Columnpeter middendorp

Ons diepste verlangen is niet een oplossing voor de crisis of een einde aan de pandemie. Maar een normale zomer. Vakantie

null Beeld

De jongen die de wachtenden over de prikkamertjes moest verdelen, vroeg iedereen die bijna aan de beurt was: ‘En, al vakantieplannen?’ Of: ‘En, nu vanavond zeker meteen de vakantie boeken?’ Na de prik zei de medewerkster, terwijl ze een pleister op mijn arm plakte: ‘Zo. En nu deze zomer zeker lekker op vakantie?’

Ach, de beproeving. Eerst hadden we een vakantie-arme zomer, en daarna kwam er ook nog een Mondkapjeswinter achteraan. Toen moesten we soms een mondkapje op. Nee, geen bloembollen eten, dat was een andere winter, ook niet mooi.

Ons diepste verlangen is niet een oplossing voor de crisis of een einde aan de pandemie. Maar een normale zomer. Vakantie. Trek een landgenoot het mondkapje van zijn gezicht en het eerste woord dat je verstaat is ‘vakantie’. Zet morgen een bord voor een ravijn met de tekst ‘Vakantie rechtdoor’ en in augustus is de woningnood voorbij.

Vooraf dacht ik: er zal wel een last van mijn schouders vallen als ik een vaccin heb gehad. Van iedereen, dacht ik, alle gelukkige, vers gevaccineerden. Maar in de wachtkamer, waar je achteraf een kwartiertje moet blijven zitten, zodat ze kunnen controleren of je niet allergisch reageert, hing een verveelde, landerige sfeer, alsof het de wachtkamer van de tandarts betrof. Ik dacht aan een opmerking van Floor Rusman in haar NRC-column: ‘Beseffen we wel hoe dicht we langs de afgrond zijn gescheerd?’

Zelf ben ik geen haar beter; ik zou eens de uitzondering zijn. Minstens een jaar lang had ik uitgekeken naar de eerste prik, die als een finishvlaggetje in de toekomst had staan wapperen omdat daarachter mijn oude leven zich weer zou hervatten, maar nu zat het vaccin nog niet in mijn arm of ik zag alweer tientallen nieuwe beren de weg naar zorgeloosheid versperren. Hoelang werkten die vaccins eigenlijk? In hoeverre beschermden ze tegen nieuwe varianten? En hoe vreselijk lang zou het nog duren voordat arme werelddelen ook voldoende vaccins hebben gekregen?

De plotselinge belangstelling voor arme werelddelen verbaasde mezelf. Het was me de hele pandemie nog niet gebeurd. Dat ze er ziek worden, en sterven, is kennelijk één, maar sinds ik besef dat er varianten kunnen ontstaan die de bescherming van mijn vaccin kunnen bedreigen, is mijn begaanheid ineens weer net zo groot als in de dagen dat we Kumbaya zongen in de kerk voor de hongerkindjes van Afrika.

Buiten had zich intussen een lange rij wachtenden opgesteld. Ik zag nergens blijdschap, opluchting of vrolijkheid. Mensen keken me zelfs een beetje boos na, alsof ze bang waren dat ik eerder op de vakantiebestemming zou aankomen dan zij, en alvast al mijn handdoeken over de ligstoelen bij het hotelzwembad zou gaan leggen.

De beste garantie voor vaccins voor arme landen is de kans dat er varianten ontstaan die onze veiligheid en vakanties kunnen bedreigen, dacht ik onderweg naar huis. Zo zorgt het egoïsme misschien ook eens voor een ander.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden