Ontwikkelingshulp levert vele duizenden banen op

Van elke euro bilaterale ontwikkelingshulp die Nederland geeft, komt 70 tot 90 cent terug door een stijging van de export. Een deel van de opbrengst van die extra export lekt weg naar het buitenland, maar 40 tot 55 cent blijft hangen in Nederland. Dat levert rond de vijftienduizend banen op.

Koningin Máxima vorig jaar in Tanzania. Elke euro die de overheid uitgeeft, levert een bijdrage aan het nationaal inkomen. Beeld anp

Dit blijkt uit onderzoek van de IOB, de rekenmeesters van het ministerie van Buitenlandse Zaken, dat vandaag wordt gepubliceerd. Minister Ploumen (Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking) repte er al over in een brief aan de Tweede Kamer, bijna drie weken terug. Als Nederland een euro aan ontwikkelingshulp uitgeeft, schreef zij, komt er gemiddeld een euro bruto terug naar Nederland, als extra export.

Dat blijkt te optimistisch. De IOB-studie (getiteld Good things come to those who make them happen) gaat over een kwart van de ontwikkelingshulp: de bilaterale. De economische effecten van hulp via ngo's, de Wereldbank of het IMF zijn niet onderzocht. Van de bilaterale hulp komt niet alles terug; gemiddeld maar 70 tot 90 procent.

Projecten in ontwikkelingslanden
De kern van Ploumens ontwikkelingsbeleid is: handel en hulp combineren. In dat kader ging bijvoorbeeld op 1 juli het Dutch Good Growth Fundvan start. Dat moet 700 miljoen euro bevatten in 2017 om het midden- en kleinbedrijf te ondersteunen bij projecten in ontwikkelingslanden.

Vroeger moest het ontvangend land het gekregen geld in Nederland besteden. Dat wordt vrijwel niet meer geëist. Toch komen de euro's grotendeels in Nederland terecht, blijkt bijvoorbeeld in West-Afrika. Daar liggen Ivoorkust en Ghana naast elkaar, met vergelijkbare economieën: veel cacao-export, goede zeeroute naar Rotterdam, vergelijkbaar welvaartsniveau. Aan Ghana geeft Nederland al jaren ontwikkelingshulp, aan Ivoorkust niet. 'Naar Ivoorkust exporteert Nederland nog niet voor 100 miljoen euro', zegt Hans Docter, ambassadeur in Ghana. 'Naar Ghana voor 1,1 miljard.'

Beeld de Volkskrant

Hulp en handel liggen in elkaars verlengde, zegt hij. 'In het verleden gaf Nederland hulp in de vorm van medicijnen en medische artikelen. Dat werd verzorgd door IDA, in Amsterdam. Sinds een paar jaar koopt Ghana zelf zijn medicijnen, maar dat doen ze nog steeds bij IDA. Omdat ze elkaar kennen, omdat ze weten dat het goed is.'

Ook op andere terreinen zag Docter hoe hulp handel opleverde. Ghanezen die in Wageningen komen voor scholing, daar handelspartners tegenkomen en zaken gaan doen. Nederlandse ontwikkelingswerkers die in Ghana bedrijven oprichten die zaken blijven doen met Nederland. Zoals Wienco, Ghana's grootste in landbouwbenodigdheden: opgericht door voormalig ontwikkelingswerker Henri Wientjes. IOB-onderzoeker De Kemp vat het samen in twee termen: gewoontevorming en goodwill.

Fors deel in Nederlandse economie
Elke euro die de overheid uitgeeft, levert een bijdrage aan het nationaal inkomen. Tegenstanders noemen ontwikkelingssamenwerking 'weggegooid geld'. Nu blijkt een fors deel in de Nederlandse economie neer te slaan.

Hoe armer het hulp ontvangende land, hoe minder er terugkomt in Nederland. Dat wil volgens De Kemp niet zeggen dat je bilaterale hulp vooral op minder arme landen zou moeten richten. 'De groei in veel van de armste landen is juist heel hoog. Je zou kunnen zeggen dat daar meer kansen liggen.'

Eerder deze week stelde ontwikkelingsorganistie ONE dat de Nederlandse economie door de bezuinigingen op ontwikkelingshulp in 2017 een kwart miljard euro lager zal uitkomen. 'Ontwikkelingshulp betaalt zichzelf terug', is de conclusie van ONE.

Is ontwikkelingshulp nu ontdekt als belangrijke motor voor exportbevordering? De Kemp: 'De export naar ontwikkelingslanden wordt voor 97 procent door heel andere factoren bepaald. Van de 45 miljard dollar export naar ontwikkelingslanden in 2008 konden we maar 1,5 miljard verklaren uit de bilaterale ontwikkelingshulp.'

Bewoners van een vluchtelingenkamp bij het vliegveld van Bangui in de Centraal-Afrikaanse Republiek. Beeld anp
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden