ColumnIne Boermans

In een treincoupé werd ik geconfronteerd met Parijs in mensvorm

null Beeld

In betere tijden kon je gewoon zonder plan op de trein naar Parijs stappen.

Ook gingen er gerust mensen vlak bij je zitten en tegen je praten.

‘Waar gaat u naartoe?’, vroeg de vrouw tegenover mij in de treincoupé. Ze zag er streng uit en zo praatte ze ook. Ze voldeed aan mijn beeld van het echte Parijs.

‘Naar Parijs.’

Het was een retour zonder datum en in Parijs zou ik wel zien. Op de bonnefooi. Alles lag open. Ik kon mijzelf helemaal opnieuw uitvinden. Rondslenteren, vieze koffie drinken in een café waar ze ook rook- en gokwaren verkopen.

‘Waarom?’, vroeg de vrouw.

‘Om iets mee te maken’, zei ik.

‘Waarom?’

‘Om extra te leven’, zei ik. ‘Alles voelt soms zo saai en vol sleur.’

‘Waar kom je vandaan?’, vroeg de vrouw.

‘Midden-Drenthe, Groningen en Amsterdam.’

‘Wat ga je doen in Parijs?’

‘Dat weet ik nog niet.’

‘Spreek je Frans?’

‘Nee, niet echt. Wat trefwoorden.’

‘Waarom niet?’, vroeg de vrouw.

‘Geen idee’, zei ik. ‘Niet goed opgelet op school, denk ik.’

Mijn mond voelde droog. Ik raakte gespannen.

De vrouw keek me even heel streng aan en haalde diep adem. ‘Weet je waar je naartoe moet, heb je geld, ken je er mensen, heb je een slaapplek?’

Het zweet stond op mijn bovenlip dankzij het kruisverhoor van deze vleesgeworden versie van Parijs.

Ik weet het niet. Ik heb geen plan, ik heb geen geld. Laat me met rust.

‘Weet je de weg? Parijs is groot, veel groter dan Midden-Drenthe.’ Ze leek boos. ‘En ook veel en veel duurder. Parijs is duurder dan Midden-Drenthe, Groningen en Amsterdam bij elkaar.’

Een man in de tweezitter achter haar begon ook tegen mij te praten.

‘En Parijs zit echt niet op nog meer dwalende mijmeraars te wachten’, zei de man. ‘Verloren zielen hebben ze genoeg. En zwervers en heroïnejunks. Als je op straat zit te bedelen om geld, maak je eigenlijk ook niet veel mee. En hoe moet je überhaupt vragen om geld of eten als je geen Frans spreekt?!’

De man was eigenlijk ook Parijs als persoon. Samen waren ze veel te veel Parijs.

Ik had al een stuk minder zin in Parijs. Eigenlijk had ik helemaal geen zin meer in Parijs. Ik dacht aan het feestje dat ik zou missen en het etentje van morgenavond. En de caféavond die al weken gepland was. Dingen waar ik wel zin in had.

Ik had nog niets afgezegd.

Misschien moest ik het herboren terugkomen maar een weekje of jaartje uitstellen.

Terwijl ik op een perron in Antwerpen Centraal stond, zwaaide de vrouw me tevreden uit vanuit de rijdende coupé. De man was naast haar gaan zitten. Waarschijnlijk waren ze door Parijs ingehuurd om mensen zoals ik te ontmoedigen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden