Niet-orthodoxen achten 'pluralistische en tolerante' samenleving bedreigd; Israëli's vragen zich af: wie is jood?

De vraag 'Wie is een jood?' leidt in Israël tot een felle politieke discussie, die de regering aan het wankelen kan brengen....

Van onze correspondent

Theo Koelé

NETANYA

Het schrikbeeld is, in de woorden van een 'liberale' rabbijn, dat 'bebaarde mannen met zwarte hoeden, die hun tijd verdelen tussen bidden en het gooien van stenen naar automobilisten op sabbat', het in de staat Israël voor het zeggen krijgen.

Deze ultra-orthodoxen noemen andersdenkenden 'erger dan terroristen', zoals dr. Joyce Brenner moest ervaren. Zij is, althans op papier, het eerste niet-orthodoxe vrouwelijke lid van de religieuze raad in Netanya, een grote badplaats boven Tel Aviv.

Brenner is uitgegroeid tot een symboolfiguur voor, wat ze zelf noemt, 'een pluralistisch en tolerant Israël'. Onder haar aanstelling als raadslid prijkt de handtekening van premier Benjamin Netanyahu persoonlijk. Maar van orthodoxe zijde wordt ze met alle juridische middelen bestookt, opdat ze haar zetel niet inneemt.

Volgende week wordt een uitspraak van het Hooggerechtshof verwacht; in diezelfde week buigt het van zomerreces teruggekeerde parlement, de Knesset, zich over wetgeving die het onmogelijk maakt dat Brenner aan de slag kan in de religieuze raad. Zo'n raad opereert naast het gemeentebestuur en heeft geen wetgevende bevoegdheden, maar verleent 'religieuze bijstand'. Er worden bijvoorbeeld certificaten verstrekt aan restaurants die kosher voedsel serveren.

'Ik beschouw mezelf als een religieuze jood, maar volgens de orthodoxen ben ik dat niet', zegt Brenner, die in New York opgroeide als dochter van een orthodoxe rabbijn. Later, in Israël, koos zij de kant van de zogeheten liberale en conservatieve stroming onder de joden.

'De orthodoxen zeggen: er is maar één vorm van het jodendom. Ze erkennen maar één, zeer strikte interpretatie van de halacha, de joodse regelgeving die in de loop der eeuwen door geestelijken is ontwikkeld en vastgelegd. Maar al die eeuwen is er strijd geweest over de uitleg van de leer.'

Er zijn tal van twistpunten: autorijden op sabbat, de strikte scheiding van mannen en vrouwen in de synagoge, de naleving van regels voor kosher voedsel. Maar de belangrijkste vraag luidt: wie is een jood?

Het antwoord kan ver strekkende gevolgen hebben. Volgens de staat Israël is iedereen joods die 'een joodse moeder heeft, of zich tot het jodendom bekeerd heeft en geen andere godsdienst belijdt'. Iedere jood heeft het recht in Israël te komen wonen en wordt dan staatsburger. De omstreden wetgeving is toegespitst op het 'bekeren', in het Hebreeuws: 'uitkomen'.

Drie religieuze partijen, die slechts een minderheid van de bevolking vertegenwoordigen maar zonder wier steun premier Netanyahu zijn meerderheid in het parlement kwijtraakt, eisen duidelijkheid. Zij stellen dat alleen orthodoxe rabbijnen kunnen bepalen wie zich jood mag noemen. Een huwelijk onder auspiciën van 'conservatieve' of 'liberale' rabbijnen kan niet door de beugel, menen de coalitiepartijen.

Brenner vreest de consequenties: 'Stel, een vrouw komt uit de VS naar Israël, maar wordt niet als joods beschouwd. Dan kan ze volgens de regels niet trouwen.' Of, zoals een links lid van de Knesset deze week schreef: tot in lengte van dagen 'kan een Cohen niet met een gescheiden vrouw trouwen'.

Niet alleen in eigen land, ook daarbuiten bestaat grote weerstand tegen de wetgeving die onder druk van de ultra-rechtse partijen in de maak is. Vooral in de VS hebben de orthodoxen weinig aanhangers. Joods-Amerikaanse organisaties hebben al gedreigd de geldstromen richting Israël stop te zetten. De Israëlische ambassadeur in Washington waarschuwde in een (uitgelekte) brief aan premier Netanyahu dat ook de 'unieke' politieke steun voor Israël in de VS op het spel staat.

De uitkomst van het politieke debat is ongewis. De afgelopen dagen stonden de Israëlische media bol van de speculaties. Waarom maakte Ehud Barak, aanvoerder van de Arbeidspartij, nederig zijn opwachting bij de geestelijk leider van de ultra-orthodoxe Shas-partij, een van de drijvende krachten achter de wetgeving?

Is de grootste oppositiepartij bereid de religieuze partijen te steunen, hopend op de val van het kabinet-Netanyahu, en hengelend naar stemmen in het geval van vervroegde verkiezingen? (De rechtse partijen hebben al met een crisis gedreigd.)

Of wordt er achter de schermen juist gewerkt aan een 'grote coalitie' van Likud en Arbeidspartij, om te voorkomen dat de religieuze partijen (23 parlementszetels op een totaal van 120) te veel macht krijgen?

In regeringskringen heet het dat nog wordt gesleuteld aan een compromis. Ook wordt gedacht aan uitstel van de besluitvorming, voor de zoveelste keer. Leidende 'liberale' en 'conservatieve' joden zien dat echter als een knieval voor de orthodoxen. 'We kunnen religieuze vrijheid niet langer onder het tapijt vegen', aldus rabbijn Ehud Bendel, voorman van de conservatieve beweging. Door de wetgeving zou zijn groepering buiten de gemeentelijke religieuze raden blijven.

In Israël zijn de 'democratische principes' in het geding, waarschuwt Brenner: 'De vraag is of de meerderheid van de bevolking een stem heeft. De orthodoxen vormen 30 procent van de bevolking. Daarbinnen is een slechts kleine groep ultra-orthodox. Accepteren de orthodoxen het recht op pluralisme? Hebben wij, niet-orthodoxen, recht op onze eigen opvattingen? Daar gaat het om.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden