November 2004 Reconstructie

Wat hij ook zal aantreffen op de Mauritskade; een ding weet Bernard Welten zeker wanneer hij zich in de ochtend van 2 november 2004 vanuit het hoofdkantoor van politie naar Amsterdam-Oost spoedt: de stad zal nooit meer hetzelfde zijn....

Intuïtief voelt Welten de enorme impact van het nieuws. Hijweet nog niet hoe de filmmaker eraan toe is, maar in een flitsschieten herinneringen aan de Bijlmerramp voorbij. Hij had diezondagavond in 1992 piketdienst toen hij werd gebeld met hetbericht dat er een vliegtuig was neergestort. Welten: 'Zo'nmededeling moet even indalen. Dat duurt een seconde of tien.Daarna neemt de adrenaline het over. Bijna instinctmatig ga jeaan de slag.'

Met diezelfde adrenaline in zijn lijf arriveert hij op deMauritskade. Hij treft er een collega die hem rustig informeertover wat er is gebeurd. De man had nota bene zelf moetenschieten. Welten is onder de indruk van de kalmte van de agent.

In vijf minuten tijd probeert de hoofdcommissaris zich eenbeeld te vormen van wat er zich heeft afgespeeld. De preciezedetails worden pas later bekend, maar hij krijgt toch een aardigeindruk. Naast een politieauto ziet hij een agent zitten met eendeken over zich heen. Die agent kon tijdens de schotenwisselingmet de vermoedelijke dader niet meer wegkomen en heeft de doodin de ogen gezien. Achter rode linten tussen lege hulzen ligt eenpolitiemotor midden op straat.

Hij hoort van de route die de dader heeft gevolgd. Dat hij nade moord vanuit de Linnaeusstraat rustig naar het Oosterpark isgelopen. Dat de agenten hem in het park niet konden aanhouden,omdat dan de veiligheid in gevaar zou komen van aanwezigeburgers.

Welten hoort hoe de dader dwars door het park in versnelde pasrichting Mauritskade liep. Dat daar een eerste vuurgevecht methem heeft plaatsgevonden. Dat vervolgens een politiebus van dehondenbrigade is beschoten. En dat de dader, die heel kalm mikteen schoot, uiteindelijk met een gericht schot in het been isuitgeschakeld.

Zes agenten omringen Welten op de Mauritskade en hij omhelstze allemaal. 'Ik ben graag mezelf op zo'n moment. Ik heb zeallemaal even vastgehouden, echt vastgepakt.'

De hoofdcommissaris springt in de auto richtingLinnaeusstraat en ziet daar het stoffelijk overschot van Van Goghliggen. Vanaf de plaats van het delict belt hij met de overigeleden van de Amsterdamse driehoek. Met burgemeester Cohen, dieal om tien voor negen door commissaris Gorissen op de hoogte isgebracht. En met hoofdofficier van justitie Leo de Wit, die opdat moment (rond kwart over negen) met zijn blauwe Volvo S80 opweg is naar zijn werk. De Wit geeft zijn chauffeur opdracht doorte rijden naar het parket. Daar belt hij met zijn directe baas,Joan de Wijckersloot, voorzitter van het college vanprocureurs-generaal. De landelijk terrorisme-officier meldt zich.Gezien de rituele wijze waarop Van Gogh is vermoord -zijn keelis doorgesneden en met een fileermesje is een brief op zijn borstgeprikt- moeten werkafspraken worden gemaakt met het LandelijkParket in Rotterdam. Dat is verantwoordelijk voorterrorismezaken. De Wit wijst Frits van Straelen aan alszaakofficier, omdat deze 'een ervaren, stressbestendige jurist'is.

Cohen weet na het telefoontje met Gorissen dat 'de wereld nietmeer zal zijn als daarvoor'. Op 1november had hij nog eenbetrekkelijk rustige werkdag gehad. Hij had Welten evengesproken, die zich aan het inlezen was in hetDiamantbuurt-dossier (de Amsterdamse wijk waar een stel wasweggepest door rondhangende Marokkaanse jongeren). 'sAvonds washij bij een vrolijke bijeenkomst geweest in de Rode Hoed tergelegenheid van een jubileum van Bart Tromp als columnist bij HetParool. Hij had daar nog even staan praten met Van Goghs vriendTheodor Holman.

Natuurlijk was er op 1november al wel 'een sfeer vanbezorgdheid', vooral vanwege de aanslagen in Madrid. Die brachtende terreurdreiging dichter bij huis. Half september had Cohen eennota naar buiten gebracht over terrorisme. Centraal daarin stondde constatering: we gaan verder niet meer nadenken over de vraagof er een aanslag in ons land zal gebeuren, maar we gaan ervanuit dát het gebeurt. Cohen had daar nog in het college vanburgemeester en wethouders over zitten steggelen. Dieconstatering, vroeg een enkeling zich af, gaat dat nou niet tever? Uiteindelijk waren ze het in het college en later in dedriehoek toch betrekkelijk snel eens dat het zo moest.

Na het telefoontje van Gorissen is de vraag 'gaan we niet tever?' niet meer aan de orde. Cohen, die vergadert met onderanderen zijn wethouders Ahmed Aboutaleb en Frits Huffnagel, envertelt wat hij zojuist heeft gehoord. Hij zegt dat Van Gogh isneergeschoten of gestoken. 'Is hij dood?', vragen Huffnagel enAboutaleb bijna gelijktijdig. Cohen kan daar op dat moment noggeen antwoord op geven.

De burgemeester trekt zich terug in zijn kamer, roept zijndirecteur Openbare Orde en Veiligheid, Maureen Siruko, bij zich.Hij belt met minister Donner van Justitie. En met Holman en viahem met de ouders en de ex van Van Gogh. De laatste roept 'ingodsnaam geen stille tocht voor Theo. Dat is het ergste wat jekunt doen'. Lawaai, zegt ze, er moet veel lawaai zijn.

Rond half tien komt het college van B enW bijeen. Daarlanceert wethouder Duco Stadig het idee 'savonds eenlawaaidemonstratie te houden op de Dam. Vlak voor de vergaderinghoort Cohen dat Van Gogh dood is en krijgt hij details over deidentiteit van de dader. Het is een Marokkaan, Mohammed B., eenfundamentalistische moslim.

'Dat wordt grote ellende', beseft Aboutaleb. Hij is 'kolossaalboos'. De wethouder van sociale zaken en onderwijs denkt terugaan de moord op Pim Fortuyn op 6mei 2002, toen volgens hem veelmensen wachtten op de mededeling dat de dader een moslim zouzijn, om daarmee het bewijs van de grote achterlijkheid van deislam in handen te hebben. Binnen een half uur na de dood vanFortuyn kreeg hij een telefoontje uit Hilversum. Of hij voor decamera wilde komen. De dader kon immers niet anders dan vanMarokkaanse afkomst zijn. Later bleek dat het ging om Volkert vanderG., een autochtoon. De teleurstelling was groot bij velen,constateerde Aboutaleb destijds.

Nu is het dus wel een Marokkaan. Aboutaleb: 'Wat velen hebbengehoopt, is gebeurd. Een moslim heeft iets vreselijks gedaan. Zehebben erop zitten wachten.' Hij weet dat de moord niet zonderrepercussies zal blijven.

Vergaderingen stapelen zich op. Om half elf komt de driehoekbijeen. De feiten die op dat moment bekend zijn, komen op tafel.Het woord Hofstadgroep, een begrip dat leeft in de boezem vaninlichtingendienst AIVD, valt nog niet. Onduidelijk is ofMohammed B. moet worden gerekend tot de groep van 150, het aantalpersonen dat de dienst rekent tot de kring potentiëleterroristen.

Om half twaalf geven Cohen, De Wit en Welten hun eerstepersconferentie. Daarna wordt het crisiscentrum verplaatst naarhet hoofdbureau van politie aan de Lijnbaansgracht, naar dezogenaamde 'Koppenzaal'. Dat is een rechthoekige zaal, versierdmet uit gips gegoten hoofden van de achtereenvolgendehoofdcommissarissen die in Amsterdam sinds midden 19de eeuwdienden. Bij elke crisis neemt de driehoek daar zijn intrek.

In de loop van de ochtend is het nieuws van de moord op'beroepsquerulant' Van Gogh via radio, televisie en internetverspreid. Ayaan Hirsi Ali zit op haar kamer bij de VVD-fractie.Ze hoort dat Van Gogh betrokken is bij een schietpartij. Vreemd,denkt ze, Theo is helemaal niet gewelddadig. 'Ik zie hemschelden, niet schieten.' Ze rent naar de kamer van de ambtelijksecretaris, waar altijd Teletekst aanstaat. Er staat een vagemelding op van een schietpartij in Amsterdam. Ze belt meteen deDienst Koninklijke en Diplomatieke Beveiliging (DKDB). Dezebevestigt dat Theo dood is. Het loopt op dat moment tegen halftien.

De schrik, het verdriet, het komt allemaal tegelijk. Ze looptnaar het Buitenhof, waar ze dan nog woont en denkt bij zichzelf:'Dit is precies waarvoor ik heb gewaarschuwd. Dit wisten we. Dathadden we kunnen voorkomen.'

Ze denkt terug aan de eerste dagen van september, kort na devertoning van haar omstreden, door Van Gogh geregisseerde filmSubmission in het televisieprogramma Zomergasten. Tweerechercheurs waren bij haar geweest met een laptop, een soortmobiele verhoorkamer, om haar te vragen aangifte te doen. Zehadden een jongen opgespoord, OmarL., die onder de islamitischegeuzennaam Abu Nawwaar El Hosaymi, dreigementen aan haar adresop internet had gezet. 'Muwahhidin Brigade op weg naar H.A.', hadhij geschreven. Hij had Hirsi Ali een 'ongelovige duivelsemortadda (afvallige) genoemd. Van Gogh noemde hij een 'ongelovigeduivelse spotter'. Hij had haar geheime adres achterhaald enonthuld op internet. De dreigementen waren geïllustreerd met eenfoto van Hirsi Ali, die van de website van NOVA was geplukt. Enmet een foto van Van Gogh uit de gratis krant Metro, waarin hijeen wekelijkse column had.

Het Tweede-Kamerlid deed aangifte en zei erbij: 'Deze mensenzijn niet alleen naar mij op zoek, maar ook naar Theo. He is awanted man. Hier moeten jullie wat aan doen.' Ze wilde dat VanGogh zou worden beveiligd. Dat is ook gebeurd, tijdelijk, een dagof vier. Ze wees op de mogelijkheid dat Abu Nawwaar El Hosayminiet zelfstandig opereerde. Hij sprak van een brigade in zijndreigmails. Dat duidde erop dat hij deel uitmaakte van een groep.

Ze kreeg 'het juridische verhaal'. Dat je in Nederland nietzo makkelijk groepen kunt aanklagen. De bedreiging is door éénpersoon verricht. 'Wij kunnen ons alleen richten op die enefiguur', zeiden ze. De jongen is opgepakt en veroordeeld totnegen maanden celstraf.

Hirsi Ali weet het zeker: als toen meteen was uitgezocht ofdie jongen tot een groep behoorde, waren ze bij Mohammed B.uitgekomen. Bewijzen heeft ze natuurlijk niet. Maar ze kan degedachte niet van zich afzetten. (Later wordt bij doorzoeking vande woning van Hofstadverdachte YoussefE. aan de GoemanBorgesiusstraat in Amsterdam een studieboek gevonden dat eigendomis van OmarL. Bovendien blijkt dat een andere Hofstadverdachte,AhmedH., de beheerder was van het internetforum bij MSN waar L.zijn uitlatingen deed.)

Na haar telefoontje met de diplomatieke beveiligingsdienstDKDB loopt ze in een waas naar haar huis. Haar mobiele telefoongaat onophoudelijk. Een van de telefoontjes is van de ministervan Binnenlandse Zaken. Remkes zegt: 'Luister, je moet ietsweten. Er is een brief, maar verder kan ik er nog niets overzeggen.' Remkes belt haar omdat hij per se wil voorkomen dat zevia de pers lucht zal krijgen van de brief. Hirsi Ali weet nietwat ze ervan moet denken. 'Het zal wel.'

Ze zet de televisie aan en gaat kijken met een voorlichter,die vanaf dat moment haar telefoontjes aanneemt. Een van debellers meldt dat Theo niet alleen is vermoord, maar dat hijbruut is afgeslacht en veelvuldig is gestoken. Ze denkt: 'Oh nee,iedereen gaat het verhaal aandikken. Het is erg genoeg. Dan gaanmensen er ook nog eens van alles bij verzinnen.'

Maar het is waar. Getuigen op radio en televisie en later ingetuigenverhoren, geven gruwelijke details. Het is erg druk inde Linnaeusstraat wanneer Mohammed B. toeslaat voor de deur vanhet Stadsdeelkantoor, vertellen ze. Trams rijden af en aan.Auto's rijden langzaam, er zijn opstoppingen. Een vader in eenpasserende auto, die vreest in de schootslijn te zitten vanMohammed B., duikt over zijn kinderen op de achterbank van zijnauto. Een man wordt in zijn been geraakt, een vrouw in de hak vanhaar schoen. Een getuige vertelt dat hij ziet hoe Van Gogh zijnfiets neergooit. Hij hoort hem roepen: 'Doe het niet, doe hetniet.'

Een andere getuige vertelt dat hij Van Gogh op de grond zietliggen. Mohammed B. heeft een pistool met gestrekte arm op hetlichaam van de filmmaker gericht. Hij hoort Van Gogh in paniekroepen: 'Genade, genade.' En ziet dat Mohammed B. zeven a achtschoten op hem afvuurt. Getuige Folkertsma ziet dat de schuttereen hakmes uit zijn schoudertas pakt en dat in de hals van VanGogh duwt. Hij maakt zagende bewegingen. Vervolgens steektMohammed B. het mes met alle kracht in het lichaam van Van Gogh.Hij pakt een papiertje ergens vandaan en steekt dat met eenkleiner mes in de borst van het uitgestrekte lichaam.

Niets is aangedikt, beseft Hirsi Ali. Ze moet vaak denken aande getuigen die met die vreselijke beelden moeten leven. Zelfziet ze Theo, bijna een jaar later, nog voortdurend liggen onderhet witte laken. Ze droomt er vaak van. En zij heeft de moordniet eens van dichtbij gezien.

Wethouder Jelle Prins van het stadsdeel Oost/ Watergraafsmeergelukkig ook niet, zegt hij, al scheelde het niet veel. Prinsfietst enkele minuten na de aanslag langs de plaats van hetdelict. Hij ziet mensen wegrennen. Onder hen ook employees vanhet stadskantoor. Ik hoor ze roepen: 'Daar gaat-ie.' Hij zoektnaar een rennende dader en ziet een figuur in 'iets grijzigs'doodkalm het Oosterpark inwandelen. Prins loopt naar defietsenkelder, ontwaart een paar patroonhulzen. En ineens ziethij hem liggen, op het fietspad. 'Ik zie bretels en die trui endenk: oh God, oh God.'

Hij staat vlak voor het hek en ziet hoe alles wordt afgezet.Het is iets voor negen uur. Prins belt wethouder Stadig van decentrale stad. Van Cohen heeft hij het mobiele nummer niet.'Duco, zeg ik. Theo van Gogh is hier doodgeschoten.' Op datmoment beseft Prins dat 'Nederland aan het veranderen is'.

In het stadsdeelkantoor treft hij op het secretariaat tweedames van begraafplaats De Nieuwe Ooster, de directrice enonderdirectrice. Ze hebben puur toevallig een vergadering op hetstadsdeelkantoor. Prins zegt: 'Jullie zijn er vroeg bij!' Daarkunnen de dames niet om lachen. Maar er moet op zo'n momentruimte zijn voor een cynische grap, toch. Hij merkt wel dat zehopen dat de begrafenis bij hun zal plaatsvinden. 'Dat isbusiness geworden, hè.' (Van Gogh zal daar later ook wordengecremeerd.)

Het stadsdeel moet helpen bij het afzetten van de straat. Hoelang het zal gaan duren? Prins heeft geen idee. Pas na een halfuur of drie kwartier wordt een laken over het lijk gelegd.'Daarvoor lag hij daar maar, niemand die naast hem ging staan.Hij lag er gewoon als cold meat.'

Het forensisch onderzoek duurt uren. Pas aan het eind van dedag worden de geparkeerde auto's weggehaald. Er staat dan nog eeneenzame auto van een medewerker van het stadsdeelkantoor, dekogelgaten zitten erin.

Intussen vergadert het dagelijks bestuur, dat bestaat uit driewethouders en de stadsdeelvoorzitter. 'Je praat vanuit diverseinvalshoeken over de implicaties die de moord kan hebben. Ik zeg:we moeten het een plek geven. Dat wordt een bedevaartsoord vanjewelste, in ieder geval de komende weken. Je moet de plek waarbloemen kunnen worden gelegd, afbakenen.'

Niet alle collega's zien het nut van een herdenkingsplaats.Dan lok je juist incidenten uit, wordt geredeneerd. Maar Prinskrijgt twee parkeerplaatsen toegewezen. Hij heeft er uiteindelijkzeven nodig om alle bloemen te kunnen bergen.

Rechtsgeleerde Afshin Ellian is rond half negen met zijn autoop weg naar de Universiteit Leiden. Hij moet college geven,rechtsfilosofie over Karl Marx. Er staat, zoals bijna elke dag,een file bij de A10. Hij heeft de radio aan, de uitzending wordtonderbroken voor een nieuwsflits. Er is een aanslag gepleegd inAmsterdam. Later volgen meer details. Als hij hoort dat het gaatom Theo van Gogh beseft hij meteen dat het om een terroristischedaad gaat. De radio geeft stukje bij beetje meer informatie. Voorhij de universiteit heeft bereikt weet Ellian dat de moordenaareen islamitische fundamentalist is van Marokkaanse afkomst.

In opperste verwarring betreedt hij de collegezaal. Hij moetcollege geven aan twintig tot dertig 'knappe koppen'. 'Ik kan hetniet', zegt hij. 'Zojuist is de vrijheid vermoord.' Maar er ziteen zaal vol jonge mensen op hem te wachten. Dus begint hij enbinnen vijf minuten gaat hij helemaal op in de filosofie. 'Datis opium. Als je iemand wilt martelen, moet je hem geenfilosofische boeken laten lezen. Want dan voelt hij niets meer.'Twee uur lang geeft hij college, in trance.

Na de les kan Afshin Ellian de gedachte niet van zichafzetten dat hij Theo had moeten waarschuwen. Hij had Submissionmet 'mullah-ogen' bekeken en wist dat deze aanklacht tegen deislam een fatwa waard was. Er zal geen officiële fatwa tegenAyaan of Theo worden uitgevaardigd, zoals destijds door Khomeinitegen Salman Rushdie. Dat gebeurt tegenwoordig niet zo snel meer,had hij tegen Hirsi Ali gezegd. Maar jullie beiden lopen gevaar.Ayaan beaamde dat.

Nu is Theo dood, denkt Ellian, en ik heb hem nietgewaarschuwd. Hij worstelt met dat verzuim. Want zo goed kendehij Theo nu ook weer niet. Een keer was hij hem op de fiets tegengekomen. Theo wierp hem een kushandje toe. En een keer had hijhem ontmoet in het tv-programma Buitenhof, dat ging overhaatklachten. 'Het is ingewikkeld als je de man niet kent. Ikwist zeker dat hij zou denken: daar heb je weer zo'n geitenneukerdie mij op subtiele wijze uit de publieke ruimte wilverwijderen.'

Hij realiseert zich ook dat het 2 november is, de dag van deAmerikaanse verkiezingen. Mohammed B. heeft die dag zorgvuldiguitgekozen, weet hij. 'Op het moment dat alle ogen gericht zijnop het democratische proces in Amerika, op de dag van de feestvan de democratie, slaat hij toe. Hij wil daarmee zeggen: Allahheeft het laatste woord.'

'Een storm in kokend water', typeert hoofdcommissaris Weltende eerste drie uren van de dag. De persconferentie van halftwaalf is achter de rug. Hij moet zich voorbereiden op dedemonstratie 'savonds op de Dam. Een geweldige vondst vindt hijhet: lawaaidemonstratie. Maar hij realiseert zich ook dat erveiligheidsrisico's aan verbonden zijn. Het woord Draaiboek Vredevalt. Alle politiemensen moeten de straat op, met de boodschapdat de vrede bewaard moet blijven. Van de buurtregisseurs wordtverwacht dat zij precies weten wat er speelt in de wijken.Uitzoeken of er plekken zijn waar mensen zich dreigen teverzamelen om onrust te stoken.

In korte tijd wordt een grootschalige organisatie op potengezet. Niet alleen op straat, maar ook intern. Het 'knoppenmodel'noemen ze dat: overleg met het Openbaar Ministerie, metGrootschalig Politie-optreden. De organisatie begint snel telopen. Welten stelt vast dat iedereen begrijpt wat van hemverwacht wordt.

Wethouder Aboutaleb van sociale zaken en onderwijs trekt zichna de persconferentie terug op zijn kamer op de vijfde verdiepingvan het stadhuis. Hij vraagt zich af wat hij kan doen om deemoties in de wijken te kanaliseren. Er wordt wel gezegd datburgemeester Cohen hem heeft gevraagd zich intensief met de stadbezig te houden vanwege zijn Marokkaanse afkomst. 'Dat isabsolute onzin. Iedereen gaat gewoon op zijn eigen terrein aande slag.'

In kleine kring smeedt Aboutaleb een actieplan. Hij besluitzich in eerste instantie op de scholen te richten. Via zijnmailsysteem kan hij alle scholen in de stad bereiken. Om halftwee krijgen ze een persoonlijke boodschap van de wethouder.Daarin vertelt hij wat er is gebeurd in de stad en dat hij vreestdat de moord op Van Gogh tot onrust zal leiden op schoolpleinenen in klaslokalen. Hij weet dat er kinderen rondlopen die uitbaldadigheid, of gewoon omdat ze het menen, gaan roepen dat zehet fijn vinden dat de filmmaker is omgelegd. Hij roept descholen op gesprekken met leerlingen aan te gaan in een pogingde emoties te dempen. Hij besluit de scholen ook persoonlijk tebezoeken.

's Middags loopt de radiouitzending Desmet Live, met TheodorHolman als presentator, uit op een geïmproviseerde herdenkingvoor Van Gogh. De kleine Desmet-studio stroomt vol met bezoekersdie elkaar geëmotioneerd in de armen vallen. Aan tafel bijHolman zitten gasten die allemaal iets met Van Gogh te makenhebben gehad. Vriend en journalist Max Pam, schrijfster NellekeNoordervliet, wetenschapper Jaap van Heerden, journalist JanDonkers, acteur Maarten Wansink en de cabaretiers Hans Teeuwenen Justus van Oel.

Van Oel schreef het scenario voor Najib & Julia, Van Goghstv-dramaserie over de onmogelijke liefde tussen een Marokkaansepizzakoerier en een Haags hockeymeisje. 'Hij had mij uitgekozenomdat ik twaalf jaar geleden een liedje heb gemaakt over de islamwaarin het woord geitenneukers viel', vertelt Van Oel. Decabaretier had de serie willen afsluiten met een verzoeningtussen de families van de twee geliefden. 'Daar wilde Theo nietsvan weten. Hij zag alleen oorlog tussen de culturen.'

De gasten herinneren Theo als 'een respectvolle, inlevendefilmmaker', als 'de beste interviewer van Nederland', als een man'die het vrije woord uitsluitend gebruikte om zijn tegenstanderboos te maken'.

De vrees wordt geuit dat rechtse partijen de moord op Theomisbruiken voor eigen politieke doeleinden. Holman: 'Theo moestniets hebben van de LPF.' Aan het slot van de uitzending belovenHolman en Pam elkaar dat ze 'savonds niet naar de herdenking opde Dam gaan. Zo'n massale vertoning is niet des Theo's. Holman:'We gaan het vieren. Dat zei Theo altijd: de dood moet jevieren.'

's Avonds om half acht staat de Dam vol demonstranten.Tienduizenden mensen verzamelen zich in het centrum van dehoofdstad. Tot aan het Centraal Station en tot diep op het Rokingeven ze gehoor aan de oproep van de burgemeester veel kabaal temaken. Met potten en pannen, trommels, ratels, toeters, schrillefluitjes en gejoel ('Theo, Theo') wordt de moord op Van Goghveroordeeld. De samenstelling van het publiek is een nauwkeurigeweergave van de Amsterdamse bevolking: blanken, zwarten,hoofddoeken, baarden en snorren, hip, oud, jong, prominent enonbekend.

Op het podium spreekt minister Verdonk voor Integratie'namens het kabinet' haar afschuw uit over de moord. Haarboodschap 'dit pikken we niet' wordt overstemd door luid gefluiten boegeroep.

Eerder op de dag is gesteggeld tussen vrienden van Van Goghen de organisatoren van het kabaalprotest, over wie er inAmsterdam namens het kabinet zal spreken. Had premier Balkenendedaar niet moeten staan? Het is de premier echter ter ore gekomendat de familie van Van Gogh de voorkeur geeft aan Verdonk. Hijrespecteert die wens, zegt hij.

Tijdens de laatste woorden van de burgemeester is hetopvallend stil. 'Er is een Amsterdammer vermoord', begint Cohen.'Je strijdt met de pen en desnoods tot aan de rechter. Maar nooitneem je het recht in eigen hand. Theo van Gogh is het zwijgenopgelegd. Dat accepteren we niet.'

Tijdens de toespraak van Cohen staat Welten vlak achter hem.Hij maakt zich zorgen. 'Als er in godsnaam maar niets met hemgebeurt', denkt hij. Er moet een soort afscherming zijn tussende burgemeester en het publiek. Cohen staat op dat podium en kanniet adequaat worden beveiligd. Dat bevalt Welten geenszins. Nietvoor niets heeft de burgemeester eerder op de dagpersoonsbeveiliging gekregen. Er is meteen een politiehuisje voorde ambtswoning geplaatst. Cohen: 'Auto weg, chauffeur weg, andereauto, mannen erbij. Dan moet je gewoon mee.' Hij kan zich goedaan de beveiliging overgeven.

Ook Aboutaleb wordt sinds die ochtend streng bewaakt. Hijweet niet waarom. 'Wat heb ik ermee van doen', denkt hij. 'Waaromik? Ik heb nog nooit iemand last bezorgd, wat zou ik inhemelsnaam op mijn geweten kunnen hebben?' Even denkt hij aanzijn strijd tegen de bijstandsfraude. Maar dat heeft er niets meete maken. Pas later hoort hij dat hij wordt bedreigd indocumenten die zijn gevonden op de computer van Mohammed B. en opde computers van een aantal van zijn vrienden. Ook Hirsi Ali enGeert Wilders worden genoemd.

Aboutaleb is niet tevreden over de magere opkomst van moslimsbij het kabaalprotest. Hij weet dat sommigen bang zijn. Dat zewegblijven uit angst dat de stemming zich tegen hen keert. Veelmoslims hebben die dag al 'lelijke dingen' naar hun hoofdgeslingerd gekregen. De Marokkaanse consul is er wel. Dat ismoedig, vindt Aboutaleb. Hij weet dat de consul een moeilijkeafweging heeft moeten maken. Een diplomaat komt pas in actie alshet moederland het goed vindt.

Na de demonstratie op de Dam vergezelt Aboutaleb deburgemeester naar De Melkweg, waar een bijeenkomst wordt gehoudenover de Amerikaanse verkiezingen. Daar wordt alleen maar over VanGogh gesproken. De verkiezingsbijeenkomst in het ScheveningseKurhaus, waar veel Kamerleden rondlopen, beheerst de moordeveneens het gesprek. De hele avond en nacht staat CNN aan, maarde belangstelling gaat vooral uit naar de Nederlandse televisie.'Mohammed B. verslaat Bush', merkt rechtsgeleerde Ellian cynischop. Hij spreekt daar met de fractievoorzitters Verhagen (CDA) enVan Aartsen (VVD) over onder meer de brief die is gevonden op hetlichaam van Van Gogh. Het OM wil die brief niet openbaar maken.De politici willen hem wel publiceren. Minister Donner: 'Het OMheeft die brief in het kader van de technische recherche eenlange tijd op het lichaam gelaten. Dat is uit recherchetechnischoogpunt volstrekt verantwoord. Vanwege de inhoud is het wenselijkdie brief wat langer geheim te houden. Maar met zo'n inhoud kunje niet zeggen: wij maken hem in het belang van de opsporing nietopenbaar.'

Ellian is het daar volkomen mee eens. Vooral als hij later detekst heeft kunnen analyseren: 'Het volk moet weten dat het nieteen daad is van een eenzame godsdienstwaanzinnige.'

In die brief, zegt hij, wordt niet alleen Hirsi Ali bedreigd. Maar ook de VVD wordt taghoet genoemd, hij die zich naast Godstelt. Ellian: 'Khomeini gebruikte die term ook. Taghoet warenin diens ogen handlangers van de Verenigde Staten en van Israël.De taal van Mohammed B. komt overeen met radicale geschriften uitIran en Libanon.'

Ellian beseft dan dat de jihad in Nederland is gearriveerd.'Die teksten, die leer je niet in Amsterdam. Mohammed B. hanteerttermen die in de politieke islam in het Midden-Oosten wordengebruikt. Die heeft hij gekopieerd of hij heeft ze geleerd vaniemand uit die regio.' Ellian weet dan nog niet dat de AIVD deSyriër Abu Khaled ervan verdenkt de geestelijk leider te zijnvan de Hofstadgroep, een term die op 3november voor het eerst inhet openbaar opduikt. Deze Syriër is op de ochtend van de moord,met hulp van 'broeders' uit Zierikzee en met een vals paspoort,het land uitgevlucht.

'Wie weet nou wat?' Die vraag blijft maar steken in het hoofdvan burgemeester Cohen. In de loop van de dinsdag krijgt hij hetgevoel dat Amsterdam onvoldoende is geïnformeerd. Cohen: 'Ikmoet steeds maar denken: ik weet niet of ik alles weet.' DeRegionale Inlichtingen Dienst (RID) heeft die dag contact metde AIVD en wisselt informatie uit.

Woensdagochtend staat de burgemeester op met weer die vraagin zijn hoofd. Hij gaat naar de gemeenteraad en legt daar zijnvraag op tafel: 'Wisten wij nou ook wat wij moesten weten?' DeAIVD heeft inmiddels gemeld dat Mohammed B. zich ophoudt 'in deperiferie' van de Hofstadgroep. Op de persconferentie van die dagvalt het begrip Hofstadgroep voor het eerst in het openbaar.Hoofdofficier van jusititie De Wit verstrekt op depersbijeenkomst nog wat justitiële informatie over Mohammed B.,voornamelijk omdat hij het gevoel heeft dat hij toch iets moetgeven. Onmiddellijk rijzen misverstanden. De pers krijgt deindruk dat dat alles is wat de autoriteiten op dat moment aaninformatie beschikbaar hebben.

Cohen ontdekt dat de Nationale Recherche in oktober2003 aleen inval had gedaan in de vijf panden waar direct na de moordop Van Gogh een aantal leden van de Hofstadgroep zijn opgepakt.De jonge moslims die toen zijn gearresteerd, onder wie SamirA.,moesten wegens onvoldoende bewijs weer snel worden vrijgelaten.

Vanaf het begin bijt de burgemeester zich vast in hetvraagstuk van de gebrekkige informatieuitwisseling tussen hetministerie van Binnenlandse Zaken, waaronder de AIVD valt, en dedriehoek in Amsterdam. Er is, weet hij, een precedent. Deinformatie-uitwisseling over Pim Fortuyn, onderzocht door deonafhankelijke commissie-Van der Haak. Die stelde dat de overheidte laks was omgesprongen met de dreigingen tegen Fortuyn.Minister Remkes wilde deze conclusie niet onverkort overnemen.Maar de volledige Kamer steunde het oordeel van Van der Haak enwees de minister er in een motie nadrukkelijk op dat deinformatie-uitwisseling met de lokale driehoek dringend aanrevisie toe was.

In een gesprek met de ministers Donner en Remkes pleit Cohenvoor een onafhankelijk onderzoek naar de informatiepositie vande Amsterdamse driehoek voor de moord op Van Gogh. Waren eraanwijzingen dat Mohammed B. iets van plan was? Had de moord opVan Gogh voorkomen kunnen worden als Amsterdam beter wasgeïnformeerd? Wat was er bekend over het terreurnetwerk rondMohammed B.? Is er überhaupt iets gebeurd met de bewuste motievan de Kamer? Het onafhankelijke onderzoek komt er niet. Beslotenwordt dat het ministerie van Binnenlandse Zaken samen metAmsterdam in de problematiek duikt.

Duidelijk is wel dat de AIVD niet was voorbereid op eenterroristische moord. Ook in inlichtingenkringen slaat het nieuwsin als een bom. Natuurlijk bestond het besef dat in Nederland eennetwerk van radicalen actief is dat in een isolement dreigde teraken. En dat dat netwerk, binnenshuis Hofstadgroep genoemd,sekte-achtige trekjes had. En ook dat die situatie tot uniekedaden zou kunnen leiden. Maar de AIVD was meer gefocust opfiguren die 'handelingsacties' hadden getoond.

Minister Remkes: 'De AIVD hield Mohammed B. in de gaten, maarhij zat niet in de kern van de contraterrorisme infobox (waarinformatie over extremisten wordt verzameld, geanalyseerd engeduid, red.). Bij de Hofstadgroep was een aantal lui waarvanbekend was dat zij naar Pakistan waren geweest. De reis van eengroepje van hen naar het EK-voetbal in Portugal speelde ook eenrol. Daarvan werd een grotere dreiging gepercipieerd. Dieafweging is terecht gemaakt.'

En werd door de inlichtingendienst minder gelet op een eenzamefanaticus die de hele dag met zijn neus in islamitische boekenzat en bezig was radicale documenten te verspreiden. Bovendienwas het internationale patroon: aanslagen plegen om zoveelmogelijk slachtoffers te maken.

De dienst wist dat Mohammed B. sterk geradicaliseerd was. Maarop 2 november was daar nog niet bekend dat hij zich onlinemanifesteerde als Abu Zubair. Een notoire internetfiguur, die inmoslimkringen was opgevallen door zijn gevaarlijk fanatisme.Eerder had de gerechtstolk Hamdy Abdel Gawad aangifte gedaan naaraanleiding van een e-mail die hij had ontvangen waarin werdopgeroepen tot de jihad. De haatzaaier in dat bericht was AbuZubair, die zijn gif had verwoord in het document De ware Moslim.

Minister Donner: 'Als B. wel scherp in de gaten was gehouden,was de moordaanslag misschien ook niet te voorkomen geweest. DeAIVD had onvoldoende capaciteit om mensen permanent in de gatente houden. Als je echt iemand onder observatie wil houden, hebje dertig man nodig voor 24uur en je houdt het niet langer daneen week vol voordat het opgemerkt wordt. Er waren bovendien nogveel meer Mohammed B.'s.'

Binnen de AIVD ontstaan irritaties over het gedoe metAmsterdam. De algemene opvatting is dat het niet de primaire zorgis van een inlichtingendienst om te achterhalen wieverantwoordelijk is voor de moord en uit te zoeken wie wat hadmoeten weten en of de moord voorkomen had kunnen worden.

Als zijn primaire taak ziet de geheime dienst: uitzoeken waarde volgende dreiging is. Wat zijn de andere leden van hetnetwerk, die nog niet vastzitten, van plan? De AIVD, die eenaantal Hofstadleden naar een afgeluisterd huis in de HaagseAntheunisstraat heeft gelokt, heeft sterke aanwijzingen dat eennieuwe aanslag niet denkbeeldig is. AIVD-medewerkers hebben hunhanden vol. Ze kunnen zich het gesteggel met Amsterdam nietveroorloven, vinden ze.

Aboutaleb constateert woensdagmiddag dat Cohen volkomen wordtopgeslokt door 'die communicatie-ellende met Den Haag'. Hij zousamen met de burgemeester naar de Al Kabir-moskee gaan aan deWeesperzijde. Maar Cohen laat verstek gaan. Aboutaleb, die'sochtends in zijn werkkamer een stevige toespraak heeft zittentikken, voelt aan dat zijn bezoek aan de moskee van crucialebetekenis kan zijn. Zijn naaste medewerkers zeggen die ochtenddat hij 'een ander gezicht' heeft

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden