'Ik maak je dood', zei Davids vriend van vroeger

Jongeren plegen steeds meer geweldsdelicten. Vaak zijn andere jongeren hiervan het slachtoffer. Ze worden bedreigd, afgeperst en bestolen. In Harderwijk sluit de politie deze week een onderzoek af naar een jeugdbende die ten minste vijftien scholieren heeft afgeperst....

Van onze verslaggever

Mark van Driel

HARDERWIJK

De afperser van Albert, David en Maarten liet zijn vuurwapen graag zien. Hij zwaaide trots met de loop van het pistool of pronkte met de gladde kolf. Onder schot hield hij de drie vrienden nooit, maar zijn dreigementen waren ondubbelzinnig.

'Ik maak jullie dood.'

Op een zaterdagavond in september, op weg naar een feest, werden de vijftienjarige jongens voor het eerst overvallen. Ze dachten niet aan vechten. De knaap was brutaal en toonde geen enkele vrees. Zijn mes glinsterde in het schijnsel van de straatverlichting.

David herkende zijn belager onmiddellijk. Het was zijn basisschoolvriendje Mohammed. Als twaalfjarigen speelden ze samen. David ging naar het vwo, Mohammed naar het lbo. Ze kwamen elkaar alleen nog tegen als David naar school fietste.

Soms kreeg Mohammed een lift naar het station. 'Daar hingen zijn vrienden rond.'

Mohammed eiste geld, maar de jongens hadden weinig op zak. Ze gaven hem vier gulden. Maar Mohammed had meer nodig om te kunnen gokken, zei hij. Scheldend en vloekend verdween hij op zijn fiets in het donker.

Een week later pakte Mohammed de drie vrienden opnieuw, ditmaal met een handlanger. De jongens probeerden weg te fietsen, maar Maarten werd klemgereden.

'Ik zei dat ik geen geld bij me had. Hij begon te schreeuwen: ''Ik schiet je neer.'' Daarna probeerde hij me XTC te verkopen. Ik zei weer dat ik geen geld had en dat ik niets wilde kopen. Toen begon hij met een pistool te zwaaien.'

Een onbekende man verloste Maarten uit de situatie. 'De man stak de straat over en keek argwanend naar ons. Hij had waarschijnlijk geschreeuw gehoord. Mohammed riep toen luidkeels, zodat de man het kon horen: ''Het was maar een geintje. Daar word je hard van.'' Toen fietste hij weg.'

In het café kreeg Maarten ruzie met Albert en David. Moesten ze wel of geen aangifte doen? Maarten vond van wel. De dreigementen zouden anders nooit ophouden. Maar Albert maakte bezwaar. 'Als de politie hem oppakt staat hij binnen een paar dagen weer op straat', zei hij. 'En dan word je in elkaar geslagen.'

Na langdurig overleg met hun ouders besloten ze met de politie te gaan praten. Een dag voor de afspraak sloeg Mohammed echter weer toe. Dit keer vroeg hij niet om geld, maar fouilleerde hij David hardhandig. Daarna doorzocht hij zijn sporttas. 'Gelukkig vond hij mijn portemonnee niet. Daar zaten vier tientjes in.'

De politie, gewaarschuwd door een parkeerwacht, verscheen net te laat om Mohammed op heterdaad te betrappen. Met David in de politiebus werd in de straten van Harderwijk aan een klopjacht begonnen. De afperser bleek onvindbaar.

Mohammed voelde zich echter opgejaagd, want dezelfde avond belde een Marokkaanse handlanger aan bij het ouderlijk huis van David. Moeder deed open. Als David aangifte deed liep zijn leven gevaar, waarschuwde de jongen. Mohammed was voorwaardelijk vrij en wilde niet opnieuw de gevangenis in.

Davids moeder bleef kalm. Ze stelde voor om de politie te bellen en te vragen of haar zoon aangifte had gedaan. Heimelijk hoopte ze dat de politie na het telefoontje te hulp zou schieten. De jongen trapte bijna in de val. Hij vluchtte na het telefoongesprek.

De volgende ochtend werd Mohammed gearresteerd. Via de lokale kabelkrant riep de politie andere slachtoffers op ook aangifte te doen. Het aantal meldingen steeg tot vijftien. Binnen een paar weken werden zestien verdachten aangehouden, de meesten zijn minderjarig.

Hoewel de jeugdbende lijkt opgerold, is de angst voor represailles bij David, Albert en Maarten niet geheel weggenomen. In de stad zijn ze op hun hoede. Ze denken liever niet aan het moment waarop de afpersers hun straf hebben uitgediend.

Maarten vluchtte onlangs in paniek een bibliotheek binnen, omdat hij Mohammed op straat dacht te zien.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden