Die ene leerlingNilanjana

‘Opeens viel bij mij het kwartje: o ja, we zijn hier vooral voor onderwijs’

Beeld Hedy Tjin

In de rubriek Die ene leerling vertellen leerkrachten, docenten en hoogleraren over de leerling die hun kijk op het vak veranderde. Rolf Hut (39), docent en onderzoeker aan de TU Delft, over Nilanjana, door wie hij anders naar stages ging kijken.

‘Haar stage heb ik lang als een faalproject gezien. Niet omdat zij slecht werk had geleverd, integendeel. Maar omdat ik niet doorgegaan ben waar zij is opgehouden.

‘Nilanjana was een piepjonge student uit India. 18, 19 jaar oud. Ze studeerde aan een hoog aangeschreven technische universiteit. Per mail liet ze weten dat ze bij onze vakgroep stage wilde lopen, omdat ze ons onderzoek interessant vond. Wij denken hier niet alleen na over het klimaat, maar proberen ook nieuwe meetmethoden te ontwikkelen.

‘Wat me aansprak, was dat ze bij de robotclub van de universiteit zat, zo’n club waar studenten in hun vrije tijd robots bouwen die voetballen of vechten. Mijn ervaring is dat die mensen niet bang zijn om te experimenteren. Kom maar, zeiden we dus.

‘Ze kon hier aan de slag met een ideetje van een Amerikaanse ingenieur die we weleens op congressen tegenkwamen. Hij had een thermometer bedacht die de luchttemperatuur meet. Dat klinkt basaal, doen niet alle thermometers dat? Nee dus. Als je een thermometer in de zon zet, dan warmt die op. De thermometer wordt warmer dan de lucht eromheen. Door de wind koelt hij ook een beetje af, maar een thermometer zal nooit precies de temperatuur van de lucht aangeven.

‘Die Amerikaan had een oplossing. Wiskundig gezien is een thermometer een perfect bolletje. Met wat natuurkundige formules kun je berekenen hoeveel de thermometer opwarmt door de warmte van de zon. Grotere bolletjes warmen meer op dan kleine. Zijn voorstel was om bolletjes van verschillende grootte te nemen en de gemeten temperaturen te gebruiken om de echte temperatuur te schatten. In theorie zou een oneindig klein bolletje namelijk de werkelijke temperatuur van de lucht moeten meten.

‘Nilanjana maakte een ontwerp, bouwde zelf de thermometer, deed er metingen mee. En ze schreef een mooi verslag waarin ze ook suggesties voor vervolgonderzoek deed. Toen keerde ze terug naar India.

‘Vervolgens heb ik het laten liggen. Dat prototype stond een paar jaar op mijn bureau, maar ik ben er nooit meer mee verder gegaan. Ik had er geen tijd voor, werd geleefd door deadlines, andere studenten, andere onderzoeksprojecten. Daardoor keek ik ontevreden terug op de stage van Nilanjana. Want we hadden nog altijd geen perfecte thermometer voor de luchttemperatuur.

‘Ik werd continu geplaagd door een ik-zou-eigenlijk-gevoel: ik zou eigenlijk moeten bedenken of we er niet meer mee kunnen, ik zou eigenlijk een student moeten zoeken die hiermee verder gaat. Daar baalde ik van.

‘Totdat Nilanjana me een paar jaar later een e-mail stuurde. Ze schreef dat ze een geweldige stage bij ons had gehad en dat ze graag wilde dat ik een aanbeveling voor haar zou schrijven, die ze kon gebruiken bij een sollicitatie.

‘Op dat moment drong tot me door dat zij niet op dezelfde manier terugkeek op het project. Voor haar was het geen mislukking. Sterker nog: ze had ontzettend veel geleerd. Toen viel bij mij het kwartje. O ja, we zijn hier vooral voor onderwijs. We zijn hier om studenten op te leiden tot goede ingenieurs.

‘Ik besefte dat het doel van een stage niet is om mijn eigen onderzoek vooruit te helpen. Het doel is dat de student er iets van opsteekt. Natuurlijk, het is prachtig als er iets uit een stage komt wat mijn onderzoek verder helpt. Maar als dat niet zo is, is de stage niet mislukt.

‘Sindsdien kijk ik anders naar stages en afstudeeropdrachten. Eerst stelde ik mezelf de vraag of een stage aansloot bij mijn onderzoek. Nu denk ik: kan ik met mijn expertise deze student begeleiden? Dat heeft ertoe geleid dat ik bij veel meer afstudeerprojecten betrokken ben, ook bij andere vakgroepen. Ik zeg veel makkelijker ja, omdat ik denk: ik weet daar wel iets vanaf, ik kan jou begeleiden naar een goed ingenieursschap, ook als het niet honderd procent in lijn is met mijn eigen onderzoek. De bijvangst is dat ik bij superleuke projecten betrokken raak.

‘Met Nilanjana gaat het goed, ze doet nu PhD-onderzoek in de Verenigde Staten. Laatst was ze in Nederland, we hebben elkaar nog gezien. Nee, ze weet niet dat haar project mij tot nieuwe inzichten heeft gebracht. Maar ik zal het haar vertellen voordat dit verhaal in de krant staat.’

Lees ook:

Een basisschoolleerkracht (63) vindt dat ze harder had moeten vechten voor Fatima. ‘Natuurlijk kon ze niet meekomen! Ze moest zorgen dat er thuis genoeg te eten was.’

Fura Grol (55), coördinator en leraar van een internationale schakelklas (ISK) in Deventer, over het zwangere meisje dat haar deed inzien dat ze niet iedereen kan redden.

Sanne Kuyt (44), basisschoolleraar in Haarzuilens over de jongen die hij over het hoofd zag. ‘Jij ziet mij te weinig.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden