Marokkaanse mannen vaker schizofreen

Dat sommige etnische groepen een verhoogde kans op schizofrenie hebben, komt door de langdurige vernedering die zij hier ervaren, zegt Jean-Paul Selten....

De tragische gebeurtenissen op politiebureau Amsterdam-Slotervaart roepen vragen op. Wat is schizofrenie? Komt het meer voor bij etnische minderheden? Voor welke groepen geldt dat dan en wat zijn de oorzaken?

Schizofrenie is een chronische psychiatrische stoornis die gekenmerkt wordt door wanen (een stoornis in het denken) en hallucinaties (een stoornis in het waarnemen). Het heeft niets te maken met een ‘gespleten persoonlijkheid’. De patiënt met een paranoïde waan denkt dat hij achtervolgd wordt of vergiftigd. Bij de zogenaamde betrekkingswaan denkt hij dat er op tv over hem gepraat wordt. Een bekend voorbeeld van hallucineren is het horen van stemmen. Deze geluiden worden geproduceerd door de hersenen van de patiënt, die denkt dat er echt personen zijn die tot hem spreken.

De ziekte is niet te genezen, maar goed te bestrijden met medicijnen. De wanen en hallucinaties verdwijnen dan, maar keren terug als de medicijnen worden gestaakt. Dat laatste gebeurt nogal eens, want de patiënt meent vaak dat er niets aan de hand is. De oorzaak van schizofrenie is een combinatie van erfelijke en niet-erfelijke factoren. Ongeveer 10 tot 20 procent van de bevolking heeft de erfelijke aanleg, maar dat betekent nog niet dat men de stoornis ook krijgt. Dat gebeurt pas als er in de omgeving van de patiënt factoren zijn die de ziekte uitlokken. Een dergelijke combinatie van erfelijke en niet-erfelijke factoren zien we vaak in de geneeskunde. Een voorbeeld is suikerziekte op hogere leeftijd. Als je de erfelijke aanleg niet hebt en veel eet, word je niet ziek. Als je de aanleg wél hebt en weinig eet, gebeurt dat ook niet. Alleen als je de aanleg hebt én veel eet, krijg je suikerziekte.

Factoren die schizofrenie kunnen uitlokken zijn zuurstoftekort bij de geboorte, het ondergaan van (seksueel) misbruik, drugsgebruik, doofheid en migratie.

De cijfers verschillen per etnische groep, generatie en geslacht. De hoogste cijfers worden gevonden bij etnische groepen die maatschappelijk weinig succesvol zijn en door de autochtone bevolking worden buitengesloten. In Engeland is het risico voor Afro-Caribbeans van de tweede generatie 9 keer zo hoog als voor autochtone Britten. In Denemarken vind je de hoogste cijfers bij de uit Groenland afkomstige Inuit (5 tot 12 keer zo hoog). In Nederland hebben Marokkaanse mannen van de tweede generatie een 7 keer zo hoog risico als autochtone leeftijdgenoten. Bij eerste-generatie Marokkaanse mannen was dat 5 keer zo hoog. Steeds blijken de risico’s voor de tweede generatie hoger dan voor de eerste. Bij Surinamers en Antillianen zijn de cijfers 2 tot 4 keer zo hoog, bij Turken 2 keer zo hoog. Bij Marokkaanse vrouwen zijn de cijfers slechts licht verhoogd.

Onderzoek in de landen van herkomst (Jamaica, Trinidad, Barbados, Groenland, Suriname) heeft normale cijfers opgeleverd en er zijn dus geen aanwijzingen dat het genetische risico voor de bewoners verhoogd is. Volgens de social defeat-hypothese is hun verhoogde risico in Europa het gevolg van de langdurige vernedering die zij hier ervaren. Uit onderzoek met proefdieren weten wij immers dat herhaalde nederlagen de huishouding van dopamine in de hersenen verstoren. Dopamine is een boodschapperstof in de hersenen die een grote rol speelt bij het ontstaan van schizofrenie: patiënten maken tijdens hun ziekteperioden te veel dopamine aan en alle medicijnen blokkeren de receptoren waar dopamine op aangrijpt.

Deze hypothese zou het sekseverschil kunnen verklaren in de cijfers voor Marokkanen, want de mannen maken door hun migratie naar Nederland een enorme statusval door, terwijl het omgekeerde geldt voor hun vrouwen. De extra hoge cijfers voor de tweede generatie worden dan ook begrijpelijk: het is meer vernederend om niet welkom te zijn in Nederland als je hier geboren bent dan wanneer je hier gekomen bent. Bovendien zal een jongeman van de tweede generatie zich vergelijken met autochtone leeftijdgenoten die in mooie huizen wonen, terwijl de migrant van de eerste generatie zich vergelijkt met de achtergebleven familie.

De hypothese biedt ook een verklaring voor de bevindingen bij slachtoffers van seksueel misbruik en bij slechthorenden die zich buitengesloten voelen. Het gebruik van drugs als cannabis kan ook een bijdrage leveren aan de hoge cijfers voor migranten, maar de enige oorzaak kan het nooit zijn. Druggebruik verdubbelt immers het risico, terwijl we bij migranten te maken hebben met risico’s die 5 tot 10 keer hoger zijn. De slechts licht verhoogde cijfers voor Aziaten in Engeland en Turken in Nederland worden toegeschreven aan een beschermend effect van hechte familiebanden.

Deze gegevens zijn alarmerend omdat de kans om ooit in je leven schizofrenie te ontwikkelen voor een autochtoon al 0,8 procent bedraagt. Een blijvende verhoging van het aantal nieuwe gevallen met een factor 7 betekent dat dit risico oploopt tot 5,6 procent. Er zijn meerdere redenen waarom deze epidemie te weinig aandacht krijgt. Migranten loochenen het probleem omdat ze zich schamen. Beleidsmakers kunnen niet beoordelen of de cijfers kloppen en zijn bang beschuldigd te worden van racisme. Sommige psychiaters kunnen hun opvatting van schizofrenie als een grotendeels of volledig erfelijk bepaalde ziekte maar moeilijk nuanceren en kijken liever de andere kant op. Het is tijd om de feiten onder ogen te zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden