Lekker in de mode

We zochten de meest modieuze plek waar je ook goed kunt eten. Het werd Bocinq in Amsterdam...

Waarom Bocinq? We hebben een deep throat in de modewereld gevraagd naar de meest modieuze eetplek van het moment. Het antwood was Bocinq. Dat komt mooi uit, want het stond al op ons lijstje na een tip van een andere vriendin. Zij vond het eten geweldig. Zeldzame combinatie.

Hoe zitten we erbij? Achter de met fluwelen koorden afgezette catwalk voor de voordeur opent zich een doolhof van gangetjes en zaaltjes met een bar, twee salons en verschillende eetkamertjes. Wij krijgen een plekje in een van de grootste: een schemerig verlichte pijpenla met zwarte banken en houten stoelen aan wit gedekte tafeltjes. Aan de muur hangt in neonletters de mededeling Ceci n’est pas un Bar. Het modische karakter wordt hooggehouden door mannen met witte boorden en bretels en twee vrouwen naast ons die net inkopen hebben gedaan voor hun winkel. ‘Die pofmouwtjes’, zegt de een terwijl ze een oester slurpt, ‘je weet nooit wat het gaat worden.’

Wat eten we? De keuken is Arabisch angehaucht. Onze gerechten zijn dat toevallig niet: salade met geroosterde bietjes, walnoten en blauwe kaas; pizette met geitenkaas; Bocinq wagyuburger; Nanahroomijs met pistachesigaar.

Smaakt het? Salades zijn een van de meest verwaarloosde onderdelen van de menukaart. Een bak konijnenvoer kun je krijgen. Terwijl het zo’n bevredigend begin kan zijn van een maaltijd als hij met zorg wordt samengesteld. Bocinq geeft het goede voorbeeld: verse slablaadjes, knapperige walnoten, zacht geroosterde biet, frisse appelreepjes en romige mopjes zoute blauwschimmel. Dat alles onder een sluiertje van appelvinaigrette. Prima.

De pizette, een schuitjesvormige pizza, is er een om in het rek te laten hangen. De vulling van aubergine, rauwe courgette en geitenkaas heeft kraak noch smaak. De burger, een evergreen, is gemaakt van vlees van wagyu, een edel Japans rund dat vermaard is om zijn (goede) vet. Als je hem medium bestelt, verwacht je dat hij nog iets rosé is van binnen. Dat is de onze niet. Maar het vlees is superieur rul en vol van smaak. De burger wordt geserveerd op een geroosterd bolletje brood en is belegd met zoet gebakken ui en smeltende gruyère. Aan de friet had voor dit geld meer aandacht mogen worden besteed. Als je het niet beter kunt dan de eerste de beste patatzaak, moet je het laten.

Nanah is een mengsel van munt en groene thee, frisse smaken die duidelijk naar voren komen in de bol roomijs op ons bord. Op de pistachesigaar hadden we ons ten onrechte verheugd: het is een duf koekje.

Hoe is de bediening? Onze ober is een verhaal apart. Hij geurt naar Calvin Klein (‘Obsession. Oubollig, maar wel lekker’), knielt aan tafel om de wijn te bespreken, fleemt ‘o, lekker!’ bij onze bestelling en kapt onze bestelling van rood fruit als dessert botweg af. ‘Dat kunt u thuis ook eten.’ Halverwege de avond dreigt een dissonant wanneer hij plompverloren aankondigt dat we de tafel moeten ruimen voor de tweede shift. Wij zijn verbaasd, want we wisten van niks. Het wordt gesust. De tweede shift komt nooit opdagen.

Wat kost het? 56 euro, exclusief drank.

Komen we terug? We evalueren onder het genot van koffie met sigaren in de fraaie rooksalon. Een unicum. Bocinq moet volgens de oprichters een zaak worden waar je zonder schaamte buitenlandse gasten mee naartoe neemt. Dat is gelukt. Het heeft iets New Yorkerigs, iets je ne sais pas quoi Parijzigs. Neem je modevrienden rustig mee. Let op: pofmouwtjes, dat wordt het helemaal in 2010.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden