zin van het leven Wendy Hoogendijk

‘Ik heb nooit geweten dat verdriet en woede ook fysiek zo’n pijn konden doen’

Beeld Jitske Schols

Wat zegt de veerkracht van mensen over de zin van het leven? De gewelddadige dood van haar vader bracht haar bij die vraag, vertelt Wendy Hoogendijk aan Fokke Obbema.

Bijna een kwart eeuw lang lachte het ­leven haar toe. Wendy Hoogendijk brengt haar jeugd door in een ‘veilig, liefdevol gezin’. Locatie: een rijtjeshuis in Capelle aan den IJssel, waar haar vader als elektronicareparateur aan huis werkt en haar moeder huisvrouw is. Een ‘bijna-niks-aan-de-handjeugd’, noemt ze het. Natuurlijk, er is die week dat haar vader niet tegen haar praat, omdat ze als 15-jarige met een zes jaar ouder vriendje is thuisgekomen. Maar bovenal is hij een steunende vader ‘met een luisterend oor en kritische blik’. Wanneer zij als 18-jarige alleen door Argentinië wil reizen, ­reageert hij enthousiast. Ook staat hij achter haar keuze voor de toneelschool. In 2008 begint ze die in Maastricht, vier jaar later gaat ze afstuderen, met allerlei theaterprojecten op stapel. Dan slaat het noodlot toe: ‘Net toen ik dacht: nu gaat het echt beginnen.’

Op 21 april 2012 komt haar vader op 55-jarige leeftijd om het leven. Een jonge automobilist rijdt onder invloed van alcohol door rood, terwijl hij met een vaart van 100 kilometer per uur op zijn telefoon kijkt. Vader Hoogendijk is kansloos. ‘Alles stond stil. En alles was tegelijkertijd een woeste storm van vragen, woede, onmacht. Ik heb nooit geweten dat verdriet en woede ook fysiek zo’n pijn konden doen. Ik voelde het in mijn hart, in mijn botten, in mijn hele lijf.’

Zijn gewelddadige dood mondt uit in haar solo-theatervoorstelling ­Radiostilte. Een hommage aan haar ­vader, gegoten in de vorm van het ­radioprogramma dat hij als 17-jarige radiopiraat had bedacht. Zijn dochter heeft de rol van presentator, die alle hoofdrolspelers bij zijn overlijden hun verhaal laat doen. De top van het Openbaar Ministerie ziet er zulke wijze lessen in voor omgang met ­nabestaanden dat zij de voorstelling mag spelen voor alle officieren van justitie, dwars door het land. Voor de inmiddels 31-jarige Hoogendijk draait de voorstelling om ons ongemak met de dood en veerkracht.

Wat is de zin van ons leven?

‘Over honderd jaar, en dat is een vingerknip, heeft niemand meer van ons gehoord. Dan heb ik het nog niet eens over de sterren en planeten. Aan de tijd en de ruimte denken vind ik beangstigend en geruststellend tegelijk. Beangstigend omdat alles zo veel groter is en je dus kunt verdwalen. Maar ook geruststellend, want het relativeert het belang van mijn leven dat nu zo groot lijkt. Af en toe vind ik die perspectieven fijn, maar dan wil ik ook snel terug naar het hier en nu. Daardoor zie ik de zin van ons leven niet als iets statisch, maar als iets dat met ons meebeweegt.’

Kunt u dat uitleggen?

‘Iedere fase geeft een andere zin. Juist de zoektocht ernaar, met openheid, nieuwsgierigheid en plezier, is voor mij de zin van het leven zelf. Over twee jaar kan ik hem ergens anders vinden, maar op dit moment is de zin voor mij vooral: liefde voelen voor het leven zelf.

‘Ik zie geen hoger doel. Dat suggereert een eindpunt en dat lijkt me ­gevaarlijk. Dan stopt er ook iets met leven. Ik wil nieuwe vormen van zingeving niet missen. Leven gaat voor mij over ontdekken, dat moet je niet vastzetten.’

Zag u de zin voorafgaand aan uw vaders dood anders?

‘Toen was ik daar niet zo mee bezig. Ik dacht niet veel verder dan vormen die me belangrijk leken: een goede theatermaker worden, een fijne relatie, ooit een kind. Door zijn dood ben ik bewust op zoek gegaan naar de zin van het leven. Ik ging nadenken over de zinloosheid van gebeurtenissen die je kunnen overkomen. Die aanrijding blijft dat voor mij. Het is een pijnlijke, harde, lelijke en zinloze gebeurtenis. Ik geloof niet dat het moest gebeuren om wat eruit is voortgevloeid mogelijk te maken.’

Kwam het bestaan u zinloos voor?

‘Dat is zeker een terugkerende gedachte geweest. Ik ben ook in gevecht geraakt met vragen als: wat is de liefde en wat is die God? Ik had op dat moment al afscheid genomen van de God zoals die me op school was gepresenteerd. We waren thuis wel kerkelijk, maar werden daarin vrijgelaten. Mijn vader mediteerde. Voor mij had God zich ontwikkeld tot een symbool van liefdeskracht die in ieder mens zit. Maar waar was die allesomvattende liefde op het moment van het ongeluk? Ik kwelde mezelf ook met vragen als ‘wat als?’ en ‘waarom?’. Waarom nou net op dat moment, waarom moest mijn vader juist die avond een vriend wegbrengen, waardoor hij op die seconde de weg overstak? Vragen waarop je nooit antwoord krijgt. Aan het meeste wat in het leven gebeurt, kun je wel iets veranderen. Maar dit was zo definitief, het viel niet om te buigen naar iets anders.

‘Wat ik vooral zwaar vond, was het perspectief van mijn vader. Meer nog dan dat van mezelf, mijn moeder of mijn oma. Dat mijn vader afscheid moest nemen van een leven waar hij nog zo vol in stond, vond ik onverdraaglijk. Daar heb ik nachtenlang van wakker gelegen. In het begin ­waren de emoties zo heftig dat ze alles overschreeuwden. In stilte kun je liefdeskracht vinden, maar die kon ik nog niet opzoeken. Want zodra ik dat deed, voelde ik alleen maar pijn.’

Wat deed u wel?

‘Ik zocht constant afleiding. Hard werken, jointjes, spelletjes op mijn ­telefoon, kortom: de pijn verdoven. In die eerste tijd maakte ik een cabaretvoorstelling over al mijn ex-vriendjes. Veel humor, maar niet iets dat me echt raakte. Anderhalf jaar na zijn dood kon ik op een nacht niet slapen. Ik voelde me geïnspireerd om me tot mijn vader te richten in een lied. Daarin stond ik langs de Maas en hij kwam zomaar aanlopen. Dat beeld dat hij er ineens was, had ik al vaak gehad. Maar toen voelde ik rust en vroeg me af: wat zou ik doen? Ik bedacht dat we eerst zouden zwijgen, genieten van het moment en dan naar de stad zouden gaan, tot alle kroegen dicht waren. Het werd een lied van tientallen coupletten, waarin hij over zijn hemel praat en ik dat probeer te begrijpen, maar het nog steeds lastig vind. Uiteindelijk proosten we: hij op alles wat komen gaat en ik op alles wat was.’

Veranderde er daarna iets?

‘Ik voelde een grote kracht, omdat ik iets van de narigheid tot iets moois had omgevormd. De vragen waarmee ik mezelf tot dan toe kwelde, verdwenen naar de achtergrond. Daarvoor in de plaats kwam een vorm van acceptatie van zijn dood. Als ik dat niet had gekund, was er geen verdere ruimte voor creativiteit gekomen. Daarna raakte ik in de ban van de vraag: wie was hij eigenlijk? Ik ging met familieleden en vrienden praten. Tijdens die zoektocht kreeg ik inspiratie van hem, hij voelde zo dichtbij. Het was fascinerend: iemand die er fysiek niet meer was, kon mij nog steeds verrassen, raken, inspireren. Zijn energie of ziel voelde haast nog dichterbij dan voor zijn dood.’

Is hij nog ergens?

‘Ja, dat idee heb ik wel. Kort na zijn dood had ik dromen die eigenlijk ontmoetingen waren. Heel heftig en levensecht. Mijn broer had er ook een. Tijdens zo’n ontmoeting toonde mijn vader zijn verdriet. ‘Wat is er gebeurd?’, vroeg hij. Ik geloof dat er aan beide kanten een rouwproces is. Mensen zeiden tegen me: ‘Hij heeft nu rust.’ Welnee, flikker op – hij is uit zijn leven weggerukt, terwijl hij er volop van genoot; hij wil die rust helemaal niet. Ik denk dat het hem moeite kostte het leven los te laten.

‘Ik voel nog zo veel contact met hem, vooral als ik de stilte in mezelf weet te vinden. Wanneer ik het leven vol overgave kan ervaren, in de natuur of gewoon thuis. Soms voelt hij zo dichtbij dat ik een dialoog met hem heb. Toen ik in de auto zat naar het ministerie van Justitie, waar ik de voorstelling mocht spelen, riep ik tegen hem: ‘Pap, waar gaan we nu toch weer naartoe!’ Dat voelde echt als ­samen. Voor mij heeft hij ook de hand in de voorstelling.’

Wat wilt u overbrengen?

‘Voor mij draait het vooral om ons ongemak met de dood en onze veerkracht. Mensen willen van de dood wegblijven. Dat leidt soms tot absurde situaties. ­Bekenden die in de eerste weken in de supermarkt erg naar een pak rijst turen om me maar te ontwijken. Dat ongemak herken ik, het komt voort uit onze doodsangst die we niet willen voelen. Daarom wilde ik het juist daarover hebben, op een lichte toon, dus zonder veroordeling. En ik wilde de mooie kanten van het rouwproces laten zien.

Leestip

De kracht van het nu van Eckhart Tolle. Dankzij dit boek ervoer ik tijdens reizen dat mijn gedachten minder overheersend werden en dat mijn zintuigen scherper stonden afgesteld: het horen van de zee of van de eerste vogels, het zien van de schoonheid en de kracht van een zonsopgang. Tolle hielp me te beseffen dat het leven zich niet afspeelt in je gedachten, maar in het ervaren van wat is.’

‘De veerkracht bijvoorbeeld van mijn oma, die toch weer boontjes op het fornuis zet, ook al dacht ik: ‘Ze gaat nooit meer koken, ze overleeft het verlies van haar kind niet.’ Dat ze dat weer kon, raakte me diep. Of mijn moeder, die dagelijks veertig kilometer ging fietsen om haar woede kwijt te raken. Daarin zit ook zo veel veerkracht. Of mijn broer die een paar maanden later zelf vader werd. Toen hij zijn zoontje voor het eerst in zijn armen hield, was er puur geluk, naast dat even pure verdriet. De sluier van de dood nam zijn geluk niet weg, ook dat is veerkracht. Die van mij lag in het betekenis geven aan iets zinloos door de voorstelling te maken. Bij alle fratsen die het leven met ons uithaalt, kunnen mensen op hun veerkracht terugvallen.’

Is tijd ook een bondgenoot?

‘Ik vind dat moeilijk, want ik heb nog momenten dat ik hem verschrikkelijk mis. Maar de tijd helpt wel, omdat je verschillende fases van verwerking doorgaat. Ik leid nu het leven van een 31-jarige vrouw die zich bewuster is van de kwetsbaarheid van het leven. Prikkels en adrenaline zoek ik op om het leven vol te ervaren: spontaan naar Parijs, nachten doorhalen in de kroeg, vol gaan voor voorstellingen en mijn muziek. Ik ben nu zover dat ik kan zeggen dat zijn dood en het hele proces erna mijn leven ook wel hebben verrijkt.’

U schrikt toch van die woorden.

‘Ja, ik vind het spannend om te zeggen. Maar er zijn nu eenmaal ook mooie dingen uit zijn dood voortgekomen. Voor mijn werk als theatermaker is veerkracht de leidraad geworden. Vorig jaar bij het maken van een film over jonge vluchtelingen op Lesbos, bij mijn voorstellingen met dak- en thuislozen, gedetineerden en drugsverslaafden. Ga je erop letten, dan zie je de veerkracht in iedere mens.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.