Interview Dilan Yurdakul

‘Ik heb mijn hele Goede tijden-salaris uitgegeven aan therapie’

Dilan Yurdakul Beeld Frank Ruiter

Dilan Yurdakul (28) speelde zeven jaar lang de rol van Aysen Baydar in Goede Tijden, Slechte Tijden. Nu ze is gestopt, lonkt het theater. Ze is momenteel te zien in Wie is bang van NTGent, en speelt haar eigen solo, Door de schaduw heen, over haar Turkse wortels en haar depressie.  

Aysen uit Goede Tijden, Slechte Tijden of Sibel uit Wie is bang?

‘O, die zijn onmogelijk met elkaar te vergelijken. Aysen is een personage waarmee ik zeven jaar heb geleefd. We lijken op elkaar; zij is rechercheur bij de politie, een stoere, harde vrouw die haar kwetsbaarheden diep wegstopt. Toen ik auditie deed, was ik dat ook allemaal; ik begreep dat masker heel goed. Dat is de kracht van soap: personages worden vaak dicht op de huid van de acteurs geschreven. Anders kun je het niet elke dag verkopen.

‘Maar zeven jaar is ook een soort levenscyclus, zeggen ze toch? Het afscheid zat al een tijdje in mijn hoofd en daar groei je naartoe. Ik mis haar niet eens echt, heel gek; ik ben in mei gestopt en heb sindsdien zoveel te doen. Wel mis ik soms het ritme van het draaien, en het voor de camera staan, want dat komt er nu even niet van.

‘Overdag werk ik nu aan mijn solo en ’s avonds speel ik Sibel, een jonge Turkse actrice in Wie is bang, Tom Lanoyes bewerking van Who’s Afraid of Virginia Woolf? van Edward Albee.

‘Voor de rol van Sibel heeft Tom mij geïnterviewd over mijn afkomst, en het risico te worden getypecast als Turkse. Sibel is het type dat een rol weigert als ze die krijgt vanwege haar afkomst. Ze wil het per se op eigen kracht doen, en heel erg bewijzen wat ze waard is. Haar drive herken ik, maar zelf vind ik het niet zo heel erg om een rol te krijgen omdat ik Turks ben. Je krijgt ook wel eens een rol omdat je dun bent, of gespierd. Zolang het maar een goed verhaal is, en die zijn er nog te weinig. Maar Wie is bang is een goed begin.’

Theater of tv?

‘Tja, dat is natuurlijk niet echt meer een kwestie van of. Er is wel een verschil: toneel is heilig voor mij. Daar ben ik begonnen, op mijn 14de, bij groepen als Jong Rast, Jongerentheater 020 en later Likeminds. Bij toneel is er tijd om echt de diepte in te gaan, om een hele dag op één zin te wroeten. Voor mij is toneel de plek waar alles ontstaat.

‘Maar mijn leerschool als actrice was Goede Tijden. Met het geld dat ik daar verdiende, huurde ik af en toe een zaaltje om nog een paar keer een solo te kunnen spelen. Toen heb ik Proust bewerkt, Bekentenissen van een jong meisje, en Oscar Wildes The Picture of Dorian Gray. Ik ben naast Goede Tijden altijd theater blijven maken, en ik wil de twee ook blijven combineren.’

Europese studies of de toneelschool?

‘Ik heb lang getwijfeld tussen de toneelschool en studeren, en besloot toen dat de toneelschool later nog wel kon. Dus het werd Europese studies en Duits – gewoon omdat ik Duits een prachtige taal vind. Daarna kreeg ik die rol in Goede Tijden en kwam de toneelschool er niet meer van. Daarvan heb ik wel spijt gehad, ik had het gevoel dat ik zonder dat diploma in het toneelwereldje minder serieus werd genomen. En ik nam mezelf ook minder serieus.

‘Je mist ook wel echt wat, hè? Veel collega’s hebben vier jaar van hun leven op zo’n school doorgebracht, ze zijn daar opgegroeid. Joh, daar hebben ze het op hun 50ste nóg over.

‘Zo’n school is een plek waar je vier jaar lang veilig op je bek kunt gaan. Dat is natuurlijk geweldig, maar ook een bubbel. Inmiddels ben ik blij dat ik het vak in de praktijk heb kunnen leren, want uiteindelijk moet dat toch.’

Spelen of schrijven?

‘Ik heb altijd mijn eigen stukken geschreven en dat zal ik ook blijven doen. Schrijven kost me minder moeite dan spelen. Ik kan me best voorstellen dat ik ooit stop met spelen en dan voornamelijk zal schrijven en regisseren. Ik wil niet alleen een poppetje zijn in andermans stuk. 

‘Wie weet, misschien komt er wel een boek. Literatuur, dat is voor mij voeding voor de verbeelding. Het prikkelt mijn fantasie, dat is belangrijk voor mij als mens en als actrice. Ik was jarenlang verslaafd aan D.H Lawrence; Lady Chatterley’s Lover heb ik helemaal stukgelezen. Afdalen in de krochten van de menselijke ziel, heerlijk. Ik vind het altijd heel raar als mensen niet lezen.

‘Maar nu eerst deze solo. Dat is ook weer een nieuwe stap, omdat ik vertrek vanuit een heel persoonlijke ervaring: mijn depressie. Zo concreet en autobiografisch is mijn toneelwerk nog niet geweest.’

Pillen of praten?

‘Praten, sowieso altijd praten. En antidepressiva als praten niet genoeg helpt. Mijn depressie had een lang voortraject. Het begon denk ik al toen ik 14 was, maar dat heb ik toen diep weggestopt. Toen ik 17 was, ging het weer niet goed, maar de huisarts weet dat aan de puberteit en zoiets vaags als ‘carrièredrang’. Ik werkte ook fucking hard toen, als sportinstructeur en actrice; ik deed alles om maar iets voor te stellen. Dus ik dacht: dat zal het dan wel zijn.

‘Rond mijn 21ste ging het echt goed mis. Misschien omdat ik me toen als soapie opeens ook staande moest houden in de wereld van buitenkant, van rode lopers en roddelbladen. Toen heb ik zelf maar een psycholoog gegoogled.

‘Vervolgens heb ik mijn hele Goede Tijden-salaris uitgegeven aan therapieën: imaginatietherapie, neurofeedback, tekentherapie, acupunctuur, EMDR. Uiteindelijk heb ik bij de huisarts een doorverwijzing naar een psychiater afgedwongen. De diagnose was bipolair, type 2. Mijn opa had het ook, en mijn moeder misschien.

‘Dankzij die diagnose en de juiste therapie weet ik nu hoe ik de schommelingen in mijn gemoed op tijd kan herkennen en de excessen kan indammen. Antidepressiva hielpen om ’s morgens normaal wakker te worden en een beetje de regie over mijn leven te houden. Maar die pillen zijn er vooral om de ergste periode door te komen. Ik heb ze drie jaar geslikt. Sinds vorig jaar zomer slik ik niet meer, en het gaat goed.’

‘Vul in: uiterst depressief, neutraal of uiterst manisch’

‘Dat staat in de tekst, ja. De Life Chart-methode. Daarmee breng je je emotionele schommelingen in kaart. Zo krijg je er meer inzicht in en ontregelen ze je minder.

‘Ik had manische buien waarin ik alles durfde en veel voor elkaar kreeg. Maar je verbruikt dan ook veel energie; je doet alles en slaapt nauwelijks en daarna ben je kapot.

‘Inmiddels ben ik heel goed geworden in mezelf monitoren. Daardoor leid ik nu een veel bewuster leven dan andere jonge mensen. Ik ben eerder moe, ik let op de balans en op mijn rust. De stress rond deze voorstelling is een trigger, dat weet ik, dus ik trek me vaak veel eerder dan anderen terug, ga na de repetities niet meer mee naar het café, doe rustig aan met drank. Want anders sla ik door. De keerzijde van de manie is de depressie, en die gun ik niemand. Zelfs mijn ergste vijand niet.

‘Als ik het nu in zou moeten vullen kies ik ‘neutraal’.’

Je identiteit: vorm je die zelf of ligt-ie deels al vast?

‘Toen ik over het plan voor deze solo vertelde, waarin ik vertel over mijn Turkse wortels en mijn latere depressie, zei een collega: ‘Ah, eindelijk ga je toegeven dat je een echte Turk bent.’ Blijkbaar heb ik de Turkse invloed op mij altijd ontkend. Daarmee ontkende ik veel van mezelf: de woede, de schaamte; Turkije heeft een diepgewortelde schuld- en schaamtecultuur. Ik dacht dat ik mezelf een bepaalde identiteit kon aanmeten, maar veel ligt al vast door de cultuur waaruit ik voortkom, ook al ben ik hier geboren.

‘Trauma is keten. Mijn vader bijvoorbeeld is een Koerd. Die mensen zijn hun hele leven onderdrukt, dat heeft effect op hem en dus weer op mij, dat kan niet anders. Ik ben bijvoorbeeld altijd heel opstandig, maar soms voelt die woede als iets ouds, alsof die niet alleen van mij is, maar van alle generaties voor me die niet werden gezien of gehoord.

‘In mijn jeugd kreeg ik vaak van mijn moeder te horen dat ik het niet goed deed. Maar zij heeft in haar jeugd óók nooit anders gehoord. Pas toen ik dat begreep, kon ik mijn eigen verdriet in perspectief plaatsen. Wat ik heb gemist als kind is niet alleen mijn probleem – het staat in een lange traditie. Daar gaat Door de schaduw heen over.

‘Natuurlijk erven ook Nederlandse kinderen trauma’s van hun ouders, maar ik denk dat bij niet-Nederlanders het trauma dieper zit. Zeker bij de derde generatie, omdat wij ook nog worstelen met het feit dat we er geen last van mógen hebben. ‘Je woont nu toch hier? We hebben jou alle kansen gegeven!’ Afkomst mág voor ons geen rol meer spelen, maar dat doet het natuurlijk wel. Daardoor ontstaat verscheurdheid.’

Turks of Nederlands?

‘Allebei en geen van beide. Ik ben hier geboren maar ik voel me niet per se Nederlands. In Nederland voel ik me vaak de Turk, maar in Turkije ben ik de Nederlander. Ik werd daar in de Starbucks zelfs gecorrigeerd op de uitspraak van mijn naam, haha. Dat is wel het toppunt van een identiteitscrisis.’

CV Dilan Yurdakul

1991 Geboren in Amsterdam

2005-2007 Speelt en maakt toneel bij Jongerentheater 020, Jong Rast en Likeminds

2007-2012 Studies Europese Studies en Duits

2012-2019 Speelt Aysen Baydar in Goede Tijden, Slechte Tijden

2016-2017 Rol in voorstelling Sneeuw van NTGent

2019 Rol in Wie is bang van NTGent, solo Door de schaduw heen bij Likeminds ism Theater Bellevue

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden