Reportage Fotograaf Lars van den Brink

Lars van den Brink: ‘Mijn stadsgezichten balanceren op de rand van kitsch’

Fotograaf Lars van den Brink staat soms 14 uur te fotograferen op één plek en vormt die beelden later tot stadsportret. Mooi staaltje ‘schilderen met licht’.

Scheveningen vanaf de bungyjumptoren op de Pier. Beeld Lars van den Brink

‘Ik heb een vrouw uren zien zoeken naar haar fiets. Ik zag ruziemakende stelletjes, vrienden die aan het verhuizen waren en overal tussendoor duiven, scooters en wandelaars. En ja, als je uren achtereen op een dak staat, dan zie je ook mensen op straathoeken rondhangen en dubieuze dingen verkopen.’

Als een scherpschutter, op eenzame hoogte, stond fotograaf Lars van den Brink de afgelopen vier jaar op de hoogste gebouwen van Nederland om de verhalen van de stad te fotograferen. Voor elk beeld bleef hij tien tot veertien uur op één plek, per beeld schoot hij achthonderd tot duizend foto’s. Uiteindelijk componeerde hij met de computer uit al die foto’s telkens hét ultieme beeld: de stad zoals hij ’m graag ziet. Niet realistisch, wel romantisch, vol zon en schaduw, boten, opoefietsen, brandende lampjes en ramen met opengeschoven gordijnen waardoor je naar binnen kunt gluren. Wie goed kijkt, ziet op de foto van Deventer aangeschoten terrasbezoekers op een pleintje naar hun fiets wankelen, in Scheveningen heeft een wandelaar zijn zwemband alvast opgeblazen op de pier; hoe langer je speurt, hoe meer je ontdekt. Tegelijkertijd zijn het bekende stadsgezichten die met hun strakblauwe luchten en fonkelende sterren soms balanceren op de rand van kitsch, zegt Van den Brink: de aantrekkingskracht van de grote stad wilde hij er nu eenmaal in. Sinds hij als jongetje uit Alkmaar bij zijn oom in Amsterdam logeerde en met tram 16 naar het Concertgebouw reed, is die liefde nooit meer bekoeld.

Deventer gezien vanaf de Lebuïnuskerk. Beeld Lars van den Brink

Nieuw is zijn werkwijze niet: Van den Brink staat al een paar jaar bekend om z’n samengestelde beelden van mooie plekken, bevolkt door als mieren krioelende mensen. Maar dit keer wilde hij in zo’n beeld ook het tijdsverloop laten zien: in elke foto zie je het langzaam avond worden. Zo is het in de stad van Van den Brink altijd zowel dag als nacht. ‘Later bedacht ik: het is eigenlijk schilderen met de tijd.’

Zijn aanpak veroorzaakte vorig jaar wel enige ophef tijdens de manifestatie KunstRAI, waar ook werk van een andere fotograaf hing die in zijn beelden eveneens de overgang van dag naar nacht gebruikt: de Amerikaan Stephen Wilkes. Wilkes was eerder, claimt diens galeriehouder: Van den Brink heeft hem gekopieerd. Onzin, vindt die: hij is wel geïnspireerd door de Amerikaan, maar de ‘dag-naar-nacht’-techniek is een bekende in fotografieland, op internet zijn volop handleidingen te vinden hoe je ’m kunt toepassen. Wat je er vervolgens mee doet, dat is de kunst, vindt Van den Brink. ‘Het is een techniek die ik op mijn eigen verhaal toepas.’

Rotterdam gezien vanaf het Groothandelsgebouw. Beeld Lars van den Brink

Vooral het vinden van locaties die hoog én geschikt genoeg waren, nam veel tijd in beslag. Vanaf de Dom in Utrecht kun je bijvoorbeeld prachtig naar beneden kijken, maar er is geen mens te zien: je kijkt er recht op de daken van de stad. Vanaf het dak van het WTC in Rotterdam viel er dan weer wél genoeg te zien, al moest er vanwege veiligheidsvoorschriften de hele dag een beveiliger naast Van den Brink staan. In Amsterdam stond hij een etmaal op het dak van het Havengebouw, een plek die, gezien de koelkast vol hapjes en drankjes, ook wel eens wordt ingezet voor kantoorborrels: ‘Ik kwam ’s avonds enigszins beneveld weer beneden.’ Neem een heleboel warme kleren mee, heeft hij in de tussentijd geleerd, en zorg dat je vastzit: er gebeurde niets, maar je weet maar nooit.

Zijn de beelden eenmaal gemaakt, dan kost het Van den Brink zo’n dag of drie om van alle samengestelde foto’s een schets te maken op de computer. Daarna heeft vaste beeldbewerker Martin van Zwol nog een dag of vijf nodig om alles te laten kloppen: de schaduw van elk afzonderlijk stukje tramrails, de golven in de Noordzee die, al zijn ze opgebouwd uit honderden andere golven, uiteindelijk stuk voor stuk dezelfde kant op moeten stromen. Al met al best een klus.

Nijmegen gezien vanaf spoorbrug De Snelbinder. Beeld Lars van den Brink

Toen Van den Brink in Nijmegen bovenop een grote fietsbrug stond te fotograferen, kwam er een jongetje met zijn vader naar boven. ‘Wat ben je aan het doen?’, vroeg hij. Nadat de fotograaf had uitgelegd dat hij het grote stadsleven in duizenden beelden wilde vangen, concludeerde het jongetje: ‘Jij bent echt gek.’ ‘Ja’, zei Van den Brink, ‘maar om iets bijzonders te maken, heb je af en toe gekken nodig.’

De serie ‘En dan bevriest de tijd’ is t/m 2 december te zien bij Contour Gallery in Rotterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.