InterviewRuub Petow

Hij duikt steeds vaker op in schouwburgentrees: de theaterportier

Ruub Petow (71), oud-politiecommissaris, weet hoe je theaterpubliek welkom heet.

Ruub Petow voor de Schouwburg in Den Haag.Beeld Ivo van der Bent

‘Fijn dat u er bent! Leuk u weer te zien! Welkom, en een prettige voorstelling!’

Daar stond hij dan, buiten in de druilerige regen op een doorweekte rode loper, bij Theater De Meervaart in Amsterdam Osdorp. En hij hield de moed erin. In zijn rode portierskostuum begroette het publiek bij de première van de musical Kinky Boots op wellevende wijze. 

Hij duikt steeds vaker op in het theater, althans vóór het theater: Ruub Petow. Theaterportier. Gastheer. Ingehuurd door producenten en schouwburgen die het publiek iets extra’s willen geven, namelijk een warm welkom. Zo tref je hem geregeld aan voor de chique Koninklijke Schouwburg in Den Haag, maar ook bij de matinee van Doornroosje in Rijswijk. En dit najaar stond hij ineens voor de poort van het Circustheater in Scheveningen, bij de première van de musical Anastasia. ‘Het Circustheater stond al een tijdje op mijn bucketlist, want eerlijk gezegd behoort dat theater toch wel tot de Champions League binnen mijn vakgebied. Wat ik daar doe, is in wezen hetzelfde als wat ik doe bij Doornroosje: het publiek welkom heten. Maar ja, een première in het Circustheater komt hooguit eens in de drie jaar voorbij. Die plek is voor mij het Camp Nou van het theater.’

Je ziet de kinderen bij Doornroosje glimmen als ze de portier zien. ‘Dag mooi prinsesje, wat heb jij mooi, nieuw haar!’ Zoals ook volwassenen glimmen als hij voor een première van het Nationale Theater in Den Haag een grapje maakt met het binnenkomend publiek:

‘Ach, wat ziet u er stralend uit, u heeft er vast zin in!’

‘De voorstelling duurt ruim drie uur zonder pauze. Dan weet u dat alvast.’

‘U wilt eerst nog wat roken? De rookparasol staat daar!’

En tegen een echtpaar dat achter elkaar aan sjokt: ‘Ach, u gaat gescheiden naar binnen? Nou, ik hoop dat het vanavond nog goed komt!’

Ruub Petow (71) is buitenportier bij theatervoorstellingen. Op zijn visitekaartje staat: ‘Gastvrijheid begint voor de deur.’ Gemiddeld is Petow twintig keer per maand voor een theaterdeur te vinden – en hij doet het vrijwillig. De theaters betalen hem hooguit de reiskosten, indien nodig. Voor het geld doet hij het dus niet, wel voor de aandacht, als hij eerlijk is.

Ruub Petow begroet het publiek in de Koniklijke Schouwburg in Den Haag.Beeld Ivo van der Bent

Veertig jaar lang werkte Ruub Petow (‘Ruub komt van Ruben en Petow van mijn grootouders uit Wit-Rusland’) bij de politie in Den Haag, de laatste jaren in de rang van commissaris. In 2012 ging hij met pensioen en twee jaar later vroeg hij zich af wat hij met al die vrije tijd zou gaan doen. Hij bood zichzelf aan als theaterportier. Zijn eerste klus was bij Michael van Hoorne van Van Hoorne Entertainment met wie hij bevriend is en die vooral familievoorstellingen produceert. Bij de viering in 2014 van de 80ste verjaardag van acteur Bram van der Vlugt –de mannen kenden elkaar uit het Sinterklazencircuit  – stond hij voor het eerst in de Koninklijke Schouwburg Den Haag, intussen zijn thuisbasis.

‘De stap van commissaris van politie naar portier is kleiner dan je denkt. Je moet namelijk naar mijn loopbaan kijken, niet naar mijn rang. Bij de politie ben ik jarenlang voorlichter geweest en als zodanig vertegenwoordiger van het corps. En als portier ben ik vertegenwoordiger van het theater. Ik ben ook achttien jaar politieonderhandelaar geweest, ik heb mensen die zelfmoord wilden plegen van daken af gepraat. Mijn hele loopbaan heeft in het teken gestaan van crisisbeheersing. En ja, graag aandacht krijgen én geven, dat zit nu eenmaal in mijn karakter. Ik heb het in mijn werk gehad, en als portier krijg ik het ook. Het is een functie die perfect bij mij past.’

Ruub Petow arriveert bij zijn thuisbasis in Den Haag. Beeld Ivo van der Bent

Als Ruub Petow het theater binnenkomt, is hij een gewone, rijzige man op leeftijd – vlot gekleed, rugzak om. Hij weet de weg naar de kleedkamers feilloos te vinden en kleedt zich om tussen de artiesten. Meestal staat hij in rood kostuum voor de deur, alleen bij de Koninklijke Schouwburg in Den Haag draagt hij chic donkerblauw. Die blauwe jas is antiek, lang geleden gemaakt in opdracht van de gemeente Den Haag, toentertijd ook eigenaar van de schouwburg. De kleermaker vond hem op zolder en nu mag Petow hem dragen. Alleen bij premières in Den Haag dus, en er zit ook een mooi logo op.

In de kleedkamer in de Haagse Schouwburg.Beeld Ivo van der Bent

Petow: ‘Toen ik mij destijds aanbood als portier, hadden ze geen idee wie ik was. Er was een producent die dacht dat ik dit wilde doen om dicht bij de artiesten te komen. Kennelijk krijgen ze meer van dit soort mailtjes. Maar daar is het mij totaal niet om te doen. Waar ik ook kom is het gezegde: ‘Ruub, leuk dat je er bent, ga maar buiten staan.’ Daar is mijn plek, die is van mij, daar staat niemand anders, daar ben ik heer en meester.

‘Portier zijn is meer dan alleen maar staan en knikken. Ik spreek de mensen aan: ‘Fijn dat u er bent, jazeker, het seizoen is weer begonnen, benieuwd wat u van de voorstelling vindt.’ Dat soort dingen. En als ik hoor dat de voorstelling drie uur duurt en ze te weinig parkeergeld hebben betaald, verwijs ik ze naar een parkeergarage in de buurt.’

Wat Petow als bonus voor zijn vrijwilligerswerk beschouwt, is dat hij alle voorstellingen kan zien. Zijn smaak is breed: hij gaat net zo lief naar Ellen ten Damme als naar Sexual Healing van het Nationale Theater. Soms gaat hij vaker naar een en dezelfde voorstelling. ‘Heb jij De wereld volgens John gezien van het Nationale Theater, met die aap erin? Het heeft drie voorstellingen geduurd voordat ik doorhad dat die aap gewoon een aap uit Blijdorp was, en niet een metafoor voor iets groters. Kijk, zo zie je maar dat het soms loont vaker naar dezelfde voorstelling te gaan.’

Ruub Petow bereidt zich voor op zijn rol.Beeld Ivo van der Bent

Als leerling van de vrije school in Den Haag ging hij veel naar theater. ‘Ja, ik heb hier in de Koninklijke Schouwburg vaak op het derde balkon gezeten. In de jaren zestig was er hier een acteur die eigenlijk alleen maar bijrollen speelde, Paul de Groot meen ik dat hij heette. Ik had toen al grote waardering voor zo’n man: altijd de bijrol – één keer opkomen, drie zinnen zeggen, en weer afgaan - maar die rol wel tot in de perfectie spelen. Dat heeft mij geïnspireerd in mijn werk als portier: ook ik heb hier een bijrol. Ik sta er en ga weer weg, maar in de tussentijd probeer ik diezelfde perfectie te bereiken.’

Ruub Petow streeft naar perfectie in zijn rol als gastheer.Beeld Ivo van der Bent

Hij kent inmiddels veel beroemde acteurs en BN’ers, maar op de rode loper laat hij André van Duin net zo gastvrij binnen als de vriendin van de lichttechnicus en de mevrouw die twee keer per jaar naar theater gaat. Uiteindelijk zitten ze allemaal in dezelfde stoel, nietwaar?

De rol van portier is voor Petow ook een manier om zijn bestaan als man-alleen inhoud te geven. ‘Sinds mijn scheiding in 2006 ben ik vrijgezel en dat bevalt me prima: ik leef een compromisloos leven en kan doen wat ik wil. Anders was dit niet mogelijk geweest, relaties vragen nu eenmaal tijd en dan kun je niet bijna elke avond van huis zijn. Ik heb laatst mijn kleindochter meegenomen naar de première van Woezel en Pip en waar denk je dat wij dan zitten? Juist: in de Koninklijke Loge van de Koninklijke Schouwburg natuurlijk.’

Ruub Petow in Den Haag in zijn antieke, op zolder van de Koninklijke Schouwburg gevonden blauwe jas.Beeld Ivo van der Bent

Sinterklaas en kerstman

Behalve portier is Ruub Petow ook al 37 jaar de officiële Sinterklaas van Den Haag. ‘Bij de politie ben ik chef van de bereden brigade en hondenbrigade geweest. Ik was ook chef van de verkeerspolitie en van de paarden, dus paardrijden kon ik. In 1982 heb ik eens geroepen dat als ze een nieuwe Sinterklaas zochten, ik dat graag zou doen. Op de vrije school had ik toneel gespeeld. Een jaar later werd ik Sinterklaas.’ Sinds enkele jaren is hij ook de kerstman tijdens de jaarlijkse Royal Christmas Fair in Den Haag. ‘Zat u laatst ook niet op een wit paard, kerstman?’, dat grapje is tegenwoordig op de kerstmarkt te horen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden