ColumnPeter Buwalda

Het was een fantastische ochtend, mijn vaccinatie-experience

null Beeld

We onderschatten hem, vind ik.

‘Volgens mij ben ik helemaal niet geprikt.’ Aan het woord was mijn schoonmoeder, dus gaf ik haar gelijk. Om te beginnen was de vrouw die haar vaccineerde, nou ja, niet vaccineerde dus, chagrijnig geweest, zei ze. Ten tweede had ze geen enkele bijwerking gehad, maar het belangrijkste: ze had van die hele prik niks gezien of gevoeld.

Ze is wars van complottheorieën, anders waren we elkaars schoontypes niet, toch zei ik, meteen na mijn ‘ik denk het ook niet’, dat het een complottheorietje was, een kleintje, ik gaf tussen duim en wijsvinger aan hoe klein. Mini.

Het was moord. Eenmaal aan de beurt voelde ik zelf namelijk ook niks, nada. En ook mijn prikgodin was niet erg vriendelijk, nee. Was ik ‘geholpen’ door dezelfde seriemoordenaar die mijn schoonmoeder met vooruitwerkende kracht om zeep had gebracht?

‘Dank je wel’, zei ik tegen mijn beul. ‘Graag gedaan’, zei ze met harde, lege ogen. Buiten loerde ik onder de pleister. Geen puntje te bekennen.

Het was een klein, uiterst proportioneel pleistertje, viel me op, zoals eigenlijk alles aan de vaccinatie-experience me getroffen had als zeer professioneel. Een fantastische ochtend, vond ik het, vol bewondering had ik om me heen gekeken. Ik moest in de Rai zijn, die omgetoverd leek tot een vliegveld, de procedure deed sterk denken aan inchecken op Schiphol, maar geolieder, preciezer. Zo gelikt dat je er niks van voelt, maar letterlijk. Nada, inderdaad.

Wat een gigant, die Hugo, dacht ik, dat hij dit op poten had gezet. Misschien moest ik ook eens leuke schoenen kopen. Het was echt een verrassing, de magistrale organisatiegraad die ik er aantrof, al die kundige mensen op de been, de flitsende logistiek waarvoor ze garant stonden. En dat op een zondagochtend. En op duizenden plekken in Nederland. Duizend Pinkpops, zo moet je het een beetje zien. Op grond van de ontevreden columnpjes die ik over Hugo gelezen had, stelde ik me iets heel anders voor, eerder zo’n Brabantse martelcontainer, met een van de stort gehaalde tandartsstoel erin, riemen vast.

Nee, diepe buiging. Waartoe Hugo in staat is. Schitterend. Bij Zomergasten was lang geleden een wetenschapper die Hugo voor de troepen uit al hoog inschatte, en niet pas achteraf, zoals ik. Stel we worden bedreigd door een reusachtige meteoriet, zei de man, dan monteert Hugo tijdig een hilarische grote raket aan de aarde waarmee we onze bal voor een weekje ofzo uit zijn baan duwen (van de zon af, opteer ik alvast, in de winter kun je beter writen), zodat die brok ongehinderd voorbijzoeft en wij een Elfstedentocht afwerken. Dank weer, Hugo!

De man, zijn schoenen. Ik vermoed inmiddels dat de Noord-Zuidlijn, die mij van Amsterdam-Noord vliegensvlug naar de Rai vervoerd had, bij Hugo’s vaccinatieplan hoorde. Je wilt iedereen op tijd op de locatie, natuurlijk.

‘En die prik’, zei ik tegen mijn schoonmoeder, ‘was gewoon te goed gezet. Hugo is te goed.’

Maar ook daar had hij aan gedacht. Volgens Jet kreeg ik ’s avonds een bijwerking. We keken naar Oranje, prachtige pot, ook geen toeval natuurlijk, nazorg, op zo’n dag wil je er vrolijk uit, en ik had bedacht dat daar een koud flesje witbier bij hoorde. Na drie slokken was ik stomdronken. ‘Geen paniek’, lalde ik na de tweede tegengoal, ‘voor we klaar zijn scoort Hugo er een bij. Hugo gaat dit fixen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden