Land van afkomst Fuad Hassen

‘Ik gaf die man een omhelzing en fluisterde in zijn oor: eerst hebben we Zwarte Piet van jullie afgepakt en daarna komt carnaval’

Fuad Hassen Beeld Ernst Coppejans

Geef je comedian Fuad Hassen (38) een compliment over zijn goede Nederlands, dan denkt hij: ik pak je. En ook met racistische opmerkingen weet hij wel raad.

Het gebeurde in een theater in Boxmeer, bij een voorstelling met drie comedians. ‘Ik begin mijn show altijd met: is hier iemand die mij kent? Een oudere man met wit haar en een rond brilletje riep: ja, van Opsporing Verzocht. Ik ging verder en hij bleef vanuit de zaal dingen roepen, steeds over mijn kleur.

‘Ik vind het niet erg als er wordt geroepen, zo kan ik mijn improvisatieskills trainen. Maar na een tijdje dacht ik wel: hij méént dit, deze man bestaat nog, gebeurt dit echt? Hij riep: ik zal voor je bidden. Ik vroeg waarom. Hij zei: dat je weer teruggaat. Ik antwoordde: waarnaartoe? Hij weer: naar waar je vandaan komt. Dus ik vroeg: naar Den Bosch?

‘Ik liep de zaal in en gaf die man een omhelzing. In zijn oor fluisterde ik: eerst hebben we Zwarte Piet van jullie afgepakt en daarna komt carnaval. Dat was speciaal voor hem, alleen hij kon het horen. Zo los ik het op.’

Wanneer wist je dat je comedian wilde worden?

‘Vroeger hadden wij thuis TrosKompas. In die tv-gids zag ik soms dit woord staan: comedy. Ik wist niet wat het betekende, ik wist alleen: als dat woord erbij staat, vind ik het leuk. Zoals veel mensen van mijn generatie groeide ik op met Eddie Murphy, later keek ik naar Bill Cosby en Richard Pryor. En André van Duin. Een vakman, zijn timing is geweldig.

‘Al mijn vrienden zijn grappig, ik ben niet eens de grappigste. Ik bezocht comedyshows en in de zaal kreeg ik een gevoel in mijn maag: dit wil ik ook. In 2006 ging ik naar een open mic night in het Comedy Café in Amsterdam, met beginnende comedians. Een week eerder had ik daar al gekeken: oooh, als híj zich durft op te geven, kan ik het ook.

‘De eerste grap ging over de complimenten die ik krijg omdat ik zo goed Nederlands spreek. Dat ze anderen erbij roepen: kom eens kijken hoe goed hij Nederlands spreekt. Ik dacht: ik ga jullie pakken. Dus dan begon ik ineens met een Afrikaans accent: dankoewel, lieve meneer. Zij reageren dan door in zo’n simpel taaltje tegen me terug te praten, alsof ik het anders niet versta. En ik weer: maar jij spreekt niet zo goed Nederlands, hè?’

Wat vonden je ouders ervan?

‘Ze zijn trots, alleen begrijpt mijn moeder het nog steeds niet. Waarom betalen mensen geld om naar jou te luisteren? Ik ben veel grappiger, zegt ze dan – ze kunnen net zo goed naar mij luisteren en al die verhalen van jou gaan toch over mij.

‘Mijn moeder heeft de denkwijze van een hippie. Ze wil gewoon dat ik gelukkig ben. Haar zus woont in Canada en heeft twee dochters. De ene wordt dokter en de andere advocaat. Maar mijn tante praat alleen over mij: red carpet, jij wordt beroemd, zoals Trevor Noah. Ik zeg dan: jij hebt twee dochters die dokter en advocaat worden.’

Hoe kwam je in Nederland terecht?

‘We zijn gevlucht voor de burgeroorlog in Ethiopië en Eritrea. Via Soedan kwamen we in Den Bosch terecht. Andere vluchtelingen uit die stroom gingen naar Italië en Zweden. Het ging gemakkelijk. We hadden duidelijk valse paspoorten, op de plaats van de foto stonden nog net geen poppetjes getekend.’

Waarom hadden jullie valse paspoorten nodig?

‘Ik weet het niet, ik was een kind, ik ging gewoon mee. Het was 1986, we werden met open armen ontvangen in Nederland. Ik schrik echt als ik nu verhalen hoor van landgenoten die vluchten voor het regime in Eritrea. Dat ze tijdens de reis op een bootje hun ouders hebben verloren. 

‘Daar denk ik normaal gesproken niet over na, dat doe ik pas als iemand naast me zit en het vertelt. Mensen die de grenzen willen sluiten voor vluchtelingen, hebben geluk dat ze totaal geen idee hebben hoe het is. Niemand wil zijn eigen land verlaten, met een serieuze kans dat je het niet overleeft.’

Voel jij je een Brabander?

‘Niet in Brabant. Wel als ik in een andere stad een Brabander tegenkom. Ik voel me eerder een Brabander dan een Nederlander. Den Bosch is anders dan Tilburg of Helmond, waar ze de lelijkste accenten van Nederland hebben. Om me heen hoorde ik meer ABN of straattaal.

‘Ik groeide op in Hambaken, een multiculturele buurt. Het werd me vrij vroeg duidelijk dat er een dingetje was tussen Surinamers en Antillianen. Elkaar plagen en de ander steeds neerhalen. Het was de eerste keer dat ik iemand hoorde praten over ‘jullie’.

‘Op de middelbare school kwam ik in de klas met kinderen uit de dorpen om Den Bosch heen. Ik weet nog dat ze zeiden: hij komt van de Hambakenschool, hem moeten we te vriend houden. Ik dacht: dus jij denkt dat ik gevaarlijk ben? Dat was nieuw voor me, zo had ik het zelf nooit gezien.’

Moet jouw materiaal als comedian gaan over je afkomst of juist niet?

‘Vroeger vond ik het te makkelijk. Ik wilde niet zo’n comedian zijn die het steeds over zijn afkomst heeft, ik deed m’n best om daaromheen te werken. Nu denk ik: hallo, dit is wel mijn leven. Ik vertel gewoon over wat ik heb meegemaakt, vanuit mijn oogpunt. Als het daarover moet gaan, dan gaat het maar daarover.’

Nederlands

‘Met de auto vanuit België weer Nederland inrijden. Glad asfalt, alles doet het weer, hier is het goed geregeld.’

Eritrees

‘Bij mijn moeder injera eten.’

Partner

‘Ze waren allemaal vrouw, en knettergek. Hoe ik het doe: ik val op iedereen die op mij valt.’

Wit of blank

‘Ik zei altijd blank, tot ik hoorde dat mensen om me heen wit begonnen te zeggen. Dan doe ik mee, zo moeilijk is dat niet.’

Fuad Hassen (Eritrea, 1981) speelde het afgelopen seizoen zijn voorstelling Held en was op RTL 4 wekelijks te zien in Is er een dokter in de zaal? Vanaf september staat hij in het theater met zijn nieuwe programma Remmende voorsprong.

Videoserie Land van Afkomst

In een nieuwe videoserie gaan we in gesprek met verschillende landgenoten over de rol van hun afkomst. Aflevering 1: zangeres Carolina Dijkhuizen. Waarom ben jij donker en is je moeder wit, vroeg een klasgenootje ooit aan de geadopteerde Carolina Dijkhuizen. Het label ‘zwart’ laat haar vanaf dan niet meer los. ‘Ik vond het zo lastig dat ik niet op mijn ouders, mijn broers of mijn vriendinnen leek.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden