reconstructieAftreden Mark Harbers

Mark Harbers: ‘Ik had het idee dat ik net lekker op stoom was’

Mark Harbers: ‘Wat zou er zijn gebeurd als ik na de publicatie in De Telegraaf meteen had gehoord hoe het zat?’Beeld Jiri Büller

VVD’er Mark Harbers (50) was negentien maanden staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, tot hij in mei tot ieders verrassing aftrad. Voor het eerst gaat hij uitgebreid in op deze bewogen periode. Een reconstructie. ‘Ambtenaren moeten niet denken: hij redt zich er wel uit.’

Mark Harbers is ‘een enorme Songfestival-fan’. Sinds 2006 woont hij de finales liefst live bij, met een vaste groep vrienden. Maar dit keer is het spektakel te ver weg, in Israël, dus kijkt Harbers zaterdagavond 18 mei ‘thuis voor de buis’ met zijn echtgenoot Bart en andere vrienden die de reis niet maakten. En eigenlijk komt dat wel goed uit, want de week is hectisch geweest voor de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Op dinsdag heeft Harbers de jaarlijkse Rapportage Vreemdelingenketen naar de Tweede Kamer gestuurd. Die bevat voor het eerst, op nadrukkelijk verzoek van de Tweede Kamer, meer gegevens over criminaliteit door asielzoekers. Voortaan worden ook incidenten buiten de opvanglocaties meegenomen. Ze zijn weergegeven in een top-10, met op 1 winkeldiefstal (meer dan tweeduizend keer) en op 10 belediging (tachtig keer), en onderaan een restcategorie ‘Overig’.

Donderdagochtend meldt De Telegraaf dat achter de duizend ‘overige’ zaken (op een totaal van 4.600) onder meer zware geweldsmisdrijven (51), aanrandingen (47) en pogingen tot doodslag en moord (31) schuilgaan. Pijnlijk, want het ging nou juist om meer transparantie.

De Kamer is verbijsterd en spreekt van links tot rechts over ‘verdoezeling’. Harbers doet navraag bij zijn ambtenaren en krijgt de verzekering dat de weergave ‘volstrekt onbedoeld’ op deze manier tot stand is gekomen. Nog dezelfde dag schrijft hij dat letterlijk zo aan de Kamer en bevestigt dat de door De Telegraaf bij de politie opgevraagde cijfers kloppen.

Daarmee lijkt de kou uit de lucht. Ja, er zal de week nadien een lastig Kamerdebat volgen, dat wel. Ter voorbereiding vraagt de bewindsman zijn staf om de zaak nog een keer helemaal na te lopen. Opdat hij in het debat over een adequate reconstructie kan beschikken en niet voor verrassingen komt te staan.

Zo begint het weekeinde. Frits Huffnagel, sinds jaar en dag bevriend met Harbers, is wel in Tel Aviv. ‘Onze vriendenclub heet De Torries’, zegt Huffnagel. ‘Onze eerste bestemming was ooit Torremolinos, vandaar. Tien mannen die allemaal op mannen vallen. We gaan ook met elkaar weekjes weg. Spijtig natuurlijk dat Mark er nu niet bij was.’

Want uitgerekend dit jaar wint Nederland het Songfestival. ‘Ja, heel spijtig’, zegt Harbers, terugblikkend op een bewogen jaar. Lachend: ‘Op maandag was er nog steeds euforie in mijn hoofd!’

Verder is het ‘een doodnormale dag’, met overleg op het departement en een werkbezoek in de buurt van Antwerpen. Tegen journalisten die nog vragen naar de vreemdelingenrapportage, zegt Harbers: ‘Oliedom dat het zo is gelopen.’

’s Avonds rond half twaalf ontvangt hij, weer thuis, het schriftelijke overzicht van de voorgeschiedenis. ‘Toen vielen mij de schellen van de ogen.’ Dat in de top-10 de zwaarste geweldsmisdrijven zouden wegvallen, was op het departement weken tevoren al onderkend. Er was over gesproken, gemaild, aan de tekst geschaafd, gewikt en gewogen. Alleen: niets ervan bereikte Harbers. ‘Na middernacht had ik alles gelezen. Inwendig ratelde het al dat dit een vervelende zaak zou worden. Maar er zat weinig anders op dan eerst naar bed te gaan.’

Het wordt een korte nacht. ‘Ik heb ’s ochtends vroeg Bart wakker gemaakt om alles op een rij te zetten. Al vrij snel zag ik de politieke consequenties. De rapportage was fout, mijn correctie van twee dagen later bleek nu ook fout. Dit was vlek op vlek en raakte de vertrouwensrelatie met de Tweede Kamer. Ik zou mij in heel wat bochten moeten wringen om dit nog goed te krijgen.’

Hij overlegt op het ministerie en daarna met mensen uit de partij, VVD-fractievoorzitter Klaas Dijkhoff en partijleider Mark Rutte. ‘We hebben de opties doorgelopen, hoe dingen zouden landen in een debat, de Europese verkiezingen twee dagen later. Daarna heb ik mijn besluit genomen.’ Harbers weet: ik stap op.

Begin van de middag komt er een brief aan de Kamer, met de omineuze zin: ‘De verkeerde afweging weegt politiek zwaar.’ Harbers vraagt aan Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib nog diezelfde dag verantwoording te mogen afleggen. Bij het weglopen na een inderhaast georganiseerd oploopje met de pers zegt hij: ‘Dit kon weleens mijn laatste debat worden.’

En dat wordt het, begin van de avond. ‘Ik kon ’s middags niet expliciet zeggen dat ik zou aftreden. Want als je dat doet, ben je meteen weg. Ik wilde nog graag een verklaring geven in de Kamer.’

U ging begin dit jaar akkoord met een nieuwe wijze van rapporteren. Had u niet zelf scherper moeten zijn op de gewraakte top-10?

‘Ik heb die tabel gelezen zoals waarschijnlijk veel meer mensen. Je ziet een top-10 van veelvoorkomende criminaliteit en denkt: dit is erg. Cijfers om van te schrikken. Je denkt dan niet aan moorden. (Waarvoor achteraf geen veroordelingen bleken te zijn, red.) Hooguit had ik kunnen denken: ik mis de zedendelicten. Maar dat deed ik niet. Ik zag geen aanleiding voor vragen.’

Dinsdag 21 mei 2019. Wat een dag.

‘Ja, een hectische toestand. Je begint ’s ochtends als staatssecretaris en ’s avonds zit je ambteloos thuis. Dan komen de emoties eigenlijk pas, niet als je nog op die glijbaan zit. Ik moet wel eerlijk zeggen dat Dijkhoff mij er al snel op attendeerde dat ik kon terugkomen in de Kamer, omdat Malik Azmani naar het Europees Parlement zou gaan. Zover was ik nog niet eens, maar ik heb daar een week over nagedacht en na overleg thuis heb ik besloten dat te doen.’

Harbers praat makkelijk en snel. Hij heeft zijn aftreden inmiddels ‘helemaal doorleefd’, weet Tamara van Ark, naaste collega uit het kabinet (op Sociale Zaken), met wie hij gelijktijdig carrière maakte in de VVD. ‘Hij heeft een loepzuivere professionele afweging gemaakt, die ook de legitimatie gaf om door te gaan’, zegt Van Ark. ‘Mark wilde, door in de spiegel te kijken en zijn verantwoordelijkheid te nemen, bewerkstelligen dat ook de organisatie dat zou doen.’

‘Hij is niet wrokkig’, zegt Huffnagel, ‘hij heeft een clean cut gemaakt, wenste geen aangeschoten wild te zijn na een motie van wantrouwen die misschien met 76-74 zou zijn verworpen. En dat dan op zo’n gevoelige portefeuille. Maar hij denkt wel: van wat voor oelewappers ben ik afhankelijk geweest?’

Uw opvolger Ankie Broekers-Knol schreef aan de Kamer dat de afspraak dat een bewindspersoon voor ‘kwetsbaarheden en dilemma’s’ moet worden gewaarschuwd, niet is nagekomen. Daar word je toch boos van?

Harbers: ‘Natuurlijk heb ik een soort boosheid, vooral als ik de exercitie maak: wat zou er zijn gebeurd als ik na de publicatie in De Telegraaf meteen had gehoord hoe het zat? Ook dan heb je geen fijn debat, maar dan was de Kamer tenminste niet twee keer verkeerd geïnformeerd. Vooral daar zit mijn verwondering en frustratie, want ik beschouw die tweede keer als fataal. Ambtenaren moeten voortdurend het besef hebben dat ze werken in een politiek-bestuurlijk systeem. De afwegingen die zij hebben gemaakt, hadden mij gemeld moeten worden. Sterker, ze hadden aanleiding moeten zijn voor een aparte vergadering met de bewindspersoon.’

De coalitie had u heus wel gesteund bij een motie van wantrouwen.

‘Bedenk dat dit geen afgerond beleid was. Het waren allemaal lopende zaken, die nog vaak zouden terugkomen in de Kamer. Zaken waarover nu zwart op wit stond dat was besloten om de Kamer niet te informeren. Ik was zelf al sinds 2009 Kamerlid geweest, ik weet hoe belangrijk je informatiepositie is – dat gaf voor mij de doorslag.’

Inmiddels heeft de secretaris-generaal zijn vertrek aangekondigd, zijn plaatsvervanger is al opgestapt, de directeur-generaal migratie krijgt een andere functie… En deze lijst is langer. Is dat het effect dat u beoogde?

‘Ik praat niet over personen, maar ook onder hen zijn er die de informatie niet kregen. Het zat lager in de hiërarchie. Dat is ook het ingewikkelde: hardwerkende mensen, van wie een aantal het echt wat deed dat ik wegging. Ik zie het daarom vooral als een systeemfout: te weinig scherpte op stukken die je een bewindspersoon voorlegt. Te makkelijk denken: hij is rap van de tongriem gesneden, hij redt zich er wel uit.’

Uw opvolger Broekers-Knol trof een ‘onthutst’ ministerie aan, zei ze.

‘Elk aftreden is als het goed is een spiegelsessie voor het departement. In de advisering aan bewindspersonen moet echt iets veranderen. Maar ik ga daar niet meer over.’

Speelde het in uw afweging nog mee dat u de vierde VVD’er in vier jaar tijd zou zijn die voortijdig bij Justitie opstapte?

‘Nee, want alle aanleidingen waren anders. Voor het beeld zou het misschien wel veel slechter zijn geweest als ik had moeten recht praten wat krom was. Ik heb met rechte rug en opgeheven hoofd dit besluit genomen.’

Er waren mensen die zeiden: Harbers was blij dat hij weg kon.

‘Nee, niets is minder waar. Ik had het idee, zo halverwege, dat ik net lekker op stoom was. Er was geen sprake van opluchting, eerder van weemoed dat ik alles waarmee ik bezig was niet kon afmaken.’

In Den Haag wordt Asiel en Migratie de hoofdpijnportefeuille genoemd.

‘Ja, je krijgt de paracetamol er nog net niet bij geleverd. Het is een periode met veel impact geweest. Je weet dat aan al je voorgangers de naam van een spraakmakend asielgeval is verbonden. Dus het was een zekerheidje dat zoiets in mijn periode ook zou gebeuren.’

Mark Harbers: ‘Elk aftreden is als het goed is een spiegelsessie voor het departement. In de advisering aan bewindspersonen moet echt iets veranderen.’Beeld Jiri Büller

Bij u heetten ze Lili en Howick. Na hun laatste verloren rechtszaak zouden ze worden uitgezet. Totdat op zaterdagochtend 8 september 2018 bleek dat ze verdwenen waren. Aan het begin van de middag besloot u van uw discretionaire bevoegdheid gebruik te maken: ze kregen alsnog een verblijfsvergunning. Waarom deed u dat?

‘Dat zijn de eenzame momenten van besturen. Je hoort mensen op televisie oreren en denkt: dat is maar het halve verhaal. Als staatssecretaris ben je de enige die het hele dossier kent. Zie het als twee mandjes die zich vullen: waarom zou je het doen, waarom zou je het niet doen? Het is geen stappenplan, op een gegeven moment overzie je de totale situatie en neem je een besluit.’

De drie meest betrokken ambtenaren adviseerden u juist niet discretionair te gaan, blijkt uit een recent evaluatierapport van de Inspectie Justitie en Veiligheid. Heeft dat toen al de ambtelijke verhoudingen op scherp gezet?

‘Niet dat ik ooit heb waargenomen. Er zijn ook situaties geweest waarin zij adviseerden discretionair te gaan en ik zei: ik zie het niet.’

U bent de maandag nadien speciaal naar de Immigratie- en Naturalisatie Dienst gegaan, waar medewerkers boos waren. U hebt niet gemerkt dat uw beslissing mogelijk de verhoudingen met uw ambtenaren heeft verstoord?

‘Nee, en ik denk ook niet dat dat zo was.’

Uit het Inspectierapport blijkt ook dat u op last van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid in de week voor de beslissing zwaar werd bedreigd en moest onderduiken. Tegelijkertijd werden, buiten medeweten van Justitie en tegen de afspraak in, de kinderen door voogdijinstelling Nidos uit hun safehouse gehaald en naar opa en oma gebracht. Daar liepen ze weg. Hoe is dat mogelijk?

‘Die momenten lopen niet helemaal synchroon, maar over beveiliging doe ik geen uitspraken. Dat hoofdstuk heb ik voor mijzelf afgesloten. Het was een heel heftige tijd, met een casus die het hele land beroerde.’

Was de beveiliging nog nodig nadat u uw discretionaire bevoegdheid had gebruikt?

‘Ik heb voor mijzelf de beslissing genomen dat ik überhaupt nooit zal ingaan op wat er in die zaak aan de hand was en wat de redenen van beveiliging waren. Er staat een streep onder, hopelijk ook voor de kinderen zelf. Die hebben nog een leven voor zich.’

Is er op de zaterdagochtend waarop u de beslissing nam politiek overleg geweest in de regeringscoalitie?

‘Nee, ik heb niet de coalitie bij elkaar geroepen of iets dergelijks. Ik ben wel gebeld door collega’s uit het kabinet. Van alle partijen.’

Met een advies?

‘Zelfs als dat zo zou zijn, is dat in een van die twee mandjes terechtgekomen. Het uiteindelijke besluit was het mijne.’

Heeft de zaak rond Lili en Howick de discussie over het kinderpardon in een stroomversnelling gebracht?

‘Met de kennis van nu: ja. Je had nog het kerkasiel, de film van Tim Hofman en uiteindelijk in januari de draai van het CDA. Toen waren plots drie van de vier coalitiepartijen voor een kinderpardon. Terwijl dat niet was afgesproken in het regeerakkoord. Dus kregen we twee weken van gedoe en onderhandelingen.’

Een soort tussenformatie.

‘Met alle heftigheid en emoties van dien. De VVD wilde geen kinderpardon, maar als het dan zover komt, ga je kijken wat er tegenover kan staan. Wij stelden al langer de discretionaire bevoegdheid ter discussie, hoewel dat voor mij als staatssecretaris niet vruchtbaar was – ook dat stond niet in het regeerakkoord. In de onderhandelingen hebben we die dingen tegenover elkaar gezet en daaruit is een nette oplossing gekomen.’

Al met al toch een forse systeemverandering?

‘Ja, de discretionaire bevoegdheid maakte eigenlijk dat zelfs de uitspraak van de hoogste rechter ook maar een mening was. Want je kon altijd nog proberen de aandacht van de staatssecretaris te krijgen. Dat was ook in het buitenland bekend, onderschat dat niet. Het was een van de redenen voor afgewezen asielzoekers om hier lang te blijven. Nu hebben we een systeem dat iedereen in de hele wereld snapt: de rechter heeft het laatste woord. Een veel zuiverder eindpunt.’

U bent inmiddels helemaal terug in de Tweede Kamer en nu woordvoerder op de belangrijke portefeuille energie en klimaat. Hoe typeert u 2019?

‘Als een jaar van uitersten. Van de kinderpardoncrisis naar de stikstofcrisis. Daar zullen we heel 2020 nog wel mee bezig zijn, al verwacht ik dat begin volgend jaar de ergste hitte eraf is. Maar voorlopig heb ik nog veel scheikunde in mijn hoofd. (Lacht.) En het vooruitzicht om in mei met De Torries naar het Songfestival te gaan. In mijn eigen Rotterdam! Voor veel mensen zal het een ver-van-hun-bedshow zijn, maar wat er in zo’n week in een stad gebeurt, is echt van Olympische proporties. Ik wil er niks van missen.’

CV

1969 Geboren op 19 april in Ede. Groeit met jongere broer op in katholiek gezin

1981-1987 Vwo ‘Het Streek’

1986-heden Lid VVD

1987-1997 Studie economie Erasmus Universiteit Rotterdam (niet afgemaakt)

1992-1998 Raadslid deelraad Kralingen-Crooswijk

1996-2006 Consultant

2002-2007 Lid gemeenteraad Rotterdam

2006 Politiek assistent minister Gerrit Zalm (Financiën)

2007-2009 Wethouder Economie, Haven en Milieu in Rotterdam

2009-2017 Lid Tweede Kamer

2017-2019 Staatssecretaris Justitie en Veiligheid

2019-heden Lid Tweede Kamer

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden