lust & liefde josefien (59)

Josefien vraagt zich het nu pas af: ‘Hoe heb ik zo stom kunnen zijn?’

Ze had een fijn huis, een auto – alles zat haar mee. Totdat Josefiens (59) nieuwe vriend haar overal de schuld van begon te geven. 

Beeld Sasa Ostoja

‘Mijn boodschap is een eenvoudige: liefde maakt blind, je moet ontzettend uitkijken hoe je het zakelijk regelt, want bij het scheiden van de markt leer je de kooplui kennen. Zie hier twee vaststellingen die niet voor niets clichés geworden zijn. Ik had als maatschappelijk werker beter moeten weten. Kennelijk waande ik me als expert onschendbaar. Het begon allemaal met een fikse verliefdheid. Ik leerde hem tien jaar geleden kennen in het zwembad waar ik drie keer in de week kwam. Mijn duikbrilletje moet heel erg beslagen zijn geweest toen ik voor die aantrekkelijke man viel die toevallig elke keer tegelijk met mij het bad uit kwam en zich aan de rand aankleedde. Prachtig halflang sluik haar, goed gebouwd, vriendelijk gezicht, mooie donkerblauwe ogen. Al snel betrapte ik me erop dat ik ook aan hem dacht als ik hem niet zag. En op weg naar het zwembad vroeg ik me al af: zou hij er zijn vandaag? Dan maakten we een praatje. Aanvankelijk gewoon over de temperatuur van het water, maar al snel gingen we samen koffiedrinken en viel het me op hoe geïnteresseerd hij was in mij. Niet dat we ons halsoverkop in een verhouding stortten, sterker, het begon allemaal heel voorzichtig. Hij was 59 en ik 49, van die eerste ontmoetingen herinner ik me vooral dat we elkaar lang zwijgend aankeken. Om te peilen: is dit het? Het begin van een grote liefde? We begonnen wandelingen te maken, langs zee en door de weilanden met mijn oude hond. En nu ik erover praat en ik me alles weer herinner, zie ik ineens de eerste kus weer voor me: in een hotel ergens in Nederland, langs zo’n lange-afstand­route. Toen was ik helemaal verkocht, want hij bleek ook nog lekker te ruiken.

Na anderhalf jaar gingen we samenwonen. Hij had een kolossaal pand in de binnenstad. Ik gaf vol vertrouwen in de toekomst mijn parkeervergunning op en mijn sociale-huurwoning met vier kamers in hartje centrum. In dertig jaar had ik daar zo’n lange woonduur opgebouwd dat ik permanent boven aan de lijst stond mocht ik willen verhuizen of ruilen. Alles liet ik achter en ik trok bij hem in. Ik had er het volste vertrouwen in dat we tot de dood elkaars grote liefde zouden blijven. We gaven een groot feest voor alle vrienden en familie en mijn volwassen kinderen, onder het motto: lang en gelukkig. Met mijn autootje reed ik twee keer heen en weer, alleen wat dozen met persoonlijke bezittingen nam ik mee. Al mijn meubels heb ik verkocht of weggegeven, want mijn vriend was ontwerper en wat niet van staal of beton was, werd in huis niet geduld. Toen mijn oude hond de metalen trap van traanplaat niet meer af kon en ik er een matje op wilde leggen, hield hij mij tegen. Maar dat was later pas. De eerste barst was een incident, zo hevig en tegelijk zo klein dat het zich makkelijk liet wegduwen. We woonden nog geen paar maanden samen toen ik de afwasmachine inruimde op een manier die hem niet zinde. De borden zullen een beetje scheef hebben gestaan, misschien had ik een glas zo neergezet dat er water in bleef staan of misschien had ik gewoon de ruimte in de rekjes niet voor honderd procent benut. Hoe dan ook, hij werd razend, ­witheet van woede. Hij begon te schreeuwen en te vloeken. En ik, ik schaamde me en hield mijn mond. Ik voelde als het ware achter mijn ribben een hek neergaan en wilde maar één ding: dat dit niet waar was. Ik begreep onmiddellijk: als ik weerwoord bied, zou dit afwasmachine-incident weleens het einde van ons sprookje kunnen inluiden. Het incident zou geen incident meer zijn, de achterliggende motieven zouden worden benoemd en er zou misschien een beerput opengaan die ik niet meer dicht zou krijgen.

Ja, dat was het: ik wilde dat wat er gebeurde niet waar zou zijn. Lang en gelukkig betekent iets, maar kort en gelukkig, dat is domheid. Dus hield ik vol. Acht jaar.

Het ging niet goed met zijn bedrijf. Hij werd 65, maar als ooit gezaghebbend ontwerper wist hij niet van opgeven. Opdrachten bleven uit, zijn personeel had hij moeten ontslaan: hij was als een kapitein op een groot schip dat met dikke kabels aan wal lag. Hij begon te blowen, meer te drinken, ging ’s avonds naar de sociëteit waar er nog meer drank inging. Inmiddels had hij de bovenste verdiepingen van zijn pand verhuurd en woonden we samen in één open ruimte, want als ontwerper hield hij niet van deuren.

Als hij ’s nachts begon te snurken, kon ik me nergens terugtrekken. En alles was zogenaamd mijn schuld. Toen ik succes kreeg in mijn werk en bladen over me begonnen te schrijven, wilde hij dat ik me zo liet fotograferen dat zijn huis met al zijn ontwerpen ­zichtbaar was. Toen ik een perceeltje kon huren in Frankrijk, wilde hij zijn naam op het huurcontract. Hij zette er een huisje neer als bouwpakket dat diende als showmodel: een nieuw project waarmee hij geld wilde verdienen. Maar er is nooit ook maar één huisje verkocht en die beeldschone plek heeft hij later bij de rechter op een slinkse manier van me afgetroggeld.

Het wonderlijke is: voor cliënten weet ik precies wat ze moeten doen, maar zelf heb ik alles laten gebeuren in de hoop met toegeeflijkheid het tij te keren. Nu ben ik behalve mijn illusies ook mijn huurhuis, mijn plek bij hem en mijn Franse huisje kwijt. Ik moest verhuizen naar een flat buiten de stad, allemaal omdat hij een sombere man was geworden die niet kon verdragen dat zijn status met zijn leeftijd en inkomensderving veranderde. Hij verloor de grip en reageerde dat af op mij. Een keer aten we bij vrienden en gaf hij me zomaar een stomp toen ik het woord nam. De tranen sprongen in mijn ogen. Hij was onmachtig en ­ontgoocheld op een manier die alles beïnvloedde. Hoe heb ik zo stom kunnen zijn te denken dat ik hem kende? Je kent iemand nooit. Nooit.’

Op verzoek van de geïnterviewde is de naam Josefien gefingeerd. Ook geïnterviewd worden over de liefde? Of het nu een stormachtige verhouding betreft of een levenslang huwelijk, we zijn benieuwd naar uw verhaal. Mail een korte toelichting naar lust@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden