'Ik heb structuur nodig. Niet elke man zou dat aankunnen'

Wat betekent het om nu vrouw te zijn? Juul Franssen (28): ‘Ik zal nooit vergeten dat ze een jaar judo van me hebben afgepakt.’ 

Juul Franssen: ‘Ik oefen vaak tegen jongens. Jongens maken me beter. Regelmatig leg ik mannen op hun rug.’ Broek en jasje: Lisa Konno; haar en make-up: Emmy Klomp Beeld Imke Panhuijzen

Alsof je een modelwoning binnenwandelt: het appartement aan de rand van ­Rotterdam dat topjudoka Juul Franssen (28)met haar geliefde Antoin bewoont, is extreem netjes.. Het fornuis ziet er uit alsof er nooit op is gekookt. In een smetteloze vitrine blinkt haar laatste belangrijke medaille: het goud dat ze november vorig jaar op de Grand Prix Den Haag won, nadat ze begin 2017 onrechtmatig werd geschorst door de Judobond. Als ze de plak in handen neemt, glundert ze. ‘Dit was een dubbele overwinning.’

Is dit het huis van een controlfreak?

‘Kijk om je heen. Ik verdraag geen rommel. Chaos werkt contraproductief. Ik heb structuur nodig. Niet elke man zou dat aankunnen. Mijn vriend is nu marketingman voor fitnessapparaten, maar hij komt ook uit de judowereld. Dat maakt het makkelijker om samen te wonen.’

U heeft weleens gezegd: ‘Op de judomat ben ik een regelrechte bitch.’ Hoe zit dat privé?

‘Er bestaan twee Juuls: de perfectionistische, sportende Juul en de gewone, lieve Juul, die meegaand is en het altijd goed wil doen voor anderen. Daarin lijk ik erg op mijn moeder.

‘Maar niet alleen op de mat, ook thuis kan ik soms een bitch zijn. Vooral de dagen voor een wedstrijd. Dan ben ik echt een kutwijf. Dan draait alles om mij, hoeft mijn vriend me niet te vragen of ik gezellig meega naar de bioscoop. Ik zeg op vrijwel alles ‘nee’, heb rust nodig, wil geen dingen doen die niet in het teken staan van een zo goed mogelijke wedstrijd.’

Spart u weleens met uw partner?

‘Ja, soms. Staand wint hij van me, omdat hij zwaarder is. Op de grond maak ik meer kans.’

‘Ik oefen vaak tegen jongens. Jongens maken me beter. Regelmatig leg ik mannen op hun rug. Vinden ze niet altijd leuk, maar daar worden zij zelf ook weer gretiger van.’

‘Als klein meisje waren er tijdens mijn allereerste toernooi niet voldoende vrouwelijke tegenstanders. Ik kwam tegenover een jongen te staan, van wie ik prompt won. Dat gaf zo’n supertof gevoel, dat ik de volgende wedstrijd niet begreep dat ik tegen een meisje moest vechten. Ik heb heel hard staan huilen op de mat.’

U werd vorig jaar uit de Olympische selectie gezet omdat u uw eigen coach wilde kiezen. Pas na een rechtszaak tegen de Judobond kreeg u uw A-status terug. Was dat een gevecht tegen een mannenbolwerk?

‘Grotendeels wel. Bijna alle besturen op mijn niveau – van de Judobond tot het NOCNSF – bestaan uit oudere mannen. Als een jonge vrouw een keer ‘nee’ zegt omdat zij het anders ziet, krijgt ze het lastig. Maar dan kennen ze Juul Franssen nog niet. Het conflict is nu bijgelegd, ik train deels in Rotterdam met mijn eigen team en in Papendal samen met coach Jean Paul Bell. Maar ik zal het nooit vergeten dat ze een jaar judo van me hebben afgepakt.’

Hoe kwam u in de judosport terecht?

‘Via mijn twee jaar oudere zus Kim. Ik was 5, ineens kwam ze met een beker thuis. Dat wou ik ook. En ik moest mijn energie kwijt, ik was een spring-in-’t-veld, nu zouden ze de diagnose adhd stellen. Het liefst stoeide ik buiten met de jongens. Ik was niet een meisje dat al vroeg make-up wou of graag met poppen speelde.’

Heeft u nooit andere sporten beoefend?

‘Jawel, zwemmen, turnen, atletiek.’

Allemaal individuele sporten.

‘Voor teamsport ben ik niet geschikt. Ik kan er niet tegen als ik het zelf goed doe en een medespeler verknalt het. Dan moet ik de ander de schuld geven voor de nederlaag. Ik kan niet tegen mijn verlies. Een simpel gezelschapsspelletje was vroeger onmogelijk met mij. Dreigde ik te verliezen dan veegde ik de pionnen van het bord. Dat heb ik van mijn vader. Hij is een ouderwets ambachtelijke slager, maakt zelf al zijn vleeswaren. Samen met mijn moeder runt hij een slagerij in het Noord-Limburgse Reuver. Als er een klant komt die vraagt naar iets wat hij niet in huis heeft, beschouwt hij dat als een nederlaag.’

Deed uw vader ook aan judo?

‘Toen mijn zus en ik eenmaal op judo zaten, is hij bij een seniorengroep gegaan.’

Kon hij u nog iets leren?

‘Nee, maar vroeger stoeiden we wel met elkaar en vanwege zijn krachtige slagershanden won hij dan toch. Later versloeg ik hem op snelheid en techniek. Daar kon hij eerst slecht tegen. Nu lacht hij erom.’

Wat vond uw vader ervan als u vroeger verloor?

‘Dat vond hij helemaal niks. Hij kon aan de zijlijn zo hard schreeuwen dat mijn moeder niet meer naast hem wilde zitten. Het ergste vond hij als ik huilde. Verliezen was al erg genoeg, maar huilen vond hij echt niet kunnen. Hij zei een keer: ‘Als je weer huilt, kom ik niet meer kijken.’ Sindsdien heb ik dat ook niet meer gedaan.’

Heeft de houding van uw vader u sterker gemaakt?

‘Eerlijk gezegd wel en ik heb het mijn vader nooit verweten. Hij heeft bij mij een bepaalde hardheid afgedwongen die me nu goed van pas komt. En het is niet zo dat mijn vader of moeder mij ooit tot iets gedwongen hebben. Dat vind ik zo treurig om te zien: een kind dat moet sporten om de verwachtingen van zijn ouders in te lossen.’

Heeft u als kind iets gemist?

‘Alles draaide thuis om de slagerszaak. Als mijn zus en ik uit school kwamen, gingen we meteen de winkel in om mee te helpen. Ik heb lieve ouders, ze stonden altijd klaar voor mij en mijn zus. Maar er werd bij ons thuis nooit geknuffeld, dat vind ik achteraf jammer. Nu probeer ik dat zelf goed te maken door mijn vader een dikke zoen te geven als ik hem zie. Hij zal het nooit toegeven, houdt zijn emoties binnen, maar ik weet zeker: stiekem vindt hij dat heel fijn.’

Hangen er foto’s van u in de slagerszaak?

‘Ja, natuurlijk, mijn ouders zijn ongelooflijk trots op me.’

En van uw zus?

‘Ja, maar minder. Mijn zus was vroeger zeker zo goed als ik, maar raakte vaak geblesseerd en heeft helaas het hoogste niveau niet bereikt. Hoe ouder ik werd, hoe meer het thuis om mij draaide. Ik heb haar weleens gevraagd wat dat met haar heeft gedaan, maar dan gaan de hakken in het zand. Mijn ouders hebben ons beiden even lief. Ik kan me moeilijk schuldig voelen, ik presteer uiteindelijk op eigen kracht.’

Heeft u al een idee hoe uw leven er straks, zonder judo, uitziet?

‘Ik ben in 2015 gescheiden en sindsdien plan ik niet meer zoveel vooruit. Ik was vanaf mijn 12de met dezelfde jongen. Ik kende hem van school, mijn beste vriend werd mijn man, wat wilde ik nog meer? Alles klopte! De hele weg was al uitgestippeld. We trouwden in 2014 en ik dacht: dan blijf ik judoën tot mijn 30ste, daarna voltooi ik mijn opleiding als sociaal werker, neem ik een parttime baan, gaat mijn man fulltime werken als gymleraar en word ik moeder, ben ik lekker veel thuis. De moederkloek zijn, daar droomde ik van. Maar anderhalf jaar na onze bruiloft zei mijn ex – ik weet de woorden nog exact: 'Ik ben er de afgelopen dagen achtergekomen dat ik niet met je verder wil.' Ik ken nog steeds de echte reden niet.’

Misschien voelde hij zich ondergeschikt aan uw sportcarrière.

‘Ik heb nooit iets van afgunst gemerkt, hij beweerde altijd dat hij mijn carrière als een prestatie van ons tweeën beschouwde. Soms snap ik het nog steeds niet. Was ik blind, naïef? Heb ik een tijdlang geloofd in iets wat er niet meer was?’

Heeft u de scheiding verwerkt?

‘Uhm (trillende stem)... laten we zeggen: ik heb het zo goed mogelijk verwerkt en bovenal geaccepteerd. Ik ben er zelfbewuster uitgekomen. Het was zwak om me uit het lood te laten slaan door een nare beslissing van een ander.’

‘Voor mijn huidige vriend Antoin is het weleens moeilijk, dat ik sindsdien een muur om me heen heb gebouwd. Ik geef me niet meer zo gauw gewonnen. Maar die muur brokkelt langzaam af. Antoin en ik kennen elkaar nu anderhalf jaar en ik ben dankbaar dat ik hem in mijn leven heb.’

Kon u destijds nog wel sporten, met liefdesverdriet?

‘Een week nadat ik de bons kreeg, had ik een Grand Slam in Parijs. Eerst dacht ik: wat ik moet ik daar? Maar gestimuleerd door mijn trainer ben ik toch gegaan. Uiteindelijk werd ik zelfs tweede. Puur op woede. Want kijk, het was ook nog eens Parijs hè, de stad waar mijn ex me ooit ten huwelijk vroeg.’

‘Niet veel later kwamen de paniekaanvallen, werd ik ineens bang dat de gevolgen van mijn scheiding mijn sportcarrière zouden verwoesten. Ik had gelukkig een goede psychotherapeut, die heeft samen met mijn trainer Mark van der Ham mijn geknakte zelfvertrouwen opgevijzeld.’

Wilt u nog steeds moeder worden?

Liever gisteren dan vandaag. Maar als iemand me rechtstreeks vraagt: wat heb je liever, eerst een kind of in 2020 Olympisch kampioen worden, dan kies ik toch voor het laatste. En misschien ga ik na 2020 ook nog met judo door. Of ik daarna nog kinderen kan krijgen, is natuurlijk onzeker. Dat is het dilemma van een vrouwelijke topsporter: in de jaren dat ze het vruchtbaarst is, moet ze ook sportief het beste uit haar lichaam halen. En je ondermijnt met topsport toch ook je lijf’

‘Tja, als het niet lukt, wat dan? Dan moeten we maar een hond nemen. Die hond komt er sowieso. Wat mij betreft wordt het: eerst medailles en een hond en dan kinderen.’

U lacht, waarom?

‘Omdat ik mezelf hoor praten en merk dat ik toch weer met een ideaalplaatje bezig ben. Terwijl juist ík zou moeten weten dat ideaalplaatjes helemaal niet bestaan.’

Merkt u iets van de #MeToo-discussie in de judosport?

‘Ik vind het een opgeblazen toestand, ineens zijn mijn trainers extra kwetsbaar. Belachelijk. In judo is fysiek contact noodzakelijk. Een coach moet tijdens het oefenen zijn pupil kunnen vastpakken. Ik heb nog nooit iets van bijbedoelingen gemerkt. Als iemand zonder sportieve reden aan mijn billen zit, zou ik ter plekke van me afbijten, hem vloeren, is hij meteen gezien.’

CV Juul Fransen

-1990 geboren in Venlo

-2002 Voor het eerst Nederlands kampioen. Hierna volgden nog negen nationale titels.

-2006, 2008 en 2012 Europees kampioen

-2008 Havodiploma Trevianumcollege Sittard

-2008-2011 Opleiding Sporthogeschool Fontys Eindhoven

-2010 Wereldkampioen Teams

-2011 Verhuist naar Rotterdam om te trainen met oud judoka Mark van der Ham bij Topjudo

-2014 tot heden Social Work-opleiding Hogeschool InHolland Rotterdam.

-2016 Zilver World Judo Masters Mexico; winnaar Grand Slam Abu Dhabi

-2017 Winnaar Grand Prix Den Haag; brons World Judo Masters Rusland

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden