reportage

Hoe Felix de Goede een Liberaal Joodse Gemeenschap oprichtte in katholiek Tilburg

In Tilburg wonen weinig Joden. Toch zette Felix de Goede er een Liberaal Joodse Gemeente op, die nu 40 jaar bestaat. Zijn weduwe en dochter vertellen hoe hem dat lukte. ‘Pragmatisch als hij was, pakte hij het telefoonboek en omcirkelde hij namen die Joods klinken.’

Doretti de Goede met haar dochter Shoshanna in Shoshanna’s huis in Amsterdam.  Beeld Ivo van der Bent
Doretti de Goede met haar dochter Shoshanna in Shoshanna’s huis in Amsterdam.Beeld Ivo van der Bent

‘Die man met het snorretje mocht zijn zin niet krijgen.’ Dat, zo vertelt Doretti de Goede in een toespraak op 16 oktober in de Tilburgse synagoge, was het doel van haar man Felix toen hij in 1981 de Liberaal Joodse Gemeente (LJG) Brabant oprichtte. Dus moest er Joods leven bloeien na de Shoah, óók in de mediene, de Joodse gemeenschap in Nederland buiten Amsterdam.

En het Joodse leven bloeit tijdens deze zaterdagse dienst in de synagoge in het centrum van Tilburg, waar zo’n zestig leden het 40-jarig bestaan van de LJG vieren. Om kwart over tien opent voorzitter Edquar Stevens (66), met om de schouders een talliet (een katoenen gebedskleed), de dienst. Daarna draagt de chazan Moshkan de Goede, naast voorzanger ook schoondochter van Felix en Doretti, psalmen en gebeden voor. De Baäl Koreh, de thoralezer, leest voor over de besnijdenis van Joodse jongens en mannen in het Beloofde Land, na hun veertig jaar durende tocht door de woestijn. Rabbijn Albert Ringer legt daarna in het Nederlands uit wat zojuist is voorgelezen – lang niet iedereen is het Hebreeuws volledig machtig.

Voorzitter Edquar Stevens met de thorarol in de synagoge in Tilburg.  Beeld Ivo van der Bent
Voorzitter Edquar Stevens met de thorarol in de synagoge in Tilburg.Beeld Ivo van der Bent


Na de drie uur durende dienst gaat er challe, sjabbatsbrood, rond. Later knipt Doretti een gouden lint door, waarmee ze de Felix de Goede-zaal opent, die voorheen leegstond maar nu als ontmoetingsplek en bibliotheek van de synagoge zal fungeren. ‘Ledor wador’, zegt Doretti terwijl ze haar drie kleinkinderen omhelst, ‘generatie op generatie’.

Nalatenschap

‘Het is zo jammer dat Felix het allemaal niet meer mee kan maken’, zegt Doretti (74) een maand daarvoor, aan de keukentafel van haar dochter Shoshanna (46) in Amsterdam-Zuid. Felix overleed in maart aan de gevolgen van corona, zijn afweersysteem was ernstig verzwakt door multiple sclerose (MS). Hij was 74.

‘Maar het is prachtig om zijn nalatenschap te zien’, zegt Doretti, een leefstijlcoach. ‘Zo’n gemeente blijft mensenwerk en had ook kunnen verwateren.’

In het katholieke Tilburg woonden weinig Joden. Volgens cijfers van het Joods Cultureel Kwartier waren het er nooit meer dan 260. Dat was in de jaren dertig, toen Duitse Joden naar Tilburg vluchtten nadat de nazi’s aan de macht waren gekomen.

Maar ook in Tilburg waren ze niet veilig: tussen augustus 1942 en april 1943 deporteerde de Duitse bezetter zo’n 40 procent van de totale Joodse gemeenschap van de stad. De overgrote meerderheid van hen werd vermoord. Zij die overleefden hielden vervolgens soms hun achtergrond verborgen, uit angst dat het antisemitisme, dat nooit helemaal verdween, opnieuw zulke destructieve vormen zou aannemen. Zij werden ‘verstopte Joden’.

Portret van Felix en Doretti de Goede in de synagoge.  Beeld Ivo van der Bent
Portret van Felix en Doretti de Goede in de synagoge.Beeld Ivo van der Bent

Hoe wist Felix de Goede in deze stad een florerende Liberaal Joodse Gemeente op te zetten?

Het plan voor een LJG Brabant ontstond toen het gezin De Goede eind jaren zeventig voor Felix’ werk van het Overijsselse Rijssen naar het Brabantse Oosterhout verhuisde, vertellen Doretti en Shoshanna, die toen een peuter was. De LJG Twente verruilden ze voor de dichtstbijzijnde LJG, in Rotterdam. Doretti: ‘Maar dat was logistiek heel onhandig, als we daar op vrijdagnamiddag in de spits heen reden met kleine kinderen.’

Waarom, zo vroeg Felix indertijd aan Doretti, zetten we hier zelf niet iets op?

Hun wens was dat hun kinderen het Jodendom niet zouden associëren met de Shoah, maar met honingkoek tijdens Rosj Hasjana, het Joodse Nieuwjaar.

Getekend door de oorlog

Ook de families van Felix en Doretti waren getekend door de oorlog. De Joodse ouders van Felix zaten ondergedoken in Voorschoten. Hun 6-jarige dochtertje werd in 1943 verraden en vermoord. In 1946 werd Felix geboren.

De Joodse moeder van Doretti overleefde dankzij haar huwelijk met een Indische man, die de Duitsers wijsmaakte dat hij een Japanner – en dus een bondgenoot – was. De vier zussen en ouders van Doretti’s moeder zijn allen in de kampen vermoord.

‘Als kind had ik het gevoel al: dit mag niet stoppen bij mijn moeder’, zegt Doretti. Terwijl haar vier broers en zussen thuis bleven, ging zij als tiener naar de LJG in Den Haag. En toen ze een relatie kreeg met Felix, nadat ze elkaar hadden ontmoet bij de Joodse tafeltennisvereniging Maccabi, zei ze tegen hem dat ze hun kinderen een Joodse opvoeding wilde geven.

Een LJG opzetten in Tilburg, waar de kinderen op zondag Joods onderwijs konden volgen, bleek begin jaren tachtig niet eenvoudig. Internet was er niet. Evenmin was er, om begrijpelijke redenen, zoiets als een centrale registratie van Joden. Woonden er überhaupt Joden in Brabant? Doretti en Felix kenden ze niet. Doretti: ‘Dus wat deed Felix? Pragmatisch als hij was, pakte hij het telefoonboek en omcirkelde hij namen die Joods klinken: Hammelburg, Van Praag.’ Shoshanna: ‘Cohen, Polak.’ Doretti: ‘Nou, hij kwam erachter dat Polak niet altijd opging in Brabant. Er wonen veel niet-Joodse Polen die zo heten.’

Kriskras door Noord-Brabant

Drie avonden in de week stapte Felix in de auto en kriskraste hij door Noord-Brabant. Soms stopte hij ook in Zeeland en Limburg. Rond 18.00 uur belde hij onaangekondigd aan, als er gegeten werd en hij meteen kon zien of er ook kinderen aan tafel zaten. Shoshanna: ‘Je zou zeggen dat mensen tegen zo’n wildvreemde kerel zeggen: wat moet je van me? Maar mijn vader was innemend, vertelde over zijn plannen en polste of ze mee wilden doen.’ Ook vroeg hij of ze nog andere Joden in de omgeving kenden.

Toen in 1981 zo’n twintig families waren aangesloten, kon de LJG van start. De oprichtingsvergadering was bij een van de leden, op een boerderij in Terheijden, een dorp vlak bij Breda. ‘Daar druppelden allemaal onbekenden van elkaar binnen die samen iets nieuws gingen beginnen’, zegt Shoshanna. ‘Er heerste een pioniersgevoel.’ Toen iemand riep dat er te weinig stoelen waren, zei Felix, die voorzitter werd: ‘Te weinig stoelen. Dat zal je grootste zorg zijn!’ Doretti: ‘Zo’n zin typeert hem.’

Uitvergrote schets van de schuur waar de LJG Brabant ooit begon.  Beeld Ivo van der Bent
Uitvergrote schets van de schuur waar de LJG Brabant ooit begon.Beeld Ivo van der Bent

De hooischuur van de boerderij werd omgebouwd tot sjoel – Joden spreken alleen tegen niet-Joden van een synagoge in plaats van een sjoel, zegt Shoshanna, die copywriter is en een roman probeert uit te geven. Leden betaalden contributie, maar dat leverde niet genoeg op voor een aannemer. Helaas waren vrijwel alle leden onhandig. Doretti: ‘De een had hoogtevrees, de ander had pijn aan zijn rug. De enige die kon klussen, Bram Levie, zorgde ervoor dat degene met hoogtevrees dan maar de plinten ging schilderen.’

Het onderkomen wekte verbazing, zegt Doretti. ‘Mensen uit het buitenland hadden zo’n haybarn shul nog nooit gezien. De kippen tokten bij de glazen deur.’

Voor een eigen rabbijn was geen geld, dus kwam er eens in de twee weken vanuit de LJG Amsterdam alleen een jonge voorzanger over voor de sjabbat, de rustdag die van vrijdag- tot zaterdagavond duurt (de klemtoon ligt op ‘bat’). De rabbijn van de LJG Amsterdam kwam alleen voor bijzondere gelegenheden.

Op zondag kregen zo’n twintig kinderen Joodse les: ze leerden over de Thora (klemtoon op ‘ra’), de talrijke feestdagen en het Hebreeuws.

Een voordeel van een kleinere gemeenschap is dat de leden nauwer betrokken zijn, zegt Doretti. ‘Als je niet komt, kan de hele dienst misschien niet doorgaan. Ik belde ook mensen op. ‘Ik heb weer wat lekkers gemaakt, gaat u ook wat bakken?’’ In de kleine groep die de LJG destijds draaiende hield, waren ook secretaris Mieke van Praag en penningmeester Simon de Winter cruciale krachten.

Halfnaakte vrouwen aan de muur

Toen het aantal aangesloten gezinnen binnen vijf jaar groeide naar 35, werd de hooischuur te klein. Zoals Shoshanna in een in memoriam over haar vader schreef: ‘Jarenlang sjouwden we als gemeente rond als wandering Jews op zoek naar een eigen huis.’ Na korte tijd in de Gereformeerde Kerk in Oosterhout konden ze terecht op de bovenverdieping van het Antilliaanse Centrum in Tilburg. Rond carnaval moesten foto’s van halfnaakte vrouwen van de muur worden verwijderd, zegt Doretti. ‘Tijdens de dienst leidden die af.’

Ook in andere opzichten was het er niet ideaal. Leden moesten de Heilige Arke, een houten kast waarin de thorarollen liggen, elke keer vanaf zolder naar beneden takelen. ‘Een gesjouw van jewelste’, zegt Doretti. De eigenaar van het gebouw vond het bezwaarlijk dat na een feestavond die tot zaterdagochtend 05.00 uur duurde de plakkerige vloer vier uur later alweer moest zijn gedweild.

In 1992 diende zich een oplossing aan. Felix werd toen gebeld door de Haagse rabbijn Awraham Soetendorp. Wist hij dat de dansschool vertrok uit de oude synagoge in Tilburg? De orthodox-Joodse gemeente had dat gebouw, omdat er door het geslonken aantal Joden nauwelijks animo meer voor bestond, in 1976 overgedragen aan de gemeente Tilburg, die er sociaal-culturele activiteiten ging organiseren.

De synagoge in Tilburg, waar de LJG samenkomt.  Beeld Ivo van der Bent
De synagoge in Tilburg, waar de LJG samenkomt.Beeld Ivo van der Bent

Nu kon de LJG Brabant het weer kopen, voor een symbolische gulden. Shoshanna: ‘Dat was de kroon op het werk van mijn vader. Na rondzwervingen door Brabant een eigen plek krijgen in een synagoge die in ere is hersteld.’

Felix was toen al geen voorzitter meer. In 1991 had hij die functie overgedragen, al bleef hij ook de tien jaar daarna nog nauw betrokken. ‘Mijn gezin had er soms schoon genoeg van’, zei hij destijds tegen het Nieuw-Israëlitisch Weekblad. ‘Als voorzitter moet je er altijd zijn. Dat legt soms een grote druk op je gezin. Mijn dochter wil op zaterdag ook weleens winkelen.’

Liberaal versus progressief

In plaats van liberaal Joods noemt Doretti zich progressief Joods. ‘Bij liberaal denk je dat we niet zoveel doen.’ In tegenstelling tot orthodoxe Joden, die leven naar de letter van de Thora, leven wij naar de geest ervan, zegt Doretti. Als Shoshanna op de middelbare school vrijdagavond een feest had, ‘maakten’ ze al in de middag sjabbat. Doretti: ‘Dan staken we wat vroeger kaarsen aan en zongen we wat vroeger de gebeden. We blijven niet allemaal thuis op vrijdagavond omdat God dat heeft gezegd.’

Tijdens de sjabbat doet Doretti niet de was. ‘Ik neem rust, maar ben niet strikt. Ik kook en doe gewoon de lampen aan, in tegenstelling tot sommige orthodoxe Joden.’ Wat haar ook aanspreekt bij de liberale variant: de gelijkheid tussen man en vrouw. ‘Ik kom uit de jaren zestig, heb rondgelopen met spandoeken met ‘baas in eigen buik’.’ Bij de LJG lezen tijdens de diensten ook vrouwen voor uit de Thora, een taak die bij de orthodoxen is voorbehouden aan de mannen.

Sinds dit jaar is Doretti weer lid van de LJG Brabant. Vanwege de MS van Felix verhuisden ze in 2003 van Tilburg naar een gelijkvloers appartement in Almere. Maar toen de zorg tijdens corona haperde, kochten hun zoon en schoondochter een huis met grote tuin in Rijen. Zo konden zij Felix, die met Doretti in hun tuinhuis gingen wonen, verzorgen. Maar drie weken voordat ze daarheen zouden verhuizen, overleed Felix. Doretti: ‘Dus nu ga ik in mijn eentje naar de dienst.’

Leden van de LJG komen bij elkaar voor de diensten en de vele feesten. Shoshanna: ‘We hebben Chanoeka, het feest met de lichtjes. Toe Bisjwat, het feest der bomen. Jom Kippoer, de grote verzoendag. Rosj Hasjana, Joods Nieuwjaar. Soekot, het Loofhuttenfeest.’

Steun

Sinds Shoshanna in Amsterdam woont, is ze lid van de veel grotere LJG daar. Aan de leden daarvan heeft ze de afgelopen tijd veel steun gehad. Want niet alleen Doretti werd onlangs weduwe. Vorig jaar augustus overleed Shoshanna’s man Sidney aan darmkanker, op zijn 47ste. Doretti: ‘Ik zei nog dat het niet eerlijk was: als moeder hoor ik eerder weduwe te zijn. Maar een halfjaar later was ik aan de beurt.’

Sidney werd ziek tijdens de eerste lockdown, vertelt Shoshanna. ‘Door een onverwachte knie-operatie kon ik toen twee maanden niet fietsen of autorijden, terwijl ik thuis door corona drie kinderen had zitten en een man die chemokuren onderging. Ik dacht alleen maar: hoe doe ik dit?’ Voor de Joodse site Jonet schreef ze een column over de hulp die ze toen kreeg, onder de kop ‘Het Joodse vangnet’. ‘Iemand vouwde elke week de was’, zegt ze. ‘Mensen konden intekenen bij een ‘meal train’ waardoor er drie keer per week eten bij me werd bezorgd. Sommigen zeiden verbolgen dat ze wilden meedoen maar dat het al voor twee maanden vol zat.’

Ook bij de sjabbatdienst in de Tilburgse synagoge ter gelegenheid van het 40-jarig bestaan roemen de bezoekers de Joodse gemeenschapszin. Voorzitter Edquar Stevens roept er een aantal naar voren en bedankt hen voor het kopen van certificaten waarmee de LJG bomen heeft geplant in de Negev-woestijn, ‘als bijdrage voor een groene en duurzame regio in Israël’.

Een Belgische vrouw bedankt de LJG. ‘Mijn nieuwe leven is hier begonnen.’ Een Israëlische vrouw zegt dat ze, sinds ze tien jaar geleden naar Nederland is verhuisd, ‘meer Joods’ is geworden. ‘In Israël ging ik alleen naar de sjoel tijdens Jom Kippoer. Hier ga ik naar iedere dienst. Al heel snel voelde het als thuis.’ Een Britse zegt dat ze afkomstig is van een orthodoxe gemeente tussen Liverpool en Manchester. ‘Daar zaten de vrouwen achterin en praatte ik alleen maar over wie de mooiste hoeden droeg tijdens Rosj Hasjana. Hier doe ik echt mee.’ John, het nieuwste lid, die anderhalve maand geleden uit Amsterdam overkwam: ‘Jullie inzet is overweldigend. Het voelt als een warme, grote familie.’

Nieuw Joods leven

Intussen associeert de buitenwereld het Jodendom nog altijd met de Shoah, merkte Shoshanna zes jaar geleden toen een vriendje van haar destijds 7-jarige zoon Ben kwam lunchen. ‘Hij vroeg of we ham hadden. Nee, zei ik, we zijn Joods. Hij keek Ben aan. Ben jij Joods? Heb jij in een concentratiekamp gezeten? Ben keek me aan, die had nog nooit van dat woord gehoord.’

Ook ‘verstopte Joden’ en antisemitisme zijn geen verschijnselen uit het verleden. Doretti: ‘Iemand die van de week bij me was zei dat ze thuis het Nieuw-Israëlitisch Weekblad niet wilde ontvangen, omdat de postbode dan kon zien dat er een Jood woonde.’ Voorzitter Stevens wil niet vertellen hoeveel leden de LJG Brabant heeft, ‘om te voorkomen dat vijandige mensen een beter beeld van ons krijgen’. Tijdens diensten lopen zowel binnen als buiten eigen beveiligers rond, die in contact staan met de Tilburgse politie.

‘Er is zoveel gebeurd’, zegt Shoshanna. ‘Ik denk dat veel Joden, ook van mijn generatie, een verantwoordelijkheid voelen om ervoor te zorgen dat het Jodendom niet bij ons stopt. Ik hoefde niet per se een Joodse man – ik heb ook niet-Joodse vriendjes gehad – maar die heb ik uiteindelijk wel gevonden en nu merk ik dat ook ik een schakel wil zijn.’

Toen ze zestien jaar geleden hoogzwanger was van haar eerste zoon Jonah ging ze met de Joodse jongerenvereniging Moos op een groepsreis naar Litouwen. ‘Bij een massagraf zongen we hand in hand een Israëlisch lied. Op een plek waar zoveel dood en vernietiging is geweest, stond ik daar met nieuw Joods leven. Dat gaf zo’n krachtig gevoel. Ze hebben geprobeerd ons allemaal uit te roeien. Maar we zijn er nog steeds.’

Lid worden

Joden kunnen lid worden van de Nederlandse LJG’s. Maar wie is Joods? De website van de LJG Amsterdam schrijft: ‘U bent Joods als u een Joodse moeder heeft (gehad) of bent overgegaan tot het Jodendom volgens de officiële procedure (gioer).’ De gioer, bekering tot het Jodendom, vereist een jarenlange studie.

Liberaal Joodse Gemeente

In Nederland zijn acht Liberaal Joodse Gemeenten: de LJG Noord-Nederland (gevestigd in Zuidlaren), Amsterdam, Den Haag, Utrecht, Rotterdam, Brabant (gevestigd in Tilburg), Twente (gevestigd in Haaksbergen) en Gelderland (gevestigd in Dieren). De LJG’s tellen zo’n drieduizend leden, van wie de meerderheid lid is in Amsterdam. De LJG’s zijn aangesloten bij het Nederlands Verbond voor Progressief Jodendom (NVPJ).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden