Onderzoek: medische hulp Afrika chaotisch

157 clubs actief in 39 landen...

Van onze medewerkster Jet Bruinsma

AMSTERDAM De medische hulp vanuit Nederland aan ontwikkelingslanden is versnipperd over ten minste 157 medische hulporganisaties, die actief zijn in 39 landen, merendeels in Afrika. Daarvan zenden er 61 zelf artsen, verpleegkundigen en andere medische hulpverleners uit; 96 bieden financiële of materiële steun. Dat blijkt uit een nog niet gepubliceerde inventarisatie over 2007 die de medisch antropologe Judith van de Kamp dit jaar maakte. Zo’n onderzoek is nooit eerder gedaan.

De versnippering en het gebrek aan coördinatie leiden tot praktische problemen: vaak komt de hulp niet op het juiste moment op de juiste plek terecht of arriveert er juist te veel hulp op één locatie.

Vorig jaar werden 1.450 artsen en anderen uitgezonden (niet alle organisaties hadden de gegevens uitgesplitst), meestal in teamverband. Naar schatting 1.100 van hen werkten enkele weken als vrijwilliger in een derdewereldland; de overige 350 hadden een arbeidscontract voor langere duur bij een van de twaalf grote gesubsidieerde organisaties als Artsen zonder Grenzen. Van de Kamps opdrachtgever was de stichting Dutch Doctors on Call (DuDoC).

Volgens de onderzoekster bieden er meer vrijwilligers medische ontwikkelingshulp dan zij kon achterhalen, omdat niet bekend is hoeveel Nederlandse artsen bij buitenlandse organisaties werken. Ook worden er steeds meer stichtingen opgericht met als enig doel het ondersteunen van een bevriend artsenechtpaar of familielid in de tropen. Hoeveel geld er omgaat in de vrijwillige hulp is niet bekend. Wel ontdekte Van de Kamp dat de kosten per organisatie sterk uiteenlopen, van enkele tienduizenden tot meer dan honderdduizend euro per jaar. Bij sommige gaat de helft van de giften op aan reiskosten voor het medisch team, andere konden niet precies aangeven waar het geld bleef.

DuDoC, dat de steun heeft van de Orde van Medisch Specialisten en de verenigingen van ziekenhuizen en tropenartsen, wil meer samenhang brengen in de activiteiten van met name de kleine stichtingen, die volledig afhankelijk zijn van particuliere donaties en fondsen. ‘De hulp sluit vaak niet aan op de behoeften ter plaatse’, zegt een van de oprichters, de Rotterdamse emeritus hoogleraar plastische chirurgie Jacques van der Meulen. Volgens hem ontbreekt het veelal aan coördinatie, waardoor de continuïteit niet is gegarandeerd. Het organiseren van de reizen vraagt veel werk van de vrijwillige bestuurders. DuDoC wil hen die logistieke klussen uit handen nemen en zoekt daarvoor geld bij de overheid en bij sponsors. De grote hulpverleners kunnen zichzelf redden: zij hebben overheidssubsidie, duizenden donateurs en beschikken over ervaren beroepskrachten met langlopende contracten, aldus Van der Meulen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden