Oude Dixie-vlag verscheurt South Carolina

'Kijk wat een mooi paadje ze hebben gemaakt van de grafstenen van de eerste vrije zwarten', zegt Alphonso Brown bitter....

Alles draagt hier de pijn van het verleden in zich: de slavenonderkomens, waar nu yuppen wonen, het douanekantoor waar de slaven verhandeld werden en in de verte Fort Sumter, waar in april 1861 de eerste schoten van de Burgeroorlog werden gelost.

In de hoofdstad Columbia laat een zwarte gids de bronzen sterren zien in de muur van het State House: de trotse sporen van de kogelgaten die de Unie-troepen onder generaal Sherman erin achterlieten, toen ze de stad innamen. Maar het vreemde is dat op het gebouw nog steeds de 'confederate flag' wappert, de vlag van de rebellerende zuidelijke troepen. Hebben de zuidelijke staten de Burgeroorlog dan niet verloren?

De gids knikt, maar op de vraag wat zij zelf vindt van het feit dat de vlag er nog steeds wappert, blijft ze het antwoord liever schuldig. De meeste zwarten zien het banier als een symbool van slavernij en racisme, maar dat soort meningen kun je hier beter voor je houden. Ze is in dienst van de volksvertegenwoordiging en daar denkt men er heel anders over.

Zwarte groeperingen dringen er al geruime tijd op aan dat de gehate vlag wordt neergehaald, maar vooral de Republikeinen zijn daar fel op tegen. In hun ogen symboliseert de vlag de vrijheidslust en de moed van hun voorouders, die zich niet wensten te onderwerpen aan de 'tirannie' van het Noorden.

Volgens senator Glenn McConnell, die een winkeltje in relieken uit de tijd van de Confederatie drijft in Charleston, heeft de vlag niets met racisme te maken, maar is het een eerbetoon aan de ongeveer 25 duizend mensen uit South Carolina die in de Burgeroorlog zijn gesneuveld.

De tegenstanders van de vlag, vindt McConnell, zijn onverdraagzaam. Om te bewijzen dat hij dat niet is, probeert hij geld los te krijgen voor een gedenkteken voor de zwarten in South Carolina. Door de knieën gaan voor de roep om de vlag te strijken, zou voor hem hetzelfde zijn als 'spugen op het graf van mijn voorouders'.

'Mijn grootvader zat bij de Ku Klux Klan. Ik hou van hem, ik ben een deel van hem, maar dat betekent nog niet dat ik het met hem eens ben', werpt advocaat Tom Turnipseed tegen. Turnipseed is een van de felste tegenstanders van de 'confederate flag', maar het opmerkelijke is dat hij ooit de rechterhand was van George Wallace, de racistische gouverneur van Alabama.

'Ik ben opgevoed met het idee dat Dixie (het Zuiden) een heerlijke plaats was. Toen ik klein was, speelden we oorlogje tegen de nazi's, maar nog liever tegen de yankees', zegt hij. Ietwat beschaamd vertelt hij dat hij in de jaren zestig samen met Wallace een reeks blanke privé-scholen opzette, zodat de blanken de zwarten ondanks het opheffen van de rassenscheiding buiten de deur konden houden.

Zijn 'bekering' kwam toen hij begin jaren zeventig betrokken raakte bij processen tegen elektriciteitsmaatschappijen die hun armste afnemers extra lieten betalen: uiteraard zwarten. Op een bijeenkomst hoorde hij een zwarte advocaat vertellen hoe hij zich in de jaren vijftig in een achterbak van een auto had moeten verstoppen, nadat hij een zwarte beklaagde had vrij gekregen. 'Hij was bang om gelyncht te worden. Toen ik dat hoorde, dacht ik: Wat hebben we gedaan?'

Turnipseed strijdt nu tegen racistische groeperingen. Hij wist gedaan te krijgen dat de Ku Klux Klan tot een miljoenenboete werd veroordeeld wegens het platbranden van zwarte kerken en ageert nu tegen de confederate flag.

'Die vlag komt neer op een ontkenning van het racistische verleden van South Carolina. Dit was een van de laatste bolwerken van de slavernij en hoe je het ook wendt of keert, de Burgeroorlog ging om het in stand houden van de slavernij', zegt hij.

Om South Carolina onder druk te zetten heeft de zwarte organisatie NAACP toeristen opgeroepen weg te blijven uit South Carolina. Het effect van de boycot is tot nog toe vrij gering - de schade wordt op veertig miljoen dollar geschat, terwijl de staat jaarlijks miljarden aan het toerisme verdient. Niettemin begint de Kamer van Koophandel zenuwachtig te worden. De vlag moet weg, vindt zij.

Turnipseed is ervan overtuigd dat de vlag zijn langste tijd gehad heeft. De Democratische gouverneur Jim Hodges heeft als compromis voorgesteld de vlag een andere plaats te geven. Maar zijn eigen Dixie-verleden wist Turnipseed niet uit: zijn zoon heet Jefferson Davis, naar de president van het rebelse Zuiden. 'Dat was mijn laatste Dixie-daad.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden