijn hele leven concertpianist zou zijn. Al op het conservatorium dacht hij over een studie Russisch. Hij kocht een woonbootje, zoals zoveel muzikanten: dan kun je ongestraft oefenen. Er kwam een volgende boot, hij nam een sabbatical om een verdieping te bouwen, waarna de lol in de piano terugkwam. Janssen kwam ver, haalde de halve finale van het Elisabeth Concours in Brussel. ‘Goed dat ik niet gewonnen heb’, zeg hij achteraf. ‘Dan had ik zo’n leven moeten leiden van twee dagen per maand thuis en verder op tournee.’

‘Ik heb een kant die het podium op wil om te communiceren. En er is een kant die de luwte zoekt: lekker klooien zonder anderen. Dat zijn tegengestelde eigenschappen. Ik heb wel geleerd de knop om te zetten. Dan zat ik in de kleedkamer ergens in de provincie terwijl er honderd man op me wachtten. Ik heb geen zin, dacht ik dan. Maar als ik opkom, slaat het om. Daar kan ik op vertrouwen.’

Handen en inkomsten – bij elkaar was het genoeg voor een radicale conclusie. Financieel kan het; de boot is uit de hypotheek. En die concerten aan huis waren mooi, maar ook belastend. ‘Het is telkens een invasie. En het geeft stress: dan staat een paar weken voor de datum de teller op twintig reserveringen en moet je gaan werven.’

Tien jaar een boot, tien jaar Bach, tien jaar munitieschip, u bent een man van grote blokken. Waar komt dat vandaan?

‘Ik heb geen interesse in huizen die af zijn. Dit is bijna klaar, dan gaat het kriebelen. Mijn vader had dat ook. Gingen ze drie weken weg, ging pa al de tweede dag uitzoeken hoe we terug zouden rijden. Dat herken ik.’

Al zijn hele leven hoort Janssen dat het echt een slecht idee is om met sloophamers te zwaaien en betonboren te hanteren als je concertpianist bent. En zeker zoals hij dat doet, zonder handschoenen of helm, en zonder zijn handen te verzekeren. ‘Maar ik werk bijna altijd in m’n eentje, niemand anders kan zorgen dat het mis gaat. In dertig jaar heeft hij een keer iets in zijn pols gebroken, het scheepsbotje. ‘De risico’s zijn te overzien.’

Dat bouwen heeft hij van zijn vader. Als die ging timmeren, was Ivo er om spijkers en hamer aan te geven. ‘Die kast achter jou, zoiets bedenk ik dan. Ik ga aan de slag, al doende verandert er wat en na twee of drie maanden is de kast klaar. Dat ik die dan zelf heb bedacht en uitgevoerd is heel bevredigend. Het gaat me niet om het klussen, maar om het creatieve.’

Ivo Janssen: ‘Als pianist ben ik afhankelijk van andermans noten. In die kast zit mijn eigen creativiteit.’ Beeld Rebecca Fertinel

Het woord klusser staat hem sowieso niet aan. Bouwer is beter. Toen hij het er bij een concert in Duitsland met collega’s over had, zeiden die: ‘Ah. Du bist ein Macher.’ Die term bevalt hem het best.

Maar waarom wil een musicus ook bouwer zijn?

‘Als pianist ben ik afhankelijk van andermans noten. In die kast zit mijn eigen creativiteit. Dat is essentieel. Vroeger componeerden musici hun eigen werk. Musici blazen nu hoog van de toren, maar je mag best wat bescheidenheid etaleren. Wij shinen op het podium met andermans veren. Het is eerst Bach en dan pas ik.’

Op de speellijst van zijn site staan geen data meer, alleen een sober ‘wordt vervolgd’. ‘Het werd zo schamel. Dat gaat tegen je werken.’ Hij heeft nu nog vijf of zes concerten staan, in Duitsland en Nederland. Daarna gaat alle aandacht naar het huis in de Betuwe, een boerderij die hij tot woonhuis gaat verbouwen. Met een deel die er bijna om smeekt tot concertzaal te worden verbouwd.

Al die mensen die in het donker ademloos hebben zitten luisteren, gaat u dat niet missen?

Resoluut: ‘Absoluut niet. Die kant van mij is meer dan genoeg aan z’n trekken gekomen. Het is uitzonderlijk als je dat duizenden keren meemaakt. Maar waarom zou je dat normaal vinden? Een rare vergelijking misschien: ik eet nog steeds vlees, maar het wordt steeds minder. Eet ik geen vlees meer, dan zou ik het soms missen, maar ik kan best zonder.’

Pianospelen zal hij blijven doen. ‘Er is zoveel mooie muziek. Ik denk dat ik een dezer dagen de Schubert Sonatas uit de kast haal. Ik met mijn pinken, dat wordt een lastig verhaal. Maar voor mezelf kan ik dat spelen.’

CV Ivo Janssen

1963 Geboren in Venlo

1988 Eerste optreden in Concertgebouw

1994 Begint opnamen complete oeuvre voor klavier van J.S. Bach

1998 Oprichting VOID Classics, eigen platenlabel

2001 Eerste van honderden optredens met schrijfster Anna Enquist, ze combineren tekst en muziek

2009 Begint verbouwing munitieschip in Amsterdam-Oost

2014 Eerste thuisconcert bij Janssenbeton, muziek vooronder

2016 Documentaire Bach & Beton van Haukje Heuff, zijn partner

2019 Stopt als concertpianist en gaat verder als klusser/bouwer/Macher

Ivo Janssen woont samen en heeft drie zoons en een kleinzoon

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden