InterviewBurhan Sönmez

‘Istanbul is als de duivel, vermomd als engel’, zegt Burhan Sönmez, die er een boek over schreef

Burhan Sönmez (55) is een verhalenverteller. Zijn toon is poëtisch en vaak grappig. In Istanbul, Istanbul, zijn derde roman, speelt zijn stad in allerlei gedaanten een hoofdrol. Na jaren van ballingschap verblijft hij weer vaak in de Turkse metropool.

null Beeld Ward Zwart
Beeld Ward Zwart

Wie de roman Istanbul, Istanbul van Burhan Sönmez leest, zal onherroepelijk moeten denken aan de politieke toestand in Turkije. Toch komt het woord ‘Erdogan’ er niet in voor, evenmin als ‘staatsgreep’. Het boek kwam uit in 2015, een jaar vóór de mislukte coup.

Wel is er een witte walvis die een schip naar de kelder zwiept, een bruid die in een wolf verandert en haar echtgenoot oppeuzelt, een klok die de juiste tijd aangeeft terwijl alle andere klokken en horloges in Istanbul tien minuten achterlopen, een oude vrouw met een klein meisje die zegt: dit is de dochter van mijn dochter en het zusje van mijn man, hoe kan dat?

Burhan Sönmez (55) is verhalenverteller. Net als zijn moeder, die in het dorp zonder elektriciteit op het Koerdische platteland elke avond weer verhalen, sprookjes en raadsels had. In zijn derde roman Istanbul, Istanbul, een raamvertelling, verwijst hij royaal naar zijn inspiratiebronnen. De Decamerone wordt een paar keer genoemd, net als Duizend-en-één-nacht. In tien hoofdstukken (net als in de Decamerone) vertellen vier mannen, in een ondergrondse cel opgesloten om regelmatig te worden gemarteld, elkaar verhalen. ‘De tijd die stilstond, begon te lopen wanneer onze geest naar buiten ging.’

De vertellingen zijn poëtisch (Sönmez is ook dichter) en vaak grappig. De mannen blijven ondergronds, maar naarmate de roman vordert, wordt steeds vaker Istanbul het onderwerp. De twee werelden – ondergronds en bovengronds – raken vervlochten. Niet voor niets bevat de titel van het boek twee keer de naam van die ene stad.

Sinds vijf jaar woont de oud-advocaat weer vaker in Istanbul dan in Cambridge, waar hij tien jaar in ballingschap verbleef. ‘Vanwege de politieke situatie’, zegt hij, ‘hebben we mensen in Turkije nodig.’

Burhan Sönmez. Beeld Ilknur Atalkin
Burhan Sönmez.Beeld Ilknur Atalkin

Hoe politiek is het boek? Het decor is dat duidelijk wel, met vier mannen die kennelijk gevangen zitten vanwege hun activisme. Maar de verhalen die ze elkaar vertellen, fladderen alle kanten op.

‘Mensen houden ervan literatuur in hokjes op te delen: historische roman, politieke roman. Maar die lijnen zijn niet zo scherp te trekken. Alles is politiek in dit leven. Het persoonlijke is politiek, zeiden de feministen al. Zelfs als we niet ergens over praten, kan dat politiek beladen zijn. Als je sommige onderwerpen vermijdt, is dat politiek. Dit is een roman over verhalen vertellen, over Istanbul, over liefde. En een roman over pijn. Pijn vanwege een verloren liefde, pijn vanwege martelingen om politieke redenen.’

Onderwerpen vermijden, dat klinkt naar zelfcensuur. In hoeverre komt dat voor in Turkije?

‘Voor mij persoonlijk speelt het niet. Maar censuur kan onzichtbare muren om je heen bouwen. De jonge generatie schrijvers in Turkije heeft fantasy en sciencefiction omarmd. Sommige van hun boeken zijn politieker dan mijn boek over marteling. Dan lees je bijvoorbeeld over een stad in het jaar 4000, maar je ziet dat het over het huidige Istanbul gaat.’

Schrijfster Zeynep Oral, voorzitter van PEN Turkije, zei onlangs in een interview in de Volkskrant: als iemand zegt niet aan zelfcensuur te doen – geloof het niet.

‘Veel mensen censureren zichzelf. Maar niet per se in hun boeken. Vijf jaar geleden deelden veel schrijvers hun mening op Twitter. Tegenwoordig doen nog maar weinigen dat. Twitter gebruiken is gevaarlijk in Turkije. Alleen vorig jaar al belandden bijna tweeduizend personen in de gevangenis vanwege berichten op sociale media. Een tweet plaatsen kan gevaarlijker zijn dan een roman schrijven.’

Zeynep Oral zei ook dat Turkse schrijvers niet vervolgd worden wegens hun boeken, wel vanwege hun journalistieke activiteiten.

‘Nou, er worden wel enkele schrijvers vervolgd om hun boeken. Maar niet veel inderdaad, veel minder dan journalisten en advocaten. Laat ik zeggen: we wachten tot het onze beurt wordt.’

Hoe ziet u uw rol als politiek betrokken persoon? U geeft interviews, u bent actief in de schrijversorganisatie PEN, u bent mensenrechtenadvocaat geweest.

‘Ik heb geen bijzondere rol, ik heb geen machtspositie. Maar ik heb mijn woorden. Het enige wat ik kan en moet doen, is me openlijk en onverholen blijven uitspreken. Ook over de regering. Als zo veel mensen het zwijgen wordt opgelegd, moeten anderen spreken.’

Is het veilig?

‘Nee, in het geheel niet. Turkije is nooit veilig geweest, en op het ogenblik is het dat ook niet.’

Bent u lastig gevallen of geïntimideerd?

‘Ja.’

U praat daar liever niet over?

‘Nee. Het gaat niet om mij. Dit is niet mijn persoonlijke verhaal, het is het verhaal van mijn generatie. De afgelopen twee jaar zijn meer dan vijfduizend academici ontslagen. De hersenen van Turkije, een ware brain drain. Duizenden mensen zitten gevangen. Het betekent dat iedereen iets dergelijks kan overkomen. Het is niet iets waarvoor ik in het bijzonder bang moet zijn.’

U heeft zelf in de jaren negentig diverse malen vastgezeten, na demonstraties. U bent gemarteld. Heeft dat u geholpen in uw schrijverschap?

‘Ja. Het dreef me in een hoek waar ik wel schrijver móést worden. Want daarna ging ik in ballingschap. In Engeland had ik geen andere optie dan schrijven. Ballingschap is een interessante berghelling. Vanuit de hoogte heb je een prachtig uitzicht op de wereld, maar je kunt ook vallen.

‘Veel mensen sterven in ballingschap, ze raken zichzelf kwijt. De eerste generatie in ballingschap lijdt altijd pijn. Pas de volgende generaties kunnen profiteren van wat het nieuwe land te bieden heeft. Vrienden en familie zeggen: je hebt een Brits paspoort, what the hell doe je nog in Turkije? Maar ik weet wat het is balling te zijn. Lijden door ballingschap is psychologisch zwaarder dan lijden in Turkije onder Erdogan.’

De beroemde dichter Nazim Hikmet schreef in de gevangenis. Kan dat een stimulans zijn voor fantasie? Je eigen wereld creëren?

‘Nazim Hikmet was niet de enige die in de gevangenis schreef. Zo veel schrijvers zijn daar groot geworden. Een gezegde in Turkije luidt: als je niet in de gevangenis hebt gezeten, kun je het wel vergeten ooit schrijver te worden. De oudere generaties maakten die grap al, maar helaas is de grap nog steeds realiteit.’

Met al die martelingen roept het boek herinneringen op aan het Turkije van de jaren tachtig. Een zeer gewelddadige periode. Speelt het verhaal zich in die tijd af?

‘Ik heb geen specifiek tijdvak beoogd. Ik hoop dat iedereen die het boek leest het zal beschouwen als het verhaal van zijn generatie. De jongeren moeten zeggen: o, dit gaat over ons! Maar mijn generatie ook. En de generatie van 1968. Als romancier is het een voorrecht het gevoel van al die generaties in één boek te stoppen.

‘In Turkije is dat eerlijk gezegd ook weer niet zo’n kunst. Het toont aan dat, helaas, alle generaties dezelfde pijn hebben. Dus je kunt het niet vastpinnen op één datum. Istanbul, Istanbul is het verhaal van vijftig jaar geleden en dat van vandaag.’

Istanbul speelt – hoe kan het anders met zo’n titel – een belangrijke rol in uw boek. In The Guardian schreef u: ‘Elke Turkse auteur is voorbestemd vroeger of later over Istanbul te schrijven.’ Waarom?

‘Istanbul vormt het hart van het land: cultureel, politiek, sociaal en spiritueel. Ik zag Istanbul voor het eerst toen ik 17 was. Maar toen kende ik de stad al. We zijn allemaal opgegroeid met verhalen over Istanbul, de films, de liedjes. Je hoeft alleen maar te wachten tot je daar ook onderdeel van bent. Je kunt er niet aan ontsnappen. Bij de ene schrijver duurt het langer dan bij de ander, maar uiteindelijk zal Istanbul onderdeel worden van je werk.’

U geeft een tweeledig beeld van Istanbul, een stad met twee gezichten. Mooi en lelijk, hoop en wanhoop, liefde en haat.

‘Istanbul is als de duivel, vermomd als engel. Je wordt verliefd op haar, maar op een zeker moment zie je haar duivelse kanten. Istanbul is als de minnaar die allerlei beloften doet, maar die zelden nakomt. Of omgekeerd: je denkt naar de hel te gaan en dan ontdek je de kleine hemelse tuinen, die in ergens in een hoekje verscholen zijn.’

U bent niet verliefd op Istanbul?

‘O zeker wel, ik ben dol op de stad. In Turkije weten we dat Istanbul ons lot is, onze bestemming. Het is de toekomst van ons land. Dus we moeten de stad redden, we moeten ervoor vechten.’

U verwijt de conservatieven vast te houden aan het verleden, aan de Ottomaanse tijd. Maar bent u zelf ook niet conservatief? U verlangt terug naar het mooie, oude Istanbul.

‘Zorgvuldig omgaan met schoonheid en traditie is een kwestie van respect. De conservatieven in Turkije doen dat alleen met woorden. In werkelijkheid maken ze alles kapot ter wille van het geld. Al het groen maakt plaats voor hoogbouw. De conservatieve partijen die de stad steeds regeerden, hebben veel vernietigd. Het is een geschenk van onze voorvaderen, dat door hen geplunderd wordt. De nieuwe rijken investeren in de stad om haar te kunnen beroven. Voorlopig hebben we de stad verloren. Als we Istanbul niet terug winnen, kunnen we Turkije niet terug winnen.’

Een mooie uitdrukking in het boek is de ‘gele lach’, waarmee de dood wordt verdreven. En het eindigt met de ‘gele mist’, die ‘in Istanbul de tijd omhulde, zowel leven als dood in zich verborg’. Waarom geel?

‘Het is een uitdrukking in sommige delen van Turkije. Toen ik hem hoorde, dacht ik: dat is waar mijn roman over moet gaan. Als iemand overlijdt, wordt er op de begrafenis getreurd. Maar wanneer ’s avonds alle gasten weg zijn en de familie alleen overblijft, komen de verhalen los over de dode. Ook de vrolijke. Het gelach is op straat te horen. De gele lach. Dat is absoluut de situatie nu in Turkije: we lachen, we maken grappen, maar we weten dat we een begrafenis hebben.’

Lezing

Burhan Sönmez spreekt zondag 14 oktober in Podium Mozaïek te Amsterdam, dat een programma heeft rond zijn roman Istanbul, Istanbul. Vanaf 14.00 uur. Ook is hij een van de zeventig gasten op het internationale literatuurfestival Read My World, dat dit jaar in het teken staat van Turkije. In Tolhuistuin in Amsterdam op 11, 12 en 13 oktober.

Istanbul, Istanbul, Burhan Sönmez. Uitgeverij Orlando. 272 pagina’s. € 20

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden