Onderonsje met Mister Hippo

Toerisme in Botswana is per definitie ‘exclusief’. Dus vlieg je in een Cessna van kamp één naar kamp twee. Waar de gebroeders Freddy en V je hartgrondig wakker brullen....

Isis, zoals ze daar ligt, is de mooiste leeuwin op aarde. Verlicht door de ochtendstralen van de zon die alras meedogenloos zal zijn. Ze oogt, zelfs met haar ogen dicht, vermoedelijk hálfdicht, trots en onverslaanbaar – de godin uit de oudheid waardig: de Koningin van de Hemel, zij die Alles is, zij die de zwakkeren beschutting biedt.

Zoals ze daar ligt, met haar kleintjes, je zou het zo geloven. Isis draagt haar naam met verve. Als zij opstaat, staan de andere zeven uit de troep op. Isis schrijdt richting de schaduw aan de overkant van het zandpad, de andere druppelen er achter aan.

Het bijna mystieke tafereel speelt zich af op een paar meter afstand. Ik zit in een open Land Rover, daar beneden liggen de Savuti-leeuwen – genoemd naar het drooggevallen kanaal in noord-Botswana, hier aan het eind van het pad; eerder al gevolgd door vele filmers en fotografen, van Discovery tot National Geographic. En nu kijken ze mij aan. Het heeft iets persoonlijks.

Net zoals ik al de namen weet van de leeuwen die me eergisteren, toen nog midden in de Okavango Delta, wakker brulden: Freddy en V. Twee broers die het kennelijk niet echt met elkaar kunnen vinden, want Freddy heeft V vorige week bij zijn oor gegrepen. Brullen kunnen ze beide, naar de vrouwtjes, zo hartgrondig en zo diep dat de hele wereld lijkt te trillen en je niet anders kunt dan stil zijn.

Zó dichtbij.

Is reizen op zichzelf al een privilege, dit is een koninklijke eer. Bijna geen toerist in de buurt, de dichtstbijzijnde stad is Maun, en die ligt op drie maal een Cessna-vlucht van een kwartiertje.

Zo zijn wij hier beland – eerst in Kwetsani Camp, midden in de Okavango Delta, daarna in Duma Tau, naast Chobe National Park, in het noorden. Niet per 737, maar per 14-seater. En dat is precies zoals Botswana het wil. De Okavango Delta, ’s werelds grootste inlandse delta vol eilanden en moerassen, waar het hele jaar door het wildleven up close and personal is te bewonderen, is niet bedoeld voor massatoerisme.

High cost, low impact, dat is het beleid waarmee Botswana de schade aan de natuur tot een minimum hoopt te beperken. Kleinschalig toerisme, maar wel duur, eersteklas. Denk 600 euro per persoon per nacht, die categorie.

Golfkarretje

Golfkarretje
‘Quick, quick, where’s your friend?’, zegt Dix, die zichzelf als roadmanager heeft voorgesteld. De bagage is al in het vliegtuig geladen. Stefan, die ons 5-daagse once-in-a-lifetime-avontuur filmt voor vk.tv., komt met camera en al door de hitte van Maun aanrennen. Met de reservebatterijen die hij in een winkeltje heeft gevonden. Vlug, vlug in het golfkarretje naar het vliegtuig. De propellers draaien al, instappen, en weg zijn we.

Golfkarretje
Dit vliegtuig was echt niet zonder ons vertrokken. In deze Cessna zijn we meer gast dan passagier. De vlucht van de hoofdstad Gaborone naar Maun, de toegangspoort tot de delta, was nog een Air Botswana-lijnvlucht; met deze etappe vliegen we de onbereikbare wereld in.

Golfkarretje
Beneden ligt een mozaïek van blauwe lagunes, groene vlakten, met stippen die olifanten blijken te zijn. Plekken waar geen mens komt, waar wild zoekt naar water dat maanden geleden in de Angolese hoogvlakten naar beneden begon te stromen. Niet richting Atlantische Oceaan, maar door een breuklijn over het Afrikaanse continent landinwaarts, Botswana in. De Kalahari-woestijn in.

Golfkarretje
Want hoewel jaarlijks het gebied volstroomt met water, het is en blijft een woestijn. Dat ik veel zand zie in wetland paradise, is dus niet zo vreemd. Na twee tussenstops – toeristen stappen uit, anderen stappen in – landen we op een airstrip van zand, steen en gravel. Plotseling verschijnen er twee jeeps: een voor de bagage, een voor ons, we zijn inmiddels met z’n zessen. Gast nummer 7 wordt straks ingevlogen, zegt gids Jakes, die iedereen in de jeep persoonlijk een hand geeft. ‘We zien hem om 4 uur bij de high tea.’

Golfkarretje
Hm, dat doet denken aan Tea in the Sahara, een nummer van The Police dat is gebaseerd op het boek The Sheltering Sky, waarin drie zussen ervan dromen thee te drinken met de prins die aan de andere kant van het zand woont – als het ultieme genoegen. Maar nu dus high tea in de Kalahari, en als we het goed begijpen: met z’n allen.

Golfkarretje
En ja hoor, na de rit van veertig minuten over mulle zandpaden naar Kwetsani Camp, een kamp van hout en bamboe, na de ontvangst met verfrissingsdoekje en vruchtencocktail, is het direct duidelijk: dit wordt een groepsding. ‘Zo zien we dat graag’, zegt manager Ian. ‘We zitten gezellig met z’n allen aan tafel. De gasten kunnen elkaar vertellen welke dieren ze tijdens de safari hebben gezien.’

Golfkarretje
Zo schuiven we voor de brunch – pastaatje, salade, wat kaasjes – aan bij Dick en Conny uit Philadelphia. Hij gepensioneerd consultant uit de energiesector, zij iets bij een ontwerper en bridger. ‘We’re water people’, verklaart Dick hun vakantie. Zijn vrouw is een ‘hippofreak’. En dan hebben we nog Dr. Phil (geen geintje), een nierspecialist uit Toronto, die als allereerste vraag heeft: ‘Wil je mijn camera zien? Het is een grote hoor.’

Golfkarretje
Zeven toeristen zijn er in Kwetsani, tegen 23 man personeel. Meer dan drie-op-één! Ze bereiden het ontbijt van 6 uur (koffie, cornflakes) en de brunch na de ochtendsafari (gele rijst met lam), slaan op de drum als de high tea gereedstaat (wortelcake, pizzapuntjes), en proclameren aan tafel het menu van het diner (véél, inclusief een cabernet sauvignon uit Zuid-Afrika).

Designwastafels

Designwastafels
Er is meer te doen in een kamp van Wilderness Safaris met vijf ‘klauwen’, zeg maar sterren. De was wordt met de hand gedaan, de hele dag wordt Kalahari-zand de pub area uit geveegd, en in de hutten worden handdoeken in de vorm van een sierlijke slang gevouwen en op het riante bed gelegd. Wat je hutten noemt: er zijn een binnen- én een buitendouche, een bloemetje en ecozeepjes flankeren de designwastafels, en er is een alarmhoorn voor als er een leeuw voor de deur staat. Dan komt Jakes, met geweer, ons redden.

Designwastafels
Jakes Tembwe (31) is onze held. Niet omdat hij groot en sterk is en een geweer heeft, maar omdat hij tijdens een privésafari even makkelijk een mier nadoet die vastzit in een spinnenweb, als een boze olifant die met z’n kop een toerist neerbeukt. Omdat hij weet wanneer Freddy gaat brullen naar zijn broer V, omdat hij weet wanneer wij veilig naast de auto de sundowner, dat bijna vanzelfsprekende drankje bij zonsondergang, kunnen nemen. En dan – als ik een vegetarische samosa en een slok wijn wegslik – verhaalt hij over de tijd dat de jongens in zijn dorp pas man werden als ze een leeuw met een speer hadden gedood.

Designwastafels
Dat is allang niet meer. Lag Jakes’ dorp, Gumare, vroeger op een dag kanoën in een mokoro, zo eentje die nog uit een boomstam werd gehakt, nu is het een uur per jeep. Elke vierde maand kan hij erheen, dan heeft hij vrij. Het geldt voor iedereen hier. De kok Leetile, die een paar jaar geleden nog werkte in een diamantmijn, in de industrie die Botswana een van de succesvolste Afrikaanse landen heeft gemaakt, koos voor het toerisme, maar ziet zijn vijf kinderen steeds drie maanden niet. Omdat ze zo ver weg zijn. Zijn berusting: ‘Werk is ons leven.’

Designwastafels
Dat is de luxe backstage. Alles ten dienste van ons, ten gerieve van ons. Zelfs de wc is zo gemaakt dat je al zittend uitkijkt over het droge grasland waar de beesten de baas zijn. Toch is de grootste luxe het er zijn. Elk moment. Ik ga in een siësta-uurtje op dag 2 aan het zwembadje zitten. Een olifant, vermoedelijk dezelfde die we vannacht bij onze lodge hoorden, slentert op een paar meter afstand voorbij op zoek naar takken en bomen; als ik een flesje bronwater aan mijn mond zet, lijkt hij me aan te kijken alsof hij denkt: wat moet díe hier?

Hillary

Hillary
Onwerkelijk. Dit is safari op de eerste rang, letterlijk – dit is geen Krugerpark, waar tientallen auto’s over het asfalt rijden en allemaal bij dezelfde leeuw stoppen. Hier is het aantal toeristen beperkt en ook het aantal auto’s: meer dan drie safarigezelschappen op één plek is verboden. Maar meestal heb je honderden hectaren voor jezelf.

Hillary
Onwezenlijk. Vlak voor ons vertrek naar Duma Tau, een kamp ten noorden van de delta, waar naar men zegt achter elke boom een olifant staat, laat Jakes een foto zien van hem en Patrick Swayze. Was hier. En Neil Young ook, zij het in Jao, een van de andere 22 Wilderness-kampen. Er vallen namen als Hillary en Bill, en Elizabeth is hier natuurlijk een keer getrouwd. ‘Jullie vliegtuig komt eraan’, komt manager Ian melden. Natuurlijk. Ons vliegtuig komt eraan.

Hillary
We bereiken op dag 3 Duma Tau Camp met twee Cessna-vluchten, een van 35 en een van 5 minuten. Een paar toeristen herkennen we van een vorige vlucht, wat niet vreemd is, want de meesten pendelen een dag of zes tussen wat kampen – twee dagen hier, twee dagen daar. Vaak gehoorde vragen: ‘Welke kampen hebben jullie al gezien?’ ‘Wij hebben net een luipaard gezien, en jullie?’ ‘Is Kwetsani net zo mooi?’

Hillary
Het grote verschil is de natuur. Duma Tau ligt vlakbij het drooggevallen Savuti-kanaal en de Zibadianja-lagune, waar onder meer de beroemde documentaire Eternal Enemies is opgenomen, waar voor het oog van de camera de leeuwen op jacht gaan, en het nijlpaard een krokodil door midden bijt. Maar nóg opvallender is tegenwoordig het omringende bosgebied: daar is bijna niets meer van over. Desolaat: bomen en struiken zijn platgetrapt, omver gebeukt, uit de grond gerukt, opgegeten door de tienduizenden olifanten die hier jaarlijks als een tsunami overheen gaan. Op zoek naar het water van de Khwai-rivier en de Linyanti-rivier.

Hillary
Wat een probleem van immense omvang is, maar voor toeristen ook een garantie dat ze kuddes olifanten zullen zien. De Linyanti-rivier ligt immers in de voortuin van het kamp. Net als Kwetsani is het een verhoogd kamp, met een boardwalk die alles verbindt, opdat het wild gewoon onder je hut door kan lopen. Mocht je even denken dat dat allemaal wel mee zal vallen: als wij aankomen, staat er 1700 kilo nijlpaard verdekt opgesteld in de struiken.

Hillary
Dát went nooit. Het kamp zelf wel, met hetzelfde strakke schema – van de wake-up call om half 6 tot aan het dinerbuffet om 8 uur. Tikje minder chic, stellen we schaamteloos vast als we onze bagage op het bed gooien. Het is ook drukker; er zijn hier vandaag 15 gasten (op 40 man personeel), doorgaans 60 jaar of ouder, met Andy en Helga uit Duitsland die te veel praten, en Doug uit New Hampshire die vindt dat je veel meer geld kunt verdienen aan toerisme in Botswana, en hij kan het weten want hij is zakenman (‘Ik ben geen miljardair, maar ik verdien meer dan de meeste anderen’).

Hillary
Misschien heeft hij gelijk, maar het exclusieve toerisme is de keuze van Botswana, een land overigens dat een Brits protectoraat is geweest maar daar relatief ongeschonden is uitgekomen, en een lange democratische traditie kent. Wie hier investeert in toerisme, investeert ook in de lokale bevolking, de eigenaren van de stukken land. Minimaal 90 procent van de opbrengst van Wilderness Safaris moet in het land blijven, het bedrijf is verplicht vooral de batswana op te nemen in de staf. Een gekwalificeerde gids mag eventueel van elders komen.

Hillary
Zoals daar is Brian Rode (36), onze privégids, een blanke Zuid-Afrikaan (met staartje) die je op het eerste oog zou inschatten als een jongen die achter de bar van een backpackershostel werkt. Levensvisie: ‘Ik heb geen nationaliteit, ik kom uit Afrika.’ Zijn bijna militaire communicatie over de radio met zijn collega-gidsen in andere auto’s werkt soms op de lachspieren. ‘All stations, all stations... de leeuwen lopen nu weg. Losing vision in two minutes!’

Hillary
Toch, hij heeft een gedrevenheid die onbetaalbaar is. Brian rijdt je desnoods met de handen voor zijn ogen naar Isis, die mooiste leeuwin op aarde, weet vierhonderd of meer vogelsoorten te herkennen (en wijst ze ook allemaal aan), komt ’s ochtends nog in het halfdonker opgewonden aanrennen met de boodschap: ‘Kom mee, meteen. Er loopt een luipaard bij het zwembad. We moeten gaan kijken. Ik denk dat hij een baviaan te pakken heeft.’

Vierzitter

Vierzitter
‘Kijk jongens, hier is een python’, roept Brian vanuit het bos, tijdens ons laatste uurtje safari, op de ochtend dat we in een vierzitter het land uit zullen vliegen. Wij klauteren van de Land Rover en staan even later gebogen over een slang. Stefan richt zijn camera, Brian hoort zijn boordradio en loopt terug naar de auto, ik kom omhoog, kijk rustigjes om me heen in deze groene oase van rust. En zie op tien meter afstand iets groots, iets donkers. Oeps.

Vierzitter
‘Volgens mij staat daar een nijlpaard.’

Vierzitter
Stefan: ‘Die zijn toch héél gevaarlijk?’

Vierzitter
‘Ja. Zullen we heel stilletjes naar de auto sluipen?’

Vierzitter
‘Misschien kan ik hem nog even filmen.’

Vierzitter
Het nijlpaard vindt van niet. Het beest, een tank die, zo had Brian ons al geleerd, gevaarlijker is dan een leeuw, komt in beweging. Onze kant op.

Vierzitter
En dan volgen er kreten als ‘rennen!’, ‘weg!’, ‘aaaaah’, ‘de auto in!’ en ongetwijfeld nog een keer ‘aaaah’, en iets van ‘hihihi’, want zo lacht Brian.

Vierzitter
Luttele seconden later, als de hippo al richting water is gedenderd, zitten we hoog in de safariauto. Hijgend, ons hart bonzend; Stefan is onderweg zijn zonnebril en slippers verloren. ‘Dat is een mooi slot’, vat Brian samen. ‘Je kunt thuis in elk geval zeggen dat je bijna dood was.’

Vierzitter
Hij start de auto en rijdt rustig weg. ‘Bye bye Mister Hippo’, zegt hij. Want zo praat hij. Want zo persoonlijk kan het worden. Zo dichtbij. ‘Hallo baviaan. Tot ziens meneer giraf.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden