Lezen om te kunnen meepraten

Tientallen jaren loop je voor iedereen het vuur uit de sloffen (werk, kinderen, vrienden). En dan word je 65 en zit je ineens thuis....

Drinkt koffie 'Bij het brood, ik ben een broodman.'

Met wie? 'Ik heb niet veel aanloop.'

Vroeger? 'Ik heb twee wereldoorlogen meegemaakt en ben nu een beetje op leeftijd. Ik woon zo'n vijftig jaar in dit huis. Daarvoor woonde ik zeven jaar in een gehucht hier tegenover, Uppelsenhoek. Maar dat was niet zo best wonen want er was geen waterleiding. Dat was ellendig hoor: je moest kleren wassen met regenwater, maar soms regende het niet en dan moest het met water uit de pomp. Dan kreeg je van die roestvlekken in je kleren. Voor verder gebruik was dat water goed hoor. IJzerhoudend water is gezond. Zure regen was er nog niet. Ik werkte op het land en ik kon het water zo uit de slootjes drinken, het was zo helder als glas. Dan waren er van die mooie zijslootjes waar het riet heel hoog groeide, en dat was zo koel en net zo zuiver hè. Toen zat er ook nog vis in.'

Nu? 'Ik ben een modern mens. Bestrijdingsmiddelen zijn nu eenmaal niet te missen. Vroeger hadden de boeren, als ze goede tarwe hadden, even denken: veertig hectoliter van een bunder van een hectare, dat is vier maal vijfenzeventig, dat is drie ton. Nu als ze een goed gewas hebben dertien ton. Dat is een groot verschil. Dat hebben de chemische fabrieken in de hand gewerkt.'

Carrière? 'Ik heb heel mijn leven op het land gewerkt. Ik werd boerenknecht. We moesten alles met de hand doen. We moesten het graan met de hand maaien. Het was slavenarbeid. Maar als boerenknecht kreeg ik het goed want ik was zogenaamd paardenknecht. Toen werkte ik het hele jaar met paarden. Hoefde ik niet zoveel meer met de handen te doen. Daarna kreeg ik zelf een klein gemengd bedrijf.'

Houdt van? 'Lezen. Ik lees De Boerderij, De Varkenshouder, De Veehouder, De Akkerbouwer, De Geitenkrant en De Boerderijkrant. Dat doe ik niet omdat ik er in de praktijk nog wat aan heb, maar ik wil het gewoon weten. Dan kan ik met iedereen meepraten. Toen ik een keer op bezoek bij mijn zoon ging, moest ik naar Groningen. En die Groninger boeren hebben het een beetje hoog in de bol. Mijn zoon zei nog: als je boer Zwarts spreekt, geef je hem maar gelijk. Ik denk hij kan de pot op. Ze denken dat we in Brabant uit de klei gehakt zijn, maar zo is 't niet. Er waren dus boeren in Groningen die overgingen op melkvee want dat bracht meer op. Maar ze hadden net zoveel verstand van koeien als die tafel. Ik had veel gestudeerd en aan stamboekfokkerij gedaan, noem maar op. Goed, ik zat dus keurig in de kleding en dan gingen we bij die grote boeren kijken. O, o, als ze geweten hadden dat ik maar zo'n klein boertje was, dan had ik helemaal niet op het erf mogen komen. Nu hingen ze aan mijn lippen. Ik wist er tien maal zoveel van. Prachtig!'

Jammer? 'Dat Nederland één groot blok steen wordt.'

Politiek? 'Ja, ha ha ha, ja daar kijk ik altijd naar. Den Haag Vandaag en zo. Dat hou ik wel bij. Maar ze kunnen het van mij gestolen krijgen, ha ha ha. Ik zeg altijd waar het op staat. En de politici zeggen de ene keer zus en de volgende dag het tegenovergestelde. Maar ik heb er hier verder maar weinig mee te maken natuurlijk.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden