Postuum Hubert Delamboye

Hubert Delamboye (1945-2018), de tenor die ook stilte heel erg kon waarderen

Dat je met je stem geld kon verdienen, had zijn omgeving nooit gedacht. Hubert Delamboye brak door met een rol in Wagners Ring des Nibelungen.

Hubert Delamboye.

De twee kinderen van de Limburgse tenor Hubert Delamboye kregen de namen Enrico, vernoemd naar de beroemde Italiaanse ternor Caruso, en Carmen, vernoemd naar de opera van Georges Bizet. ‘Maar dat had niets te maken met een obsessie voor opera. Mijn ouders vonden dat gewoon mooie namen’, zegt Enrico, chef-dirigent van het operahuis in Koblenz.

Hubert Delamboye, die 11 juni in zijn woonplaats Margraten overleed aan de gevolgen van darmkanker, kon volgens Enrico werk juist heel goed scheiden van privé.

‘Privé luisterde hij eigenlijk vrij weinig naar muziek. Hij kon stilte heel erg waarderen.’ Hubert Delamboye zong veertig jaar in alle grote operahuizen in de wereld: New York, Londen, Parijs, Salzburg en Wenen.

Toch was hij niet erg bekend in Nederland. Volgens zijn zoon was hij eerder een bescheiden harde werker dan een goede marketeer. ‘Bij hem ging het meer om de inhoud dan om de commerciële waarde’. Hij bleef het liefst de Limburgse volksjongen. Boven zijn overlijdensadvertentie stond in het Limburgs dialect: ‘Ja jonge, dao hub ich neet veur kinne repetere’ (‘Ja jongens, daar heb ik niet voor kunnen repeteren’).

Hubert Delamboye werd op 7 juli 1945 geboren in het dorpje Scheulder, in het zuiden van de Nederlandse provincie Limburg. Zijn moeder had daar een dorpswinkel, zijn vader werkte eerst bij Staatsbosbeheer en later bij de mijnen.

Van huis uit was er grote interesse in muziek. Zijn grootvader was organist en zijn vader speelde klarinet. Hubert Delamboye kreeg al vanaf zijn achtste jaar pianoles, leerde klarinet en saxofoon spelen, trad op met de harmonie en zong in het kerkkoor. En hij hield van Elvis Presley. ‘Maar er was niemand in de familie die dacht dat je met stemgeluid ook geld kon gaan verdienen’, zegt Enrico Delamboye. Zijn vader kreeg een opleiding als automonteur en stond ook daadwerkelijk onder de brug. Maar hij bleef zanglessen volgen in Maastricht en kwam in het koor van de Nederlandse Operastichting terecht. ‘Maar pas toen hij een uitnodiging kreeg om te gaan zingen bij het operahuis in Bielefeld kwam het idee op om er ook zijn beroep van te maken.’ Hier zong hij werken van Mozart, Donizetti, Verdi en Puccini.

De grote doorbraak van Hubert Delamboye kwam in 1986 met de opvoering van Der Ring des Nibelungen van Wagner in de Seattle Opera, waarin hij de rol van Mime had. Twee jaar later zou hij debuteren aan de Metropolitan Opera van New York, gevolgd door optredens op de Salzburger Festspiele en zijn debuut aan de Wiener Staatsoper.

Dat zijn vader vooral actief was in het buitenland, verbaast Enrico niet. ‘Nederland heeft nauwelijks een operacultuur. Je hebt hier operetteverenigingen op amateurniveau en daarboven enkele professionele operagezelschappen die wereldtop zijn. Tussenin is er niks. In Duitsland heeft bijna iedere stad een operahuis waar jong talent zich kan ontwikkelen.’

Zijn vader bleef ook zijn hele leven aan auto’s sleutelen – ‘tot ze allemaal alleen nog uit elektronische componenten bestonden’ – en was gek op voetbal. Hij was hartstochtelijk Ajax-fan en reisde ook met Oranje mee naar de eindtoernooien in Oekraïne, Zuid-Afrika en Brazilië. Voor het laatst trad hij met zijn zoon op in 2014 in een uitvoering van Salomé.

In 2015 werd darmkanker ontdekt die al behoorlijk was uitgezaaid naar de rest van zijn lichaam. Niettemin zong hij nog af en toe, voor het laatst in november vorig jaar tijdens een jubileumconcert bij een bevriend mannenkoor in Mainz.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.