'Je moet iemand niet te veel vasthouden'

Het was geen makkelijk jaar voor schrijfster Annejet van der Zijl (53). Zowel in haar nieuwe biografie over de peetmoeder van prinses Beatrix als in haar privéleven draaide alles om de vraag: hoe ga je om met verlies?

Beeld Carli Hermes

Na Allene Tew is er even niks meer, leegte, een kale schrijversvlakte. Welk leven, vraagt biograaf Annejet van der Zijl zich af, kan voor haar nog fascinerender zijn om vast te leggen dan het larger than life-leven van deze onverschrokken Amerikaanse? Allene Tew (1872-1955) woonde als kind op een stalhouderij vlakbij de grens met Canada, trouwde vijf keer, klauwde zich omhoog tot een van de rijkste zakenvrouwen van New York, verloor alledrie haar kinderen, haar grote liefde en een fortuin, maar bleef, bijna helemaal tot haar bittere einde, de toekomst omhelzen.

Hoe niet dood te gaan - dat was alles waaraan ze dacht toen allang duidelijk was dat ze dood zou gaan.

Een typerende anekdote.

Tijdens haar vierde huwelijk, met een verarmde Duitse prins, werd Allene de buurvrouw van de vrijgezelle Bernhard van Lippe-Biesterveld. Hij groeide uit tot een van Allene's vele jonge protegés, een surrogaat voor de kinderen die ze was kwijtgeraakt. Bernhard had geld nodig. En in Nederland zat een muurbloemerige kroonprinses die door haar moeder jarenlang vruchteloos door Europa was gesleept, op zoek naar een man. Suikertante Allene gaf Bernhard een paar financiële en mentale duwtjes in de gewenste richting; ze had een groot hart, tenslotte.

Die bijstand van Allene hield niet op nadat Wilhelmina haar dochter met flanellen ondergoed de bruidsnacht in had gestuurd. Na de huwelijksreis liet Allene haar eigen schoonheidsspecialiste overkomen van New York naar Europa, en dirigeerde Juliana in een moeite door naar de toonaangevende modehuizen in Parijs waar ze zelf klant was. En zowaar: negen maanden na deze shopping spree kwam er een dochter ter wereld. De monarchie was gered - Allene werd een van Beatrix' peetmoeders.

Annejet van der Zijl, droogjes: 'Ik hoefde het alleen maar uit te rekenen.'

CV Annejet van der Zijl

6 april 1962 Geboren in Oterleek.

Opleiding
Kunstgeschiedenis en massacommunicatie in Amsterdam. Master International Journalism in Londen.

Werk
1990-1999 Redacteur bij Haagse Post, later HP/De Tijd.
2002 Biografie Annie M.G. Schmidt.
2004 Biografie Sonny Boy, in 2011 verfilmd.
2010 Gepromoveerd met een proefschrift over prins Bernhard, over wie ze ook de biografie Bernhard schreef.
2013 Moord in de Bloedstraat, misdaadverhalen.
2014 Biografie over Gerard Heineken.
2015 De Amerikaanse Prinses.

Annejet van der Zijl is getrouwd. Zij en haar man wonen afwisselend in Amsterdam en in een huis aan de Nederlandse kust.

Zou Juliana's opgefriste verschijning echt een rol hebben gespeeld bij de verwekking van Beatrix?

'Wellicht wel. Het was natuurlijke geen oprechte verliefdheid van Bernhard.'

Maar toen Allene zijn vrouw wat had opgekalefaterd...
'Zo pragmatisch was Allene: 'Hup meisje, maak wat van jezelf.' Ja, ik was er ook niet bij, maar er is in elk geval een kind gekomen.'

Arme Juliana, met flanellen ondergoed de bruidsnacht in.
Wrevelig: 'Over Wilhelmina zou ik niet graag een biografie willen schrijven. Met haar zou ik geen jaren van mijn leven willen delen. Echt niet. Ze had geen humor: een nono. Saai. En die ongelooflijke overtuiging van haar eigen gelijk... Dat moralistische. Ik word al helemaal iebel als ik eraan denk. Die bekrompenheid. Ik schrijf uiteindelijk toch voor mezelf, voor mijn eigen plezier. Het is leuk als ik er ook nog wat van opsteek. Maar ik schrijf vooral om mijn leven een beetje groter te laten worden. Nieuwe horizonten. Daarom was Allene voor mij ook zo goed. Ze was grenzeloos.'

Ze zegt: 'Beatrix was ook dol op haar. En zij was erg gesteld op Beatrix.'

Beatrix hield van Allene's beslistheid, zo anders dan haar eigen moeder.
'Juliana was toch altijd het slachtoffer, hè. Van Bernhard, van de situatie, van de plek waar ze geboren was. Ook over Juliana zou ik geen biografie willen schrijven. Die was machteloos. Ik heb toch meer lol in mensen die door roeien en ruiten gaan. Ik heb ze ook liever om me heen. Dus ik heb ze ook liever bij me in de computer. Bij mij aan de schrijftafel.' Ze lacht.

De Amerikaanse Prinses is Van der Zijls vijfde biografie, na Annie M.G. Schmidt, Sonny Boy, Bernhard van Lippe-Biesterveld en Gerard Heineken. Het is een hartveroverend boek geworden over een overleefster pur sang, tegen een achtergrond van twee wereldoorlogen, de industriële en de Russische revolutie, de Victoriaanse en de moderne tijd. Allene's zoon werd als gevechtsvlieger neergehaald in de Eerste Wereldoorlog. Haar dochter overleed pal daarop aan de Spaanse griep. Een ander dochtertje is dan allang overleden. Niks bijzonders in de Victoriaanse tijd, waarin dokters moeders waarschuwen zich tot het vijfde jaar niet te veel aan hun kind te hechten.

Daardoorheen spelen Allene's huwelijken, met mannen van aanzien, graven en prinsen, die helaas niet allemaal bestand bleken tegen de verwoestende verleidingen van het leven. Haar eerste man bijvoorbeeld - hij zou zijn weduwe achterlaten met een miljoen aan schulden - was een bevlogen gokker. 'Als een vlieg op tafel landde, wedde hij over de kant die het dier op zou vliegen.'

Annejet van der Zijl ontdekte Allene Tew, 'de eeuwige Assepoester', tijdens haar research naar Bernhard. 'In de Bernhard-mythologie komt Allene naar voren als een beetje een silly Amerikaanse, die vijf keer was getrouwd en daar heel rijk van was geworden. Toen ik begreep dat ze al haar kinderen was kwijtgeraakt, vond ik dat een bijzonder gegeven: hoe overleef je zoiets? En ik ontdekte dat ze toch op eigen kracht was gekomen waar ze was.' In een adem door: 'Ik ben een nadenkend type. Ik ga niet over een nacht ijs. Maar die boeken beslis ik altijd in een seconde', vertelt ze in de lounge van het Amsterdamse hotel Krasnapolsky - met uitzicht op de Nieuwe Kerk, daar waar Juliana en Bernhard trouwden. Gast Allene keek ronduit verveeld, blijkt uit latere beelden.

Allene was ook wel opportunistisch.

'Tja, maar waar ligt het verschil tussen opportunisme en flexibiliteit? Dat zijn van die waardeoordelen, daarvan wil ik me onthouden. Ik probeer te laten zien hoe het ook kan. Maar ik ga er niet tussen zitten. Wat ik erg bewonderde: ze was vrij hard voor zichzelf, maar behoorlijk zachtzinnig over anderen. Ik kan zelf hard oordelen, dan is het mooi om te zien hoe iemand zo mild kan zijn. Hoewel je het ook pragmatisch kunt noemen. In een brief houdt ze haar stiefzoon voor: 'Ik hou van mensen en jij moet dat ook doen. Kijk naar hun goede kwaliteiten en negeer hun fouten, op die manier ben je gelukkiger. Als we mensen echt op hun waarde zouden schatten, zouden we maar weinig vrienden overhouden.'

Beeld Carli Hermes

Wat heb je van haar geleerd?

'Ik weet niet of ik het al geleerd heb. Maar je hebt altijd het idee dat een mens moet streven naar het best mogelijke: de echte liefde, het ultieme werk. Allene nam desnoods genoegen met second best. Ik dacht: dat maakt het leven wel gemakkelijker, als je er niet van uitgaat dat alles altijd het allerbeste moet zijn.'

Een lastige les voor iemand die zo ijverig en consciëntieus is.
Meteen: 'En eigengereid.'

Aan dit boek lees je het perfectionisme af.
'Ik ben te lui om dingen half te doen: dan vind ik er niks meer aan. Er moet voor mij altijd iets in zitten van: vertil ik me er niet aan, ga ik het wel redden? Als ik een ouwe stoel opknap, haal ik ook onder de zitting alle oude verf weg.' Opgewekt: 'Terwijl niemand dat ooit zal zien.'

Kortom: Allene's instelling over genoegen nemen met second best wordt ingewikkeld om in de praktijk te brengen.
'Second best is slecht uitgedrukt. Wat ik bedoel te zeggen is: anders is ook goed. Allene was haar kinderen kwijt, natuurlijk was ze heel Amerika op haar blote knieën overgekropen om die kinderen weer terug te krijgen, maar ze waren er niet meer. Dus verzamelde ze allemaal pseudokinderen om zich heen - jongeren die haar steun en hulp konden gebruiken, zoals Bernhard. Ze gaf haar verlangen op een andere manier vorm. Terwijl ze ook had kunnen zeggen: het leven heeft mij zoveel misdaan, ik ga er geen energie meer in stoppen. Ze was goed in het accepteren dat de dingen anders liepen dan ze had gewild.' Denkt na: 'Maar moeten we dat niet allemaal?'

Je hebt er ervaring mee.
'Natuurlijk. Ik ben 53 nu. Dit laatste jaar was geen gemakkelijk jaar. Er werden mensen ziek, er gingen mensen dood, in mijn nabije omgeving.'

Je vader is overleden.

'In januari.'

Dit boek draait om de vraag: hoe om te gaan met verlies?
'Ja, daar gaat het heel erg over. Nou, ik merkte het afgelopen jaar al dat ik veel aan Allene had.' Vertederde lach: 'Mijn vader was een grappige, eigenzinnige man. Ik had een heel goed contact met hem, zeker de laatste jaren. Mijn eigen gang willen gaan, dat heb ik van hem. Hij was fysiek al slecht, je zag zijn frustratie. Mijn ouders hadden een groot stuk land, in Friesland, maar hij kon steeds minder gemakkelijk lopen. Terwijl hij dol was op de natuur. Mijn vader in een verpleeghuis was het slechtst denkbare scenario geweest.

'Hij is gewoon 's avonds ingeslapen, in zijn eigen bed, op zijn eigen land, naast mijn moeder. De volgende ochtend was hij niet meer wakker te krijgen. Hij bleek 's nachts een hersenbloeding te hebben gekregen. Mijn vader heeft nog een dag in coma gelegen, in het ziekenhuis. We konden toch nog even bij hem zitten, zijn hand pakken. Hij is zonder ingewikkeld ingrijpen weggegleden, in de pyjama die hij zelf nog had aangetrokken.'

Was je erbij?
'Om vijf uur 's ochtends, we waren net weer terug in Amsterdam, kregen we het telefoontje. Eigenlijk was het al duidelijk toen we weggingen uit het ziekenhuis...Weet je: in het begin hou je iemand nog erg vast, mentaal en ook fysiek. Maar op een gegeven moment voelde ik dat ik hem niet meer te veel moest aanraken, dat ik hem de ruimte moest geven om weg te gaan. Dat vertelde de neuroloog later ook: je moet iemand niet te veel vasthouden.

'Als er iets is waarvoor ik hem dankbaar ben, is het dat hij me zo'n enorme liefde voor de natuur heeft bijgebracht. Mijn man en ik hebben een huisje aan de kust, bij de duinen. Mijn vader heeft daar zijn doctoraalonderzoek gedaan, hij was fysisch geograaf. In die duinen vind ik mijn vader terug. Ik heb het idee dat de mensen van wie je zo hebt gehouden je beschermengelen worden. Als ik een moment heb dat ik er niet mee overweg kan, ga ik in de duinen lopen met de hond. Ik heb er heel weinig over gepraat.'

Later zegt ze: 'Ik ben nog nooit van mijn leven bij een therapeut geweest. Nooit. Dat vind ik ook wel lastig, van interviews. Ik hou graag wat ruimte in mijn leven, en daarbij hoort dat ik niet alles prijsgeef aan de buitenwereld.'

Toen je de Gouden Ganzenveer had gewonnen en het hele mediacircus begon, haalde je een prachtige uitspraak over een torretje aan van Annie M.G. Schmidt: ''t Is alsof ze een steen oplichten waaronder ik zit. Haastig wegrennen, beschutting zoeken onder een grassprietje, maar over de kop tuimelen en wriemelen met alle achttien pootjes - god wat vreselijk.'

Ernstig: 'Voor iemand als ik, die zo graag haar eigen gang gaat, is al die aandacht ook moeilijk.'

Je ouders, allebei leraar, hebben je de liefde voor het lezen bijgebracht.
'Ze maakten elkaar het hof met gedichten van Slauerhoff.' Glimlach: 'Redelijk somber. Maar wel mooi. Ze lazen heel veel. We hadden wel een tv, maar die stond ergens op de slaapkamer. Lezen en natuur, dat was waar het bij ons thuis om draaide. Al rij ik nu wel auto, met veel plezier. Ik heb mijn rijbewijs pas laat gehaald, dat is het beste wat ik ooit heb gedaan. Ik kan het niet uitstaan als ik iets niet doe omdat ik er bang voor ben.'

Dit is het eerste boek dat je vader niet zal lezen.
'Mjaaa...Weet je, mijn vader maakte zich altijd vreselijk zorgen om mij. Die was altijd zo bang dat er slechte recensies zouden komen. Ik bedoel: ik heb Zomergasten dit jaar gedaan, nadat ik een paar keer nee had gezegd. Ik dacht: als ik afga, lijdt hij er tenminste niet onder. Hij was apetrots op mij. Maar hij was heel bang dat ik...'

Gekwetst zou worden.
'En ik was bang dat hij dat dan erg zou hebben gevonden. Mijn vader kon tamelijk zwaar op de hand zijn.'

Beeld Carli Hermes

In welk opzicht?

'Mijn vader had ook veel humor hoor, een erg originele geest. Hij was zuiver, een zeer oprechte man. Principieel in zijn liefde voor de natuur. Hij heeft menig lelijke rondweg tegengehouden. Daar ben ik trots op. Maar als de teloorgang van het milieu zo op je drukt dat je er zelf droevig van wordt, vraag ik me af of de persoonlijke prijs die je ervoor betaalt niet te hoog is.'

Stilte: het torretje van Annie M.G. Schmidt.

Kon je nu eindelijk meedoen aan Zomergasten, juist omdat hij er niet meer was?
'Misschien. En ik realiseerde me ook: het leven is maar zo kort, het kan zo over zijn. Je kunt wel eindeloos dingen blijven uitstellen omdat je ze niet durft.'

In Zomergasten liet Van der Zijl een documentaire zien over de band die tweelingen al in de baarmoeder opbouwen. Haar vader was er een van een tweeling, maar verloor een paar weken na de geboorte zijn broertje. Annejet is zelf ook een van een tweeling. Haar broertje werd doodgeboren. Het onderwerp werd ontweken in het gezin Van der Zijl; haar vader kon er niet over praten. 'Na de uitzending kreeg ik 388 mails van mensen die diep met mij in gesprek wilden over de problematiek van half-tweelingen, maar daar heb ik geen enkele behoefte aan. Die documentaire liet zien wat het was, en zo is het goed. Soms kun je dingen afsluiten, als je er een vorm voor hebt gevonden. Dit gaf mij genoeg troost. Voor mijn vader hebben we een prachtige begrafenis georganiseerd, die echt bij hem paste. Geen makkie, want hij ging zelf nooit naar begrafenissen - daar werd ie treurig van.

Beeld Carli Hermes

'We zijn opgegroeid in een tijd waarin de rituelen werden losgelaten, dus je moet het allemaal maar zelf uitzoeken. Maar ik ben met een katholieke man uit het uiterste puntje van Limburg, die nog hecht aan veel rituelen. Een kaarsje aansteken voor iemand die wordt geopereerd. Ik doe het nu ook. En verder maar zo goed en zo kwaad als het kan met dat kunstbeen doorstrompelen, zoals Allene deed met haar geamputeerde hart. Ik vergelijk haar met de oorlogsinvaliden uit de Eerste Wereldoorlog: je kunt eindeloos praten over een been dat is afgeschoten, maar terug krijg je het er niet mee.'

Als haar derde man en grote liefde in 1927 overlijdt aan een hartstilstand, wordt Allene door The New York Times bestempeld als 'De allerrijkste, maar ook de allerdroevigste van New Yorks sociaal actieve weduwes.' Op 13 april in hetzelfde jaar vertrekt Allene met de boot naar Europa, een omgekeerde landverhuizer, om een nieuw leven op te bouwen. 'Ze was bovenal Amerikaans', schrijft Van der Zijl. 'En als er iets Amerikaans was, dan was dat wel het idee dat er altijd wel ergens een nieuw begin te vinden moest zijn.'

Hoe zag je haar voor je tijdens het schrijven? 'Toch wel als de doerak die ze als jonge vrouw al was. Iemand die met verve de boel naar haar hand zette. Die weigerde zich neer te leggen bij de rol die haar soms werd toebedeeld. Ik geloof niet dat het toeval was dat Allene naar Europa vertrok, nadat in de krant had gestaan dat ze the saddest widow van New York was. Ze haalde jaren van haar leeftijd af, liet hup, haar haar blond verven.'

Tijdens het bruiloftsdiner voor Juliana en Bernhard deed ze haar knellende diadeem af, en legde het naast zich op tafel, tot horreur van het hoogadellijke gezelschap.
'Geweldig. Gewoon niet onder de indruk van al die hoge adel.

'Dat ze zichzelf telkens opnieuw uitvond, is zo'n fijn idee. Of het nou lukt of niet, ik denk dat je gelukkiger bent met die illusie dan met het idee dat je voorgoed bent overgeleverd aan gebeurtenissen uit het verleden. Er is zo veel liefde in mijn leven, dat maakt me behoorlijk kwetsbaar. Mijn man, mijn hechte clubje vrienden, mijn familie - heel erg mijn eigen mensen. Als dat wegvalt... dat zou me behoorlijk onderuithalen.'

Beeld Carli Hermes

Je hebt geen kinderen.

'We waren te laat, kwamen elkaar tegen toen we al ouder waren. Even hebben we nog ivf overwogen. Maar ik dacht: dat ga ik niet doen. Ik had toen mijn boeken al. En ik weet zeker dat ik een gezin nooit had kunnen combineren met die boeken. Ik ben nu zo vrij als een vogeltje.

'Als je ziet met hoeveel concentratie ik aan dit boek heb gewerkt... Het is een wonder dat onze hond nog min of meer gehoorzaamt. Maar ik merk hoe leuk het is samen iets op te voeden. Oké, dan is het geen kind, maar met de hond zijn we ook blij. In de zin van second best.'

Allene had als mantra: als je de wil en het doorzettingsvermogen hebt, dan kún je dingen. Ik geloof dat jij dezelfde overtuiging hebt.
'Maar ik vind ook dat je de wijsheid moet hebben om te accepteren dat het niet altijd zo loopt. Toen ze ziek werd, werkte dat mantra echt tegen Allene. Ze bleef maar zoeken naar een manier...

Hoe niet dood te gaan.
'Ze leverde zich over aan een stel wonderdokters uit Zwitserland, die haar met placentacellen zeiden te genezen. Een miserabele tijd. Ze zat zwaar onder de pijnstillers, die haar ook allemaal weer werden ontnomen. Een hel.'

Allene stierf op een betoverende, maar onmogelijke plek om dood te gaan - in een tochtige villa pal aan zee in het Franse Cap-d'Ail, die ze op haar oude dag in een opwelling had gekocht. De maagpijn die haar al een tijd teisterde, bleek een maagtumor te zijn. Uiteindelijk werd ze in haar verzet tegen de gestaag doorwroetende krab nog slechts bijgestaan door een Franse dokter van over de tachtig. Dommelend in een roes van morfine en haar geliefde roze champagne sleet ze haar laatste winter aan de woeste zee, in haar blauwzijden bed.

'Ze bezat een prachtig appartement in New York, waar ze de beste Amerikaanse dokters onder handbereik had gehad als ze op tijd was teruggegaan', vertelt haar biografe, die Allene weer tot leven zou wekken. 'Dit was een zomerkolonie tussen Nice en Monaco, die in de winter compleet verlaten was. Al die huizen waren dicht, de luiken gesloten. De wind gierde, golven beukten dag en nacht tegen het huis. Allene heeft het zichzelf niet gemakkelijk gemaakt. Ze bleef denken: ik kan het leven in eigen hand houden.'

Helemaal aan het slot van het gesprek vertelt Annejet van der Zijl, onverwacht: 'Aan het einde van onze telefoontjes zei mijn vader altijd: 'Dag poppie.' En dan zei ik: 'Dag pappie.' Dat is weg.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.