HULPTROEPENcoronacrisis

Joop (79) heeft steun aan God en aan Suzanne

In de rubriek Hulptroepen komen mensen aan het woord die in de coronacrisis hulp bieden of hulp krijgen.

Beeld Isa Grutter

‘Ineens kwam daar Suzanne tevoorschijn. Ze belde me op. Ze is geloof ik klaar met haar studie, biologie. En met een heel lieve uitstraling. Ik ben blij met haar. Ik weet niet hoe dat is gegaan. Mijn dochter heeft het volgens mij geregeld. ’

Joop Krul (79) is door de stichting Senior & Student aan Suzanne gekoppeld, een stichting die dat altijd doet, als middel tegen eenzaamheid, en nu een project is gestart om coronahulp te bieden aan alle ouderen in Nederland. ‘Het was de bedoeling dat we naar musea zouden gaan’, zegt Joop. ‘Museum Speelklok en het Catharijneconvent. En we zouden bij mijn dochter op bezoek gaan, die een winkel heeft. Maar ik mag nu niet naar buiten. En er mag nu niemand bij mij op bezoek. Ik vind dat heel vervelend. Ik ben blij dat Suzanne me belt. Zowat elke dag. Ze heeft gevraagd of ze boodschappen voor me kan doen. Ideaal. En boeken gebracht. Dat boek van de zus van Holleeder. Ik zou het zelf niet hebben uitgekozen maar het lijkt me wel interessant. Ik vind de Bijbel een mooi boek.’

‘Ik zit al een jaar of drie in het verpleeghuis. Ik werd wat verstrooid en had het zelf niet in de gaten. Ik vind het moeilijk. Ik was door mijn werk gewend zelf te bepalen wat ik deed. Je kunt ook merken dat er zo is gesneden in de zorg. Ze hebben weinig tijd. Ik word verzorgd, maar ik mis de liefde.’

‘Ik was al lang weduwnaar. Mijn vrouw ging op haar 44ste dood aan kanker. We hadden allerlei plannen. Ik was dertig jaar accountmanager bij dezelfde bank. Na mijn pensioen zouden we een caravan kopen. Ik heb nog wel gekeken of ik een leuke vrouw kon ontmoeten. Maar dan ging ik vergelijken met mijn vroegere echtgenote. En dan liet ik het maar.’

‘Ik volg het nieuws. Het gaat met de economie niet de goede kant op. En ik vind het helemaal niks dat ik niet een straatje om kan met mijn dochter. Maar ik begrijp wel dat de maatregelen nodig zijn. Ik luister veel muziek. Daar ben ik gek op. De cantates van Bach, B.B. King, Clapton.’

‘Ik probeer gelovig te zijn. Ik heb hopelijk het vertrouwen dat God alles weer beter voor ons kan regelen.’

Joop Krul.Beeld .

Kustaw Bessems

Heb je ook hulp gegeven of hulp gekregen in de coronacrisis en wil je erover vertellen? Mail dan Kustaw Bessems: k.bessems@volkskrant.nl

KLM-piloot vliegt nu voor een oude dame naar de supermarkt

Isa grutter voor column KustawBeeld Isa grutter

‘Van Noorwegen tot Italië. Als ik door Europa vlieg, slaap ik elke week een paar dagen ergens anders. Nu zit ik vooral thuis. Een flinke omschakeling, maar ik kan mijn tijd gelukkig goed besteden.’

Ard Jan Ottevanger zit deze dagen nauwelijks nog in zijn cockpit. De 31-jarige piloot van KLM zag de afgelopen weken een groot deel van de vluchten uit zijn rooster verdwijnen. De tijd die hij nu over heeft, gebruikt hij om boodschappen naar kwetsbare mensen te brengen.

De coronacrisis raakt de luchtvaart hard en ook Ottevangers toekomst is onzeker. Hij heeft weinig zin daar lang bij stil te staan. Dus meldde de piloot zich vorige week direct aan toen de oproep van Blauwhelpt langskwam, een initiatief van KLM-medewerkers om tijdens deze werkluwe periode hulp te bieden.

‘Ik bleek zelfs een van de eersten te zijn ’, zegt Ottevanger. ‘Ik werd vrij snel gekoppeld aan een oude mevrouw die hulp kon gebruiken met haar boodschappen. Haar buurtbus stopte ermee vanwege corona, ze is boven de 80 en kan niet ver lopen.’ Bijkomend voordeel: ‘De vrouw bleek te wonen in Nieuw-Vennep. Lekker dichtbij Schiphol.’

‘Ik geef liever mijn nummer niet aan andere vrouwen’, lacht Ottevanger. ‘Maar voor deze dame maakte ik een uitzondering.’

Deze dagen vindt hij veel steun bij zijn collega’s. De crisis raakt hun allemaal. Ook zijn vrouw, die voor de cargo-afdeling van KLM werkt. ‘Zij kan nu in ieder geval nog thuiswerken.’

Hij probeert zich niet al te veel zorgen te maken, ook al maakt hij de gevolgen van de crisis al een poos van dichtbij mee. De afgelopen jaren werkte hij voor de Britse prijsvechter Flybe. Die luchtvaartmaatschappij ging eerder dit jaar failliet, mede door de gevolgen van de coronacrisis.  Ottevanger stapte in december, net op tijd, over naar KLM.  ‘Ik heb met oud-collega’s gesproken. Voor hen is het heel erg.’

Voorlopig lijkt de luchtvaartsector zo goed als stil te liggen. Het vrijwilligerswerk is wat anders dan zijn dagelijkse baan boven het wolkendek. ‘Maar toch zijn er raakvlakken’, zegt Ottevanger. ‘Bij elke vlucht ben ik bezig mensen het naar de zin te maken. Dat is precies hetzelfde gebleven.’

Ard Jan OttevangerBeeld .

Hessel von Piekartz

Winnaar Leids Cabaret Festival brengt serenades, ‘beter dan thuis in pyjama’

HulptroepenBeeld Isa Grutter

‘Bij het eerste lied dacht ik al: dit is een stuk beter dan in je pyjama thuis zitten. Ik zong Neil Young voor een jongen die met een nierziekte thuis zat. En het bizarre is: het werkt veel beter dan ik dacht, omdat de straten zo leeg zijn. Alsof je op een filmset staat.’

Lisa Ostermann (28) won een maand geleden nog het Leids Cabaret Festival, maar zat toen ineens thuis. ‘De vader van mijn klasgenoot Femke kwam op het idee om een soort Thuisbezorgd, maar dan voor muziek op te zetten, waarbij mensen gratis een liedje kunnen aanvragen voor iemand die het nodig heeft.’

Ze knutselde ze met een vriendin Myrthe een flyer in elkaar. Die zetten ze op facebook. Inmiddels hebben ze zeven quarantaineconcerten gegeven in Amsterdam. ‘Onze shows zijn afgezegd, dus we gaan deze maand in de corona-bijstand. Maar we kunnen natuurlijk wèl op deze manier optreden.’

‘Myrthe doet de planning: zij krijgt de mails binnen van mensen die iemand willen verrassen met een liefd. Die zijn heel uitgebreid, over waarom die persoon het echt verdient. Het derde lid van onze mini-bedrijfje, Femke, zoekt er een performer bij uit ons netwerk.’

‘We vinden het ook heel belangrijk dat het echt mooi is. Ik ben best wel een control freak’, zegt Lisa lachend. ‘Als het een Frans lied is zoeken we bijvoorbeeld iemand die goed Frans spreekt. Daar waar nodig repeteren de zangers en muzikanten via Skype. We willen niet dat iemand zomaar de Pointer Sisters over de straat staat te schreeuwen.’

Aanvankelijk wilden we met grotere groepen muzikanten spelen, maar dat zag er wat vreemd uit, zo anderhalve meter uit elkaar. Dus nu doen ze het met tweetallen.

Hoe reageren de toeschouwers? Lisa is er nog vol van. ‘Dinsdag zongen Myrthe en ik voor drie hoog, dus we zagen twee hoofdjes door een klein raampje. En er gingen er steeds meer raampjes open. Toen we weg liepen, kwam er nog iemand naar buiten om ons te bedanken. Heel lief.’

Vorige week dinsdag zongen de andere muzikanten ‘Omarm me’ van Blof voor een meisje dat alleen zat te studeren en ‘slecht ging in haar eentje’ en ‘We are family’ voor een jongen op de Stadhouderskade die thuis zat met corona en jarig was. Die laatste stond vanuit z’n raam naar hen te zwaaien met een feestmuts op. ‘De reacties zijn vet leuk. Het heeft iets ouderwets romantisch.’

Lisa Ostermann (in rode jas) en Myrthe HuberBeeld Lisa Ostermann

Fleur de Weerd

Mohamed: Harira koken voor ouderen, waarom heb ik dat niet veel eerder gedaan?

Beeld Isa Grutter

‘Op Facebook zie je zo ontzettend veel mensen eten aanbieden. Ontzettend goed natuurlijk. Maar het zijn vaak wat onpersoonlijker gerechten. Het is de snelle hap, een pastaatje. Dat soort dingen. Ik heb zelf bijna vijf uur in de keuken gestaan voor mijn harirasoep. Zo kon ik wel mooi een Marokkaans tintje geven aan de coronahulp.’

Twaalf goed gevulde kommen Marokkaanse harira vonden afgelopen weekend hun weg van het huis van Mohamed Naaimi naar alleenstaande kwetsbaren en ouderen die voorlopig hun huis niet kunnen verlaten. De 45-jarige Amsterdammer, doordeweeks aan het werk in een loods, had in het weekend tijd over en zag op Facebook hulpvragen voorbij komen.

‘Het mooie aan soep is dat iedereen het lust.’ Bovendien is hij er best goed in, vindt hij zelf. Hoewel zo’n harira een behoorlijk bewerkelijk gerecht is – het bestaat onder meer uit kikkererwten, bleekselderij, tomaten, linzen en een heel kruidenrek – is het voor hem een stuk makkelijker dan een simpele tomatensoep. ‘Geen idee hoe ik dat op smaak zou moeten krijgen.’

De perfecte harira volgens Naaimi? ‘Niet te waterig, niet te dik. Het belangrijkste is dat de tomaat niet overheerst.’

Hij vond het opvallend dat geen enkele Marokkaanse Nederlander om een kom vroeg. ‘Al is dat ook weer niet zo gek, zij kunnen het waarschijnlijk nóg beter bereiden dan ik.’ De mensen die het wel thuisbezorgd kregen, waren verkocht. ‘Ik heb alleen maar positieve reacties gekregen.’

Naaimi kwam op het idee om te helpen toen hij vorige week een doos oude sinaasappelen in de supermarkt zag staan. ‘Die zouden ze eigenlijk weggooien. Ik vroeg of ik ze mee mocht nemen om mensen te geven die het moeilijk hebben. Nou, dat vertrouwden ze niet helemaal. ‘Hoe weten we dat je ze niet gaat verkopen?’ Ik heb ze kunnen overtuigen. Toch die doos meegenomen. Ik was ze binnen de kortste keren kwijt. Dat geeft een ontzettend lekker gevoel.’

‘Weet je, het is eigenlijk jammer dat nu pas het goede in ons naar boven komt. Net zoals iedereen had ik dit veel eerder moeten doen’, vindt Naaimi. Inmiddels denkt hij na over zijn volgende project. ‘Misschien maak ik dit weekend een lekkere Marokkaanse Tajine of couscous samen met mijn zus.’

Mohamed NaaimiBeeld .

Hessel von Piekartz

De begeleiders van Maites autistische zoontje dachten ‘fuck it’ en komen nu aan huis

Beeld Isa Grutter

‘Ons zoontje communiceert niet per se door te praten. Hij gebruikt vaak citaten uit boekjes, zoals Fred het Hert of Vos en Haas. Dan is het hier net een quiz: uit welk boekje komt dit en wat bedoelt hij ermee? Of hij zingt, vooral als hij in z’n element is. ‘Vluchten kan niet meer’ hoor je dan ineens, of Typhoon. Hij kan ook je hand pakken en je meenemen om te laten zien wat hij wil. En hij kan gillen en slaan. Dat doet hij nu heel veel. Soms al om 4 uur ’s ochtends.’

Het 8-jarige zoontje van Maite García Lechner (43) is ernstig autistisch en verstandelijk beperkt. Gewoonlijk gaat hij vijf dagen in de week van 9 tot 3 naar een instelling waar hij een-op-eenbegeleiding krijgt. ‘Maar alle structuur is nu weggevallen. Hij heeft een enorme terugval. Zo hadden we er jaren aan gewerkt om met het hele gezin aan tafel te eten. Zijn zusje van 5 kletst de hele dag, en daar kan hij niet goed ­tegen. Toen het toch lukte samen, was dat een doorbraak. Maar nu is hij überhaupt haast gestopt met eten. Ik hoop maar dat kinderen zoals hij na 6 april weer naar hun instelling mogen.’

‘Mijn man heeft als docent een vitaal beroep. Ik leid een theatergezelschap dat hard wordt getroffen. En we hebben ook ons dochtertje dat thuis schoolwerkjes moet doen. Toen de begeleiders van mijn zoontje donderdag langskwamen om materiaal te brengen, zagen ze hoe wij eraan toe waren, ook fysiek. Mijn handen zitten onder de krassen. Mijn zoontje sprong een gat in de lucht toen hij ze zag. Toen hebben ze gedacht: fuck it. Sinds zondag komen ze elke dag een paar uur aan huis. En een van hen houdt een paar uur mijn dochtertje bezig. Ze hadden voor haar ook een heel pakket bij zich, met klei en ander leuks. Dat is hun werk niet, maar dat doen ze toch.’

‘Diezelfde zondag hadden mijn vriendinnen ook een taartwinkel ingeschakeld om vier troosttaartjes langs te brengen. De golf van hulp en empathie die over ons heen kwam, ik heb geen woorden om uit te drukken wat die voor ons betekent.’

Maite García Lechner.Beeld .

Kustaw Bessems

Lenneke heeft vaak geen antwoord voor mantelzorgers, ze kan alleen maar meeleven

Beeld Isa Grutter

‘De echte pijn moet nog komen, maar voor veel mensen doet het nu al zeer. Bijvoorbeeld voor de man die niet naar zijn demente vrouw in het verpleeghuis kan. Hij weet dat zij elke dag tevergeefs op hem wacht voor hun dagelijkse wandeling. Het enige wat ik voor hem kan doen, is luisteren.’

Elke dag beantwoordt Lenneke Herben (58) tientallen telefoontjes van angstige of bezorgde mantelzorgers. Door de maatregelen van de overheid kunnen ze hun naasten in de verpleeghuizen niet meer zien. Herben luistert naar de verzorgers, en geeft waar het kan advies.

Als consulent voor mantelzorgers dacht ze dat ze wel wat gewend was. De problemen waarmee verzorgers op normale dagen naar haar toekomen in haar kantoortje in het Twentse Borne zijn vaak al schrijnend. Maar vergeleken met nu zijn het futiliteiten. Herben: ‘Wie had drie weken geleden kunnen bedenken dat ik nu mensen te woord moet staan die hun bejaarde moeder moeten achterlaten?’

Voor de achterblijver is dat verschrikkelijk, maar voor de verzorger net zo goed, vindt Herben. In deze crisis mag er best wat meer aandacht voor hen zijn. Dat vindt ze eigenlijk al zolang ze in de zorg actief is, nu 28 jaar. Vanaf het moment dat ze begon, zag ze de uitgebluste ouders van gehandicapte kinderen langskomen. Voor hen was er geen hulp. Dus ging zij die bieden.

‘Mantelzorgers zorgen beter voor een ander dan voor zichzelf. Ze kunnen daar nooit uitstappen, het gaat maar door. Zij willen ook eens met iemand anders bellen dan met hun familie.’

Maar zelfs met haar jarenlange ervaring heeft Herben deze dagen vaak geen goed antwoord klaar. ‘Ik voel me soms ontzettend gefrustreerd. Je kunt eigenlijk helemaal niets doen voor die mensen in deze situatie. Maar toch zeggen ze tegen mij: ‘Het is zo fijn dat je aan me denkt, Lenneke.’ Ze vinden het belangrijk dat er iemand met ze meeleeft. Dat is wat zo’n telefoontje voor ze kan doen.’

Lenneke Herben, consulent voor mantelzorgers

Hessel von Piekartz

Heb je ook hulp gegeven of hulp gekregen in de coronacrisis en wil je erover vertellen? Mail dan Kustaw Bessems: k.bessems@volkskrant.nl

Rutger geeft ineens Nederlands aan brugklassers en vindt het nog leuk ook

Beeld Isa Grutter

‘Ik dacht: orde houden, hoe doe je dat eigenlijk? Maar het viel heel erg mee. Leerlingen zitten ook maar thuis niks te doen, dus ze zijn blij dat ze überhaupt onderwijs krijgen en aanspraak hebben. Bovendien zet ik iedereen als ik aan het woord ben gewoon op mute.’

Rutger de Quay (24) uit Rotterdam zit in zijn laatste jaar journalistiek en werkt daarnaast normaal gesproken aan een online videoprogramma. Maar dat is ineens gestopt en zo ook zijn inkomsten. ‘Ik was een beetje in paniek. Ik kon aanspraak maken op de regeling voor zzp’ers, maar dat zou heel begrijpelijk wel even duren om te regelen. Hoe moest ik mijn huur betalen? Bedelen bij familieleden?’

‘Op de school waarop ik zelf ook heb gezeten, moest een docent worden geopereerd. En de vervanger die was geregeld, moest elders inspringen door corona. Via via vroegen ze mij: kun jij niet zo lang Nederlands geven?’

‘Ik heb nog nooit voor de klas gestaan. Dacht altijd: dat is toch een beetje voor saaie burgerlullen. En vroeg me af: ik kan wel goed spellen, maar hoe leer ik dat aan kinderen? En dan op afstand, want ik zit steeds met twintig tot dertig leerlingen tegelijk in een video-chatprogramma.’

‘Maar de lessen zijn al helemaal uitgestippeld. Dus ik heb het boek op het kopieerapparaat gelegd en even goed doorgenomen. En dat gaat over tekstbegrip. Nou dat kan ik als journalist natuurlijk best uitleggen. Ik houd een inleidend verhaaltje en zeg dat ze aan de slag moeten gaan en het verder maar moeten vragen als ze iets willen weten. Maar ze vroegen vooral dingen over mij: of ik voor Ajax of voor PSV ben en of ik huisdieren heb. O ja, dacht ik, dat zou ik ook gedaan hebben.’

‘Ik doe dit in elk geval tot de meivakantie. Ik mag de school een factuur sturen én doe iets nuttigs terug voor de maatschappij. En ik vind het veel leuker dan ik had verwacht. Iemand zei al tegen me: misschien blijkt over een paar weken dat dit je hele toekomst heeft veranderd.’

Rutger de QuayBeeld .

Kustaw Bessems

Heb je ook hulp gegeven of hulp gekregen in de coronacrisis en wil je erover vertellen? Mail dan Kustaw Bessems op k.bessems@volkskrant.nl

Psychiater Bram traint een paar duizend collega’s in therapie op afstand

‘Een collega-psychiater durfde het niet. Was er te onzeker over. Maar hij liet me laatst weten dat hij na mijn onlinetraining voor het eerst een patiënt had behandeld via een videogesprek. Hij had een heel consult gedaan. De patiënt met een kop koffie voor de webcam en dan rustig de therapie in. Toch mooi dat zoiets nu kan?’

Plotseling keken vorige week de ogen van bijna tweeduizend psychiaters, psychologen en artsen via hun schermen naar de gratis onlinetraining van Bram van der Boom (37). Vanuit zijn huis maakt de psychiater en onderzoeker van de Vrije Universiteit uitlegvideo’s over onlinebehandelingen. Door de coronacrisis gaan veel fysieke behandelingen niet door.

Dus wil iedereen weten hoe Van der Boom dat doet: zo’n videobehandeling. Kan dat wel via een schermpje? En wat doe je als de persoon aan de andere kant van de lijn een paniekaanval krijgt?

De tips? Zo’n paniekaanval kun je bijvoorbeeld prima tackelen als je van tevoren goede afspraken maakt. ‘Een onlineconsult vergt wat meer voorwerk. Je kunt iemand niet fysiek tot bedaren brengen of geruststellen met een kop thee of koffie. Behandelaars vinden het soms lastig dat ze die controle niet hebben.’

‘Heel veel hebben er nog helemaal geen ervaring mee. Toen ik dat merkte, dacht ik: hier kan ik wat aan doen’, zegt Van der Boom. De psychiater doet zijn promotieonderzoek over zogenoemde e-health en is inmiddels ervaren in het behandelen van patiënten via een videoverbinding.

Van der Boom kwam op het idee voor zijn onderzoek nadat hij een paar jaar geleden tijdens zijn verblijf in Australië via een videoverbinding een familiedag organiseerde. Ze gingen naar de dierentuin in Emmen. ‘Een echte aanrader.’ De psychiater is blij dat e-health nu zo breed navolging krijgt. ‘Al is de reden erachter natuurlijk ontzettend triest.’

‘Ik wil nu anderen de technieken leren. Zodat belangrijke behandelingen in tijden van corona ook gewoon door kunnen gaan.’

Bram van der Boom

Hessel von Piekartz

Heb je ook hulp gegeven of hulp gekregen in de coronacrisis en wil je erover vertellen? Mail dan Kustaw Bessems op k.bessems@volkskrant.nl

Richard weet wat armoede is en knapt oude laptops op voor wie er nu een nodig heeft

Bovendien werkt voor sommige patiënten een videobelverbinding zelfs beter, zegt Van der Boom. ‘Als iemand pleinvrees heeft bijvoorbeeld. Zo iemand durft niet naar buiten en al helemaal niet naar de GGZ met die grote witte muren. Dan zijn patiënten eigenlijk te gespannen voor een goede de behandeling. Nu kunnen ze lekker ontspannen met hun kat op schoot de behandeling starten.’

Dat Richard Vernooij kan helpen, met zijn hobby, doet hem goed. ‘Want dat is het voor mij natuurlijk, met computers bezig zijn.’ En, zachter: ‘Maar het is ook afleiding. Ik hoef niet terug te gaan naar hoe ik eerst was. Dit geeft me een goed gevoel, en zelfvertrouwen.’

Vernooij (48) zit over zijn laptop gebogen als hij gebeld wordt. ‘Ik ben nu bezig met een oude HP mini voor een vrouw die in isolement zit.’ Ze krijgt deze laptop met webcam van hem, zodat ze weer contact kan krijgen met familie en vrienden.

De Houtenaar knapt al meerdere jaren laptops op, die hij gratis weggeeft via de lokale weggeefgroep op Facebook. Sinds vorige week heeft hij zijn productie opgeschroefd van één naar vijf per week. ‘Aan de vele reacties die ik krijg, zie ik dat de vraag toeneemt.’ Zo repareerde hij eerder deze week een laptop voor een jonge moeder, wier kinderen digitaal les konden krijgen maar geen laptop hadden.

Vernooij is sinds 2015 werkloos. Hij weet wat armoede met je kan doen. ‘Ik heb zelf een tijdje noodgedwongen bij de voedselbank gelopen en heb gezien hoe arm sommige anderen zijn: die mensen hebben niet eens geld voor voedsel en dus al helemaal niet voor een laptop. Terwijl je een computer voor zo veel dingen nodig hebt tegenwoordig: uitkeringen aanvragen, solliciteren en nu dus ook onderwijs.’

Hoe hij werkloos is geworden? ‘Ik werkte als ict’er in de kantoorautomatisering. Ik werkte jaren zelfstandig en kreeg ik ineens managers boven mij.’ Vernooij is, zoals hij het zelf zegt, ‘niet echt een type dat goed te managen is.’

Nadat hij zijn baan had verloren, besloot hij zijn eigen laptops gratis weg te geven via Facebook. Dit bracht hem op het idee een oproep te doen om ook andere laptops te repareren en te doneren. ‘Heel veel mensen hebben al wat nieuws en de oude blijft maar liggen. Deze kunnen nog heel wat betekenen voor mensen die de middelen niet hebben.’ Zijn leven was een tijdje niet gemakkelijk toen hij zijn baan kwijt was. ‘Het weggeven van laptops heeft mij erbovenop geholpen.’

Fleur de Weerd

Richard Vernooij.

Luca (12) en Bram (10) runnen een kook-, boodschappen- en hondenuitlaatdienst

‘We leggen het neer voor de deur’, zegt Bram (10). ‘Op een plankje of zo. ‘Dan bellen we aan en doen twee stappen naar achter.’

‘Ik hield al heel erg van koken en bakken’, zegt zijn 12-jarige zus Luca. ‘Bram komt er nu wat meer in.’

‘Ik kon al wel pasta koken’, zegt Bram, ‘of een eitje.’

‘Het begon zondag met een overbuurvrouw die niet naar buiten durfde’, vertelt hij. ‘Ze is oud, ik denk in de zeventig. We kennen haar wel, ze eet soms bij ons. Mijn moeder had haar aangeboden om voor haar te koken. Dat vonden Luca en ik heel leuk. Toen hebben we alleen haar een ovenschotel gebracht,met aardappeltjes en venkel. Maar we hebben ook een poster gemaakt en op de deur gehangen.’

Luca: ‘En we hebben die poster ook in de buurtgroep op Facebook gezet. Die hebben we normaal om bijvoorbeeld te vragen naar een step die kwijt is of zo. Daar kwamen reacties op. En gister hebben we bij vijf mensen eten gebracht.’

De poster van Luca en Bram.

Bram: ‘Er zit ook een vrouw bij die woont in een huis met andere bejaarden.’

Luca: ‘Ze kregen spinazietaart met sla en een smoothie toe. Van wat we zelf eten koken we gewoon meer.’

Alles met veel en vaak handen wassen.

‘Vrijdag wordt het pasta met rode saus en tiramisu. Op woensdag, vrijdag en zondag koken we, boodschappen doen we de hele week. Op straat waren we een vrouw tegengekomen die wilde dat we boodschappen doen en de hond uitlaten, dus dat doen we nu ook.

Bram zit in groep zeven, Luca in de brugklas. Overdag doen ze het schoolwerk dat hun vader voor ze heeft opgehaald. Ze hebben een werkschema van school en Luca heeft met hun moeder de dagindeling gemaakt.

Bram: ‘Ik denk dat het wel goed komt met corona.’

Luca: ‘We hebben goede ziekenhuizen. En ik vind het slim van Rutte dat hij de scholen heeft gesloten. Voor mezelf ben ik niet bang. Wij kunnen ertegen. We gaan waarschijnlijk wel corona krijgen, 50 of 60 procent van de bevolking begreep ik. Maar zo vertraag je de verspreiding en krijgen we het niet allemaal tegelijk dus dan kunnen de ziekenhuizen het nog aan.’

Na het schoolwerk komen de boodschappen en het koken. ‘Het gaat wel’, zegt Luca, ‘je moet het een beetje plannen. Alleen ons broertje van zes maakt wel veel lawaai als wij voor school bezig zijn.’

‘Ik denk dat we maximaal voor vijftien mensen kunnen koken’, schat ze. Hun diensten zijn gratis voor iedereen boven de zestig. Daaronder betalen mensen anderhalve euro. Pure winst, want moeder doet de investeringen. Ze hebben al twee van die jongere klanten. Onder meer een gezin met een pasgeboren baby. Bram: ‘We sturen een tikkie, dan hoeven we het geld niet met onze handen aan te nemen.’

Bram (l) en Luca.Beeld .

Kustaw Bessems 

Lèneke speelt nu juf voor twee kleinkinderen en ze levert bepaald geen half werk 

‘Met de oudste heb ik spelling geoefend met Scrabble en rekenen met Rummikub. En ik laat hem van alles meten en wegen. Is ook rekenen, nietwaar? Voor de jongste heb ik klokken uitgeprint. De hele en de halve uren hebben we gedaan en straks de kwartieren.’

Lèneke Knipscheer uit Utrecht (68) geeft twee van haar kleinkinderen les en dat gaat er grondig aan toe. ‘En met veel pret.’ ’s Ochtends staan de twee met rugzakjes voor de deur, inclusief pauzehap. Ik heb mijn eigen oude kinderschoolbord gevonden.’

‘Mijn dochter is longarts dus die zit tot in haar nek in de corona. Een waanzinnige kei, die maar door- en doorgaat. Zij zei al vóór het landelijk beleid werd: dit gaat niet goed, ik houd de kinderen thuis. Zij en haar man hebben drie kinderen van wie de middelste geestelijk en lichamelijk zwaar gehandicapt is. Zijn vader is bij hem. De oudste en de jongste komen bij mij.’

‘Hun school voorziet fantastisch in werkjes, maar wij waren wat eerder begonnen. En onze dagen zijn langer. Dus ik ben gaan bedenken en plannen. De oudste zit in groep 4 en moet 45 minuten per dag lezen. De jongste is pas 4 en moet worden voorgelezen. Dus we beginnen ermee dat de oudste de jongste elke ochtend 5 minuten voorleest: hebben we die alvast binnen.’

‘Met de jongste doe ik veel spelletjes. Dan zijn de rode tegels in de gang krokodillen en op de gele leg ik fiches die hij moet pakken. Of hij moet setjes van twee zoeken van spullen in huis. Ik probeer heel veel te verzinnen met dingen die we hebben. Wat ik doe, kan echt iedereen.’

‘Ik heb een ontzettend grote rol papier gekocht en daar mochten ze op gaan liggen om zichzelf om te trekken. Dat zijn we nu elke dag een half uurtje aan het schilderen. Ze willen ook hun billen doen dus straks schilderen we ook nog de achterkant. We timmeren, we kleien, we doen aan origami. En recreatie: sjoelen, knikkeren. We eindigen de dag met dansen op de Beatles en een tafelvoetbaltoernooi. De oudste zei: deze nepschool is nog leuker dan de gewone. Nou weet ik niet of hij dat over drie weken nog zegt. Ze missen hun vriendjes natuurlijk.’

‘Oorspronkelijk heb ik pedagogiek gestudeerd. Later kunstgeschiedenis. Ik heb lezingen en rondleidingen gegeven in musea. Ook wel educatief, maar ik heb nooit voor de klas gestaan. Dat wilde ik alleen toen ik zelf nog een kind was. Is mijn droom toch nog uitgekomen, haha, beetje laat.’

De dagen bestaan uit een duidelijk ochtenddeel, een kleine en een grote pauze – met buitenactiviteit – en een middagdeel. ‘Ben ik misschien heel ouderwets in: rust, reinheid, regelmaat. Maar weet je waar ik ook aan heb moeten denken? Mensen die mij hebben verteld over onderduikervaringen. Het is natuurlijk nu geen oorlog, maar die zeiden wel: ritme en structuur, dat is belangrijk.’

‘Ik behoor tot de risicogroep die kwetsbaar is voor het virus. Maar ik verbeeld me dat het goed gaat zo lang de kinderen niets hebben en zo lang wij niets hebben. Mijn dochter is natuurlijk een risico. De jongste zei laatst: mama is ziek. Toen probeerde ik hem uit te leggen dat mama in de búúrt is van zieke mensen en hem daarom niet kan knuffelen.’

Lèneke KnipscheerBeeld .

Kustaw Bessems 

Sonja knutselt zich een slag in de rondte en stuurt kaarten aan jarigen zonder feestje

Beeld Illustratie Isa Grutter

‘In deze rare tijd een kaart voor een leuke meid. Dat zet ik er bijvoorbeeld op. Ik ben net naar de Action geweest voor nieuw karton. En ik heb extra postzegels van mensen gekregen. Gelukkig, want nadat ik gister dertig kaarten had verstuurd, dacht ik: dit is best kostbaar.’

Als hobby knutselt Sonja Boer (54) uit Werkhoven altijd al graag met de Cricut, een soort snijmachine. Online wisselt ze dan tips uit. Medeliefhebber Tamara Tigchelaar opperde daarbij nu om kaartjes te maken voor jarige jonge kinderen die geen feestje kunnen vieren. De Facebookgroep ‘Kaart voor Corona Jarigen’ was geboren.

‘De toeloop is enorm. Niet alleen voor kinderen. Een tehuis met ouderen wil kaartjes. Gehandicapten. Iemand van 35 vroeg een kaartje voor zichzelf. Dat oproepje plaats ik gewoon, want zoiets vraag je niet voor niets. Iedereen krijgt vier of vijf kaarten. En lang niet alleen met de Cricut gemaakt. Iemand anders stempelt bijvoorbeeld.’

kaarten

Van 8 tot 8 heeft ze de eerste dag achter haar bureau gezeten. ‘Ik was stuk.’ En Sonja moet ook op zichzelf passen, heeft best wat kwalen. Sinds 2002 kan ze niet meer werken, zoals daarvoor in een callcenter en als schoonmaker. Ze heeft elke dag pijn. ‘Vervelend daarom dat nergens paracetamol meer te krijgen is.’

Daarbij doet ze net als elke week de boodschappen voor een oude tante. En ze past op haar kleinkinderen, want dochter (verpleegkundige) en schoonzoon (medewerker in een supermarkt) hebben ‘vitale beroepen’ en brengen de kinderen liefst bij haar. ‘Op school weet je niet welke contacten mensen hebben gehad. Mijn man en ik zijn alleen in Center Parcs geweest, tot we eruit werden gezet.’ 

Vrijdagavond was dat. ‘Toen we terugkwamen, ging de slagboom niet meer open. We konden misschien in een hotel, zeiden ze. Maar ik heb altijd drie vogels in een kooi bij me, dus dat ging niet. We moesten ’s nachts terugrijden vanuit de Ardennen. Maar anderen hebben het een stuk erger. En je ziet, ik kom thuis de week ook wel door.’

Sonja Boer

Kustaw Bessems 

Jasper bracht tienduizenden studenten op de been die willen helpen en hoopt nu op meer hulpvragen

Jasper Veen (23) heeft net gedoucht − en daar was hij aan toe. ‘Een achtbaan’, daarin is de student lucht- en ruimtevaart terechtgekomen. ‘Het zijn lange dagen die in een waas voorbij gaan.’ 

Inmiddels hebben zich bij de eenvoudige site die hij in elkaar knutselde voor gewoonmensen.nl 35 duizend mensen aangemeld die iemand anders willen helpen. Nu kan het nieuwe platform, waaraan tien ontwikkelaars hebben gewerkt, live. ‘We hadden niet verwacht dat dit zo hard zou gaan.’

Jasper en een vriend kregen een appje onder ogen van een jongen die ze niet kenden. Ene Naut van Teeseling, student econometrie in Amsterdam. ‘Naut werd vrijdagnacht wakker, nadat de universiteiten waren gesloten. Hij gooide een oproep in een paar appgroepen met een Googleformuliertje erbij: jij kan als student wat terugdoen voor de mensen die Nederland draaiende houden.

‘Die oproep verspreidde zich als een lopend vuurtje en bereikte ook ons. Mijn vriend ploos na van wie dit kwam en die avond zaten we met Naut te skypen. Hij had vijfhonderd reacties gekregen en was overdonderd. De volgende dag ontmoetten we elkaar. Nu zitten we samen in een kantoor in Den Haag, en in de tien grootste steden zitten teams van twee of drie mensen om hulpvragers en hulpaanbieders te koppelen.’

Veel verzoeken die binnenkomen zijn om op kinderen te passen, boodschappen te doen of de hond uit te laten. Maar er zijn ook ouderen die vragen of iemand ze eens kan bellen omdat ze zich alleen voelen.

‘We zijn hier op onze beurt ook heel erg bij geholpen’, zegt Veen. ‘Tien developers hebben meegewerkt, maar wel honderd hadden zich aangeboden. Toen we een kantoor zochten, zei een softwarebedrijf: wij zitten toch thuis te werken, de deur staat voor jullie open. Nu werken we hier, met steeds een bureau ertussenin en elk een eigen theedoek aan de broek om handen mee af te drogen. Het is zo gaaf dat je soms bijna vergeet wat er aan de hand is. Dan zie je zo’n speech van Rutte en weet je weer: dit is enorm heftig.’

Dit bericht bekijken op Instagram

Een foto die is geplaatst door null (@) op

Over mediabelangstelling hebben de studenten niet te klagen: Radio 1, Jinek, Het Parool, Hart van Nederland, een shout-out van Rutger Bregman bij DWDD. ‘We willen graag laten zien hoe normaal het is om iemand te helpen in een tijd als deze. Het is eigenlijk zonde dat er een ramp voor nodig is om dit op gang te brengen. Het zou cool zijn als elkaar helpen ook zo gewoon blijft na deze crisis.’

Dat geldt wat Veen betreft zeker ook voor het vrágen om hulp. Want terwijl tienduizenden helpers zich hebben aangeboden, loopt het aantal hulpvragers in de honderden: gewoonmensen.nl zit met een heus hulpoverschot. 

‘Het zou kunnen dat er niet zoveel hulp nodig is’, zegt hij, ‘maar ik geloof ook dat de drempel om die te vragen nog steeds hoog is. Dat mensen toch denken dat ze iemand anders belasten. Wij willen graag laten zien dat dat niet zo is.’ 

Jasper Veen

Kustaw Bessems 

Jacoba is 104, wist niets over corona en kon ineens geen avondeten meer krijgen

Beeld Isa Grutter

‘Mijn moeder is 104. Ze kan geen krant meer lezen, geen tv meer kijken. Aan de telefoon hoort ze niet veel, want ze is behoorlijk doof. Ze wist niets van het coronavirus. Vrijdag was ze vanuit haar aanleunwoning naar het restaurant in het verpleeghuis gelopen. Even later belde ze me: ze gaan dicht, ik kan niet eten.’

Carla Verbeek (67) kon haar moeder Jacoba niet helpen. Die woont in de buurt van Leiden. Zelf zit ze op de Veluwe. Met hepatitis C en een verbrijzelde ruggenwervel, buitenshuis op een rolstoel aangewezen. Haar dochter kon er ook niet heen. Die zat in zelfquarantaine met een zieke man en een zieke dochter.

De thuiszorg komt nog bij haar moeder, maar die kookt niet. De laatste keer dat haar moeder zelf eten probeerde op te warmen moest de brandweer eraan te pas komen. Eten uitpakken dat op de drempel wordt bezorgd door het verpleeghuis lukt met haar stramme vingers niet. ‘Dat heb je als je zo oud wordt’, zegt Carla. ‘Mijn moeder overleeft alles: blaasontsteking, longontsteking. Op haar 25ste, in het eerste jaar van de oorlog, verloor ze allebei haar ouders aan kanker. Daarna heeft ze zes jongere broers en zussen opgevoed op een binnenschip. Die heeft ze allemaal overleefd.’

Carla’s dochter plaatste een oproep in de Facebookgroep ‘Vegans tegen alle vormen van onderdrukking’. ‘En voor ik het wist waren er drie meiden die wel iets wilden organiseren. Zaterdag zaten we samen bij mijn moeder om kennis te maken. Toen heb ik haar uitgelegd wat er aan de hand is. Ze zei: schouders eronder, we redden het wel. Zo is ze, daarom is ze denk ik ook zo oud.’

‘Ik vroeg de dames wat ze ervoor wilden hebben. Niets natuurlijk, zeiden ze. Ik heb er toch op aangedrongen dat ze íéts aannemen. Straks zijn we tien, twaalf weken verder. Ik heb nog wel gezegd: mijn moeder eet niet veganistisch, hoor. Maar dat was geen probleem.’

Carla Verbeek met haar moeder Jacoba.Beeld Carla Verbeek

Heb je ook hulp gegeven of hulp gekregen in de coronacrisis en wil je erover vertellen? Mail dan Kustaw Bessems op k.bessems@volkskrant.nl

Kustaw Bessems 

Toen haar zus zonder mondkapje naar zieke mensen moest, zette Marloes een actie op

Ze werd net gebeld door een ziekenhuis in Groningen. Of ze kon helpen. Dat kon ze niet. ‘De paar flaconnetjes handalcohol die ik binnen heb gekregen, geef ik aan mijn zusje. Zij is verpleegkundig specialist bij een huisartsenpraktijk. En ze weet dat ze op een gegeven moment zal worden besmet met het coronavirus, daar heeft ze vrede mee. Maar ze moet dagelijks langs bij ernstig zieke mensen en die wil ze niet besmetten.’

Marloes Pomp (39) heeft nog nooit op sociale media opgeroepen tot welke actie dan ook. Maar toen ze in de familie-app zag dat de praktijk waar haar zus werkt zonder handalcohol en mondkapjes zit, deed ze dat wel. Ze plaatste een oproep op LinkedIn: doneer je alcohol en mondkapjes aan de artsen die ze nodig hebben.

Vlak voordat Pomp thuis moest gaan werken was ze als blockchainspecialist nog bij grote bedrijven over de vloer geweest waar die dingen gewoon op de balie bij de receptie stonden: die hadden dus ingeslagen. Net als particulieren.

‘Ik heb psychologie gestudeerd. Ik begrijp het wel. Het is niet rationeel. Mensen willen iets doen. De een volgt de ander. En ze realiseren zich niet dat ze daarmee tekorten veroorzaken. Ik dacht ook, misschien heel naïef, hier zijn voorraden van in Nederland.’

‘Dat mensen voedsel hamsteren, dat lost zich wel op. Dat ligt centraal opgeslagen, daar bestaat een logistieke keten voor. Maar de alcohol en de mondkapjes liggen versnipperd door het land. Bij mensen thuis − want op straat zie ik ze niet − en bij bedrijven. Ik hoop dat mensen zich over hun angst heen zetten en willen doneren aan artsen bij hen in de buurt. We zeggen toch dat we de geweldige mensen in de zorg zo dankbaar zijn? Nou, voeg dan de daad ook maar bij het woord.’

Ze koos LinkedIn omdat ze hoopte dat haar zakelijke contacten de noodzaak zouden inzien. En ze krijgt veel reacties, dat het een goed idee is. Haar oproep wordt gedeeld, maar er is nog weinig tastbaar resultaat. Wel hoort ze van steeds meer artsen die in nood zitten en die ze vooralsnog moet teleurstellen.

In haar oorspronkelijke oproep staat nog dat mensen spullen ook naar haar mogen sturen en dat zij zal zorgen dat die op de goede plek terechtkomen. Inmiddels zegt ze alleen nog tegen mensen: doneer lokaal aan artsen en personeel in de zorg, dat is veel sneller en effectiever.

Ze hoopt ook dat bijvoorbeeld oogklinieken en tandartsen over de brug komen, zoals soms al gebeurt. ‘Een lastige afweging, dat snap ik, want zij lijden al veel economische schade en hebben die spullen nodig als ze weer open moeten, maar ik hoop dat ze toch zien dat dit voorgaat.’

Haar zusje heeft in de huisartsenpraktijk af en toe ‘coronadienst’, vertelt ze. ‘Ze moet dan langs bij mensen die denken besmet te zijn om de klachten in te schatten − tests zijn er al helemaal niet genoeg. En dan heeft ze dus niks om haarzelf en haar patiënten mee te beschermen.’

Marloes Pomp

Kustaw Bessems 

Mique is extra kwetsbaar voor het virus, en daarom beter voorbereid dan wie ook

‘Ik ben een zogenaamd kwetsbaar persoon. Met 67 ben ik nog niet zo heel oud maar ik heb én forse astma én ben nogal beperkt na een herseninfarct. En o ja, ik heb lichte diabetes.’

Mique van Dijk uit Breda kreeg meteen nadat de laatste serie strenge anti-coronamaatregelen werd aangekondigd appjes van vrienden in de straat. ‘Ze vroegen: hoe gaat het? Kunnen we boodschappen voor je doen? Ze drongen erop aan dat mijn vrouw Maria en ik hulp moesten accepteren als we die nodig hadden.’

‘Lief’, vindt ze. Maar ze heeft er nog geen gebruik van gemaakt.

‘Weet je wat het is, ik bén extra kwetsbaar, maar kwetsbare mensen weten dat van zichzelf, hè. Ik ben altijd voorzichtig. Ook met griep blijf ik bij anderen uit de buurt. Eigenlijk verandert er door de huidige maatregelen niet veel voor mij. Ik ben altijd al thuis, ga niet met het openbaar vervoer, begeef me niet in het verkeer, doe niets met groepen, kom niet in café’s of restaurants. Dat zijn te veel prikkels voor me. Ik ben eigenlijk beter voorbereid op deze situatie dan wie dan ook, een klein voordeel. Ik kom de tijd wel door. Ik schilder, ik volg de workshop pianospelen van Cor Bakker op Facebook.’

‘En ik zit op Twitter, dus ik was al goed op de hoogte over corona. Ik ging al niet meer naar zwemmen in het revalidatiecentrum. Een groep longpatiënten in zwembroek, dat leek me niet verstandig. Dat voelde toen nog overdreven, terwijl het maar tien dagen geleden was. Alles voelt zo kort.’

‘Twee weken terug heb ik al meer kattenbrokjes gehaald dan anders. Mijn lief en ik hebben niet echt gehamsterd maar zijn langzaam steeds wat extra’s in huis gaan halen. Rode kool. Of nasi. Gedroogde linzen en bonen hebben we altijd. We eten meestal vegetarisch.’

‘We zitten nu nog voor twee weken goed qua eten. Of wat langer als we het iets minder luxe doen, wat ook best eens kan.’ Was het dus eigenlijk voor niks, die aangeboden hulp? ‘Nee, ook al heb ik die nog niet nodig, ik vind het geweldig dat ze het aanbieden. Mijn vrouw en ik zijn zelf ook altijd behulpzaam. We vangen een kind op als er plots iemand naar het ziekenhuis moet. Vaak is hulp ook een praatje maken, dat anderen hun verhaal kwijt kunnen. Ik ben maatschappelijk werker geweest. Dat mensen nu meteen aan mij denken, dat ze zoiets voor me zouden doen, dat is zo fijn.’

Mique van Dijk

Kustaw Bessems 

Hannah en haar vriendinnen helpen zorgpersoneel aan een oppas: ‘Niets doen voelt heel onnatuurlijk’

Beeld Isa Grutter

‘Dat je iets voor anderen wilt doen, is een van de stenen waarop de vriendschap van ons vieren is gebouwd. We zijn allemaal geneeskunde gaan studeren, kennen elkaar sinds het eerste jaar. Een aantal wil kinderarts worden. Dat wil je toch vooral omdat het in je zit om anderen te helpen.’

De 22-jarige Hannah Vijverberg uit Baarn studeert medicijnen in Groningen en regelt met drie vrienden dat studenten kunnen passen op kinderen van zorgverleners in Groningen. Personeel van het Universitair Medisch Centrum Groningen en het Martini Ziekenhuis in Groningen bijvoorbeeld. Dat doen de vier met de site oppassistentgroningen.nl. Maandagmiddag hebben ze elf oppasverzoeken binnen, studenten stellen zich massaal beschikbaar.

‘We zijn als co-assistenten normaal dag in dag uit in het ziekenhuis. Leren daar hard te werken. En om bij problemen te handelen. We hebben nog meegemaakt hoe de situatie door het coronavirus steeds serieuzer werd en gezien hoe rustig artsen daarop reageren. Maar bij het sluiten van de universiteiten mochten wij ineens het ziekenhuis niet meer in. Niets doen voelt voor ons heel onnatuurlijk. Wij misten ook een uitlaatklep.’

‘Zelf hebben we hier ook weer heel veel hulp bij gekregen. Via via vonden we iemand die in één dag de site voor ons heeft gebouwd. Ouders of vrienden die handig zijn met Excelsheets helpen ons om te verwerken wat we binnenkrijgen.’

‘We hebben advies gekregen van het Universitair Medisch Centrum, omdat aan oppassen natuurlijk ook een besmettingsrisico zit. Maar dat risico is kleiner dan wanneer de kinderen worden opgevangen in een klas van dertig. We maken ook duidelijk aan de zorgverleners en aan de studenten dat de oppas en het kind geen klachten mogen hebben, niet in een risicogebied mogen zijn geweest en niet met een coronapatiënt in aanraking mogen zijn geweest. Het werk dat hun ouders doen is nu zo belangrijk dat dat tegen dit risico opweegt.’

Selfie van Hannah Vijverberg (vooraan) met haar vriendinnen Rianne, Manon en Isa.Beeld Hannah Vijverberg

Kustaw Bessems 

Lenneke Herben.Beeld .
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden