Grootste succes van VN ligt aan gruizels

EVEN WAS Cambodja een toonbeeld van diplomatiek succes. Het decennialang door burgeroorlogen verscheurde land had via de onderhandelingstafel de weg naar democratie ingeslagen....

Maar sinds zondag ligt het Cambodjaanse model aan gruzelementen. De verliezers van de verkiezingen in 1993 hebben de winnaars verjaagd uit de hoofdstad en het land glijdt snel af naar een nieuwe burgeroorlog. De cynici die destijds riepen dat het experiment zou bezwijken door aangeboren gebreken hebben gelijk gekregen.

Op het eerste gezicht leek de inzet van de internationale gemeenschap voorbeeldig. Om de Parijse vredesakkoorden uit 1991 een goede kans van slagen te geven, creëerden de VN een speciaal orgaan: de Untac, het VN-Overgangsgezag voor Cambodja, dat onder Japanse leiding ruim twintigduizend soldaten uit alle delen van de wereld haalde om een ordelijk verloop van de stembusgang te garanderen. De kosten, een slordige vier miljard gulden, wogen ruimschoots op tegen de hooggestemde idealen: vrede en democratie.

Achteraf werd pijnlijk duidelijk dat het gewapper met bankbiljetten vooral bedoeld was om het gebrek aan politieke doortastendheid te verbloemen. Prins Norodom Ranariddh, de eerste co-premier, die vorige week net op tijd de wijk nam naar Frankrijk, zei: 'Wij zijn slachtoffer van de klunzige uitvoering van het Parijse akkoord.'

De vrede kwam binnen handbereik toen Vietnam onder internationale druk zijn leger terugtrok. Hanoi had eind 1978 een einde gemaakt aan het schrikbewind van de Rode Khmers, die in hun gedrevenheid om een hemelse boerenstaat op aarde te vestigen tussen de één en twee miljoen landgenoten over de kling joegen of lieten creperen.

Invallen van de Rode Khmers in Vietnam verschaften Hanoi een goed excuus om Cambodja binnen te vallen. Maar Zuidoost-Azië, China en de Verenigde Staten beschouwden de Vietnamese actie als een regelrechte inlijving van Cambodja. De verdreven Rode Khmers, die nog altijd door China op de been werden gehouden, en de door het Westen ondersteunde liberale elementen gingen samen in het verzet. De door Hanoi benoemde Hun Sen, een gedeserteerde Rode Khmer, ging in Phnom Penh regeren.

Het vredesakkoord van 1991 bevatte de passage dat alle strijdkrachten hun wapens moesten inleveren . Op het moment dat de VN terugdeinsden voor deze taak en Hun Sen toestonden zijn gewapende soldaten te behouden, was de vrede ten dode opgeschreven.

Want de royalisten wonnen wel de verkiezingen, maar de verliezer Hun Sen perste de VN een machtdelingsovereenkomst af, waarbij hij zich tweede co-premier mocht noemen. Met eigen mensen op de belangrijkste ministeries was hij al snel veel machtiger dan de eerste co-premier.

Tegen vele waarschuwingen in vertrokken de VN. Om het arme Cambodja niet helemaal in de steek te laten, kwam er een royale hulpstroom op gang, die 40 procent van de staatsbegroting dekt. Maar de economische vooruitgang kon niet verhinderen dat de twee premiers elkaar keer op keer naar de strot vlogen.

Het enige dat ze gemeen hadden was corruptie. Eendrachtig werd het oerwoud in het noordwesten illegaal omgekapt. Ook kinderprostitutie, wapensmokkel en heroïnehandel bloeiden volop. Cambodja werd een goedkoopte-eiland voor de internationale misdaad. Meisjes gaan er voor 250 gulden van de hand, de prijzen van edelstenen, wapens en drugs boeken er laagterecords.

Cambodjanen die korte metten wilden maken met deze verloedering, werden aangepakt. Minister van Financiën Sam Rainsy vervolgde rovers van staatstegoeden. Maar hij werd uit de regering gegooid en uit Ranariddhs partij gezet. In maart moest hij het land ontvluchten, toen 22 van zijn aanhangers werden gedood bij een granaataanval op een partijbijeenkomst. In een Amerikaanse rapport worden leden van Hun Sens lijfwacht aangewezen als de daders.

Maar de tweede co-premier koos het offensief. Hij beschuldigde zijn rivaal ervan zijn achterban te willen versterken met overlopers van de moordlustige Rode Khmers. Inderdaad trachtte Ranariddh zijn afbrokkelende basis te versterken door terug te grijpen op de alliantie uit de jaren tachtig. Maar Hun Sens verwijt was huichelachtig. Hijzelf had al veel eerder afvallige Rode Khmers in zijn gelederen opgenomen. En hij was de eerste die pleitte voor amnestie.

Dit bedroevende politieke schouwspel weerhield het buitenland er niet van geld in het koninkrijk te blijven pompen. Onlangs fourneerde een donorconferentie in Parijs een miljard gulden. De geldkraan is nu het laatste middel om Hun Sen een halt toe te roepen. Japan heeft enkele betalingen bevroren, maar is terughoudend met dit wapen. Asean, de Associatie van Zuidoost-Aziatische landen, heeft een geweldige kans op een diplomatieke coup, want het toeval wil dat Cambodja 23 juli lid wordt. Maar ook Asean, dat zaterdag een spoedberaad houdt, koestert een grote aversie tegen ingrijpen.

Cambodja lijkt met Hun Sens machtsgreep terug bij af, de geschiedenis dreigt zich te herhalen. Maar een VN-medewerker in Phnom Penh wees gisteren vertwijfeld op het grote verschil: 'De internationale gemeenschap heeft genoeg van dit land en laat het in de steek.' Er wacht Cambodja een zware tijd.

Toine Berbers

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden