Interview Marianne Thieme

Marianne Thieme: ‘Soms was ik heftig verliefd op twee, drie jongens tegelijk’

Fractievoorzitter van Partij voor de Dieren Marianne Thieme vond op de middelbare haar eigen subcultuur uit: kak-new wave. Denk veel zwart en The Cure, en dan ­dansen op ABBA. 

Marianne Thieme bij haar oude middelbare school in Doorwerth. Beeld Ivo van der Bent

Op zoek naar zichzelf op de klassenfoto van 3 havo van het Duno College in Doorwerth (bij Arnhem) zegt politicus Marianne Thieme (46): ‘Kijk, die zwarte vlek tussen alle vrolijk gekleurde poloshirts, dat zijn mijn vrienden en ik. We vormden echt een groepje, een paar jaar lang droegen we alleen maar zwart. Ik was van de new wave, ik droeg mijn haar recht overeind.’

Toen Thieme (fractievoorzitter van Partij voor de Dieren) een jaar of 15 was, raakte ze geïnspireerd door het Schotse meisje dat naast haar zat in de klas: helemaal in het zwart gekleed en fan van newwavebands als The Cure, U2 en The Stranglers. New wave beviel Thieme: ‘Het ging tegen de gevestigde orde in, maar niet op een punkmanier. Het was een beetje melancholisch, dat vond ik mooi. Als tiener vind je weltschmertz aantrekkelijk. Ik ging Sartre lezen, Marcellus Emants en Couperus, over het noodlot. Ik geloofde zelf meer in vrije wil en eigen verantwoordelijkheid, dus ik vond het benauwend, maar ook vreselijk boeiend.’

Tussen de punkers, de kakkers en de disco’s (dat waren in Doorwerth in de jaren tachtig zo’n beetje de smaken) creëerde Thieme haar eigen stroming: kak-new wave: ‘Mijn vrienden hadden vaak grote, zwarte, uitgelubberde T-shirts aan. Ik droeg dan een zwarte polo (lacht hard). Of een zwarte trenchcoat. Dat vond ik dan heel grappig om te doen. Door op een stijlvolle manier punk te zijn, dacht ik twee werelden te verenigen.’

Als je terugdenkt aan de middelbare school, welke herinnering komt dan als eerste bij je op?

‘De docent maatschappijleer, Connie Böhmer, die op een geweldige manier met tieners kon omgaan en de lessen zo inrichtte dat het leek alsof we ze samen maakten, in plaats van dat je ze opgelegd kreeg. Er was natuurlijk een lesboek waarin maatschappelijke kwesties aan de orde werden gesteld, maar zij vroeg ons: waar zouden jullie nou eens over willen nadenken met z’n allen? Is het leuk om dat in een debatvorm te doen? Of willen jullie een opstel maken? Dat mochten we zelf invullen. Daardoor deed iedereen mee, ook mensen die verlegener van aard waren. Ik trok mijn mond wel open, maar ik was ook geïnteresseerd in wat zo’n stille Willy achter in de klas er nou van vond. Dat vond ik bij andere leraren vaak zo slecht, dat altijd dezelfden aan het woord kwamen.

‘Ik herinner me een les over onverdoofd ritueel slachten. Dat werd in de jaren tachtig als volkomen normaal beschouwd, dat er een uitzondering werd gemaakt voor joodse en islamitische rituelen om onverdoofd te slachten. Ik weet dat ik toen dacht: het moet voor een dier toch niet uitmaken welk geloof zijn slachter heeft? Er zat toen al een debater in mij. Ik was nog geen vegetariër, dat kwam pas in mijn studententijd. Maar ik had er wel affiniteit mee. Een van mijn vrienden was al vegetariër, maar dat stond voor mij nog een beetje te ver af van mijn wereld.’

‘Waar ik ook meteen aan moet denken, is de enorme vrijheid die we hadden: het was niet moeilijk om smoesjes te verzinnen waardoor je absent kon zijn. Daar heb ik veel gebruik van gemaakt.’

Wat ging je dan doen?

‘Ik had een vriendin die in Arnhem op school zat en als ik naar school fietste, kwam ik haar onderweg altijd tegen. Dan keken we elkaar aan: gaan we naar school of naar de stad? Vaak gingen we naar Arnhem. Idiote dingen deden we daar: ’s ochtends vroeg al in een lunchroom zitten, of in de bibliotheek. Of we gingen naar de supermarkt en haalden allemaal dingen die we toen lekker vonden: appelmoes, augurken, toetjes. En dan gingen we in het bos zitten picknicken, ouwehoeren, elkaars dagboeken lezen.’

Op haar 14de kreeg Thieme een ongeluk tijdens paardrijles. Ze viel, het paard viel boven op haar en verbrijzelde haar middenvoetsbeentjes. Ze moest meerdere keren geopereerd worden, en miste veel lessen. Daardoor bleef ze in de derde klas zitten.

‘Het jaar van het ongeluk was een vormend jaar voor mij. Ik ontdekte dat niet alles in het leven vanzelfsprekend is, dat er opeens een kink in de kabel kan komen. En als je tiener bent, kun je daar ook lekker dramááátisch over doen, en je afvragen of het allemaal ooit weer goedkomt. Mijn dagboeken uit die tijd stonden er vol van. Door dat ongeluk bedacht ik me vroeg: soms gaan dingen niet zoals je verwacht of hoopt. Maar ik merkte ook dat je als mens flexibel bent. Ik ben er zelfverzekerder van geworden. En er bleef toch ook ontzettend veel lol. Ik ging uit, op krukken, dansen in de disco. Mijn dochter van 16 kán nu helemaal niet naar de kroeg, althans, ze mag er niet drinken. Maar wij wel, en dat deden we ook. Ik was meestal wel redelijk verantwoordelijk, ik was geen zuipschuit.’

De pauzes, die waren ook leuk, zegt Thieme: ‘Dan stonden we op het schoolplein met de kakkers en de punkers, dat ging best samen, en dan werd er heftig gediscussieerd. Over het liberalisme, communisme, anarchisme. Ik kreeg een jaar of tien geleden een mailtje van een medeleerling die zich kon herinneren dat ik in die tijd zei: de partij waarop ik zou willen stemmen bestaat nog niet. Ik was toen 15. Ik had nooit kunnen denken dat ik 15 jaar later medeoprichter zou zijn van een politieke partij.’

Was je met politiek bezig op de middelbare school?

‘Ik wist ternauwernood wie er aan de macht was. Toen ik voor het eerst mocht stemmen, had ik me er wel even een beetje in verdiept. Ik had gehoord dat minister Nijpels een groene minister was. En toen dacht ik: op hem stem ik, zonder te weten waar zijn partij, de VVD, eigenlijk verder voor stond. Blijkbaar zocht ik toen al naar dat groene geluid.’

Hoe kwam dat?

‘Door mijn opvoeding. Mijn ouders waren helemaal niet politiek actief, maar ze namen me van kleins af aan mee de natuur in. Mijn moeder, die kleuterleidster was, zat met de kat op schoot en zei: Kijk Marianne, mensen kunnen prachtige gebouwen maken, maar zo’n diertje, dat is niet na te maken. Daar moeten we voor zorgen. Zij wees mij op het wonder van de natuur. Dat leerde ik als kind. En ik heb een sterk rechtvaardigheidsgevoel, dat zit nou eenmaal in mijn karakter, dus wil ik die natuur en de dieren ook beschermen.’

Wat voor leerling was je?

‘Eigenwijs. Ik vond het leuk om met leraren in discussie te gaan, maar ik bleef wel beleefd. Ik vond dat ook altijd een beetje dom, als kinderen brutaal waren, want daardoor verspeelde je heel veel goodwill.’

Dat klinkt allemaal wel braaf. Deed je nooit iets geks?

‘Mijn huiswerk deed ik vaak op het allerlaatste moment, midden in de nacht bijvoorbeeld. Voor economie moest ik een werkstuk maken over de miljoenennota, maar ik was niet van het netjes uittypen, ik had gewoon allemaal stukjes tekst op tabbladen geniet. Had de juf erop gezet: ‘Volgende keer graag pleisters meeleveren’, omdat ze zich aan al die nietjes had opengehaald. Ik was slordig. Als we gym hadden gehad, hing er daarna eeuwig een plastic zak met gymspullen van mij te rotten in de gang. Ik was altijd alles kwijt, ik zeulde met plastic tassen, ik had geen schooltas met hartjes erop geplakt.’

Wat voor vakkenpakket had je?

‘Alle talen, geschiedenis, economie, aardrijkskunde. En ik haalde ruime voldoendes. Ik was wel ambitieus, maar het moest me ook niet te veel moeite kosten. Na de havo ben ik twee jaar vwo in één jaar gaan doen. Daarna ging ik naar Parijs, als au pair en om een jaartje te studeren aan de Sorbonne. Pas toen kwam de echte ambitie om rechten te gaan studeren.’

Was je populair?

(aarzelend) ‘Ik was behoorlijk zelfverzekerd. En dat werd over het algemeen wel aantrekkelijk gevonden. Maar ik weet niet of populair het woord is. Ik had veel vrienden, ik hoorde er wel bij, maar ik was eigenzinnig. Terwijl iedereen met U2 bezig was, kon ik rustig ABBA opzetten.’

Wat waren je dromen?

‘Ik hoopte dat ik ooit een boek zou schrijven over dierenrechten, en dat heb ik ook gedaan. Vier zelfs, inmiddels. Dus dat is gelukt. Tegen mijn moeder zei ik: ‘Ik droom dat ik later ergens binnenkom, en dat er dan allemaal mensen op me afkomen die zeggen: die en die heeft gebeld, hier moet je een handtekening onder zetten, hier moet je een reactie op geven.’ Nou... dat is het eigenlijk wel geworden.’

Wat leek je daar toen aantrekkelijk aan?

‘Ik wilde iets belangrijks doen, het verschil maken. Ik had alleen nooit gedacht dat ik het woord zou mogen voeren namens zoveel mensen. Als me dat toen zou zijn verteld, had ik dat een eng idee gevonden.’

Was je op de middelbare school al activistisch?

‘Ik verzamelde wel handtekeningen tegen de zeehondenjacht, maar ik ging niet de barricaden op, of demonstreren. Dat gebeurde ook niet in mijn omgeving. En ik was dan wel uitgesproken, maar ik was niet zo verbeten. Ik hield van dansen, nog steeds trouwens, en ik was ook behoorlijk veel bezig met de liefde.’

Was je vaak verliefd?

‘Soms op twee, drie jongens tegelijk. Heftige verliefdheden. Maar het bleef heel onschuldig allemaal. Mijn allereerste jeugdliefde had ik op de havo. Dat was Sven. We waren 15. Hij drumde, ik stond te dansen terwijl hij achter het drumstel zat. Die verkering bestond eruit dat we samen van of naar school fietsten. Aan het eind, als onze wegen scheidden, gaven we elkaar één kus. Dat was het. En we schreven liefdesbrieven, die je dan via je vriendin liet bezorgen. Als ik denk aan gelukkige momenten, valt dit er zeker ook onder. Ik heb al die briefjes nog, en die schriftjes die ik volschreef.’

CV

Geboren in Ede op 6 maart 1972

1992-1996 studie rechten in Rotterdam

1997-2001 werkt bij onderzoeksbureau in Den Haag

2001-2004 beleidsmedewerker bij Bont voor Dieren

2004-2006 directeur Stichting Wakker Dier

2002 medeoprichter van Partij voor de Dieren

2004-heden lijsttrekker Partij voor de Dieren

Marianne Thieme woont met haar twee dochters in Maarssen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.