Die ene leerlingMartijn Sijtsma

‘Leerlingen als Max hebben me doen inzien dat lichamelijke oefening anders beoordeeld moet worden’

null Beeld Hedy Tjin
Beeld Hedy Tjin

Leerkrachten, docenten en hoogleraren over de leerling die hun kijk op het vak veranderde. Deze week: gymdocent Martijn Sijtsma (40) over Max, die niet goed kon hardlopen maar wel stralend over de finish kwam.

‘Ik hoefde Max die bosloop niet eens te laten lopen om te weten dat hij een dikke onvoldoende zou halen. Want bij ons gold altijd: hoe sneller je bent, hoe hoger het cijfer. Maar ja, zo’n cijfer zegt natuurlijk niets over de vorderingen die leerlingen hebben gemaakt. Ik kan ze misschien een beetje looptechniek bijbrengen, maar ze krijgen niet in drie lessen een betere conditie. Daarom deed ik een jaar of vijf terug een experiment.

‘Max was niet zo groot en veel te zwaar. Dat wordt een uitdaging, denk je al gauw als zo’n jongen de gymzaal binnen komt hobbelen. Maar dat was bij hem niet terecht. Hij was bloedfanatiek en altijd bezig zijn grenzen te verleggen. Alleen: hij bereikte daarmee vaak niet het niveau dat we verwachtten van de leerlingen.

‘Neem de koprol. Bij de lessen lichamelijke oefening gebruiken gymdocenten vaak een niveaubeschrijving om de prestaties te beoordelen. Niveau 1 is een koprol op een dikke mat die we een beetje schuin leggen, zodat je makkelijk naar beneden rolt. Zo komt bijna iedereen op zijn voeten terecht. Bij niveau 2 ligt de mat horizontaal. Enzovoorts. Die niveaus vertalen we vaak door naar cijfers. Niveau 1 komt overeen met een cijfer tussen 5,5 en 6,5. Wie niveau 4 haalt, krijgt een 9 of hoger.

‘Met Max bleef ik ook in de grote pauze nog even oefenen. Ik zette zelfs een trampoline voor de schuine mat, zodat hij kon veren om meer vaart te krijgen. Na drie lessen lukte het hem over de kop te gaan. Ik prees hem, hij had enorme vooruitgang geboekt. Zelf was hij ook woest enthousiast. Toch moest ik hem volgens de niveaubeschrijving een 5 geven, want hij was niet op zijn voeten terechtgekomen.

‘Hij kreeg natuurlijk toch een voldoende van me. Maar het schuurde wel. Er lag een dichtgetimmerd beoordelingssysteem, maar toen puntje bij paaltje kwam ging ik daaraan voorbij. Moet je je voorstellen dat de wiskundedocent dat doet. Dan komen leerlingen klagen. En terecht.

‘Leerlingen als Max hebben me doen inzien dat er bij lichamelijke oefening een andere manier van beoordelen nodig is. Het doel is dat leerlingen beter leren bewegen. Dat iets lukt wat eerder niet lukte. Dat ze plezier hebben. Niet dat ze een of andere norm halen. Het werkt averechts als je minder sportieve leerlingen steeds een 4 of een 5 geeft.

‘Bij die bosloop besloot ik het een keer anders te doen. Hardlopen draait niet alleen om snelheid, het is ook belangrijk een constant tempo te lopen. Dat ben ik met ze gaan oefenen. En uiteindelijk moesten ze in korte tijd twee rondjes van 800 meter lopen. Hoe dichter de tijden bij elkaar lagen, hoe hoger het cijfer dat ze kregen.

‘Sommigen begonnen veel te snel, anderen persten er een eindsprint uit. Het bleek best lastig om twee keer dezelfde tijd te lopen. Op een gegeven moment zagen we Max de hoek om sjokken. Ik keek op mijn stopwatch, hij lag goed op schema. Andere leerlingen vroegen: ‘Wat was zijn eerste tijd, meester?’

‘Ze begonnen hem aan te moedigen. Daardoor wist hij dat het goed ging. Ik herinner me zijn blijdschap toen hij over de finish kwam en hoorde dat er nog geen 3 seconden verschil zat tussen zijn eerste en zijn tweede loop. Hij kreeg een glanzende 10 van me.

‘Voor mij was het experiment daarmee geslaagd. Als ik Max zo hard mogelijk had laten lopen en hem volgens het schema een 2 had gegeven, dan zou hij het idee hebben gehad dat hij het niet kon en dat het geen zin had door te gaan met sporten. Op deze manier heb ik hem geleerd dat hij op zijn eigen niveau kan hardlopen. En dat hij daar lol bij kan hebben.

‘Sindsdien heb ik leerlingen bij de bosloop nooit meer cijfers gegeven op basis van de tijd die ze liepen. Ook bij andere onderdelen ben ik op zoek gegaan naar een betere manier om leerlingen te beoordelen. Op mijn huidige school kijken we bijvoorbeeld veel meer naar de progressie dan naar de prestatie. Ik vind dat een mooie ontwikkeling. En Max heeft daaraan bijgedragen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden