Hoe Molly de rechten van de mens ontdekte

Ook voor haarzelf was het een openbaring: het besef dat internationale verdragen betekenis kunnen hebben voor ongeletterde vrouwen (en mannen) tot in de uithoeken van Senegal en Gambia....

Door Rob Vreeken

Helemáál op eigen kracht hebben de inwoners van Basse Manneh Kunda en honderden andere dorpen in Gambia en – vooral – Senegal de mensenrechten niet ontdekt. Artikel 26 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens zegt sinds 10 december 1948 dan wel dat ‘een ieder recht heeft op onderwijs’ en dat lager onderwijs ‘kosteloos en verplicht zal zijn’, maar de meeste oudere vrouwen hier kunnen lezen noch schrijven. ‘Vroeger stuurden we alleen onze jongens naar school’, zegt Jali Sira Sakiliba, een 58-jarige vrouw met en groene jurk en één blind oog. ‘Nu weten we dat ook meisjes recht hebben op onderwijs.’

Die boodschap werd geïntroduceerd door Tostan, een niet-gouvernementele organisatie uit Senegal die haar werkterrein heeft uitgebreid naar andere Afrikaanse landen. Uitbannen van vrouwenbesnijdenis (een ijselijke schending) is het meest tastbare doel van Tostan, maar democratisch besef vormt de bodem.

Molly Melching, directeur van Tostan, heeft ‘honderden’ verhalen om dat te illustreren, zegt ze. Anekdotes over vrouwen en mannen in Senegal, hun moed, hun gezondheid, hun rechten. Dit is een belangrijke.

Een Senegalese vrouw uit haar team kreeg in 1995 een kind, haar eerste. Het was een zware, gecompliceerde bevalling. ‘Je moet je laten steriliseren’, zei de arts. ‘Een volgende bevalling zal je dood betekenen.’ En vervolgens: ‘Vraag maar aan je man of het mag, zo’n operatie.’ Toestemming van de echtgenoot, dat was – en is nog vaak – nodig in het conservatieve Senegal.

Melching: ‘Die man gaf geen toestemming. Een vrouw die geen kinderen kan krijgen is geen echte vrouw, vond hij. En dus weigerde de chirurg haar te opereren. We vonden dat dat niet kon, maar we beseften ook: wat weten we eigenlijk van haar rechten?’

Melching (59), een Amerikaanse die sinds zij in 1974 als student naar Dakar kwam in Senegal woont, en haar Senegalese collega’s besloten zich te verdiepen in het internationaal recht. Ze bestudeerden het juridisch instrumentarium waarmee de plechtige, maar vrijblijvende Universele Verklaring van de Rechten van de Mens de afgelopen decennia is vertaald in bindende internationale verdragen. Melching las Cedaw, het VN-verdrag tegen discriminatie van vrouwen uit 1981.

‘Hé, dacht ik: vrouwen hebben recht op controle over hun eigen lichaam. Dat stond gewoon zwart op wit. Met het verdrag in de hand zijn we naar het ziekenhuis gegaan. Wij zeiden: deze vrouw heeft het recht zelf te beslissen over de operatie, dat staat in een verdrag dat door Senegal is geratificeerd.

‘We hadden geen idee wat hun reactie zou zijn. Maar de artsen schrokken zich wild. ‘Oh! Nee!’, riepen ze, ‘een VN-verdrag!’ De artsen putten zich uit in excuses en zegden ogenblikkelijk toe de sterilisatie uit te voeren. Wij stonden echt met open mond, we waren geschokt. Het was ons aha-moment. Opeens begrepen we wat empowerment is. Hier hadden we een document – abstract, theoretisch – dat doodgewone vrouwen in Senegal rechten gaf, en het maakte echt verschil. Zo, dachten we, dit is powerful stuff!’

Sinds die dag vormen mensenrechten en democratie de grondslag voor Melchings werk. In de dorpen voert Tostan een drie jaar durend programma uit, waarin groepen bewoners werken aan lokaal bestuur, alfabetisering, microkrediet en gezondheid. Dat laatste mondt uit in een verklaring waarin het dorp collectief stopt met de tradities van vrouwenbesnijdenis en kindhuwelijken. Jonge meisjes die een kind krijgen, sterven niet zelden bij de bevalling. Toverformule ook daar: ‘Eenieder heeft het recht op leven’ – artikel 3 van de Universele Verklaring.

‘Toen we in 1995 met gezondheid van vrouwen begonnen, bleek hoe weinig ze wisten. Ze wisten niet eens wat menopauze was. Laat staan dat ze hun rechten kenden. Als je vrouwen voorlicht over aids, maar ze weten niet dat ze ook nee kunnen zeggen tegen hun man, schiet je niets op. We beseften dat je weinig aan gezondheid kunt doen zonder eerst de mensenrechten erbij te nemen.’

Eigenlijk, zegt Melching, wist ze zelf ook niets van mensenrechten. Op school in de VS: niets geleerd. ‘Inmiddels’, zegt ze, ‘weten onze dorpelingen meer over mensenrechten dan de meeste Amerikanen.’

Nog zo’n anekdote. Een zwangere vrouw in het dorp Dialacoto was mishandeld door haar man. Vrouwen uit het dorp wilden demonstreren tegen huiselijk geweld. ‘De sousprefect verbood het. Ze klaagden bij de gouverneur. Die schreef aan de sousprefect: je moet ze laten protesteren, dat recht hebben ze. Dus trokken de vrouwen met potten en lepels over straat, alle vrouwen van het dorp, van de markt naar het politiebureau. De politiechef vond het prachtig.

Later hoorde ik van hem dat hij na de demonstratie twee jaar lang geen gevallen van mishandeling had gehad. Het had geleid tot een echt gesprek tussen de mannen en de vrouwen.’

De wetenschap alleen deze rechten te hebben, zegt Melching, zet mensen anders in het leven. ‘Je bent Senegalese, een Wolof misschien, een Mandinka of lid van een andere etnische groep. Maar éérst ben je mens. Te weten dat je niet geïsoleerd bent in je dorp in het diepe zuidoosten van Senegal. Met rechten die je verbinden met een grotere wereld, waar een beweging bestaat om de menselijke waardigheid van iedereen te beschermen. Dat is ongelooflijk.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden