Onderzoek lesbo-vingers allesbehalve grap

Er waren nog wel boze reacties op het onderzoek dat een verband aantoont tussen seksuele geaardheid en vingerlengteverschillen. Maar die vallen in het niet bij de hoon waarmee eerder biologisch onderzoek naar gedrag werd overladen....

'Het is toch geen vroege 1-aprilgrap, dat verhaal van die professor Breedlove en zijn lesbiennes met hun mannelijke vingers?' Zo luidde donderdag een reactie op het nieuws over het verband tussen seksuele geaardheid en vingerlengteverschillen bij de mens. Ongeloof en hilariteit, maar ook boosheid en verontwaardiging vielen het bericht ten deel. Menigeen zal bij het lezen ook moeite hebben gehad niet een blik op de eigen vingers (of die van een ander) te werpen.

Toch is het onderzoek allesbehalve een grap. Het staat in de traditie van de neuropsychologie, een tak van wetenschap die zich bezighoudt met de samenhang tussen de bouw van het zenuwstelsel en het gedrag bij de mens. Verschillen tussen mannen en vrouwen, ook op het niveau van de hersenen, zijn daarbij een vanzelfsprekend studieobject.

Het moderne hersenonderzoek heeft intussen tal van verschillen in bouw van de hersenen tussen mannen en vrouwen ontdekt. Allerlei hersenfuncties, zoals het ruimtelijke oriëntatievermogen, hebben een eigen anatomisch substraat, dat subtiele verschillen tussen de seksen kan vertonen.

De wetenschap wil weten hoe die tot stand komen en zoekt daarbij ook naar de invloed van de geslachtshormonen op de ontwikkeling van het zenuwstelsel in de menselijke foetus. Verschillen tussen man en vrouw ontstaan kort na de conceptie, als vanaf de achtste week het mannelijke (XY-)embryo testosteron gaat produceren en 'vermannelijkt'.

Het vrouwelijke (XX-)embryo maakt geen testosteron, maar wordt 'gevoed' door de oestrogenen van de moeder. Het is ook de periode waarin armen en benen, tenen en vingers worden aangelegd, een ontwikkelingsprogramma dat wordt gestuurd door dezelfde zogenoemde Hox-genen.

Het is goed voorstelbaar dat deze geslachtelijke differentiatie van het embryo niet altijd op dezelfde manier verloopt. Breedlove en collega's denken nu in de lengteverschillen tussen wijsvinger en ringvinger - die sowieso tussen mannen en vrouwen bestaan - een indirecte maatstaf te hebben gevonden voor de mate van testosteronproductie in het mannelijke dan wel vrouwelijke embryo.

Vrouwen met een 'mannelijk' vingerlengteverschil zouden in deze opvatting in de embryonale fase aan meer testosteron hebben blootgestaan dan vrouwen met een typisch vrouwelijk vingerlengtepatroon - dat wil zeggen geen lengteverschil tussen wijs- en ringvinger. Dat zou dan mede van invloed kunnen zijn op de seksuele geaardheid van deze vrouwen. Iets vergelijkbaars zou het geval zijn bij homoseksuele mannen.

Het lijkt een legitieme wetenschappelijke redenering, waar weinig op af te dingen valt. De boze en verontwaardigde reacties op het bericht ('Dit werkt stigmatiserend') doen denken aan wat de Amsterdamse hersenonderzoeker Swaab overkwam toen hij elf jaar geleden bij toeval ontdekte dat een bepaalde hersenstructuur bij aan aids overleden homoseksuele mannen groter was dan bij heteroseksuele mannen. Verbijstering en verontrusting werden zijn deel. In Kamervragen was sprake van een 'eenzijdige medische theorie', die homoseksualiteit louter als een medische afwijking brandmerkt.

Nu het onderzoek in de VS is uitgevoerd, zullen Kamervragen wel uitblijven. Het onderzoeksklimaat in - biologisch - Nederland is daar tegenwoordig ook niet naar. Boosheid of verontwaardiging over biologische verklaringen voor menselijk gedrag, zoals in de jaren zeventig rond criminoloog Buikhuisen, is in Nederland niet meer bon ton.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden