sander donkersin 150 woorden

Ik zag een groepje jongens. Ik rook onraad. Ik had ongelijk

null Beeld

In de namiddag zag ik een groepje jongens dralen op de kade voor mijn woonboot. Omdat ik in mijn gedachten helaas ruimdenkender ben dan in de praktijk, was ik meteen alert, als een stokstaartje dat onraad ruikt. Trainingsbroeken, tatoeages, een kwistig gebruik van het woord ‘kanker’: genoeg reden om de boel even in het snotje te houden.

Ik zag hoe ze aan de waterkant gingen zitten, beentjes bungelend over de rand. De meegezeulde objecten, die zojuist nog met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid vervaarlijke steekwapens waren geweest, bleken hengels te zijn. Al snel vervielen de jongens in zwijgen, turend naar hun dobbers. Om mijn ongelijk nog wat te verdiepen, schrokken ze zich heel aandoenlijk een hoedje toen een van hen onverhoopt beet had. ‘Kanker op met dat beest!’, gierden zijn vrienden terwijl ze angstig achteruit deinsden.

Het zal een harder geweest zijn. Ik zie er weleens eentje voorbij zwemmen, en de jongens hadden op zich gelijk: die zijn echt ‘kankergroot’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden