sander donkersin 150 woorden

Iets zei me dat het goed was om het uit te schreeuwen

null Beeld

Het was heet. Ergens in een tuin waar ik hijgend en puffend langsreed op mijn racefiets was een sproeier dicht bij de weg gezet. In een oogwenk werd ik van top tot teen bedekt door een waas van frisse druppeltjes, als het fruit in de betere supermarkt, wat een kettingreactie van hervonden sensaties teweegbracht.

De koelte maakte korte metten met het warme zweet. Mijn huid, die na zoveel landerige, sportloze maanden nauwelijks meer voelde als de mijne, trok zich strak rond mijn geraamte. En wat was dat? Verrek, ik had tepels! Pijn in de benen werd genot in de benen. Heug en meug werden wind in de rug. Iets zei me dat het goed was om het uit te schreeuwen, geen woorden, gewoon een kreet die eruit moest, om me te verzoenen met wat akelig was geweest, om me lichter te maken. Het grote insect dat daarbij diep in mijn keel belandde, echt: het stelde niets voor.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden