Het eeuwige levenMarjan Unger

Koningin van de sieraden was onnavolgbaar

Buitenbeentje Marjan Unger verzamelde sieraden, en wist álles ervan. Haar proefschrift uit 2010 is nu een internationaal standaardwerk.

Marjan Unger.

Marjan Unger was de sieraden-koningin van Nederland. Ze was bedenker, expert en verzamelaar van de meest bijzondere sieraden, hoewel ze die zelf niet maakte. Een deel schonk ze aan het Rijksmuseum in Amsterdam: 492 sieraden (plus allerlei rariteiten, zoals buttons van de popgroep Abba) in 2009 en nog eens 200 vorig jaar.

‘En er is nog zoveel meer’, zegt haar man Gerard Unger. ‘Als ik een lade opentrek, vind ik weer iets nieuws.’ En alles is gedocumenteerd. In 2010 promoveerde ze op het proefschrift Sieraad in context, waarin ze de kunsthistorische waarde en betekenis van sieraden beschreef. Inmiddels is dat een internationaal standaardwerk geworden dat vorig jaar in het Engels is verschenen onder de titel Jewellery Matters. Marjan Unger, die leed aan botkanker, overleed op 27 juni in Bussum.

Hier werd ze vlak na de oorlog ook geboren als Marjan de Boer – een van de drie kinderen van een waterbouwkundig aannemer. Als kind blonk ze uit in wiskunde.

Maar ze was een buitenbeentje en koos na de hbs-b in 1964 voor een opleiding industriële vormgeving op de Gerrit Rietveld Academie. Ze maakte de opleiding niet af. Gerard Unger zegt dat de Rietveld in die tijd was ondergebracht in een splinternieuw gebouw met kunststof plafonds, vaste vloerbedekking en een overheersende verf lucht. ‘Ze kreeg zware hoofdpijnen. Toen dacht men nog dat het met migraine te maken had. Tien jaar later bleek dat Marjan last had van allergieën.’ Desondanks bleef ze gedreven. ‘Ze moest er zijn. Ze moet er staan. En ze moest het gedaan krijgen’, omschrijft Unger haar. Haar interesse in kunst was zeer breed.

In 1968 trouwde ze met de typograaf Gerard Unger. ‘Ik weet nog dat we reisden door Engeland. Zij was gefascineerd door de gietijzeren bruggen, ik door de gietijzeren letters’, zo herinnert hij zich. Ze ging les geven aan de Modeacademie en werd in 1973 zelfs directeur. Bij de Modeacademie zorgde ze voor verandering door stylisten uit de confectie-industrie als gastdocent aan te trekken.

Ze combineerde dat met een studie kunstgeschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam. Ze was van 1980 tot 1989 hoofdredacteur van het blad Bijvoorbeeld, een tijdschrift voor creatief handwerk.

Van 1995 tot haar pensionering in 2006 was ze werkzaam als hoofd van de afdeling Vrije Vormgeving aan het Sandberg Instituut. ‘Ze was in alle opzichten onnavolgbaar. Het ene was nog niet af of ze had alweer het volgende bedacht. Studenten kwamen na buitenlandse excursies onder haar leiding uitgeput terug’, schreef haar collega Sybrand Zijlstra.

In die tijd begon ze ook haar eigen verzameling van sieraden op te bouwen. Met haar aankopen steunde ze veel nieuwe sieraadontwerpers. Ze droeg het ook graag zelf, wat andere mensen vaak verleidde tot opmerkingen als ‘hoe durf je dat’.

Een van de hoogtepunten was de tentoonstelling Zonder wrijving geen glans die in 2002 in het Centraal Museum te Utrecht werd gehouden. Twee jaar later verscheen haar eerste boek, Het Nederlandse sieraad in de 20ste eeuw. Ze werd daarop gevraagd een nieuw blad over vormgeving op te zetten onder de titel Morf, dat twee keer per jaar in een oplage van 20 duizend stuks onder studenten van de Kunstacademie werd verspreid.

Haar leven werd overschaduwd door een tragedie. In 2012 verloor ze haar enige kind aan de gevolgen van kanker.

Het bijzondere woonhuis van de Ungers in Bussum dat was verbouwd door Mart van Schijndel, is inmiddels geschonken aan de Vereniging Hendrick de Keijser.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden