Interview Lydia Siepel

Hulpverlener Lydia Siepel: ‘Separeren van jongeren in de jeugdzorg is niet humaan en onnodig’

Hulpverlener Lydia Siepel (39) veranderde van mening over het opsluiten van jongeren in de jeugdzorg.

Lydia Siepel. Beeld Ivo van der Bent

OUDE STANDPUNT

‘Je komt er niet onderuit om jongeren die extreem agressief gedrag vertonen op een gesloten afdeling voor korte of langere tijd af te zonderen in een separeerruimte. Dat is een kale kamer met een matras, een klok en een raam. Een jongere wordt daar opgesloten om op adem te komen en voor de veiligheid. Soms is een kwartier genoeg, maar het komt ook voor dat een kind er dagen, weken of zelfs een jaar lang verblijft. Separeren gebeurt in situaties waarin een kind zo over de rooie gaat dat het met spullen gaat gooien, in een psychose raakt of een poging tot suïcide doet. 

‘In 2002 werd ik groepsleider op een gesloten crisisafdeling van een jeugdkliniek in Rolde. Het was mijn eerste baan na de hbo-verpleegkunde. Tieners van 11 tot 18 jaar met ernstige psychische of gedragsproblemen werden er voor langere tijd opgenomen. Vaak waren er thuis problemen, zoals een vechtscheiding, verslaving, misbruik of verwaarlozing, en konden de ouders de opvoeding niet meer aan. Om de kinderen duidelijkheid en structuur te bieden, waren er veel regels. Jongeren gingen vaak de strijd aan met de groepsleiding. Niet alleen omdat ze gedragsproblemen hadden, maar waarschijnlijk ook omdat ze geen duidelijk perspectief hadden en grotendeels afgesloten waren van hun vertrouwde omgeving met familie en school. 

‘Behandeling van hun problemen kwam vaak moeizaam van de grond. De grote hoeveelheid regels ontlokte verzet. Als ze een sigaret wilden roken, moesten ze de leiding om een vuurtje vragen. Om het minste of geringste ontstonden conflicten. Dan ging er bijvoorbeeld een met theekopjes gooien. Als je vroeg de scherven op te ruimen, dreigde het kind die in zijn mond te stoppen of zich ermee te snijden. Zo’n gevaarlijke situatie was aanleiding om te zeggen: we pakken je nu vast en brengen je naar de separeerruimte. Dan barstte de bom helemaal. Die agressie sterkte ons in de overtuiging dat we wel moesten separeren om verdere escalatie te voorkomen. Op korte termijn had het zeker effect: de rust keerde terug in de groep en voor dat moment was het veilig. We hadden weer duidelijk gemaakt wat de sanctie was van grensoverschrijdend gedrag.’

HET KANTELPUNT

‘Nu ik dit zo vertel, denk ik: wat erg! Het was de omgekeerde wereld. In plaats van deze jongeren te helpen, waren we vooral regels aan het handhaven. Door het separeren plaatsten we hen in een isolement, terwijl ze juist schreeuwden om aandacht. Dat ging ik inzien toen er in 2005 een nieuwe psychiater in de kliniek kwam werken. Zij wilde dat we zouden stoppen met separeren. Dat vond ze schadelijk voor de kinderen. Mijn eerste gedachte was: dat is niet haalbaar. Het hele team zat vol met vragen. Hoe kunnen we de veiligheid garanderen als een jongen in het bijzijn van anderen met spullen smijt, of als een meisje een zak over haar hoofd trekt? Het kostte ons veel moeite het klimaat van strijd en sleutelbossen te doorbreken. 

‘We gingen de separeerruimte minder gebruiken. Als ik het toch een keer deed omdat ik geen andere optie zag, vroeg de psychiater me om een gesprek. Ze wilde horen wat er aan de crisissituatie was voorafgegaan. Samen analyseerden we de interventie en bedachten hoe we deëscalerend konden reageren, in plaats van het kind achter slot en grendel te zetten. Bijvoorbeeld door buiten te gaan wandelen, voor afleiding te zorgen, familie in te schakelen, een gesprek te voeren over wat de jongere dwarszat en over welke hulp hij nodig had. Vaak werkte het. De jongeren voelden zich gehoord en werden rustiger. De nieuwe psychiater had mij en mijn collega’s de ogen geopend. We stelden minder regels, gaven de jongeren meer verantwoordelijkheid en aandacht voor hun problemen.’

Lydia Siepel. Beeld Ivo van der Bent

NIEUWE STANDPUNT

‘Separeren van jongeren in de jeugdzorg is niet humaan en onnodig. Zo bestraf je het gedrag, maar doe je niets met de oorzaak van hun boosheid, wanhoop of agressie. Afzonderen en opsluiten kan beangstigend en traumatisch zijn en de problematiek juist verergeren. Opsluiting in een kale ruimte versterkt gevoelens van afwijzing, eenzaamheid en machteloosheid, gevoelens waarmee jongeren in de jeugdpsychiatrie toch al kampen door hun vaak traumatische ervaringen. Hun uitbarstingen van woede en agressie zijn hulpkreten. Er zijn genoeg andere effectieve methoden om iemand te kalmeren. Het is goed dat Accare, de jeugdhulpinstelling waarvoor ik werk, in 2006 is gestopt met separeren en het roer heeft omgegooid. De focus ligt nu op de behandeling thuis, van het kind én het hele gezin.’

HET EFFECT

‘Het was spannend, maar na mijn aanvankelijke weerstand lukte het oude patronen los te laten en anders te reageren op woede-uitbarstingen en agressie. De jongeren krijgen meer aandacht en hulp bij hun problemen. En zo haal ik ook meer voldoening uit mijn werk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.