Het eeuwige levenolivier Nieuwenhuijse 1966-2020

Olivier Nieuwenhuijse was leidende expert in het alleroudste aardewerk

In de Syrische burger-oorlog hield hij zich bezig met het erfgoed in Raqqa. Maar archeoloog Olivier Nieuwenhuijse had een bredere interesse.

Olivier Nieuwenhuijse.

De burgeroorlog in Syrië had het einde van zijn werkzaamheden aldaar kunnen betekenen. Maar de Leidse archeoloog Olivier Nieuwenhuijse zette zijn onderzoek van 8.000 jaar oude scherven en ander erfgoed voort. Niet in het land zelf, maar met de mensen die hij daar kende.

Nadat jihadistische strijders het museum van Raqqa hadden geplunderd en de inventarislijst hadden gestolen, stelde Nieuwenhuijse een nieuwe lijst samen, gebaseerd op gegevens van opgravingen in Syrië die onder andere onder leiding van Nederlandse en Duitse archeologen waren uitgevoerd. ‘Hij had een enorm netwerk’, zegt Mara de Groot, manager van het Global Heritage Centrum in Leiden. ‘Indien deze oudheden ergens op de markt opduiken, kunnen die aan de hand van deze lijst worden opgespoord en terug worden gegeven’, zegt ze. Dankzij mallen van de kleitabletten, die nog in het Rijksmuseum van Oudheden lagen, kon Nieuwenhuijse ook kopieën maken van de kleitabletten die in Raqqa waren verdwenen. ‘Dan waren de teksten tenminste weer beschikbaar.’

Nu wordt het museum in Raqqa weer ingericht, waarvoor het werk van Nieuwenhuijse enorm belangrijk is. Hij zal de grote heropening niet meer kunnen meemaken. Nieuwenhuijse overleed 15 januari op 53-jarige leeftijd. Nog geen jaar geleden werd bij hem een agressieve hersentumor, en glioblastoom, vastgesteld. Met zijn vrouw Renske Dooijes, restaurator glas en keramiek bij het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden, had hij twee jonge dochters. ‘Het is niet alleen een groot verlies voor de familie, maar ook voor het vakgebied’, zegt De Groot.

Op zijn uitvaart, waar 450 mensen van de hele wereld op afkwamen, bleek zijn expertise. ‘Hij was mondiaal de leidinggevende expert op het gebied van prehistorisch aardewerk’, zegt de Leidse hoogleraar en archeoloog Peter Akkermans. ‘Hij interesseerde zich voor modern aardewerk. Maar ook voor het alleroudste. En dat is te vinden in het Nabije Oosten. Het ging hem daarbij niet zozeer om de potjes zelf –hoewel hij razend enthousiast kon zijn over elk detail – maar vooral om de samenlevingen die daarachter zaten.’

Olivier Nieuwenhuijse was de zoon van een Amsterdamse psycholoog. Zelf studeerde hij aan de UvA ook enkele jaren psychologie, voordat hij besloot over te stappen naar archeologie. Na het voltooien van zijn studie ging hij veldwerk doen in Syrië. ‘Vanaf 1991 tot aan het begin van de burgeroorlog is hij daar elk jaar wel enkele maanden geweest’, zegt zijn vrouw. ‘Hij was niet degene die daar met een schepje nieuwe scherven zocht en afstofte, maar hield zich bezig met het bestuderen en beschrijven van de vondsten. Daarbij concentreerde hij zich op de stijlontwikkeling en de betekenis van het aardewerk voor de prehistorische samenleving.’ Hij zou hier later ook op promoveren bij Akkermans met wie hij dertig jaar samenwerkte. Voor veel collega’s was hij een inspirerend figuur. ‘Hij was misschien wat ingetogen maar heel enthousiast en kon snel vrienden maken’, aldus zijn echtgenote.

Ook modern aardewerk trok hem. Zo deed hij onderzoek naar de geschiedenis van de Leidse aardewerkfabriek Pieter Groeneveldt die in 1927 werd opgericht en in 1972 failliet ging. Het boek over die studie – zijn tiende –moet nog uitkomen. Nadat het noorden van Syrië een no-goarea was geworden door de burgeroorlog, verplaatste Nieuwenhuijse zijn veldonderzoek naar het Koerdische gebied in Noord-Irak. Totdat de ziekte het onmogelijk maakte bleef hij daar werk doen. Hij had een brede interesse. Maar zijn werk in Syrië zal blijvend worden herinnerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden