Die ene leerlingFatima

‘Natuurlijk kon ze niet meekomen! Ze moest zorgen dat er thuis genoeg te eten was’

Beeld Hedy Tjin

In de rubriek Die ene leerling vertellen leerkrachten, docenten en hoogleraren over de leerling die hun kijk op het vak veranderde. Deze week: een basisschoolleerkracht (63) vindt dat ze harder had moeten vechten voor Fatima.

‘De vrouw die opendeed, kwam me vaag bekend voor. Maar waarvan? Het lukte me niet haar te plaatsen. Ik kwam die dag op huisbezoek. Dat doe ik altijd bij kleuters voordat ze naar de kleuterschool gaan. Zo kunnen ze in een vertrouwde omgeving kennismaken met een vreemde juf. Toen ik eenmaal binnen was, vertelde de vrouw dat ze iets kwijt moest. ‘Ik ben Fatima’, zei ze. Ze noemde haar meisjesnaam. Vroeger had ze ook op deze school gezeten. En ze zei: ‘Ik ben zo ontzettend boos.’

‘Natuurlijk herinnerde ik me haar. Ze kwam uit een gezin van vier. Hun moeder was vroeg overleden, hun vader trouwde een jong meisje dat hij uit zijn geboorteland had laten overkomen. Ze raakte snel zwanger en toonde weinig interesse in de oudere kinderen, van wie er drie bij ons op school zaten. Dat was te merken. Hun kleren waren ongewassen, ze hadden vrijwel altijd luizen en waren zo hongerig dat ze op school soms stiekem uit de prullenbakken aten.

‘Wij hielpen ze. De directeur waste soms hun kleren, de kinderen mochten op school onder de douche en ik gaf ze voor schooltijd thee met extra veel suiker. Voor de jongen die nog bij mij op de kleuterschool zat, legde ik boterhammen klaar voor in de pauze. Ik zie dat jochie nog aan een plak kaas knabbelen.

‘Toen kwam het vierde kind ook op school. Die bleek iets aan zijn slokdarm te hebben. Ik bezocht hem in het ziekenhuis en sprak met het verplegend personeel over mijn zorgen over het gezin. Daar hadden ze ook vermoedens. Ze schakelden de Kinderbescherming in. Die belde mij op en ik vertelde over de honger, de vieze kleren, de verwaarlozing. Daarna belden ze ook de lagere school, waar de twee oudsten zaten. Die hield de boot af. Iedereen was toch weleens vies?

Beeld Hedy Tjin

‘De directeur kwam bij mij verhaal halen. Wat had ik allemaal verteld? Die kinderen hadden alleen elkaar, zei hij. Straks zaten ze elk in een ander pleeggezin. Niemand kon toch vier kinderen opnemen? Wilde ik misschien vier kinderen opnemen? Nou dan. Ik dacht het te begrijpen en hield verder mijn mond.

‘Een tijd later was er een vergadering over zorgleerlingen. Daar kwam ter sprake dat Fatima, het oudste meisje uit het gezin, naar het speciaal onderwijs zou worden doorverwezen. Ze kon niet meekomen met de rest van de klas. Ik was kwaad. Natuurlijk kon ze niet meekomen! Ze moest zorgen dat haar zusje en twee broertjes naar school kwamen en dat ze voldoende te eten hadden. Hoe kon ze dan nog leren? Ik ben huilend uit die vergadering gelopen.

‘Ze redt het hier niet’, zei de directeur nog tegen me. Als ze naar het speciaal onderwijs gaat, maakt ze misschien nog kans op een baan.

‘Ze vertrok. Jaren verstreken. En nu zat diezelfde Fatima tegenover me, omdat haar kind bij me in de klas zou komen. Ze was boos. ‘Wij zaten in een heel vervelende situatie’, zei ze tegen me. ‘En er heeft nooit, nooit, nooit iemand iets aan gedaan.’

‘Ik schrok ervan. Moest ik zeggen dat ik had geprobeerd voor haar te vechten? Nee, daar schoot ze weinig mee op. Zij had niets aan mijn pogingen gehad. Ik had niet hard genoeg gevochten.

‘Gefrustreerd stapte ik na het gesprek naar buiten. Ik vond het niet eerlijk, na alles wat ik gedaan had voor ze. De thee, de boterhammen. Wat had ik verder kunnen doen? De collega’s hadden de Kinderbescherming afgepoeierd. Die verwijzing naar het speciaal onderwijs was al helemaal rond geweest.

‘Ik nam me wel iets voor. Als me ooit weer zoiets overkwam, zou ik vechten. Zeiden collega’s dat een melding geen zin had, dan zou ik vragen waarom het geen zin had. Was er echt geen gezin dat vier kinderen kon opnemen? En waarom was twee bij het ene gezin en twee bij het andere geen optie? Die vragen hadden we destijds geen van allen gesteld.

‘Het contact met Fatima verliep dat schooljaar prima. Als ik ouders nodig had voor schoolreisjes of andere activiteiten, stond ze altijd vooraan. En nee, over het verleden hebben we nooit meer gesproken. Blijkbaar had ze alles gezegd wat ze wilde zeggen.’

Fatima heet in werkelijkheid anders.

Lees verder

Fura Grol (55), coördinator en leraar van een internationale schakelklas (ISK) in Deventer, over het zwangere meisje dat haar deed inzien dat ze niet iedereen kan redden.

Sanne Kuyt (44), basisschoolleraar in Haarzuilens over de jongen die hij over het hoofd zag. ‘Jij ziet mij te weinig’, had hij op een briefje gekrabbeld

Liesbeth Breek (60), docent Frans bij Lyceum Sancta Maria in Haarlem over Mark, die haar deed inzien dat passend onderwijs ook zijn grenzen kent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden