Het New York van Almar Latour

V Zomer trekt de wereld rond langs Nederlanders die in het buitenland een opmerkelijke loopbaan hebben. Limburger Almar Latour werkt zich in New York een slag in de rondte bij The Wall Street Journal.

Park Avenue Beeld Almar Latour
Park AvenueBeeld Almar Latour

Werken in New York (en andere buitenlandse steden)
'Nadat ik mijn verhaal over Endemol had ingeleverd, zei mijn chef: 'Ik weet niet wat je verder wilt gaan doen met je leven, maar als je journalist wilt worden, kun je een heel succesvolle worden.' Dat was tijdens mijn stage. Kippevel. Ik weet nog goed dat ik daarna mijn moeder in Nederland belde: 'Nou, ik zie mezelf wel als... Ik zie hier wel een pad.' Ze reageerde nogal verbaasd, in mijn herinnering. The Wall Street Journal, wat was dat precies?

Het stuk belandde op de voorpagina van de Europese editie en ik kreeg een baan aangeboden bij de krant - stages bij The Wall Street Journal (WSJ) worden vaak gegeven aan mensen die ze verwachten ook aan te nemen. Ik had daar geen benul van. Ik heb nooit gedacht dat ik zo lang zou werken voor deze krant, over de hele wereld: in Brussel, Washington, Stockholm, Londen, Hongkong, al een paar keer in New York. Telkens als ik een beetje verveeld was, klaar was voor iets nieuws, vroeg de hoofdredactie nog voor ik zelf wat kon zeggen: 'Wil je dat doen, wil je dat doen?' Dat ik zover ben gekomen, heeft veel te maken met passie, gecombineerd met hard werken. Dat laatste heb ik nooit erg gevonden, juist door die passie. Het klinkt als een cliché, maar het gaat voor mij wel op.

Executive editor
Sinds begin 2013 vorm ik met drie anderen de hoofdredactie van WSJ, waarvan Gerard Baker het opperhoofd is. Met zijn vieren runnen we om de beurt het nieuws. Ik ben executive editor, een titel die moeilijk is te vertalen: ik ben verantwoordelijk voor de redactionele strategie van deze wereldwijde, gefuseerde nieuwsorganisatie van 1.800 journalisten en ik ga over de digitale transformatie van de mondiale newsroom.

Ik hield altijd van schrijven. Tijdens mijn laatste zomer op de middelbare school werkte ik al bij het Limburgs Dagblad, een simpel baantje, in het foto-lab. Daarna deed ik mee aan een beursprogramma, met de Indiana University in Pennsylvania. Een cultuurshock, zo'n andere omgeving. De bedoeling was er een jaar te blijven. Maar gestimuleerd door een van mijn professoren wilde ik al snel meer: betaald krijgen voor mijn schrijven. Dat lukte uiteindelijk met een verhaal over een demonstratie in Pennsylvania - daarvoor kreeg ik mijn eerste 'paycheck'; die heb ik nooit gecasht, altijd bewaard.

Stages
Van het een kwam het ander: ik heb al het mogelijke gedaan om in Amerika te blijven, vooral door de taal onder de knie te krijgen; ik denk dat ik nog net jong genoeg was om op een natuurlijke manier door te groeien in die taal.

Het was verschrikkelijk duur, in de VS studeren; ik had allerlei baantjes, bijvoorbeeld in de bibliotheek, om het geld bij elkaar te schrapen. Ik ging studeren in Washington, werd hoofdredacteur van de internationale studentenbijlage, liep eerst stage bij The Washington Times en daarna bij de WSJ, waar ik die baan kreeg aangeboden.

In Washington zat ik naast de correspondent van het Witte Huis, die niet meer zo geïnteresseerd was in een deel van zijn werk en vroeg of ik hem wilde helpen. Bij simpele zaken, maar ik mocht ook wel-eens meedoen met de Clinton press pool, het groepje journalisten dat de president op de voet volgde.

null Beeld Almar Latour
Beeld Almar Latour
Chinatown Beeld KIPPA
ChinatownBeeld KIPPA
null Beeld AFP
Beeld AFP

Het was een droomjaar, waarin ik een heel glamoureuze indruk van de journalistiek kreeg. Washington vind ik nog steeds een erg mooie plek.

Ook Stockholm was een mooie tijd. Ik was daar algemeen correspondent, met de nadruk op economie, in de tijd dat Nokia en Ericsson van niets naar iets groeiden. Dat verhaal heb ik van dichtbij meegemaakt. En zo ging het eigenlijk telkens in mijn carrière. Mijn beginperiode in New York viel samen met het miljardenschandaal bij de telefoonmaatschappij Worldcom. Ik had als eerste het nieuws dat topman Bernie Ebbers door een Amerikaanse staat voor de rechter werd gedaagd.

Scoops
De WSJ is breed en tegelijk diepgravend. Het is niet alleen een zakenkrant. We zijn de grootste krant van Amerika, groter dan The New York Times. We hebben 2,4 miljoen abonnees, op papier en online.

Eigenlijk stond ik bij de krant vooral bekend om het aantal voorpaginaverhalen en scoops, dus toen mij werd gevraagd managing editor te worden van de WSJ online, in 2007, reageerde iedereen verbaasd: jij? Waarom zou je dat doen?

Ja, zo werd er gedacht. Maar ik volgde online al sinds het begin; ik bouwde al websites toen ik nog in Washington studeerde.

Wall Street Online bestaat nu vijftien jaar en lezers hebben er altijd voor moeten betalen. Elke dag moest ik wel tegen iemand verdedigen waarom we achter die betaalmuur zaten. Ik zei altijd: 'Informatie heeft waarde.' En nieuws is niet gratis. Wij hadden dus als voordeel dat we eigenlijk al vooropliepen toen de erosie in de gedrukte media begon. In die periode zijn we de grootste krant van Amerika geworden.'

Leven in New York
'Van alle plekken waar ik heb gewoond, vind ik New York de gemakkelijkste plek om me thuis te voelen. Je kunt hier echt jezelf zijn; je hoeft jezelf niet uit te leggen. En ik heb intussen veel vrienden en kennissen.

Het leven gaat hier op volle kracht. Je kunt weinig halfbakken doen. Toen ik hier net was, ging ik om half zeven joggen in Central Park. Lekker vroeg, dacht ik. Het park bleek bomvol, met allemaal moeders achter strollers. Ik hou daarvan: deze stad zit zo vol leven.

In New York staat alles tot je beschikking. Ik ben omringd door enorm slimme collega's, iedereen is ambitieus. Je ziet de stad groeien. Cultuur staat voorop, het kenmerk van een goede samenleving. Ik ga met mijn vrouw en dochters veel naar voorstellingen in Lincoln Center.

null Beeld epa
Beeld epa
null Beeld Almar Latour
Beeld Almar Latour
null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Voordat we naar Hongkong vertrokken, waar ik in 2009 hoofdredacteur Azië werd, woonden we downtown, in het nieuwe gedeelte van Battery Park, bij het financiële district. Heerlijk vond ik dat. Het leven in New York is erg buurtgebonden. Het is belangrijk een soort honk te hebben, een alternatieve familie, dat hebben veel mensen hier. Een keer per week gingen we eten in Chinatown, dim sum, bij Ginger Joe's. Nu wonen we aan de Upper East Side, in de buurt van de burgemeesterswoning, vlak bij de scholen van onze kinderen. Het leuke van teruggaan naar New York, thuiskomen in zekere zin, is dat je weer zo veel nieuws kunt ontdekken. Ik zoek het liefst onbekende plekken op. Soms krijgen we een uitnodiging voor gala-avonden bij de Actors Comedy Club, een kleine sociëteit, in Midtown. Daar zie je dan een amateur-toneelstuk van een club die al meer dan honderd jaar bestaat, in een gebouwtje waaraan je aan de buitenkant niet kunt aflezen wat het is. Voor ons altijd een hoogtepunt.

Je moet hier voor alles hard werken. Zelfs om van punt A naar punt B te komen, vanwege het weer of omdat er te veel mensen op straat zijn. Het leven staat nooit stil; het is goed er af en toe tussenuit te knijpen. Maar eerlijk gezegd stoort me weinig aan New York. Het is een privilege hier te wonen.'

Omzien naar Nederland
'Ik ben door en door Nederlander. Dat is waar mijn ideeën over de maatschappij zijn gevormd. De plek waar ik vandaan kom, is een plek waar iedereen een kans heeft. Nederland had, zeker in de jaren dat ik er opgroeide, iets beschermds, onbekommerds. De onschuld die je daardoor meekrijgt, maakt je op een bepaalde manier ook vrij met een ander oog naar de wereld te kijken dan wanneer je wrok zou hebben over iets dat scheef zit. Omdat het in Nederland allemaal - for better or for worse - zo netjes is geregeld. Ik denk dat ik daardoor erg pragmatisch ben geworden.

Mijn vrouw is Amerikaanse, mijn kinderen zijn Nederlands en Amerikaans. Ik spreek Nederlands met ze, al val ik vaak terug op Engels, en probeer ze Nederlandse nuchterheid bij te brengen. De een is in Zweden geboren, de ander in Londen. Ze spreken ook wat Chinees, Mandarijn: ze hebben een unieke weg bewandeld en ik wil dat ze zich dat realiseren. Dat ze beseffen dat het anders had kunnen zijn. Dan heb ik het niet alleen over het verschil tussen arm en rijk, meer over een levenshouding.

Snelkookpan
Als je het hier niet goed doet, zijn daaraan consequenties verbonden. Dat is een enorme drijfveer het nog een keer te proberen en dan nog een keer en nóg een keer. Dat mag ik wel, dat prestatievermogen en dat er geen angst is te falen.

Het bestaan in Manhattan is soms een snelkookpan. Mijn kinderen zijn omringd door andere kinderen die gefocust zijn en door allemaal ouders die ook gefocust zijn. Ze studeren hard, alles staat altijd op tien. Ze genieten ervan, maar het is goed soms een stap terug te doen. Daarom gaan ze elk jaar naar Nederland. Om te ervaren dat het ook relaxt kan en dat het dan nog steeds hartstikke leuk is. Dat je daar ook veel van kunt leren.

De Nederlandse taal mis ik het meest. Dat is herkenning, erkenning, een gedeelde ervaring. Ik vind het fijn om, al stap ik alleen maar over op Schiphol, om wat Nederlandse boeken op te pikken. Ik voel affiniteit met Nederlandse schrijvers en dichters. Die cultuur blijft een deel van me: ik luister naar het Nederlandse radioprogramma Kunststof.

Ik heb nog steeds interesse voor wat er gebeurt in Nederland en de rol die het land speelt in de wereld. Wat ik niet mis is 'the tempest in a teacup', dat er zo veel te doen kan zijn over iets heel kleins. Dat heb je hier ook weleens, maar dat wordt dan meteen overspoeld door iets groots.'

null Beeld epa
Beeld epa
null Beeld epa
Beeld epa

PS
Drie dagen na dit interview wordt vlucht MH 17 van Malaysia Airlines uit de lucht geschoten. Almar Latour, telefonisch vanaf de redactie: 'Die werelden kwamen onverwacht en op wrange wijze samen: Nederland en The Journal. Ik was uitgerekend in de nasleep van de crash verantwoordelijk voor al ons nieuws. Het is dan even moeilijk je journalistieke instinct te onderscheiden van je nationaliteit. Na kort overleg met mijn Amerikaanse collega's heb ik besloten door te gaan. In 2001 brachten ze de dag na 9/11 tenslotte ook een krant uit, terwijl The WSJ pal tegenover het World Trade Center zat.'

undefined

CV Almar Latour


Geboren: 1 oktober 1970, Geleen.
Na het atheneum studeerde hij in de VS; aan Stanford en Harvard volgde hij management-opleidingen.

Sinds 1995 in dienst van The Wall Street Journal (WSJ)
1997 Brussel
1998-2001 Stockholm
2001-2002 Londen
2002-2007 New York
2007-2009 Managing editor WSJ Online, NY
2009-2013 Hoofdredacteur Azië, WSJ en Dow Jones, Hongkong
2012 Executive editor WSJ, Dow Jones en Marketwatch, New York

Almar Latour is getrouwd en heeft twee dochters.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden