Interview Eelco Runia

Historicus Eelco Runia: ‘Groot-Brittannië is een verwend kreng dat voortdurend om meer vraagt’

Historicus Eelco Runia (63) veranderde van mening over de Brexit.

Oude standpunt

Historicus Eelco Runia. Beeld Ivo van der Bent

‘Het Verenigd Koninkrijk hoort bij de Europese Unie. Brussel is een soort reservaat van min of meer uitgerangeerde politici en halfzachte bureaucraten. Tegenover Groot-Brittannië koesterde ik lang een sentiment dat doet denken aan een kinderpartijtje: het was het populairste kind van de klas, een kind dat je er graag bij wilt hebben, ook al weet je niet zo goed of je dat kind wel leuk vindt en of het jou eigenlijk wel een warm hart toedraagt.

‘Dat sentiment had er, denk ik, mee te maken dat mijn generatie is opgegroeid met prachtige Britse cultuur: muziek van de Rolling Stones, kunst van David Hockney, Francis Bacon en Graham Sutherland, literatuur van Henry Fielding tot Christopher Isherwood. Alles wat spannend was, werd door de Britten gemaakt. En hun reputatie werd versterkt doordat ze de oorlog hadden gewonnen. Tegelijkertijd was er ook een soort gunfactor. Want ze waren natuurlijk berooid uit de oorlog gekomen, waren door de dekolonisatie teruggeworpen op hun eigen eilandje en hadden een nationaal voetbalelftal dat het telkens opnieuw liet afweten. Daardoor hadden ze ook wel iets zieligs, dat die prestaties een beetje vermenselijkte.’

Het kantelpunt

‘Het akkoord over de Brexit dat Theresa May met de EU sloot, was een onmogelijke prestatie en regelde veel zaken in het voordeel van de Britten. Toch wilden die meer en moest er in allerlei bijlagen nog van alles worden bijgesteld. Toen is er bij mij iets geknapt: was het dan nooit genoeg? Voor de Europa-haters binnen de Conservatieve Partij was elke concessie reden met nieuwe eisen te komen. Had de Europa-hatende club rond Jacob Rees-Mogg, Steve Baker en Boris Johnson niet al meer dan tien jaar alle Britse kabinetten gegijzeld? Nick Clegg, die in het eerste kabinet van Cameron zat, had het gevoel dat hij ‘in een kooi zat met een gestoorde gorilla’ die voortdurend ageerde en nooit tevredengesteld kon worden.

Historicus Eelco Runia. Beeld Ivo van der Bent

‘Ik besefte dat er al heel lang signalen van dat Britse primadonnagedrag waren, die ik had genegeerd. In 1973 kwam het Verenigd Koninkrijk bij de EU, een jaar later vroegen ze al om speciale voorwaarden en dat is de jaren erna voortdurend doorgegaan. Denk aan het minder hoeven afdragen voor de begroting van de EU en het niet meedoen aan Schengen en de euro. Dieptepunt was wel hoe de Britten de eurocrisis misbruikten: ze zaten niet in de eurozone, maar maakten gebruik van hun vetorecht om speciale garanties te eisen voor de positie van Londen als financieel centrum.’

Nieuwe standpunt

‘Groot-Brittannië, dat leuke kind dat je graag op je partijtje wilt hebben, is een verwend kreng dat voortdurend om meer blijft vragen. De Britten zijn van harte welkom in de Unie, maar alleen als een lid als alle andere en niet meer met speciale voorrechten. De gestoorde gorilla moet bij zinnen worden gebracht.

‘Voor Europese bestuurders als Tusk en zelfs Juncker is mijn sympathie juist toegenomen. In de Brexit-onderhandelingen waren ze competent, vriendelijk en tegemoetkomend, ze hebben zich gehouden aan de regels die ze zichzelf hebben gesteld. Zo hebben ze geweigerd het principe van de vier vrijheden (van kapitaal, diensten, goederen en personen) los te laten.’

Historicus Eelco Runia. Beeld Ivo van der Bent

Het effect

‘We kunnen veel leren van wat er nu in Groot-Brittannië gebeurt, het is een soort proeftuin voor wat er in de wereld speelt. Zo hebben we het in Europa veel over globalisering, en hoe de angst daarvoor populisme voedt. In Engeland gaat het meer over europeanisering: aan bijvoorbeeld Pakistaanse migranten zijn ze al gewend, maar toen veel Oost-Europeanen de grote oversteek maakten, nam de xenofobie toe. En die europeanisering heeft meer een gezicht dan globalisering, in de vorm van bijvoorbeeld Tusk en Juncker. Er is maar een kleine groep hardline brexiteers, maar die weet dat xenofobische sentiment in de Britse samenleving te bespelen. De Brexit is een gevolg van een monsterverbond tussen een bevoorrechte elite en het xenofobe deel van de bevolking. Het is interessant hoe de Britten dat onderling oplossen.

‘Ook biedt de enorme strijd rondom de Brexit stof tot nadenken over onze democratie. We zijn geneigd Groot-Brittannië het toonbeeld van democratie te noemen, bijvoorbeeld om de manier waarop wordt gedebatteerd. Maar nu zien we, zoals de Ierse schrijver Fintan O’Toole het heel mooi zei, de publieke doodsstrijd van een archaïsch systeem. De Britten zijn in worsteling met zichzelf; zo bepaalt de regering nu eigenlijk de agenda van het Lagerhuis. Het roept vragen op: wat is een vertegenwoordigende democratie? Hoe verhoudt die zich tot een districtenstelsel? Hoe kijken we naar een fenomeen als meritocratie? Zelfs een klassiek Brits instituut als The Economist is buitengewoon negatief over de ontzettend met zichzelf ingenomen bestuurlijke klasse. Neem Mays jurist Geoffrey Cox, met zijn aristocratische Engelse uitstraling, die niets weet van Europese regels: hij denkt dat het meer gaat om het uitstralen van zelfvertrouwen dan om deskundigheid, competentie en uithoudingsvermogen. En ik stel min of meer tot mijn verbazing vast dat mensen als Juncker en Tusk over juist die eigenschappen lijken te beschikken.’

Van Eelco Runia verschijnt volgende maand Genadezesjes – Over de moderne universiteit (Athenaeum).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.