Oudere mannen met heftige verlangens

LOPEN TWEE rode draden door de verhalen in Hanif Kureishi's derde boek, de bundel Love in a Blue Time. De ene wordt gevormd door de ethnische conflicten tussen autochtone en allochtone Britten, met name Pakistani, zoals we die uit zowel Kureishi's romans als zijn filmscenario's kennen....

In het openingsverhaal 'In a Blue Time' is videoregisseur Roy zo'n typische oudere jongere. Hij heeft tot dusver vooral reclamefilmpjes en videoclips op zijn naam staan, maar producent Munday is druk bezig geld los te weken voor een heuse speelfilm en als die er eenmaal is, zal Roy ook kunnen toetreden tot die categorie succesrijke lieden die 'gekleed gingen in lichte kledij en nimmer per ongeluk in de open lucht kwamen: als ze behoefte hadden aan weer, dan vlogen ze naar een plek met het juiste klimaat'. In de tussentijd droomt hij van de groten: 'Bergman, Fellini, Ozu. . . De uitstraling! Roy stond vaak om vijf uur 's morgens op om de essentiële vitamine van de poëzie in zich op te zuigen, gezeten voor zijn videorecorder.'

Het wordt vrij snel duidelijk dat het Roy meer te doen is om de status van kunstenaar, en alles wat daar volgens hem bijhoort, dan om de kunst zelf. Hij kijkt naar grote films op de manier waarop Bill, een personage uit een ander verhaal, 'D'accord, Baby', in de kroeg A la Recherche du Temps Perdu leest en met behulp van een lineaal passages onderstreept, een gewoonte 'die hij sinds zijn schooltijd had beschouwd als een teken van ernst'. Bill leest Proust dan ook niet uit plezier of belangstelling, maar omdat het uitlezen van diens romancyclus hem intellectueel aanzien zal verlenen.

Bij beide figuren weerspiegelt hun armzalige, louter op roem en uiterlijk vertoon gerichte quasi-intellectuele gedrag ook hun seksleven. Roy heeft ondanks zijn zorgvuldig gecultiveerde macho-imago de grootste moeite zijn eigen vrouw in bed te krijgen, en Bills echtgenote bedriegt hem met een bekende Parijse intellectueel, waarna hij wraak probeert te nemen door diens dochter Celestine te versieren. Dat is niet moeilijk, want ook Bill is regisseur, hij moet regelmatig actrices casten en laat Celestine nou net een rolletje ambiëren. . . Zijn wraakneming lukt echter slechts ten dele. Weliswaar krijgt hij haar in bed, zij het onder vrij hilarische omstandigheden, maar de kans dat haar vader ooit van de escapade zal horen - en daar gaat het natuurlijk om - is uiterst gering.

Zielige middelbare mannen in trendy Londen, Kureishi heeft ze intensief en met een satanisch genoegen bestudeerd. Jimmy bijvoorbeeld, die we eerst ontmoeten in 'In a Blue Time'. Daar figureert hij als een zelfdestructieve artiste maudit, die financieel en anderszins zwaar leunt op zijn vriend Roy, wiens positie hij aan het slot van het verhaal danig ondermijnt door producer Munday in te lichten over Roy's alcohol- en drugsgebruik. In het absurdistische 'The Tale of the Turd' keert Jimmy terug. Hij is 44 jaar, heeft een vriendinnetje van 18 - dankzij hem stevig aan de narcotica - en nu is het tijd voor het eerste etentje bij haar ouders. Vlak voor de maaltijd moet hij plotseling naar het toilet en produceert daar een drol van schier bovenmenselijke proporties, die zelfs na driemaal doortrekken weigert zijn gang naar het rioleringssysteem te maken.

'Er zijn weinig wezens die zo worden veracht als middelbare mannen met heftige verlangens, en die verlangens vernieuwen zichzelf elke dag.' Dat stelt de verteller van het verhaal 'Nightlight', waarin een man en een vrouw eenmaal per week bij elkaar komen, louter om seks te hebben, zo goed als anoniem. Het verhaal besluit met de constatering dat verlangen in elk geval een teken van leven is, dat het bestaan van lustgevoelens betekent dat je verder wilt reiken dan jezelf, dat je contact zoekt met de wereld. Misschien. Maar dan toch op de manier waarop een cardiogram aantoont dat een comapatiënt nog volop in het leven staat.

Naast Kureishi's portretten van middelbare mannen, hun gefnuikte ambities en hun onvermogen volwassen te worden en verantwoordelijkheid te dragen, bevat Love in a Blue Time enkele boeiende verhalen over culturele botsingen. In 'We're Not Jews' schetst hij het bestaan van een naar Engeland geëmigreerde Pakistaanse familie, die zowel op bot straatniveau als langs veel subtielere wegen wordt gediscrimineerd. 'My Son the Fanatic' gaat over een verwesterde Pakistaanse taxichauffeur, die tot zijn afgrijzen constateert dat zijn zoon toetreedt tot de fundamentalistische moslimgemeenschap. Net als in zijn roman The Black Album, weigert Kureishi daarbij overigens de fundamentalisten tot karikaturen te reduceren, en aan het slot vraagt zowel de zoon als de lezer zich af wie nu eigenlijk de ware fanaticus is.

Misschien het beste verhaal is 'With Your Tongue Down My Throat', over de confrontatie van twee halfzusjes, van wie de een in Engeland woont en de ander in Pakistan. Zij bezoeken elkaar over en weer, verkennen elkaars cultuur en brengen elkaar in verwarring. Hoewel dit verhaal tegen het eind enigszins wordt ontsierd door een overbodige, postmoderne vertellerstruc, blinkt het vooral uit door de overtuigende wijze waarop de schrijver het taalgebruik en de gedachtenwereld van beide vrouwen neerzet.

Love in a Blue Time toont eens te meer aan dat Hanif Kureishi een scherp observator is met een nog veel scherpere pen. Gekoppeld aan zijn vermogen twee culturen van binnenuit te beschrijven, maakt dit hem tot een van de interessantste auteurs van zijn generatie.

Hans Bouman

Hanif Kureishi: Love in a Blue Time.

Faber & Faber, import Nilsson & Lamm; 212 bladzijden; ¿ 35,15.

ISBN 0 571 17739 5.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden