Het Eeuwige Leven van Jos Klaassen (1941-2019)

Jos Klaassen (1941-2019): van de oerjournalistiek tot de val van de Muur

Hij voorvoelde de val van de Muur. Jos Klaassen was van Bonn al naar Berlijn verhuisd toen op 9 november 1989 de Oost-Duitse partijbons Günther Schabowski een persconferentie gaf.

Op een van de vragen over een mogelijke reisregeling voor Oost Duitse burgers, begon Schabowski te hakkelen. ‘Maar vandaag is, voor zover ik weet, een beslissing genomen. We hebben besloten dat iedere DDR-burger de grens over mag.’ De vraag volgde wanneer deze regel in werking zou treden. Schabowski bladerde in wat papieren en zei : ‘Dat geldt, voor zover ik weet ... vanaf nu.’

Pas veel later op de avond toen Oost-Duitsers zich massaal naar de Muur spoedden en erbovenop klommen, werd de enorme betekenis van die woorden duidelijk. Jos Klaassen stond er met zijn neus bovenop. Het was het hoogtepunt van zijn journalistieke carrière. Van 1968 tot 2004 werkte hij voor de Volkskrant: eerst als politieverslaggever, toen als buitenlandredacteur, correspondent in Duitsland, chef Vervolg, correspondent in Brussel, reiskatern Traject en Ombudsman. Na zijn journalistieke carrière stortte hij zich op een andere passie: zingen. Hoogtepunt daarbij was een uitvoering van La Traviata in de Westergasfabriek in Amsterdam. De laatste jaren woonde hij in Rotterdam. Primair progressieve afasie maakte zingen onmogelijk. ‘De aftakeling was heel moeilijk voor hem’, zegt zijn echtgenote Joke Donia. Hij overleed 4 september.

Jos Klaassen werd geboren in een katholiek bouwvakkersgezin met zeven kinderen in Venlo. Zoals gebruikelijk in de gloriejaren van het Rijke Roomsche Leven kwam daar altijd wel een pastoor langs met de vraag of een van de telgen pastoor kon worden. Jos was de slimste van het gezin. Na een jaar Mulo mocht hij zelfs naar het gymnasium. Maar dat moest wel op het Klein Seminarie in Bergen op Zoom. Toen hij zijn staatsexamen gymnasium deed was hij al niet meer gelovig en ging hij naar de kweekschool. Maar in plaats van onderwijzer werd hij in 1963 journalist bij het Eindhovens Dagblad.

Vier jaar later kwam hij bij de Volkskrant als politieverslaggever. Zelf karakteriseerde hij het als ‘oerjournalistiek’ — ‘met een Dafje zonder remmen maar met een scanner achter alle meldingen aan’.

Maar hij had ambitie. Toenmalig collega Victor Lebesque: ‘Met zijn vieren besloten we in de avonduren rechten te gaan studeren. Jos studeerde als eerste af in ‘internationaal en Europees recht’. In 1976 belandde hij op de buitenlandredactie, waar hij een keer maatschappelijk werkster Joke Donia interviewde. Zij werd zijn levenspartner.

Samen met haar reisde hij in 1984 als correspondent naar Bonn, toen de hoofdstad van West-Duitsland. Hier maakte hij van nabij de geschiedenis mee. Eind 1990 kwam hij terug in Nederland als chef van de bijlage Het Vervolg.

Hij had moeite daar zijn draai te vinden. ‘Het is alsof je in een aquarium zwemt waar je het prima naar je zin hebt en er plotseling uit wordt geschept.’ In 1992 kon hij correspondent worden in Brussel.

Theo Koelé werkte daar voor Trouw met hem samen. ‘Hij was supercollegiaal. We vlogen van hot naar her in Europa. Na afloop van weer een ministeriële vergadering of topconferentie informeerde ik altijd bij Jos of we in onze berichtgeving min of meer op één lijn zaten.’ Lebesque: ‘Zijn kopij was altijd vlekkeloos. En hij zag er ook vlekkeloos uit in een mooi pak.’

In 1997 kwam hij terug in Amsterdam. In de laatste twee jaar voor zijn pensioen zou hij als Ombudsman vierduizend klachten van lezers afhandelen over vermeende ‘journalistieke doodzonden’ in de krant.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden