'Internationaal strafhof moet oog hebben voor seksuele misdrijven'

Sara Sharratt voelde meteen dat er iets mis was, toen zij de aanklacht onder ogen kreeg tegen de verdachten uit het Omarska-kamp....

Van onze verslaggever

Rob Vreeken

ROME

'De vrouwen werden naar een aparte sectie van het kamp gebracht', luidde de eerste versie van de aanklacht. 'Drie dagen later werden ze vrijgelaten.' Waarna een lange opsomming volgde van de misdrijven die tegen de Moslim-mannen waren begaan.

'Ik vond dat vreemd', zegt de psychologe uit Costa Rica, onderzoekster bij het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag. 'Wat was er in die drie dagen met de vrouwen gebeurd? Waren ze beleefd door de Serviërs ontvangen, hadden ze te eten gekregen en mochten ze toen weer gaan?'

Volstrekt niet, zo bleek later uit getuigenissen. De vrouwen van Omarska waren ten prooi gevallen aan verkrachting op grote schaal. Wat niet deugde aan de aanklacht, zegt Sharratt (in Rome als lid van de Costaricaanse delegatie), was dus het oude liedje: 'Wat met vrouwen gebeurt, wordt getrivialiseerd. We verdwijnen uit beeld.'

Dat is ook precies waarom veel vrouwengroepen de onderhandelingen in Rome over het internationaal strafhof met argusogen volgen. Worden verkrachting en andere seksuele misdrijven erkend als misdaden tegen de menselijkheid?

Zeker over dat laatste hoeven de vrouwenorganisaties zich geen zorgen te maken. Tijdens de voorbereidende onderhandelingen voerden de vrouwengroepen een effectieve lobby. 'Het eerste ontwerp-statuut bevatte nauwelijks iets over geslachten', zegt de Filipijnse Indai Sajor van de overkoepelende Women's Caucus in Rome. 'Maar inmiddels zit onze agenda er ruimschoots in.'

Wat niet betekent dat de strijd is gestreden. Veel van de beoogde formuleringen staan nog tussen haakjes - wat betekent dat sommige landen bezwaar hebben gemaakt. Een deel van de problemen komt voort uit onbegrip en vertaalkwesties.

De vrouwen willen dat de lijst seksuele misdrijven uitputtend en expliciet is: verkrachting, groepsverkrachting, seksuele slavernij, gedwongen zwangerschap, gedwongen prostitutie, gedwongen sterilisatie.

Bovendien moeten de juridische clausules ook nog eens bevochten worden in de praktijk van het strafhof. De vrouwen hechten daarom veel belang aan inrichting en werkwijze van het hof. Zo eisen zij 'evenwicht der geslachten' in de personele samenstelling. Het aandeel van vrouwen moet liefst 50 procent zijn, zeker in de hoogste organen van het hof.

Ook willen zij een 'adviseur in geslachtszaken' in de staf van de aanklager (zoals het Joegoslavië-tribunaal die inmiddels heeft), en aandacht bij sollicitaties voor deskundigheid in geslachtsaspecten. 'Zoiets kun je goed meten', zegt Suzanne Williams van het Britse Oxfam. 'Net zoals van rechters wordt geëist dat ze ervaring hebben in strafrecht en internationaal recht.'

Hoe belangrijk de seksespecifieke benadering is, hebben de vrouwen gemerkt bij de tribunalen voor Rwanda en Joegoslavië. Beide hadden aanvankelijk nauwelijks oog voor het lot van vrouwen, zeggen de leden van de Women's Caucus. Het Rwanda-tribunaal al helemaal niet. De situatie bij het Joegoslavië-tribunaal is aanmerkelijk verbeterd. Tegen 21 mannen loopt een zaak wegens verkrachting.

Sara Sharratt: 'Ik kan niet genoeg benadrukken hoe belangrijk het is dat er twee vrouwelijke rechters zijn - sléchts twee van de elf - in Den Haag. Zij hebben telkens weer ondeugdelijke aanklachten teruggestuurd naar de aanklager. Aanklachten waarin ten onrechte verkrachting niet was opgenomen. Zij hebben ook hun mannelijke collega's gesteund, die misschien onvoldoende oog hadden voor het perspectief van vrouwen.'

Sharratt verhaalt van verhoren over een provisorische gevangenis in Bosnië. In de rechtszaal leefde de indruk dat er alleen mannen waren. Tot een van de vrouwelijke rechters vroeg: Waren er geen vrouwen? Wat gebeurde er met hen? 'Toen bleek dat de vrouwen een voor een werden weggehaald, en na een tijdje huilend, bloedend en met gescheurde kleren terugkwamen. En nóg werd er gezegd dat er geen direct bewijs van verkrachting was.'

Veel slachtoffers van verkrachting hebben last van schaamte. Daardoor lopen ze niet luidkeels met hun lot te koop, en moeten onderzoekers en rechters extra gevoelig zijn voor hun signalen.

'Dode lichamen vormen een aantoonbaar bewijs', zegt Suzanne Williams. 'Verkrachte vrouwen gaan weg en je ziet ze nooit meer terug, als je daar geen moeite voor doet. Dan wordt tien jaar later gezegd: seksuele misdrijven kwamen in deze oorlog niet voor.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden