'In Rusland hebben de joden het nu eenmaal altijd gedaan'

'De man van een bevriend echtpaar was computerdeskundige. Zodra hij had gevraagd om naar Israël te mogen emigreren, werd hij ontslagen....

ANET BLEICH

Van onze verslaggeefster

Anet Bleich

DEN HAAG

'Kom, neemt u nog een kopje soep! En nog een broodje' Vilma Buwalda dringt aan. 'U moet echt wat eten hoor, u bent veel te mager.' Met haar spontane hartelijkheid en weinig conventionele optreden moet de uit het Griekse Thessaloniki afkomstige echtgenote van oud-ambassadeur Buwalda in het Moskou van eind jaren tachtig de juiste vrouw op de juiste plaats zijn geweest.

Vanaf 1967, toen de Sovjet-Unie de diplomatieke betrekkingen met Israël verbrak, behartigde Nederland in Moskou de Israëlische belangen. Daarbij hoorde vanaf 1971, toen de joodse emigratie op gang kwam, het verstrekken van visa voor Israël aan Russische joden die een uitreisvergunning hadden gekregen. Dat gebeurde keurig netjes volgens de voorschriften, maar pas na de komst van ambassadeur Buwalda werd het begeleiden van de Russisch-joodse emigranten een centraal onderdeel van de Nederlandse diplomatieke activiteit.

Dat was een logisch gevolg van het feit dat in de periode van glasnost en perestrojka langzamerhand steeds meer joden toestemming kregen om weg te gaan. Maar het had er zeker ook mee te maken dat Piet en Vilma Buwalda zich het lot van de emigranten en de refuseniks (zij die het land niet uit mochten) meer aantrokken dan formeel gesproken strikt noodzakelijk zou zijn geweest. Ze knoopten contacten aan met joodse en niet-joodse dissidenten en veranderden de Nederlandse ambassade in een gastvrij oord, waar mensen als Sacharov en zijn vrouw Jelena Bonner, Sharansky en Begoen graag en vaak over de vloer kwamen.

Begin 1987 vroeg en kreeg Buwalda toestemming van Buitenlandse Zaken in Den Haag om contact te leggen met dissidente kringen en met de joodse gemeenschap in Rusland. Tot dan toe waren zulke contacten merkwaardigerwijs taboe geweest. Piet Buwalda: 'In Den Haag leefde een mijns insziens overdreven vrees dat zoiets verkeerd zou vallen bij de Russische autoriteiten en dat daardoor mogelijk ons werk ten behoeve van Israël in gevaar zou komen.'

Eindeloos kan Buwalda vertellen over de kafkaeske wereld waarin Russische joden terecht kwamen, wanneer zij het Vaderland aller Werkenden wilden verlaten, omdat ze het antisemitisme, de discriminatie bij de keuze van studie en beroep of de 'gewone' perversiteiten van de Sovjet-samenleving niet langer wilden verdragen. Om te beginnen had de emigrant-in-spe een uitnodiging uit Israël nodig.

Daarna begon 'de hordeloop om het enorme aantal vereiste documenten te verkrijgen'. Zoals daar zijn: toestemming van de werkgever, toestemming van de naaste verwanten, verklaringen waaruit moest blijken dat betrokkene zijn huur en telefoonrekening steeds trouw had betaald. Gewapend met al deze paperassen kon men zich vervolgens vervoegen bij OVIR, de dienst van het Sovjet-ministerie van Binnenlandse Zaken die de begeerde uitreisvergunning moest afgeven.

In iedere fase van dit proces konden problemen rijzen. De uitnodiging kon zoekraken in het Russische postverkeer; de werkgever kon toestemming weigeren, meestal omdat de aanvrager 'kennis had van staatsgeheimen' en daarom het land niet mocht verlaten, een uitspraak waartegen geen beroep mogelijk was. Ook de familie weigerde soms goedkeuring, dikwijls uit angst anders zelf door represailles te worden getroffen. Zelfs wanneer al deze barrières waren genomen, kon OVIR zonder opgave van redenen een uitreisvergunning nog weigeren.

Soms daarentegen verliep de hele procedure ineens wonderbaarlijk vlot. Dat was geheel afhankelijk van het op dat moment door Moskou gevoerde emigratie-beleid. Op de motieven die aan dit beleid ten grondslag lagen, concentreert Buwalda zich in zijn dissertatie, die in februari 1997 in de VS zal verschijnen.

De kersverse doctor stelt vast dat er twee grote emigratiegolven zijn geweest: in de periode-Brezjnev, van 1971 tot 1979, en daarna weer onder Gorbatsjov vanaf 1987. Het aantal joodse emigranten per jaar verschilde enorm; in 1979 waren het er 50 duizend, in 1986 minder dan duizend, in 1990 184 duizend. Drie factoren bevorderden volgens Buwalda de Russische bereidheid joodse emigratie toe te staan: druk vanuit Rusland zelf, externe druk, met name van de kant van de VS en tenslotte de Sovjet-behoefte aan westerse economische steun, zoals graanleveranties. Het Russische beleid werd restrictief als er problemen waren met ontwapeningsbesprekingen, de détente op een laag pitje stond en de olieprijs hoog was, zodat Moskou minder behoefte had aan economische banden met het Westen. Al deze drie factoren waren begin jaren tachtig van toepassing, met als gevolg dat de mogelijkheden tot emigratie sterk slonken en de chicanes toenamen.

Weinig geloof hecht Buwalda aan de theorie dat Gorbatsjov de joodse emigratie weer ging toestaan op grond van menslievende overwegingen. 'Ik ken die verklaring wel. Aleksandr Jakovlev, de rechterhand van Gorbatsjov, heeft dat tegen mij gezegd. Maar ik heb daar in de Nederlandse en Israëlische archieven die ik heb kunnen inzien en ook in de memoires van Gorbatsjov of van de Amerikaanse oud-minister van Buitenlandse Zaken Schultz geen aanwijzingen voor gevonden.'

De emigratie gaat nog steeds door; zo'n honderdduizend Russische joden vertrekken jaarlijks naar Israël of de VS, sinds 1992, toen Moskou en Jeruzalem hun betrekkingen herstelden, zonder Nederlandse tussenkomst. In dat jaar kwam in Rusland ook nieuwe wetgeving, die het ontslaan van aspirant-emigranten verbiedt en hun rechtspositie verbetert. Waarom er dan toch nog steeds zoveel joden weg willen?

Piet Buwalda: 'Dat begrijp ik best. De situatie in Rusland is zeer instabiel. En het is daar nu eenmaal zo dat bij iedere narigheid de joden het hebben gedaan.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden